De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

Hervormd Gereformeerd in de Noordelijke provincies

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Hervormd Gereformeerd in de Noordelijke provincies

Verbreiding en verdediging

9 minuten leestijd

Themanummer In dit speciale nummer wordt aandacht gevraagd voor de hervormd gereformeerden in het Noorden van het land. Het gaat daarin om het hervormd gereformeerde element in de gemeente alsook om bovenplaatselijke activiteiten. De meditatie in dit nummer wordt verzorgd door één van de predikanten uit het Noorden. Andere predikanten belichten een aspect van het hervormd gereformeerde leven in de noordelijke provincies.

De Nederlandse Hervormde Kerk heeft de moed gehad zichzelf te laten doorlichten op kerkelijke meelevendheid naar modaliteit. In bijgaande tabel zijn de resultaten van een uitgebreid onderzoek te vinden. Als we ons beperken tot de zondagse kerkgang - andere activiteiten zijn daar een afspiegeling van - blijkt dat van de kerkgangers op zondagmorgen 41 procent tot de Gereformeerde Bond (liever: de hervormd gereformeerde modaliteit) wordt gerekend, 24 procent tot de confessionele, 33 procent tot de midden-orthodoxe en 2 procent tot de vrijzinn-ige modaliteit. Op zondagmorgen behoort liefst 72 procent van de hervormde kerkgangers tot de hervormd gereformeerde modaliteit. Het is een bekend gegeven, dat, naarmate de prediking rechtzinniger is, de meelevendheid van de gemeente in het algemeen groter is. Dat is nu voor het eerst ook duidelijk geworden door middel van een officieel onderzoek.

Anders

Anders dan bij sommige andere modaliteiten gaat het de Gereformeerde Bond vooral en allereerst om de prediking en daarin om de gemeente. Toen de Gereformeerde Bond in 1909 zijn definitieve doelstelling kreeg, werd vastgelegd, dat het zou gaan om 'verbreiding en verdediging van de Waarheid in de Nederlandse Hervormde Kerk'. Dat het daarbij aller­ eerst om de gemeente en de prediking ging, bleek uit het feit, dat het eerste besluit, dat op de heroprichtingsvergadering in 1909 werd genomen, was het instellen van een Leerstoel-en Studiefonds. Aan de theologische faculteiten moesten gereformeerde hoogleraren komen. En jongeren uit de gemeenten moest het financieel mogelijk worden gemaakt om predikant te worden.

Er waren in die tijd - na Afscheiding en Doleantie - nog vele hervormde gemeenten gereformeerd gebleven als'het om prediking en bearbeiding ging. Na de tijd van het ontstaan van de Gereformeerde Bond is het aantal hervormd gereformeerde gemeenten echter nog (weer) gestaag toegenomen. Die gemeenten waren en bleven hervormde (volkskerk)gemeenten, maar ze kwamen terug tot de gereformeerde prediking. Dat dit gebeurde was niet te danken aan de Gereformeerde Bond. Het was Gods bewarende trouw, dat gemeenten bleven of kwamen onder prediking, die naar de Schriften is en daarin overeenkomstig het belijden der kerk.

Gemeenten en ook hele regio's kwamen soms terug tot de gereformeerde richting na een tijd lang niet-gereformeerd of zelfs vrijzinnig bearbeid te zijn geweest. In het nu rechtzinnige Meerkerk was, om een voorbeeld te noemen, ooit de moderne (vrijzinnige) Scholten predikant.

Terug

De gereformeerde prediking is in de gemeenten nooit teruggekomen doordat de Gereformeerde Bond op tournee ging door de kerk. Altijd was het zo, dat de roep om gereformeerde prediking vanuit de gemeenten zélf ging klinken.

Soms was een lid van de kerkenraad het middel - soms na eigen bekering - om de gemeente weer in het rechtzinnige spoor te krijgen.

Soms was een evangelisatie als tijdelijk onderdak het middel om de gereformeerde prediking weer terug te brengen in een plaatselijke gemeente.

Soms kwam een predikant tijdens zijn bediening in een gemeente tot ander inzicht. In ieder geval laten de cijfers zien, dat het hervormd gereformeerde deel gestaag is uitgebreid. Daarin speelt zeker ook een rol de soms sterke afkalving van andere delen van de kerk in het huidige proces van ontkerkelijking en secularisatie. Maar gereformeerde prediking, die Schriftdoorademde prediking is, blijkt tot vandaag een eigen werfkracht te hebben, in ieder geval ook gemeentebewarend te werken.

De eerlijkheid gebiedt te zeggen, dat hier en daar (her en der) de doorwerking van de gereformeerde prediking op sterke tegenstand stuitte. Ook al werd gezien, dat deze prediking bevorderlijk was voor het gemeentelijk leven en voor de meelevendheid, de aversie tegen deze prediking was wel eens dermate groot, dat soms teloorgang van de gemeente werd verkozen boven herleving.

Overigens moet ook in alle eerlijkheid worden gezegd, dat vanouds rechtzinnige gemeenten soms ook van het gereformeerde spoor zijn afgeraakt in een geleidelijk proces van nivellering of vervaging naar andere modaliteiten van prediking. Maar al met al is gebleken, dat door Gods genade er in de Hervormde Kerk een voedingsbodem bleek te bestaan en bleef bestaan voor bijbelse prediking in het geheel van de kerk, zodat deze soms weer kan opkomen waar ze lange tijd verdwenen was.

Groningen

Zo zijn ook in de noordelijke provincies méér en méér gemeenten onder hervormd gereformeerde prediking gekomen. Ook daar kwam de vraag uit de gemeenten zelf op. Enerzijds waren er enkele vanouds confessionele gemeenten, die een predikant van hervormd gereformeerde signatuur zijn gaan beroepen. Maar anderzijds waren er ook gemeenten, die 'klein en als tot niet' gekomen waren en het roer gingen wenden.

Aanvankelijk werd dit proces vanuit de provinciale organen van de kerk met argwaan bekeken. De Gereformeerde Bond wilde machtsuitbreiding, heette het soms. Terwijl kerkenraden niet anders deden dan op reguliere wijze een hervormd gereformeerd predikant beroepen.

Een belangrijke rol heeft in deze ontwikkeling gespeeld wijlen broeder Kooman uit Onderdendam. Afkomstig uit het westen van het land, had hij zich in Onderdendam als agrariër gevestigd. Aanvankelijk kerkte hij in Groningen, maar later ging hij zijn plaats innemen in Onderdendam, waar hij ouderling werd en waar hij er, menselijkerwijs gesproken, de oorzaak van mocht zijn, dat de gemeente bearbeid ging worden in gereformeerde zin. Maar Kooman nam zijn plaats ook in in de bredere verbanden van het kerkelijk leven, met name in de Provinciale Kerk Vergadering. En juist daar heeft hij, trouw op zijn ambtelijke post, veel mogen betekenen voor de doorwerking van de gereformeerde prediking in allerlei gemeenten. Met hart en ziel diende hij de kerk en dan vooral met het oog op de gemeente. Mijns inziens groeide daardoor ook in het Noorden een bredere acceptatie van de kerkelijke stroming, die voordien in het Noorden niet bekend was. Recent nog zei me een predikant, die in het Groningerland geboren en getogen is, dat 'de bond' voor hem van huis uit geheel onbekend was.

Hervormd gereformeerde predikanten, die de kerk in het Noorden zijn gaan dienen, liepen intussen niet met een bonds-label op de revers van hun jasjes. Ze zijn als hervormd predikant de gemeenten gaan dienen, zonder dat ze overigens in hun gemeente de kaders aantroffen zoals die er waren in gevestigde hervormd gereformeerde gemeenten in het Westen. 'Bondsgemeenten' waren er in het Noorden aanvankelijk slechts drie: Wouterswoude, Driesum en Onstwedde, met daarbij enkele evangelisaties (Kollum/Leek, Een, Oude Pekela, Hardegarijp). Hervormd gereformeerde predikanten namen gewoon ambtelijk hun plaats in, zowel in de gemeente als in de bredere ambtelijke vergaderingen.

'De bond'

De Gereformeerde Bond als organisatie speelde in dit alles een secundaire rol. Eigenlijk is het de provinciale afdeling van de Confessionele Vereniging geweest, van waaruit in de zeventiger jaren werd geadviseerd een eigen afdeling van de Gereformeerde Bond op te richten. De afdeling van de C.V. liet van tijd tot tijd ook sprekers uit de kring van de Gereformeerde Bond optreden. Men achtte echter een eigen verband voor de 'bonders' gewenst. Later werd een afzonderlijke regionale afdeling voor Friesland gevormd.

Als zodanig kreeg ook het hoofdbestuur van de Gereformeerde Bond bemoeienis met 'het Noorden'. Het feit echter dat een regionale afdeling werd opgericht - de éérste regionale afdeling in het land - maakt duidelijk, dat er geen sprake was van bemoeizucht met gemeenten. Wat de gemeenten betreft voltrok zich alles via de ambtelijke weg.

Reeds jaren belegt het hoofdbestuur van de Gereformeerde Bond intussen tweemaal per jaar een concio voor hervormd gereformeerde predikanten in het Noorden. Het aantal predikanten, dat voor die concio's is uitgenodigd, is in de loop der jaren gestaag gegroeid (momenteel een kleine veertig). De belangstelling ervoor is goed en toont aan dat hervormd gereformeerde predikanten in die regio ook behoefte hebben aan onderling contact en gemeenschappelijke bezinning. In al de jaren, waarin ik, samen met een tweede man uit de kring van het hoofdbestuur, aan deze ontmoetingen heb deelgenomen, heb ik deze als zeer stimulerend ervaren. Men wordt in het Noorden teruggeworpen op het hart van de zaak. Het is nog maar de vraag of dergelijke concio's, wanneer deze in overwegend hervormd gereformeerde regio's zouden worden gehouden, eenzelfde belangstelling en betrokkenheid te zien zouden geven.

Pas in tweede instantie heeft zich hervormd gereformeerd organisatorisch werk geprofileerd in het Noorden. De IZB, HGJB en de GZB hebben in tweede instantie in allerlei gemeenten ook een voedingsbodem voor hun werk gevonden. Dat werk wordt vanuit het streekcentrum Sebaldeburen geleid en begeleid, waarover in een andere bijdrage in dit nummer wordt geschreven.

Solidair

Er is een tijd geweest, dat de overtuiging leefde, dat het Noorden vooral ook een goede werkplek zou zijn voor kandidaten. Gegeven het feit echter, dat hervormd gereformeerden daar toch grosso modo werken in een stituatie, die door andere modaliteiten wordt gedomineerd en de gemeentelijke kaders soms anders zijn dan in de gemiddelde hervormd gereformeerde gemeenten, ligt hier veeleer een eerste taak voor predikanten met ervaring. In ieder geval echter mag er wel sprake zijn van solidariteit met die predikanten. die vanuit gevestigde posities een arbeidsveld in het Noorden hebben aanvaard. Ze zijn daar om de gemeente te dienen in gereformeerde zin. En daarin dienen ze ook de kerk als geheel. Dat vraagt saam-horigheid, wat iets anders is dan het najagen van partijbelangen.

Het Noorden is niet even aan te fietsen. Vandaar, dat predikanten, die in de noordelijke provincies arbeiden, toch minder in gemeenten midden in het land en in het westen zullen preken. Ze raken gemakkelijk uit het oog. Maar ze verrichten hun taak 'tot verbreiding en verdediging van de Waarheid in de Nederlandse Hervormde (Gereformeerde) Kerk'. Wie echter is van die taak vrijgesteld in een kerk, die niet als geheel leeft uit haar eigen bronnen?

Is het niet één en dezelfde roeping, die ons samenbindt? Niet de verbreiding van 'de bond' maar de verbreiding van de waarheid, die aan De Waarheid ondergeschikt is?

Deelnamestatistiek 1994/1995

Participatie naar modaliteit: hoeveel procent van de deelnemers aan de genoemde activiteit maakte deze mee in gemeenten, die zich rekenen tot de genoemde modaliteiten
(Respons = 75,1% van het totaal aantal (wijk)gemeenten).

(zie voor deze tabel De Waarheidsvriend van 4-7-1996)

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 4 juli 1996

De Waarheidsvriend | 16 Pagina's

Hervormd Gereformeerd in de Noordelijke provincies

Bekijk de hele uitgave van donderdag 4 juli 1996

De Waarheidsvriend | 16 Pagina's