Wij kunnen het niet laten...
'Want wij kunnen niet laten te spreken, hetgeen wij gezien en gehoord hebben.' (Handelingen 4 : 20)
We kennen de uitdrukking 'waar het hart vol van is, daar loopt de mond van over'. Soms ben je zo vol van iets, dat je het niet na kunt laten om er over te spreken. Welnu, Petrus en Johannes (zo lezen we in 4 : 8) zijn vervuld met de Heilige Geest en kunnen het niet laten te spreken. Waar zijn ze dan zo vol van? Van de Naam en de kracht van Jezus. Dat is een opvallend trekje in het pinkstergebeuren en daarmee ook in het werk van de Heilige Geest: het draait altijd weer uit op de Naam van Jezus Christus. Jezus de Nazarener, die gij gekruisigd hebt, welke God van de doden heeft opgewekt. En door die Naam is de kreupele man, die aan de deur van de tempel zat, genezen. En nu heel het volk te hoop loopt, kunnen Petrus en Johannes het niet laten te spreken. En dan hebben ze het in eerste instantie niet over die wonderbaarlijke genezing, maar getuigen ze van de Levensvorst. Ze leren dat God zijn Kind Jezus heeft opgewekt.
De genezing van de kreupelgeborene is geschied in de Naam van Jezus Christus en is als zodanig een teken van Zijn tegenwoordigheid. Weliswaar is de Heere Jezus opgevaren naar de hemel, maar de prediking en onderwijzing van Zijn Naam stelt Hem na Pinksteren op nieuwe wijze tegenwoordig. Door Hem, zegt Petrus, staat deze hier gezond voor u (4 : 10). Pasen en Hemelvaart zijn dus niet het sluitstuk van Gods bemoeienis met deze wereld, maar ze worden opgenomen door de Heilige Geest als verkondiging. Sinds Pinksteren en tot aan de wederkomst van zal die verkondiging krachtig, bevrijdend en vernieuwend werken. Is dat geen ontzagwekkende heerlijkheid, dat de verzoening en de verlossing, die in Christus geschied is, door het menselijk getuigenis uitgedragen wordt en dat de Heilige Geest ons bestaan daarmee vervult?
In zijn preek legt Petrus grote nadruk op de opstanding. Nu Christus is opgestaan, wordt het leven dat onder de macht van de zonde en de dood ligt, opengebroken. En dat voltrekt zich door de boodschap van die éne Naam. We zouden kunnen zeggen dat de Heilige Geest bij uitstek de Spreker van het Woord is, de doorvertaler van Jezus Christus.
Ondertussen zijn de priesters, de hoofdman van de tempel en de Sadduceeërs zeer ontevreden. Waar kwam hun onrust dan uit voort? 'Omdat zij het volk leerden en verkondigden in Jezus de opstanding uit de doden' (4 : 2). Daar willen ze een stokje voor steken, en met name denk ik de Sadduceeërs, omdat zij de opstanding bij voorbaat al loochenen. Zij binden de apostelen aan handen en voeten en sluiten hen op in de gevangenis. En na het verhoor dat vervolgens plaatsvindt, komen ze met een spreekverbod: e mogen niet meer tot enig mens in deze Naam spreken! Daar ligt dus de kern van hun ongerustheid: zij vrezen de verkondiging van die éne Naam. Inderdaad, wie zal bij machte zijn het evangelie tegen te houden wanneer Woord en Geest hun werking doen door de dienst van mensen?
Petrus en Johannes antwoorden dan ook: zij kunnen niet laten te spreken. Nu de Geest is uitgestort, kan het getuigenis van Jezus Christus niet meer verstommen. We kunnen niet net doen alsof er niets gebeurd is. Trouwens, Jezus had hen daar al eens op gewezen: zij zullen u overleveren in de raadsvergaderingen, gij zult voor stadhouders en koningen gesteld worden om Mijnentwil (Mare. 13 : 9). En het is begrijpelijk dat je je afvraagt: at zal ik toch moeten zeggen? Jezus heeft toen tegen hen gezegd: de Heilige Geest zal je in die ure leren hetgeen je moet spreken. En door diezelfde Geest geleid kunnen ze in deze ure niet laten te spreken hetgeen ze gezien en gehoord hebben. En wat is dat dan? Zij getuigen van al hetgeen Jezus gedaan heeft, van Zijn leven, van de werken die Hij deed, van Zijn lijden en sterven, en niet te vergeten van de opstanding uit de doden. Hoe belangrijk is dat getuigenis geweest in de eerste christengemeente! Mensen worden getroffen in hun gemoed en leiders der volken ontzetten zich.
Wij kunnen het niet laten... Kan dat vandaag aan de dag ook nog gezegd worden? Wij zijn vaak wat mismoedig over de verkondiging van het evangelie. Ja, de eerste getuigen, zij spraken met gezag, maar geldt dat ook voor de hedendaagse prediking? Wat werkt het eigenlijk uit? Weinigen komen er bij, en velen laten zich uitschrijven uit de registers van de kerk.
Toch moeten we ons daar niet op verkijken. De verkondiging van de éne Naam klinkt in een bezeten wereld, in een weerbarstige werkelijkheid. De wereld wordt niet zomaar gewonnen voor Christus. Er is sprake van tegenstand, dreiging en verzet, en dat zit ongelooflijk diep in het hart van ons mensen en in de ziel van de volkeren. De apostelen en de eerste christengemeente hebben dat aan den lijve ondervonden.Waar de Geest werkt en waar het evangelie gehoord wordt, daar ontstaat strijd. Van die strijd heeft de gemeente weet, want als de apostelen vrijgelaten worden uit de gevangenis, is de gemeente bijeen in gebed. Zij loven God en roepen uit met de woorden van Psalm 2: Waarom woeden de heidenen? Zij beseffen maar al te goed dat de verkondiging ten zeerste betwist wordt. De koningen der aarde zijn samen opgestaan tegen de Heere en tegen Zijn Gezalfde. De machten roeren zich tegen Gods heilig Kind Jezus. Neen, mens en wereld geven zich niet zomaar gewonnen. De gemeente bidt: Heere, zie op hun dreigingen en geef ons vrijmoedigheid.
Wij kunnen niet laten te spreken... Omdat de Heilige Geest zelf doet spreken van Jezus Christus. Die Naam kan niet meer ver zwegen worden, het gaat immers om Gods heerlijkheid en Zijn overwinning op de dood. Hij zelf geeft ook de nodige vrijmoedigheid om te getuigen.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 6 juni 1996
De Waarheidsvriend | 16 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 6 juni 1996
De Waarheidsvriend | 16 Pagina's