De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

Boekbespreking

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Boekbespreking

3 minuten leestijd

Henk P. Medema, De toekomst van onze Here Jezus Christus, uitgeverij Médema, 144 blz.

De basis van dit boek bestaat uit artikelen die de heer Medema in de afgelopen jaren publiceerde in Het Zoeklicht. Hij wil op eenvoudige wijze een aantal thema's betreffende de verwachting van de wederkomst van Christus uitleggen. Hij doet dat heel bescheiden. Er bestaat absoluut geen verplichting om het met hem in alles eens te zijn, als mensen maar in beweging komen voor de toekomst van Christus. Zo zegt hij: over de precieze volgorde van de gebeurtenissen van de eindtijd kunnen christenen best (al of niet hartgrondig) van mening verschillen, maar het gaat niet om ons, maar om de toekomst van Jezus Christus, Die onze hoop is. Toch geeft hij een heel bepaalde volgorde: terugkeer van Israël, opname van de gemeente, bekering van Israël, optreden van de antichrist, de grote verdrukking, komst van Christus, duizendjarig rijk.

Mij valt op dat in zulk denken altijd weer Oudtestamentische profetieën zo'n grote rol spelen. Gaat het in die profetieën werkelijk om de eindtijd? Moeten we onvervulde profetieën niet lezen in het raam van de tijd, waarin zij geschreven zijn, zonder daarbij vergaande conclusies te trekken naar onze tijd toe? En als er van die profetieën wat concreets valt te zeggen, betreft dat dan het duizendjarig rijk of de nieuwe aarde?

Natuurlijk komt Israël ter sprake. De schrijver zegt: joden en Grieken ontvangen rechtvaardiging uitsluitend op grond van het heil in Christus. In Hem ligt de belofte van eeuwig heil, ook voor Israël als volk. Over de antichrist zegt hij: we kunnen bijna niet ontkomen aan de conclusie dat de antichrist waarschijnlijk al onder ons is. Ik zou met zo'n conclusie oppassen. Medema is in de geschiedenis niet de eerste die dat heeft gezegd. En het is steeds anders uitgekomen.

In een apart aanhangsel gaat Medema nog eens grondig in op de opname van de gemeente. Hij heeft mij niet overtuigd. Waarom kunnen de genoemde teksten (o.a. 1 Thess. 4 : 16v) niet betrokken worden op de wederkomst en het aanbreken van de nieuwe hemel en de nieuwe aarde? Is het nodig om zo'n onderscheid te maken tussen het bazuingeschal in Matth. 24 : 31, 1 Kor. 15 : 52 en 1 Thess. 4? Dergelijke teksten spreken toch een eigen taal, zonder dat we de vervulling concreet kunnen invullen?

Ik haast me om te zeggen dat ik van harte deel wat de schrijver op blz. 121 zegt, dat exacte theologische overeenstemming nooit en te nimmer zo belangrijk kan zijn als hartelijke geloofsinstemming. Daarin geef ik de schrijver gaarne de hand. Jezus komt!

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 14 november 1996

De Waarheidsvriend | 20 Pagina's

Boekbespreking

Bekijk de hele uitgave van donderdag 14 november 1996

De Waarheidsvriend | 20 Pagina's