Nogmaals: wat zegt de Bijbel over de kerk?
Een Consensus in discussie
1. Terug naar de Schrift
Het Contact Orgaan Gereformeerde Gezindte (COGG) heeft na enkele jaren een overeenstemming bereikt over de vraag: Wat zegt de Bijbel over de kerk? Komende uit verschillende reformatorische kerken, die elkaar maar niet kunnen vinden, gingen wij terug naar de bron: de Heilige Schrift. Het bijbelse woord is niet 'kerk' maar 'gemeente' en die gemeente begon niet pas in het N.T. maar al in het O.T. met Israël. Christus vergadert dan na Pinksteren Zijn gemeente uit alle volken, van plaats tot plaats. Maar er is altijd kaf onder het koren. En er kan in de kerk helaas ook dwaling optreden. Dan komt de spannende vraag naar al of niet afscheiden. Die vraag wordt in het stuk eerlijk onder ogen gezien. Welnu, deze Consensus werd op de jaarlijkse conferentie in mei jl. voor het eerst publiek besproken. Een van de opstellers, ds. C. Blenk, inmiddels secretaris van het COGG, lichtte de Consensus toe. Hij spitste die ook toe op de vraag waar in de Handelingen der Apostelen kerk en synagoge uiteengingen. Dus wanneer afscheiding bijbels wel of niet verantwoord is.
2. Hooggeleerde vragen
Daarna reageerden twee hoogleraren op ons verzoek. Prof. dr. W. van 't Spijker (Chr. Ger.) was primair positief: de Consensus bevat stuk voor stuk evenwichtige stellingen. Zij is goed gereformeerd t.o.v. overheid. Zij is wel doordacht. Er worden bijbelse richtlijnen getrokken. Zij verdient dus hartelijke steun.
Maar er zijn wel vragen en bedenkingen: Welke 'dogmatische' conceptie zit eigenlijk achter de heilshistorische benadering? Is het noodzakelijk om bij Israël te beginnen. Men kan ook bij Adam beginnen i.p.v. bij Abraham. In het N.T. is de scheidsmuur tussen Israël en de volkeren juist doorbroken. De gemeente wordt niet (primair) in Israël, maar in Christus ingelijfd.
De Consensus heeft verder een tekort aan historisch besef. Hoe taxeren wij nu de geschiedenis van de eerste vier eeuwen (van huisgemeente tot vroegkatholieke kerk) en van de laatste vier eeuwen (met Reformatie en afscheidingen)? Kunnen wij ons m.n. ontdoen van de erfenis van de 19e eeuw? Was de Reformatie dan geen schisma, was de afscheiding een hervorming? Spreker constateert ook een voorzichtig passeren van de belijdenis, m.n. art. 27 N.G.B. art. 27-32 over de ware leer en de ware kerk.
De Consensus toont tenslotte te weinig evangelische gedrevenheid. De Reformatie was niet zo evenwichtig. Eerst komt het evangelie, dan de kerk. Wij moeten buigen onder Christus' juk.
De Consensus heeft te weinig besef van de onhoudbaarheid van de gebrokenheid der kerk. Er was hartstocht voor eenheid bij een hervormer als Bucer. Tegenover de pluriformiteitsgedachte moet gezegd wor den: er kan maar één kerk wezen.
Prof. dr L. J. Koffeman (Ger) oordeelde ook primair positief. Hij is dankbaar voor het proces van totstandkoming van de Consensus. Het COGG is hier een station gepasseerd.
Er worden in de Consensus bijbelse lijnen getrokken van O.T. naar N.T. Er wordt trinitarisch gedacht. Teksten geen zgn. bewijsteksten van een dogmatiek. Spreker is daar gelukkig mee. Zending, Israël en Koninkrijk Gods zijn nieuw, vergeleken bij de Confessie.
Maar ook Koffeman heeft bedenkingen. De hermeneutiek komt niet aan de orde: met welke sleutel leest met de Schrift?
Naar de belijdenis wordt in de Consensus verwezen. De confessie wordt verondersteld. Koffeman is gelukkig met art. 10: De verkiezing wordt beleden in het kader van de lofprijzing.
De vele afwijzingen stoten wel af. Daar zijn de Gereformeerde Kerken allergisch voor geworden. Maar bij nader inzien zijn het afwijzingen naar twee kanten. Zij bevatten geen laatste woord, zij bakenen de ruimte af. De spreker heeft de intentie ervan herkend. Maar dan moet je niet alleen de historische kritiek, maar ook het fundamentalisme afwijzen. En over eigen tijd niet alleen negatief spreken.
Ook prof. Koffeman vroeg naar de taxatie van het verleden. Wij zijn erfgenamen van jaartallen, waarin scheuringen plaatsvonden, maar het zijn niet zelf genomen beslissingen. De Nederlandse Geloofsbelijdenis is inzake ware en valse kerk niet zo maar toepasbaar, ja, moeten wij die 'überhaupt' toepassen?
3. Ons antwoord
a. Bijbels. Het COGG concludeert dat niemand de eigenlijke bijbelse lijnen van onze Consensus heeft bestreden.
Wij concluderen ook, dat niemand op de conferentie het heeft opgenomen voor het door ons afgezworen 'afgescheiden denken', ook niet uit de gescheiden kerken. Blijkbaar stemt ieder ook in met de nieuwe elementen in onze ecclesiologie: Israël, de zending, het Koninkrijk van God. Zo is er dus sprake van een dubbele Consensus! Op de vraag naar een achterliggende 'dogmatiek' antwoorden wij, dat onze benadering juist niet dogmatisch was. Wij volgen de heilshistorische lijn van de Bijbel. Daarmee wilden wij de bestaande patstellingen doorbreken.
Wel terzake is de vraag naar de hermeuneutiek: wat was onze sleutel bij het hanteren yan de Schrift? Welnu, wij gingen uit van algemeen aanvaarde kernwoorden (qahal en ecclesia) en kernteksten (bv. zendingsbevel enz.), gevat in de continuïteit van Oude en Nieuwe Testament.
Ernstiger zou een eventueel gebrek aan 'Evangelische' gedrevenheid zijn: bij de Reformatie ging inderdaad het Evangelie vóór de kerk! Wij beamen dat het Evangelie de kerk schept. Maar ecclesiologie (= leer over de kerk) is toch weer geen Christologie (= leer over Christus). En onze Consensus spreekt toch het Woord na over de kerk?
b. Confessioneel. De confessie wordt in onze Consensus nergens gepasseerd, ook niet voorzichtig. Wij wijzen die suggestie af. De gereformeerde confessie wordt duidelijk verondersteld en meer dan eens geciteerd. Wel wordt opnieuw bij de Schrift begonnen (sola scriptura). Zo wordt de confessie verrijkt met Schriftuurlijke gegevens, die de Reformatie nog niet zag, m.n. het zendingsbevel. (Wij gaan akkoord met afwijzing van het fundamentalisme naast de afwijzing van de historische kritiek. De 'afwijzing van dwalingen' zou minder afstotend overkomen, als wij in ons stuk verhelderend 'enerzijds' en 'anderzijds' hadden toegevoegd.)
c. Historisch. Na een bijbelse visie op de kerk is een taxatie van de kerkgeschiedenis inderdaad ook nodig. Maar dan weer een bijbelse taxatie. En de toetssteen gaven wij al aan. Over de Oude Kerk zijn wij het in de Gereformeerde traditie wel eens: wij allen staan achter de oecumenische symbolen, maar toch ook achter de kerkleer van m.n. de kerkvader Augustinus en dienst anti-schismatieke, katholieke visie. Een ieder beproeve zichzelf in dezen.
De taxatie van de Reformatie als re-formatie ontbreek niet in de Consensus: wij vallen in ons stuk de Reformatie openlijk bij inzake de sleutelmacht (art. 2), de katholiciteit (art. 4), het onderscheid van ware en valse kerk (art. 8) enz.
Maar een taxatie van de afscheiding van 1834 ontbreekt inderdaad. Of liever: wij erkennen dat wij die verschillend taxeren. Een taxatie van latere schisma's in ons land ontbreekt helemaal, maar impliciet wordt de hele problematiek gereduceerd tot al of niet afscheiden van de N.H. Kerk. Niemand van de opstellers had kennelijk behoefte om die latere schisma's in een bijbelse ecclesiologie te bespreken. Wij wilden de patstellingen juist doorbreken vanuit de Schrift. Wij stelden onszelf en elkaar onder de gevonden toetssteen: welk schisma voldoet aan de bijbelse criteria? Van 't Spijker erkende in de discussie zelf ook: wij zitten in de Gereformeerde Gezindte in de ban van de geschiedenis. En ook hij stelde daar de Schrift alleen tegenover: er kan maar één kerk zijn. Welnu, onze Consensus deed hetzelfde.
Het verwijt van gebrek aan pijn over de kerkelijke verdeeldheid herkennen wij niet. Integendeel. Wij namen en nemen opnieuw Paulus' woord over: dat het ons een grote droefheid en ons hart een gedurige smart is.
Wie dat beaamt moet onze Consensus toch in hoofdlijnen begroeten? . Wij waren het over de bijbelse lijnen toch eens?
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 11 juli 1996
De Waarheidsvriend | 16 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 11 juli 1996
De Waarheidsvriend | 16 Pagina's