De vreemdeling in ons midden (1)
Bovenstaand onderwerp is de laatste jaren op allerlei manieren aan de orde. Met een vaste regelmaat kunnen wij er in de pers over lezen. En niet alleen in de pers, ook in gesprekken tussen mensen onderling komen de tongen snel in beweging als het over deze zaak gaat. Heel diverse meningen worden geuit, waarbij de nodige tegenstellingen aan het licht komen. Een onderwerp dat volop in de belangstelling staat.
Ik denk aan een mevrouw (het is zomaar een voorbeeld) die mij iets vertelde over een kleinzoon, die in het westen van het land woonde. Hij kon in de omgeving van Rotterdam maar niet aan een huis komen. Met duidelijke afkeer in haar stem, zei ze: 'Al die buitenlanders hebben voorrang; vindt u het niet verschrikkelijk? ' Een dag later hoorde ik van een moeder dat haar zoon bij de politie in een bepaalde regio niet was aangenomen. Alleen vrouwen en allochtonen werden geaccepteerd. U hebt dat enige tijd geleden ook in de krant kunnen lezen dat de heer Schutte van het GPV daarover vragen stelde: hoe zit dat met het beleid van de politie in de provincie Flevoland. Alleen kleurlingen, is dat niet eenzijdig?
Een andere zaak die ik in dit verband noem is het al of niet toestaan van demonstraties van aanhangers van de Centrum Democraten en van CP'86. Bij gehouden demonstraties werden leuzen meegevoerd als 'eigen volk eerst' en 'vol is vol' en 'Nederland blank'. Het gevolg was een heftige discussie over de vraag of dergelijke demonstraties van extreem rechts niet verboden moeten worden. De meningen op dit punt zijn alsnog verdeeld.
Drie voorbeelden (die heel gemakkelijk met vele andere kunnen worden aangevuld) die iets laten zien van de spanningen die er op dit gebied zijn.
Niemand zal ontkennen dat er door de vele vreemdelingen in ons midden allerlei problemen zich voordoen. En dan denk ik aan de grote groep gastarbeiders die wij in de zestiger en zeventiger jaren hierheen hebben gehaald (Turken en Marokkanen) en die zich nadien met hun gezinnen hebben herenigd. Maar ik denk ook aan de asielzoekers, de geweldige stroom asielzoekers - uit Oost-Europa, uit Afrika - die naar ons land kwam. De opvangcentra raakten overvol. De procedures om te zien of iemand legaal was of niet, een verblijfsvergunning kreeg of niet, duurden te lang.
De stroom werd te groot. Het toelatingsbeleid werd verscherpt. Aan de grens, direct aan de grens wordt men opgevangen. En wanneer het toch direct duidelijk is dat het niet legaal is en dat de kans op opname hier nihil is, wordt men al heel gauw teruggestuurd naar het land van herkomst. Schokkend was het onlangs te vernemen dat het in ons land mogelijk blijkt dat uitgeprocedeerde asielzoekers op straat worder gezet. Geen huis, geen werk, geen verblijfsvergunning. De betrokken asielzoekers moeten zelf maar zien hoe ze terugkomen in het land van herkomst. Het ministerie van justitie ontkent niet dat deze situatie voorkomt.
In sommige gevallen gaat het anders. Dan vliegt de marechaussee voor vele honderdduizenden guldens met groepen asielzoekers dé halve wereld over. Na een paar dagen van ontberingen staan die mensen dan weer op Schiphol. Of ze worden nog net in hun eigen land teruggebracht, waarna niemand hen meer ziet of hoort. Men behoeft dan geen illusies te hebben over hun lot.
Laat ons binnen
Specialisten op het gebied van vluchtelingenwerk hebben ons erop gewezen dat 'wij nog maar aan het begin staan'. Als het einde van de geschiedenis dan nog niet gekomen is, zal de wereld tot diep in de volgende eeuw sterk in beweging blijven. Het VN-wereldbevolkingsfonds stelt dat internationale migratie bij uitstek het probleem van dit decennium kan worden. Ook Nederland zal zich daarop moeten voorbereiden, politiek, sociaal, maar natuurlijk ook qua mentaliteit.
Er zijn verschillende redenen dat zich grote groepen mensen van het ene naar het andere deel van de wereld bewegen. De soms grote verschillen in politieke vrijheden tussen landen vormen in dit verband een belangrijke factor. Politieke, etnische en religieuze onderdrukking en burgeroorlogen jagen hele volksstammen op de vlucht. Burundi en Nigeria zijn hier schrijnende voorbeelden van. Ook het feit dat tegenover westerse welvaart een vaak uitzichtloze situatie in derdewereldlanden bestaat, maakt dat op onze deuren wordt geklopt: 'laat ons binnen'. Helaas ziet het er niet naar uit, dat er binnen afzienbare tijd een positieve verandering in de situatie zal komen.
Wereldwijd zijn er ongeveer 24 miljoen vluchtelingen buiten hun eigen schuld op drift geraakt. Van hen bevinden er zich zo'n 45.000 in ons land. Dat is 0,3 procent van de bevolking. Zij vormen onderdeel van de circa 800.000 vreemdelingen binnen onze grenzen, iets meer dan 5 procent. Ik geef hier enkele exacte cijfers van de laatste jaren.
1991: instroom van 21.500 asielzoekers (ca. 80% afgewezen).
1992: instroom van 20.000 asielzoekers (ca. 90% afgewezen).
1993: instroom van 35.000 asielzoekers (ca. 42% afgewezen).
1994: instroom van 42.000 asielzoekers (ca. 70% afgewezen).
Niet iedere afwijzing leidt tot uitzetting. In de periode van 1987-1989 werd 15% uitgezet, 20% erkend met status, 25% vertrok zelf weer en 40% werd beschouwd als 'beleidsmatig niet verwijderbaar'. Je kunt mensen toch niet terugsturen naar een gebied waar oorlog heerst.
Het is juist door de groep asielzoekers dat de discussie in alle hevigheid is losgebarsten en dat er alle mogelijke geluiden te horen zijn.
Onlustgevoelens
Sommigen juichen de toestroom van vreemdelingen toe. Hoe meer culturen, zeggen ze, hoe meer vreugd. Een multiculturele samenleving zien zij als een verrijking. Dit standpunt treffen we vooral aan bij links-radicale politici, èn in kringen van hulpverleners.
Aan de borreltafel en in oude stadswijken (en niet alleen daar, maar ook erbuiten) zijn heel andere geluiden te horen. Die geluiden worden steeds sterker. Men voelt zich duidelijk bedreigd voor allerlei culturen. De oude maatschappij van enkel Nederlanders bood veel meer zekerheid.
Velen zijn van mening dat de invasie van asielzoekers gestopt moet worden. Nederland is al het dichtstbevolkte land ter wereld. Als wij (en nu geef ik maar enkele geluiden weer) de integratie van vreemdelingen in onze samenleving tegengaan, zijn al die onrechtvaardige bezuinigingen overbodig. Dan is een verhoging van lonen en uitkeringen met 5% mogelijk en is het cellentekort opgeheven.
Er zijn allerlei onlustgevoelens. Vreemdelingen zijn de oorzaak van de economische malaise; zij zijn ook de oorzaak van de toenemende criminaliteit. Nederland zou volgens sommigen min of meer probleem vrij zijn als het zich ontdoet van deze 'lastpakken' met hun vreemde gewoonten. Zulke onlustgevoelens komen naar buiten in een opmerking die ik eens hoorde toen een asielzoeker overleed na een aanrijding: 'weer eentje minder...'. De griezelige consequenties van dergelijke ideeën hebben we gezien bij onze oosterburen waar reeds diverse malen huizen, waarin asielzoekers waren gevestigd, in vlammen opgingen.
We constateren de laatste jaren een toenemende afkeer als het gaat om de vreemdelingen in ons midden. Politici, die op dit terrein ferme uitspraken doen, kunnen op waardering van de grote massa rekenen. Velen hebben er in dit verband op gewezen dat de heer Bolkestein van de VVD de geweldige winst bij de laatste verkiezingen niet in het minst heeft behaald door in te spelen op deze gevoelens.
Wie doet voorkomen of de instroom van vreemdelingen in ons land nieuw is, vergist zich overigens. Als wij even teruggaan in de geschiedenis, kunnen wij denken aan de intocht van de Vlamingen na 1585 (de val van Antwerpen). Wij kunnen denken aan de instroom van de Franse Hugenoten na de opheffing van het edict van Nantes in 1685 (het waren er een paar honderdduizend!). We wijzen op de vele joden die vanuit Spanje en vanuit andere gebieden hier een veilig heenkomen zochten. De eerste groepen (Vlamingen en Hugenoten) integreerden volledig; het cultuurverschil was dan ook gering. De joden bleven in menig opzicht zichzelf, en waren ook niet altijd populair, maar zij hebben een niet onbelangrijke bijdrage geleverd aan de welvaart in de gouden eeuw.
Vandaag wordt dit heel anders ervaren. De nieuwe instroom van toegelaten vreemdelingen (ook als ze door de regering erkende redenen hadden om hierheen te komen) roept allerlei negatieve gevoelens op. Onlustgevoelens... Bij de een sterker, bij de ander minder sterk. Maar geluiden a la Janmaat zijn óók ons niet geheel vreemd. Je komt dit ook tegen onder SGP-ers en RPF-ers. Ook onder trouw kerkelijk mee levende mensen. Wat moet onze houding zijn tegenover de vreemdeling in ons midden?
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 19 september 1996
De Waarheidsvriend | 16 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 19 september 1996
De Waarheidsvriend | 16 Pagina's