Gemeenschap der heiligen - Het hart, de ruimte en de grenzen (1)
op vrijdag 6 en 13 september 11. werden in 12 regio's in het land weer de ambtsdragersvergaderingen van de Gereformeerde Bond gehouden. Het thema was 'De gemeenschap der heiligen - het hart, de ruimte en de grenzen'. In alle bijeenkomsten werden de referaten globaal genomen langs een gemeenschappelijke lijn gehouden.Bijgaand plaatsen we de eerste aflevering van het referaat, dat drs. J. Harteman hield in Noordhorn en in Zwolle. Er volgen nog drie afleveringen.
Inleiding
Elke zondag belijden we in de kerk: Ik geloof de gemeenschap der heiligen. De gemeenschap der heiligen is dus een geloofszaak. 'En al wat uit het geloof niet is, dat is zonde.' Wie niet uit het geloof handelt, gaat een eigen weg. Dwars tegen de wil van God in.
In de wereld is een schrijnend gebrek aan gemeenschap. Er is één en al zelfzucht. Deze zelfzucht uit zich in hebzucht. We leven in een ik-tijdperk. Individualisme en egoïsme beheersen ons denken en spreken. Door niet uit het geloof te leven, ontbreekt de liefde tot God en heerst de liefde voor onszelf.
We zoeken het beste voor onszelf en gaan aan anderen voorbij.
'Ik geloof de gemeenschap der heiligen'. Is wat we in de wereld nauwelijks aantreffen bij ons wel te vinden? Ook in de kerk krijgt overal het individualisme voorrang. Het collectieve verdwijnt naar de achtergrond. Sommigen sluiten zich op in een lering van gelijkgezinden. Anderen kijken naar niemand om.
Elke gemeente is een veelkleurig geheel. Met verscheurdheid, groepsvorming en veel onheilige strijd. Daardoor ontstaan bitterheid tegen elkaar, hoogmoed en conflicten. Het resultaat is voorspelbaar: Hete hoofden en koude harten. Zonder een band met elkaar staan we open voor twist en verwijdering.
'Ik geloof de gemeenschap der heiligen.' In de kerk is een onderlinge gemeenschap van gelovigen. We mogen de gemeenschap der heiligen niet losmaken van de kerk. Bovendien is niet doorslaggevend hoe wij tegen de gemeenschap der heiligen aankijken. Gods Woord verklaart ons de betekenis en verder volgen wij de uitleg van het belijden van de kerk.
Gemeenschap in de Schrift
Letterlijk komen we de uitdrukking 'Gemeenschap der heiligen' nergens in de Schrift tegen. Wel is de geraeenschapsgedachte overal aanwezig.
Na de uitstorting van de Heilige Geest is in de gemeente van Jeruzalem gemeenschap. De gemeente zit niet als los zand aan elkaar. De leden van de gemeente zijn één hart en één ziel. Door de opstandingskracht van Christus is nieuw leven ontstaan. Dit nieuw leven laat zich leiden door de Heilige Geest. De zonde trekt mensen uit elkaar. Gods genade verbindt.
Het Griekse woord voor gemeenschap 'Koinoonia' betekent dat we met anderen samen deelhebben aan iets. In 1 Joh. 1 : 3 staat: etgeen wij dan gezien en gehoord hebben, dat verkondigen wij u, opdat ook gij met óns gemeenschap zoudt hebben, en deze - onze gemeenschap ook zij met den Vader, en met Zijn Zoon Jezus Christus. Het gaat hier om de gemeenschap met de Vader en Zijn Zoon Jezus Christus.
Buiten God is geen leven. Belangrijk voor ons is het gegeven dat de gemeenschap met God en Christus een gemeenschappelijke is.
Individualisme is uit den boze. Gemeenschap is het werk van de Heilige Geest. Paulus spreekt in 2 Korinthe 13 : 13 over de gemeenschap van de Heilige Geest. De gemeenschap tussen christenen is vrucht van de Geest. De gemeenschap die Hij schenkt aan de gelovigen noemt het Woord van God de gemeenschap van de Heilige Geest. De gemeenschap der heiligen is een gemeenschap van de Heilige Geest.
Gelovigen hebben gemeenschap aan de Drieënige God. Over de gemeenschap met de Vader en de gemeenschap van de Heilige Geest sprak ik. De gelovigen zijn volgens 1 Korinthe 1 : 9 ook geroepen tot de gemeenschap van Jezus Christus. De gemeenschap met Christus wordt door God tot stand gebracht. Door deze roeping krijgen ze deel aan het hele heilswerk van Christus.
De vereniging met Christus brengt lijden. We lijden zoals Christus leed in een Godevijandige wereld. We behoeven niet opzettelijk verdrukking te zoeken. Want wie zich niet schaamt voor het Evangelie is niet in tel bij de vijanden van het Kruis. Gemeenschap aan het lijden van Christus is het lijden dat Christus in de Zijnen lijdt en rekent als Hem aangedaan. De gelovigen mogen zich door dit lijden niet vervreeraden van Christus. Het lijden moet hen verblijden. De reden van de blijdschap vinden we in 1 Petrus 4 : 13. Het is een lijden tot heerlijkheid.
Het hart van de gemeenschap
We kunnen nu uit de Schrift tot de volgende conclusie komen: De bron van de gemeenschap der heiligen ligt in de gemeenschap met God in Christus door de Heilige Geest. Deze hoofdlijn werk ik nu verder uit.
Er is een verbinding tussen de gemeenschap der heiligen en de kerk. Calvijn verbindt het geloofsartikel van de gemeenschap met de kerk. De uitleg van de Catechismus staat dicht bij Calvijn. Zondag 21 behandelt de kerk en de gemeenschap der heiligen.
Ik begin met antwoord 54. Christus vergadert Zijn kerk uit de gehele mensheid. De kerk komt uit alle geslacht, taal, volk en natie. Hij verzamelt Zijn volgelingen zoals een herder de verstrooide schapen bijeen brengt.
Wat vergadert Christus? Een gemeente uitverkoren tot het eeuwige leven.
Waardoor regeert Christus Zijn gemeente? Door Zijn Geest en Woord. Let op de volgorde. De Geest staat voorop. De prediking is het werk van de Geest. Christus regeert de gemeente door Zijn Geest die Zich daarbij bedient van het Woord. Door de prediking baart de kerk als moeder de kinderen van de kerk.
Hoe vergadert Christus? In de eenheid van het ware geloof. De kerk houdt zich aan het ware geloof. Het ware geloof is het oprechte geloof in de Heere Jezus Christus. Geloven is niet een willekeurige zaak. De kerk spreekt in de belijdenisgeschriften uit wat zij op grond van Gods Woord gelooft. Door de eenheid in Christus beamen de gelovigen de waarheden van het geloof. In Christus zijn we één. Buiten Christus is verdeeldheid. Het is door de eenheid van het geloof uitgesloten dat Gods kinderen als vijanden tegenover elkaar staan.
Wanneer vergadert Christus Zijn kerk? Van het begin der wereld tot aan het eind. In het Paradijs is de Zoon van God met het vergaderen van Zijn kerk begonnen. Vaak werd de kerk met een totale ondergang bedreigd. Afgoderij en wereldgelijkvormigheid waren de grote gevaren.
Maar Christus beschermt en onderhoudt Zijn kerk! We hebben deze zekerheid: Christus was, Christus is en Christus blijft bij Zijn kerk! Als eeuwige Koning kan Hij niet zonder onderdanen zijn. De kerk sterft niet uit. Want Jezus Christus is gisteren en heden dezelfde en in der eeuwigheid. De Catechismus spreekt niet afstandelijk over de kerk. De gelovige wordt er persoonlijk bij betrokken. Antwoord 54 eindigt zo: En dat ik daarvan een levend lidmaat ben, en eeuwig zal blijven. Een levend lidmaat van de kerk is meer dan een administratieve aangelegenheid. Een levend lidmaat heeft een geestelijke band met de Heere. Een levend lidmaat is betrokken bij wat in de gemeente gebeurt.
Eeuwig een levend lidmaat blijven is een gave en een opgave. De Heere laat niet varen de werken van Zijn handen. Anderzijds is de verantwoordelijkheid om volhardend een lid van de gemeente te blijven.
De Catechismus stelt vast dat de gemeente een gemeenschap is. En levende lidmaten nemen deel aan die gemeenschap. Zijn wij levende lidmaten in de gemeente? Zien wij inderdaad de gemeente als een gemeenschap?
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 26 september 1996
De Waarheidsvriend | 20 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 26 september 1996
De Waarheidsvriend | 20 Pagina's