De kerk een wonder (3)
Een vorige keer toonde ik aan dat de katholieke kerk de schat der waarheid als een genadig geschenk is toevertrouwd.
De schat der waarheid, d.i. het gehele Woord, schenkt ons door de Heilige Geest het leven. Met deze schat der waarheid komen wij het leven door. Ook kunnen wij daarop ons hoofd eens neerleggen! Zij bevat heel de heilsleer van de drie-enige God!
Cyrillus, de bisschop van Jeruzalem, heeft dit zuiver aangevoeld. In één van zijn doopcatechesen heeft hij ons dit duidelijk gemaakt.
Hij stelt dat aan het machtsgebied van koningen grenzen zijn gesteld. Deze grenzen mogen door hen niet overschreden worden. Aan de katholieke kerk zijn geen grenzen gesteld. Zij is overal ter wereld waar Christus het voor het zeggen heeft. Waar Hij als het hoofd van de kerk wordt erkend, daar is de katholieke kerk.
Ekklesia
De naam 'ekklesia' wordt meestentijds vertaald als 'kerk', 'gemeente'. Oorspronkelijk had het een seculiere aanduiding. Ekklesia betekende in Griekenland een volksvergadering. In deze betekenis wordt het ook gebruikt in Handelingen 19 : 32: Zij roepen dan de een dit, de andere wat anders: want de vergadering was verward en het meerder deel wist niet, om wat oorzaak zij samengekomen waren'. Dat is ook van toepassing op de verzen 39 en 40 van ditzelfde hoofdstuk waar wij lezen: En indien gij iets van andere dingen verzoekt, dat zal in een wettelijke vergadering beslecht worden. Want wij staan in gevaar, dat wij van oproer zullen verklaagd worden om de dag van heden, alzo er geen oorzaak is, waardoor wij reden zullen kunnen geven van deze oploop. En dit gezegd hebbende, liet hij de vergadering gaan'. In de beide gecursiveerde woorden staat in het Grieks het woord 'ekklesia' geschreven.
Ekklesia = volksvergadering! In de meeste Griekse steden riep een heraut de burgers tot zo'n vergadering bijeen. Letterlijk betekent het woord: weg-roeping of bijeenroeping; uit de inwoners van de stad worden de burgers opgeroepen om samen te komen.
Volgens F. J. Pop (Bijbelse woorden en hun geheim) is het een opvallende zaak, dat het woord in Griekenland niet gebruikt werd voor een religieuze bijeenkomst. Het woord ekklesia in religieuze betekenis is dan ook te danken aan de Septuaginta. Daaraan is het ontleend. Wat zeker is: in die betekenis komt het in het Nieuwe Testament veelvuldig voor en dan veelal vertaald als 'gemeente'.
Paulus spreekt zowel over de gemeente Gods (enkelvoud) als de gemeenten Gods (meervoud). Zowel het plaatselijke als het universele van de kerk heeft z'n aandacht. Zo ook in de gedachten van Cyrillus. Voor hem was er maar één kerk, nl. de katholieke kerk. Wanneer wij op een andere plaats zijn, moeten wij volgens Cyrillus niet vragen naar een kerkgebouw, doch behoort door ons de vraag gesteld te worden: waar bevindt zich in deze plaats de katholieke kerk? Anders gezegd: waar bevindt zich hier de kerk waar de schat der waarheid als een genadig geschenk wordt doorgegeven en uitgedragen!
Cyrillus drong wel om een bepaalde oorzaak op deze vraag aan. In zijn tijd spraken de Marcionieten en de Manicheeërs ook over de kerk. Maar zij bedoelden een geheel andere kerk dan Cyrillus. Zij hadden een kerk op het oog die de schat der waarheid als een genadig geschenk van God niet kende, doch die meer op een gedachtenspinsel van mensen steunde.
Het is een goede zaak om ter harte te nemen wat Cyrillus ons heeft voorgehouden. De kerk is katholiek en waar zij zich ophoudt is van meer belang dan het kerkgebouw.
Trouwens, deze bisschop uit de vierde eeuw na Christus houdt ons nog een behartenswaardige zaak voor. Hij zegt ons dat wij het woord 'één' in het geloofsartikel moéten onderstrepen. Ik geloof één heilige, algemene, christelijke kerk. Zij is één, omdat er slechts één Hoofd is en Hij alleen het in die ene Kerk voor het zeggen heeft. Wie zou ik anders bedoelen dan Jezus Christus?
Waar is de katholieke kerk?
Er zijn vragen die nog niet eens altijd gemakkelijk te beantwoorden zijn, maar die wij om die reden toch niet uit de weg mogen gaan. Een van die vragen is: waar is de katholieke kerk? Ik denk dat dit een legitieme vraag is. Een vraag die trouwens al bij Luther en Calvijn leefde. De beweging van de reformatie maakte zich immers los van de rooms-katholieke kerk. Daardoor werd de eenheid verbroken. Het gevolg was dat er meerdere kerken ontstonden. Men ging spreken van de Lutherse Kerk, de Gereformeerde Kerk en de Anglicaanse Kerk. In al die kerken ontstonden er weer verschillende denominaties. Wat het heden - betreft, denk ik een moment aan de Anglicaanse kerk. Het maakt nog wel verschil of men in de ene of in de andere gemeente een dienst van Woord en Gebed meemaakt. In de ene gemeente voelt men zich helemaal niet thuis. Allerlei liturgische hoogstandjes kan men niet meemaken, maar vooral de preek niet. In een andere gemeente daarentegen voelt men zich zeer betrokken bij wat er in de kerkdienst gebeurt. Vooral de Woordverkondiging doet niet alleen aan thuis denken, maar raakt het hart. En dat laatste, daar gaat het toch om. Wanneer het hart wordt aangesproken door het Woord, kan men over een groot aantal zaken, die wij niet kennen, heenstappen.
Wat ik wil zeggen is het volgende: beide bovengenoemde gemeenten behoren tot de grote Anglicaanse kerk, maar behoren beide nu ook tot de ene heilige, algemene, christelijke kerk?
Dezelfde vraag kan ik ook stellen als ik zie op de kerkelijke verdeeldheid in ons eigen land. De éénheid is ver te zoeken. Te kust en te keur kan men op zondag naar een kerk gaan waar men denkt dat er 'wat' te halen valt. bevalt het in de ene kerk niet, dan gaat men naar de andere. Zo zijn er die van kerk tot kerk voortgaan. Het is nog maar de vraag of het iets te maken heeft met: wij gaan van kracht tot kracht steeds voort.
Van kerk tot kerk, maar soms ook van gemeente tot gemeente. Want als wij het als hervormden in onze eigen gemeente niet kunnen vinden, gaan wij naar een andere toe. De perforatie van de gemeentegrenzen in onze eigen kerk werkt dit alleen nog maar in de hand. Dat is heel erg! 't Is nog erger als in een en dezelfde gemeente de wijkgrenzen wegvallen en men zich kan aansluiten bij. de dominee en de wijk die men zelf verkiest. Gelukkig is er in een synodevergadrering dit jaar enig paal en perk gesteld aan de perforatie, maar een beslissing om volledig terug te komen op het besluit van perforatie is niet genomen. Door dit onzalig besluit zijn wij eens te meer 'hotelkerk' geworden. En weer vraag ik: Waar is de katholieke kerk?
Deze vraag gaat nog meer klemmen als er kerken zijn die beweren dat zij de katholieke kerk zijn. Alle andere kerken die er in een plaats of in ons land zijn tellen niet mee. Het volk Gods wordt alleen bij hen gevonden.Maar is het terecht om te zeggen: wij alleen zijn de katholieke kerk en dan ook nog een aantal mensen over de grenzen van ons land heen die precies zo denken als wij dit doen en dezelfde dogmatische uitgangspunten hebben als wij bezitten? Waar is de katholieke kerk in ons land, in onze woonplaats? Die vraag houdt ons ook bezig als wij zien op de verdeeldheid, waarbij volstrekt geen sprake is van eenheid in verscheidenheid.
Tussen twee haakjes: ik vraag mij wel af, wie er werkelijk mee zit dat wij als kerken en als gemeenten zo gescheiden optrekken? Ooit heeft wijlen ds. A. Vergunst gezegd over die kerkelijke verdeeldheid: 'Quis non fleret', d.i. 'Wie zou niet wenen? ' Hij kon deze vraag stellen. En wellicht werd er in zijn tijd nog geweend om de breuk. Maar wie weent er nu nog, ziende op de verscheurdheid van de ene heilige, algemene, christelijke kerk?
Waarheid en eenheid gaan in de katholieke kerk samen. Wellicht hebben wij hier te lande meer oog gehad voor de waarheid dan voor de eenheid, hoewel dit laatste, de eenheid, toch een werkelijk Bijbels gegeven is. Onze Zaligmaker heeft er zelfs meer dan eens over gesproken. En dat niet om over de eenheid te spreken, doch om die met elkaar te beoefenen.
De Nederlandse Geloofsbelijdenis
Misschien meer dan wij en ook enigszins anders heeft de opsteller van de Nederlandse Geloofsbelijdenis geworsteld met de vraag: waar is de katholieke kerk? Dat wil zeggen: de kerk bij wie een ieder zich behoort aan te sluiten. In artikel 29 noemt hij drie kenmerken van de ware kerk. Zij behoren tot de katholiciteit van de kerk. Als eerste wordt genoemd: de zuivere prediking van het Evangelie. Dat wil heel eenvoudig zeggen: er mag aan het Evangelie niets afgedaan worden, maar er behoeft ook niets aan toegevoegd te worden. Wanneer op een evenwichtige manier de 'drie stukken' worden gepreekt zoals de Heidelberger, die ons voorhoudt, behoren wij ons onder die prediking te zetten en ze te houden voor een zuivere prediking. Kortom: het Woord niets dan het Woord dient gehoord te worden. Dat de Heere bij de verkondiging van Zijn Woord 'mannetjes uit het stof verrezen' (Calvijn) wil gebruiken is groot. Echter... het moet ons niet om die man te doen zijn, doch om de zuivere prediking die door hem gebracht wordt. Ook dit is waar: als de zuivere prediking gestalte krijgt in ons leven en gaat werken, valt de boodschapper weg, doch blijft alleen de boodschap over.
Een tweede kenmerk van een ware kerk wordt door de opsteller van de Nederlandse Geloofsbelijdenis omschreven als: de zuivere bediening van de sacramenten. Wanneer dit zo gesteld wordt zegt dit niet zozeer iets van de voorganger die de sacramenten bedient als wel over de instelling van de sacramenten door Christus zelf.
Het klinkt eigenlijk vanzelfsprekend dat hij die de sacramenten bedient met heel zijn hart daarop betrokken is. Toch is dit niet het voornaamste. Het belangrijkste is dat de sacramenten worden bediend zoals Christus ze heeft voorgeschreven. Om een voorbeeld te geven: kinderen behoren gedoopt te worden in de Naam van de Vader, de Zoon en de Heilige Geest. Zo luidt het doopbevel dat Christus aan Zijn kerk heeft gegeven. Het is dus geen zuivere bediening van de Heilige Doop als er gedoopt wordt in de naam van geloof, hoop en liefde, zoals dit in de vorige eeuw is gebeurd. Eenvoudig gesteld: zuiver worden de sacramenten bediend als de instellingswoorden zoals die ons in de Schrift worden aangereikt gebruikt worden. Dat de betekenende zaak daarbij niet uit het oog verloren mag worden in de tekenen die bij het sacrament behoren, staat buiten kijf. Water, brood en wijn zijn symbolen die de betekenende zaak uitbeelden.
Naast de zuivere prediking en de zuivere bediening van de sacramenten wordt genoemd de handhaving van de tucht. Het woord 'tucht' is niet zo'n populair woord. Het heeft te maken met een oud Nederlands woord 'tiegen', dat betekent: naar het goede trekken. Van dit laatste wordt wel gezegd dat er met name in onze kerk het minste van terecht komt. Ik denk dat wij met zo'n uitspraak voorzichtig moeten zijn. Wij weten niet alles, maar achter de schermen gebeurt er meer dan menigeen denkt. Bovendien is het goed om tuchtprocedures binnenskamers te behandelen en niet op de straat!
Waar is de katholieke kerk? Op de plaats waar onder andere bovenstaande kenmerken zijn! Maar er is nog meer, doch daarover een volgend keer. (Wordt vervolgd)
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 5 september 1996
De Waarheidsvriend | 20 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 5 september 1996
De Waarheidsvriend | 20 Pagina's