Hoe een profeet verstrikt raakt(e)
In de vakantie las ik een fascinerend boekje: Een kerk in beroering. De ondertitel is: Gereformeerden tussen 1933 en 1945. Het boek gaat over de voorgeschiedenis van de Vrijmaking in 1944, dus vooral over de bekende professor Klaas Schilder. Maar niet over zijn leer. Nee, over zijn strijd tegen het nationaal-socialisme, totdat hij onderdook in 1942. Het boekje is een samenvatting voor de gemeente door ds. Evert Overeen van het dikke proefschrift van Jan Ridderbos (Strijd op twee fronten). Welnu, ik vat de samenvatting weer voor u samen. Plus toch iets over die leergeschillen. Met de moraal van het verhaal: hoe een profeet verstrikt kan raken.
De Gereformeerde Kerken tegen de NSB
Wat moet een kerk doen met een NSB-er? Die vraag legde de gereformeerde kerkenraad van Bunschoten-Spakenburg voor aan de VU-hoogleraar kerkrecht dr. H. H. Kuyper (69), zoon van de grote Kuyper, bekend kerkleider. Deze zei: wel vermanen, maar geen censuur. De kerkenraad legde de zaak ook voor aan de classis (Amersfoort) en die weer aan de synode. De synode van Middelburg (augustus 1933) volgde - weer op advies van H. H. Kuyper - dezelfde lijn: wel vermaan, geen tucht.
Maar diezelfde synode benoemde de Rotterdamse ds. K. Schilder (43) tot hoogleraar in Kampen. En die oordeelde scherper. Waarom? Schilder was net in Duitsland gepromoveerd (wegens moeilijkheden niet aan de VU) en wel tegen Barths theologie van de paradox. Maar Schilder maakte daar in 1933 in Beieren ook het nafionaal-socialisme van nabij mee. Hij kondigde vanuit Duitsland al een brochure aan tegen het fascisme door onderwijzerouderling A. Janse: dreigde er een nieuwe schoolstrijd? In zijn afscheidspreek in Delfshaven belichtte Schilder de geestelijke achtergronden van het fascisme: de stad Gods wordt bedreigd door een antichristelijke macht. Ook nam hij in het blad van de Hogeschool, De Bazuin, een verklaring op van 21 Duitse hoogleraren tegen discriminatie van joden. In De Reformatie begon K. S. ook een artikelenreeks: 'Is de NSB-er christelijk? ' Het ging tegen de filosofie achter de NSB-brochures: i.p.v. God kwam daar de 'idee'; maar dan geldt geen gebod meer!
Er was wel reden voor zijn waarschuwing. De regering-Colijn verbood december 1933 aan ambtenaren om lid van de NSB te zijn: dit i.v.m. ontdekt verzet. Maar ook in de Gereformeerde Kerken zelf waren enkelen lid van die partij. Het waren slechts enkelen, maar juist vooraanstaande partijleden: een propagandist in Amsterdam en de tweede man van de NSB (C. van Geelkerken) in Utrecht. De kerken reageerden eerst verschillend: de classis Coevorden (aan de Duitse grens!) hield zich voorzichtig aan de synode, maar de classis Leiden was principiëler: die analyseerde de NSB-beginselen. K.S. publiceerde het rapport in De Bazuin en zo werd het landelijk bekend. Eén gereformeerde predikant. Van der Vaart Smit, wilde in de Duitse kerkstrijd gaan bemiddelen: z.i. was Hitler juist een redder in nood. Schilder bestreed hem in De Reformatie (evenals Buskes dat deed. Ook de R.K.-bisschoppen waarschuwden in februari 1934 tegen het nationaal-socialisme.) Schilder volgde de Duitse kerkstrijd en versloeg die. Bij de herdenking van de Afscheiding (1934) trok hij voor de radio parallellen met de Duitse kerkstrijd, al zag hij verschil in beginsel. Hij bleef tegen de theologie van Barth, omdat deze tegen christelijke politieke partijen was en z.i. zo toch de deur openzette voor niet-christelijke als de... NSB. Schilder volgde en steunde ook de Altreformierten (die bij de GKN hoorden) in hun protest tegen gelijkschakeling, maar Kuyper adviseerde hen juist toe te geven inzake de nazi-vlag op de kerkgebouwen e.d.
Toen bij de staten-verkiezingen (van april 1935) de NSB 7.9% van de stemmen behaalde en een doorbraak van de ARP dus niet gelukt was, liet de NSB de christelijke partijen voorlopig met rust, ja wierp zij zich op als hoedster van de oude AR-idealen: voor Oranje maar ook voor het Nederlandse ras. Maar de classis Leiden vond de uitslag verontrustend genoeg en vroeg de mening van de synode. De classis Utrecht ontzag Van Geelkerken vooralsnog, maar de classis Enkhuizen wilde wèl tucht.
Schilder was het daar mee eens. Maar de classis Rotterdam volgde de broer van H. H., dr. A. Kuyper en H. H. zelf: de kerken mogen niet verder gaan dan de synode van Middelburg bepaalde. Grosheide twijfelde of een synodale uitspraak over fascisme verstandig was: want liberalisme of spiritisme zijn zo nooit veroordeeld; waarom de NSB dan wel? Maar vele kerkelijke vergaderingen vroegen om een uitspraak. H. H. Kuyper waarschuwde tegen 'Doopersch rigorisme' i.p.v. gereformeerde tuchtoefening. De NSB was daar weer blij mee. Maar Schilder bleef de NSB bestrijden. Hij trok een parallel tussen Nederland en het Derde Rijk. Het beroep op de Algemene Genade (gereformeerde NSB-ers zouden daarom niet zo consequent zijn) wees hij af. Maar H. H. verdedigde die leer van zijn vader.
Volgens Schilder stond een aarzelende houding het profetisch spreken van de kerk in de weg. De kerkenraad van Utrecht hield eindelijk het, echtpaar Geelkerken van het Avondmaal.
Op 25 augustus 1936 werd de synode in Amsterdam gehouden.-Daar moesten de Altreformierten zich van de schijn 'Deutschfeindliche Betatigung im Ausland' van een mening onthouden.
De meerderheid van de commissie stond achter Schilder, een minderheid achter Kuyper. Maar men werd het eens over de afwijzing van dwalingen als: leidersbeginsel, nationaal-socialistische totalitaire machtsstaat (en ook het anti-militarisme van de CDU). Schilder had de synode het nationaal-socialisme als geheel willen laten veroordelen. Maar de kerk had toch gesproken!
Verdeeld over de erfenis van Kuyper
Maar ook en eerder al kwamen de zgn. 'leergeschillen' aan de orde: door een ingekomen stuk van dr. Polman, een leerling van de V.U.-dogmaticus Hepp. Daarover vreesde men zelfs scheuring. Kuyper hield onder diepe stilte een grote rede. Hij vond de situatie erger dan in 1926 (Assen). De kerk moet spreken. 'Een nieuw geslacht vormt voor 't eerst een eigen fractie, om de ideeën van Schilder en Vollenhoven te populariseren. Dat zal een vloek blijken over onze kerken. Jonge predikanten schrijven met Kuyper en Bavinck te hebben afgedaan. Zelfs Calvijn heeft geen autoriteit meer. Dit miskent de leiding van de Heilige Geest en wat de kerk aller eeuwen heeft beleden. En zulks geschiedt door baardeloze knapen'. Hun kritiek betrof Kuypers leer van de veronderstelde wedergeboorte en het zelfonderzoek en de pluriformiteit van de kerk. Het betrof ook de kritiek van de nieuwe Wijsbegeerte der Wetsidee op de onsterfelijkheid van de ziel. Daarbij kwam in de dertiger jaren Schilders kritiek op Kuypers leer van de algemene genade: deze optimistische visie op de wereld had z.i. verwereldlijkend gewerkt in de kerk. Schilder concentreerde zich geheel op de bijzondere genade in Christus. Maar H. H. Kuyper fulmineerde ter synode tegen deze 'revolutie' en wilde een veroordeling van de dwalingen.
De synode benoemde echter een commissie (hoewel door geen enkele kerk concrete klachten waren ingediend), die deze afwijkende opvattingen moest onderzoeken. Maar daarna volgde de synode dus juist Schilder bij het besluit inzake de NSB! De Amsterdamse hoogleraren dienden weer een verklaring in tegen dat besluit. Schilder schreef: Geen duimbreed. Kuyper schreef na afloop: 'Streng was die Synode waar ze optrad tegen politieke organisaties, wier beginselen ze veroordeelde, maar wat deze leergeschillen in de boezem onzer Kerken betreft, die veel ernstiger het leven onzer Kerken bedreigen, nam ze wel een groote behoedzaamheid in acht'.
Bezetting in Nederland - Tweespalt onder gereformeerde theologen
Bij de Duitse inval kritiseerde H. H. Kuyper (VU) in zijn blad de gevluchte koningin. Hij pleitte voor aanpassing aan de 'nieuwe orde'. En als deputaat voor de correspondentie met de overheid kreeg Kuyper een sleutelpositie in de Gereformeerde Kerken. Maar K. Schilder (Kampen) nam in zijn blad juist afstand van die nieuwe orde. Hij zag het Duitse bewind niet als de wettige overheid, waarvoor de kerken voorbede moeten doen. Het was alleen 'bezettende macht', dus bleven volgens het landoorlogs-reglement: eigen wetten, vrijheid van pers en godsdienst, ook tegen het Führer-prinzip. De militaire capitulatie was z.i. geen capitulatie voor de nationaalsocialistische ideologie. De tweespalt van 1936 bleek dus dieper te gaan. K. S. was voor gebed voor het Koninklijk Huis, H. H. niet. De Reformatie werd verboden wegens Schilders reactie op Colijns capitulatie, dus wegens 'politiek verzet', maar de Heraut bleef gewoon voortbestaan. K. S. werd gearresteerd (als eerste gereformeerde predikant) en kon dus ook niet meer over leergeschillen studeren. Was er bij Schilder nu sprake van 'geloofs-vervolging'? Volgens Grosheide wel, volgens Kuyper niet. K. Dijk, voorzitter op de synode van Amsterdam in 1936, voorzag nu een breuk in de kerken i.v.m. het synodebesluit en schreef dat dit besluit niet politiek was bedoeld.
H. H. Kuyper vreesde bij toepassing-nu de grootste rampen. Schilder werd na enige maanden weer vrijgelaten, maar met een schrijfverbod. Hij preekte tegen de gelijkschakeling en pleitte voor een getuigenis van de synode. Maar het kwam niet verder dan een concept. De synode handhaafde het 'dubbelbesluit' van 1936. Schilder waarschuwde zijn studenten in Kampen voor afgoderij van het volk. Hij kwam juist nu op voor de anti-these van Abraham Kuyper - tegen de voorzichtigheid van H. H. Kuyper. Hij schreef aan Kuyper, dat hijzelf alleen (toegestaan!) verzet pleegde tegen de NSB, maar dat Kuyper maatregelen van de bezetter openlijk goedgekeurd had. H. H. hoopte zelfs op de overwinning van Hitler op de Sovjet-Unie. 'Kampen' vroeg het moderamen van de synode om krachtige leiding: zij moet de deputaten ter verantwoording roepen, zich uitspreken of de bezetter de wettige overheid is en stelling nemen tegen de ideologische Arbeidsdienst. Het moderamen zwichtte voor de druk uit de kerken en riep inderdaad de synode bijeen (Sneek, 9 dec. '41). H. H. vroeg teleurgesteld zelf om ontslag. Schilder vroeg aandacht voor gevangen ambtsdragers (zijn opvolger Knoop). De synode was eensgezind over het gebed voor de koningin. De synode was ook tegen gelijkschakeling van de kerkelijke pers, maar het moderamen niet. De synode besloot de leergeschillen toch te behandelen. Schilder - ook teleurgesteld - onttrok zich toen.
Breuk in Gereformeerde Kerken
Sinds de gereformeerde synode (Utrecht, mei '42) was Schilder afwezig: hij schreef dat men hem minstens zo zeer moest ontzien als de V.U.-hoogleraren die het Amsterdamse synodebesluit hadden gekritiseerd. De synode werd het nu over de 'leergeschillen' spoedig eens (11 juni '42). Zij wees Schilders beroep op het schrijfverbod af. Schilder preekte nog in Delfshaven en kritiseerde daar concentratiekampen en rassenwaan. Hij werd verraden en men wilde hem arresteren. Hij vertrok uit Kampen en dook onder. Van toen af voerde Schilder geen strijd meer tegen de nazi's. Op zijn onderduikadres ging hij nu de wettigheid van de (geprolongeerde) synode aanvechten (i.p.v. de leergeschillen? ). Ondanks het schrijfverbod diende hij een bezwaarschrift in en wil hij landelijk verzet tegen de synode stimuleren. Kwam (psychologisch) de synode in plaats van de vijand...? De synode vroeg hem met 'mannelijke moed' te komen. Maar zij miste zelf de moed tot een 'vlammend getuigenis' inzake de jodenvervolging, waar een classis om vroeg... Intussen kon H. H. Kuyper in zijn blad de Japanse aanval in Nederlands-Indië bewonderen... en de successen prijzen van generaal Rommel in Afrika...
De synode schorste haar bestrijder Schilder (23 maart 1944). Zij dankte voorts haar zieke adviseur Kuyper voor zijn voorlichting in De Heraut en hoopte op verdere adviezen... (mei '44).
Schilder werd afgezet.
Schilder werd afgezet. Tijdens de synode in Utrecht kwam het nieuws binnen dat Italië had gecapituleerd. Achteraf zegt Berkhouwer, voorzitter van de synode, dat men in 'twee werelden' leefde...
De profeet verstrikt
Ik vind Schilder iets profetisch hebben. Een profeet is immers een wachter op Zions muren, die moet waarschuwen zodra het gevaar dreigt. Van meetaf zag Schilder het fascistische gevaar. Dat kwam niet alleen omdat hij zo'n scherp oog had, maar ook omdat hij juist in 1933 in Duitsland moest zijn. Hij was er dus vanaf het begin zelf bij! Nu heb ik altijd gedacht, dat alleen Karl Barth en de zijnen het gevaar scherp zagen, maar zie hier een anti-barthiaan, die het evenzeer scherp zag!
Voorts kreeg Schilder in enkele jaren zijn kerk mee in een 'profetisch spreken'. Dat was in die tijd (in protestantse kerken althans) volstrekt ongebruikelijk. De Nederlandse Hervormde Kerk - verlamd door de richtingenstrijd - zweeg in alle talen tot de oorlog in 1940 uitbrak. Toen kwam ds. Gravemeijer met een synodale boodschap. In de oorlog heeft deze kerk toen verder leren spreken. Ik heb altijd gedacht, dat deze kerk de eerste en enige was die dit deed. De afgescheiden kerken spraken en spreken immers helemaal niet. De Gereformeerde Kerken deden dat uit principe niet: zij gingen uit van Kuypers onderscheiding tussen de kerk-als-instituut-en de kerk-als-organisme. Welnu, de kerk-alsinstituut (dus een synode) moet zich niet met politiek bemoeien. Zij laat dat over aan de kerk-als-organisme: d.w.z. aan de christenen in de wereld, individueel of verenigd in christelijke politieke partijen. Maar Schilder doorbrak dit schema van Kuyper en riep na 1933 dus op tot een profetisch spreken van de synode, dus van de kerk-als-instituut. En dan niet alleen binnen de kerk tegen een enkel NSB-lidmaatschap, maar daarachter tegen heel de antichristelijke ideologie in de wereld. Wij hoorden zijn tegenpool echter zeggen, dat een synode zich veel meer met de leer en de zgn. leerverschillen moest bezighouden, dus met interne kwesties. (Overigens vind ik - met Douma - Schilder ook profetisch in zijn kritiek op de vervlakkende uitwerking van de algemene-genade-leer). De synode nam dus een dubbelbesluit: de leerverschillen gingen naar een commissie en het profetisch spreken geschiedde direct. Zo waren de Gereformeerde Kerken de Nederlandse Hervormde Kerk hierin dus toch vóór!
Ook na het uitbreken van de oorlog beoefende Schilder iets van dat profetische: in artikelen, toespraken en in preken verzweeg hij de gelijkschakeling en de concentratiekampen niet. Antithese nu! Daar was niet alleen profetisch inzicht, maar ook moed voor nodig. Hij bepleitte dit profetische spreken ook toen voor zijn hele kerk: tegen de bezetter als overheid, te gen het onrecht aan joden, tegen gelijkschakeling van de kerkelijke pers, tegen de Arbeidsdienst met zijn ideologie enz. enz. Maar de synode was in de oorlog veel voorzichtiger en de leiding van de synode was nog voorzichtiger.
Maar nu komt het: zodra Schilder moest onderduiken, hoor je hemzelf niet meer over die anti-christelijke ideologie. Hij bestreed alleen nog... de wettigheid van de eigen synode (na drie jaar moet die nl. opnieuw samengesteld worden...). Ik vind dat werkelijk shockerend. De 'profeet' is kennelijk verstrikt geraakt in interne problematiek. Hoe is het mogelijk! Het is wel begrijpelijk dat hij verontwaardigd was: men liet hem tot diep in de oorlog in het leerstellige beklaagdenbankje en zijn pro-Duitse tegenvoeter liet men telkens toch zijn gang gaan. Maar de synode werd het - zonder Schilder - in 1942 toch eens over de zgn. leergeschillen. Daar had hij zich toch ook bij kunnen neerleggen. Maar wat onderduiken psychologisch betekent, laat zich ook vermoeden: je wereld zal wel heel klein worden. Het was een psychisch mechanisme: verzet tegen de synode i.p.v. tegen de bezetter, zegt Overeem. Maar het blijft toch aangrijpend: de profeet is verstrikt geraakt. Die als een wachter op Zions muren stond, toen de vijand kwam en toen de bazuin blies, is - nu de vijand triomfeert over het hele werelddeel - alleen nog kritisch over... eigen kerkleiding. De man die eerder een epos schreef over Christus en zijn lijden, over hemel en hel, maar ook over het sociale vraagstuk, enz. enz. beet zich vast in kerkordelijke zaken...
Het resultaat van de wederzijdse fixatie was een kerkscheuring in 1944. Terwijl begon door te dringen dat zich een holocaust voltrok! Ik moest denken: dit kan ons ook overkomen, ook zonder oorlog en onderduiken. Waar zijn wij eigenlijk mee bezig? ! Raak ik zelf en raken wij samen ook verstrikt in kerkordelijke zaken, terwijl de hele kerk drastisch wordt ondermijnd door secularisatie? Hebben we eens wat profetisch licht gekregen op het tijdsgewricht, en zijn we nu gefixeerd op intern-kerkelijke kwesties, terwijl ons volk wegzinkt in wetteloosheid en apocalyptische rampen over de hele wereld gaan? Moge God dat verhoeden. Een schip in nood is een baken in zee. Wat is het goed om in de vakantie eens in een spiegel te kijken, voor alles weer losbarst!
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 5 september 1996
De Waarheidsvriend | 20 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 5 september 1996
De Waarheidsvriend | 20 Pagina's