De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

Torenspitsen-Gemeenteflitsen

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Torenspitsen-Gemeenteflitsen

8 minuten leestijd

ZEGVELD

Het dorpje Zegveld, gelegen in het westelijk weidegebied van Utrecht, beter bekend als 'Het groene hart' dankt zijn naam waarschijnlijk aan een weerbarstige grassoort, genaamd 'sec', zee' of 'zegge' die tot verdriet van de veehouders groeit in het moerassige laagveengebied. Waar zich nu de weidegronden, vrijwel onafzienbaar uitstrekken was vroeger vrijwel alleen moeras te bekennen. En ook al zou de drassige en telkens verzakkende ondergrond dat niet doen vermoeden, toch is ook in Zegveld al sinds vele jaren een christelijke gemeente die weet te staan op de vaste bodem van Gods Woord en de belijdenis van de Kerk.

De geschiedenis van de Zegveldse hervormde gemeente begint aan het einde van de 16e eeuw, toen Nederland, na de tachtigjarige oorlog, van het katholicisme steeds meer overging naar het calvinisme. Voordien is Zegveld een onderdeel geweest van de Milandparochie ressorterend onder het Kapittel van Sinte Marie, waarvan de leiding in Utrecht zetelde. Het kerkgebouw stond toen vrijwel zeker op een andere plaats dan tegenwoordig. Later is Zegveld een zelfstandige parochie geworden en op 27 september 1312 werd door de bisschop van Utrecht toestemming gegeven om ongeveer op de plaats van de huidige kerk een parochiekerk te bouwen, die in dat jaar of kort dacima ook werkelijk verrees.

De reformatie

De hervorming in Zegveld ging bepaald niet zonder slag of stoot. De laatste pastoor van Zegveld: Dirck Comelisz. van Bergen die sinds 1588 in Zegveld stond voegde de kerkelijke opzieners van Utrecht, die inmiddels tot de hervorming waren overgegaan, tijdens een visitatie toe: 'lek ben van 't oude ende beghere daarbij te blijven en wil mij niet laten examineren'. Hij werd daarop door de kerkelijke magistraat in Utrecht aan de kant gezet, terwijl de predikant van het nabijgelegen Kamerik de zorg voor Zegveld kreeg toebedeeld. Hieruit blijkt dat het onderlinge consulentschap tussen Zegveld en Kamerik oude papieren heeft.

In 1595 kreeg "Zegveld zijn eerste eigen hervormde predikant. De predikantenlijst die inmiddels is uitgegroeid tot 52 werd in dat jaar geopend door ds. Sebastiaan Heldt. In de eerste periode na de reformatie hadden de katholieken het in het dorp feitelijk nog voor het zeggen. Later werd dit in het dorp overvleugeld door het calvinisme. Terwijl in de buitengebieden nog velen aan het oude roomse geloof vasthielden. Daarvan is de katholieke kerk in de Zegveldse Meije vandaag de dag nog het bewijs.

Het kerkgebouw

De kerk, die door de Spaanse troepen die in 1575/1576 het nabijgelegen Woerden belegerden zwaar was beschadigd, werd in 1593 weer hersteld en opnieuw in gebruik genomen. In 1636 volgde weer een grondige renovatie van de kerk, die in 1672 door Franse troepen werd platgebrand. Een nieuwe kerk verrees, op dezelfde plaats. Het initiatief tot herbouw ging uit van een zekere ds. Abraham Rodenburg die Zegveld diende van 1651 tot 1694. Deze nieuwe kerk had een toren die kennelijk ten gevolge van de drassige ondergrond al na 25 jaar scheef begon te zakken. In 1741 werd besloten de toren te renoveren maar terwijl de bouwvakkers daarmee doende waren stortte het hele 30 voet hoge bouwwerk in de voor de kerk gelegen wetering. Het kerkbestuur besloot de beschikbare gelden niet te besteden aan een nieuwe toren maar aan verbetering van het kerkinterieur, terwijl een klein koepeltje op het kerkdak de functie van de toren kreeg toebedeeld.

In 1859 was de kerk zodanig bouwvallig geworden dat de toenmalige Zegveldse predikant, ds. H. A. Laan zijn collega van Woerden, ds. J. M. Loois, ontraadde een toegezegde preekbeurt in Zegveld te vervullen. De brief waarin ds. Loois de preekbeurt teruggeeft is in de archieven bewaard gebleven. Hij schrijft daarin zich er niet aan te wagen in het gebouw te prediken, daar ook velen in uwe eigene gemeente niet meer in het gebouw durven komen vanwege de gevaarvolle toestand waarin het verkeert. Het college van kerkvoogden hakt in 1860 de knoop door en laat, na advies door overheidsdeskundigen de kerk slopen.

De gemeente van Zegveld, die zolang in een houten noodkerk samenkwam kreeg in 1862, na grote financiële offers van de bevolking, bijdragen uit de algemene middelen en een forse geldlening, een nieuwe kerk. Kennelijk was deze kerk, architectonisch een kerk van het 'waterstaatstype' beter van constructie dan zijn voorganger, aangezien de hervormde gemeente van Zegveld daar nog steeds in samenkomt.

In het begin van de 20e eeuw werden regelmatig veranderingen in het interieur van de kerk aangebracht. Met de nieuwe opstelling van de banken en betegeling van de binnenzijde met een overschot van de tegels van de Maastunnel te Rotterdam kreeg de binnenzijde van de kerk zijn huidige aanblik.

Op 6 april 1982 brandde het dak van de kerk en het binnengedeelte van de toren na loodgieterswerkzaamheden vrijwel geheel uit. Het doeltreffende optreden van de plaatselijke vrijwillige brandweer kon niet voorkomen dat grote schade ontstond aan het interieur en vooral aan het orgel. Op 15 december van datzelfde jaar kon de kerk na grondige herstelwerkzaamheden, waarmee meer dan ƒ 1.000.000, - was gemoeid, weer in gebruik genomen worden.

Kenmerkend voor de Zegveldse kerk zijn de twee glas-in-lood ramen met bijbelse afbeeldingen die respectievelijk in 1950 door de fam. De Leeuw en in 1975 door de fam. Blok werden geschonken.

Het geestelijk leven

De afscheiding van 1834 kreeg in Zegveld weinig aanhang. Dit was mede te danken aan de rechtzinnige prediking van de toenmalige predikant, ds. H. Astro (1828-1846). In de tweede helft van de 19e eeuw kwam ook in Zegveld een meer vrijzinnige lijn van prediking. In 1864 leidde dat tot een afsplitsing van een rechtzinnig deel die samenkomsten gingen beleggen in een veeschuur en later in de toen nog bestaande houten noodkerk waarvan boven reeds sprake was. Pas na de overkomst van ds. E. L. Lazonder naar Zegveld in 1878 keerde de rust weer en voegde men zich weer onder een prediking die het gereformeerde stempel droeg. Het is vooral de orthodoxe prediking van deze ds. Lazonder geweest die de gemeente bracht in de theologische lijn van de Gereformeerde Bond in de Nederlandse Hervormde Kerk.

Ook de doleantie kreeg in Zegveld geen vaste voet aan de grond. Diegenen die met de doleantie meegingen zochten geestelijk onderdak in Woerden. Een situatie die ook vandaag de dag nog voortbestaat.

Het verenigingsleven

Het verenigingsleven heeft in de hervormde gemeente van Zegveld altijd een grote plaats ingenomen. Met de oprichting van de Jongelingsvereniging 'De Heere is ons Heil' in 1895 startte het jeugdwerk van de hervormde gemeente dat inmiddels is uitgegroeid tot een breed netwerk van jeugdclubs en verenigingen waarmee wij vorig jaar in dankbaarheid het 100-jarig bestaan mochten gedenken. Aan de wieg van dit jeugdwerk stond de toenmalige predikant van Zegveld, ds. H. Visscher, de latere prof. dr Hugo Visscher die enige jaren de leerstoel vanwege de Gereformeerde Bond in Utrecht en Leiden bezette.

Predikanten

De metershoge borden in de kerk vermeldden in het verleden de namen van de predikanten die de gemeente ooit dienden. Kennelijk werd dit teveel als mens-verheerlijking ervaren, waardoor deze borden werden overgeschilderd en voorzien van de Wet en de Geloofsbelijdenis. Naast de hierboven genoemde predikanten mogen met ere worden genoemd ds. W. J. de Leeuw die de gemeente diende van 1903 tot 1906. Hij beijverde zich voor het christelijk onderwijs in Zegveld. Onder zijn leiding kwamen de huidige schoolvereniging tot stand met als doel het instandhouden van de School met de Bijbel te Zegveld. Verder vermeldt de lijst met predikanten de legendarisch geworden ds. S. van Dorp, die de gemeente diende van 1906-1910. De oudste nog in leven zijnde oud-predikant is ds. W. Vroegindeweij, te Voorthuizen. Dit jaar hoopt hij zijn 65-jarig predikantschap te mogen beleven. Hij begon als kandidaat in Zegveld op 11 oktober 1931. Ondanks zijn hoge leeftijd mag hij nog regelmatig voorgaan.

Huidige situatie

Staande op de schouders van het voorgeslacht mag in Zegveld iedere zondag tot twee maal toe de gemeente van Christus samenkomen onder de prediking van vrije genade voor verloren mensen. Dankbaar voor de offers die de geslachten voor ons zich hebben getroost voor de bouw en het behoud van kerk, pastorie en kerkelijk centrum 'De Voorhof' mag er in de gemeente worden gewerkt in prediking, catechese, pastoraat en diaconaat. Van oudsher is het kerkelijke leven van de hervormde gemeente als enige kerkgemeenschap ter plaatse, sterk verbonden geweest met het hele dorspgebeuren. Ook al hebben de oude feodale gedachten lang in het dorpsleven en dus ook in de kerk doorgewerkt is het een-voorrecht te mogen zien dat jonderen en ouderen, boeren en burgers vandaag de dag, ondanks alle gebrokenheid en tegenstellingen proberen gemeente te zijn naar de maatstaf van de Heilige Schrift.

Zegveld ligt zo ongeveer midden tussen alle grote steden van ons land. Amsterdam, Rotterdam, Den Haag en Utrecht liggen op minder dan een halfuur reizen. Ook zegveld is allang geen eilandje meer Ook geestelijk niet. Moderne denkbeelden en levensopvattingen doen hun invloed gelden. Voeg daarbij de sinds jaar en dag ingesleten volks-en familietradities en de noodzaak voor een appellerende vorm van prediking wordt duidelijk. Anderzijds mag de prediking ook getuigend nodigen tot Hem die het Hoofd is van Zijn gemeente: Jezus Christus.

Die het ook in Zegveld - gemeente naar Zijn Naam genoemd - laat verkondigen door de kracht van Zijn Geest: Dat Hij het werk van Zijn handen nooit laat varen, zij het meer ondanks ons dan dankzij ons.

Zo geeft de beschouwing van het verleden, moed om te bouwen aan de Zegveldse gemeente in het heden en geeft tenslotte vertrouwen voor de toekomst, wetende dat het Christus zelf is die het beloofd heeft, dat - ondanks de dreigingen van binnenuit en van buitenaf - de poorten van de hel Zijn gemeente nooit zullen overweldigen.

Ik eindig met de bede dat er ook in Zegveld tot op de jongste dag een gemeente mag zijn die samenkomt tot eer van God en tot heil van zondaren.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 25 juli 1996

De Waarheidsvriend | 12 Pagina's

Torenspitsen-Gemeenteflitsen

Bekijk de hele uitgave van donderdag 25 juli 1996

De Waarheidsvriend | 12 Pagina's