De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

Licht der lichten

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Licht der lichten

8 minuten leestijd

Kerst als schnabbel

Een Jiddisch woord voor een jaarlijks gebeuren in onze wereld. De herdenking van Jezus' geboorte wordt aangegrepen om iets bij te verdienen. De commercie eigent zich het christelijk feest toe om een misschien wat teleurstellend jaar alsnog om te buigen naar een positief eindresultaat.

Nauwelijks is daarom de 'goedheiligman' van het toneel verdwenen of zijn concurrent de kerstman treedt amechtig in zijn voetspoor. Wie de roe had verdiend en onder uit de zak kreeg, krijgt alsnog het alomvattend aanbod van vrede op aarde te horen. Wie niet zoet was, krijgt toch nog het 'lekkere' van kip en kalkoen, van een midweekvakantie dichtbij of iets soortgelijks in de sneeuw wat verder weg. We maken van het kerstfeest opium. Even uitstappen uit de jachtende trein van het leven. Even vakantie van alle zorgen en frustraties. Even de doodsnood van de wereld om ons heen vergeten. Kranten verschijnen een paar dagen niet. Berichten via radio en tv hoef je per se niet te horen of te zien. Een kerkgang (één slechts meestal!) hoort er uiteraard bij en dan liefst 's nachts want dat lijkt veel echter. Kerst als pauze, als roes, als opium, dus als zelfbedrog.

Maar opium verliest bij veelvuldig gebruik zijn uitwerking. Daarom moet de dosis , steeds verhoogd en aangepast worden aan de behoefte. Zo gaat de wereld veelal met kerst om. De vraag is wel of het aan de kerk helemaal voorbij gaat. Dan bedoel ik niet zozeer de vele kerstbijeenkomsten die wij op touw zetten. Die hebben voor veel ­mensen een functie. Daar hoeven we niet zo lacherig of negatief over te doen. Er is meer eenzaamheid dan we soms maar vermoeden in de wereld. Zeker in deze donkerste dagen van het jaar hoor ik soms mensen om me heen spreken van een 'rampmaand'. Dat klinkt negatiever dan het bedoeld is. Zo beleven mensen om ons heen dat wel. Daarom zijn die bijeenkomsten zo verkeerd nog niet.

Wat de opium betreft, gaat dat ons in de kerk niet aan? Soms heb ik het vermoeden dat de overvolle kerkdiensten op de morgen van de eerste kerstdag daar wel iets mee te maken hebben. Verkondig van het kerstevangelie als vorm van verdoving. Kerkgangers klagen dan soms na zo'n dienst dat het te weinig vrolijk was. Wat bedoelen we met die klacht? Wat is dan vrolijkheid? De blijde boodschap had in de kerstnacht de duisternis als achtergrond. Redding en Redder krijgen hun betekenis tegen de achtergrond van ons verloren bestaan.

Kerst en wereld

Als we het 'schnabbelen' met kerst veroordelen, blijft wel de vraag hoe het dan zit met het Kind van Bethlehem en de wereld. Is kerst louter een intern kerkelijk en christelijk gebeuren? Is het Evangelie slechts voor enkele ingewijden bestemd? Moet je van speciale huize komen om er zicht op en inzicht in te verkrijgen? Mag de wereld er zich dan helemaal niet mee bemoeien? En hebben we als christelijke gemeente niets te bieden naar de wereld toe?

In het kerstevangelie valt juist op hoezeer de boodschap van Jezus' geboorte gericht is op véél mensen. Engelen maken bekend dat er een 'blijde boodschap' te melden valt 'voor héél het volk'. Uiteraard wordt daar in eerste instantie het verbondsvolk Israël mee bedoeld. In de eerste hoorders en ontvangers van de blijde tijding heeft God Zijn hele volk op het oog. Als de herders het Kind hebben ontmoet, lopen ze niet stil en stiekem naar huis maar 'verkondigen alom het Woord dat er geschied is'. Er is dus niets geheims aan.

In een nog wijder perspectief dan de eerste drie evangelisten zet Johannes de komst van Jezus neer. Met hooggegrepen openingszinnen geeft hij dat aan. Hij is als de gids die de bezoekers van de grote domkerk niet alleen vanaf beneden laat rondzien, maar die hen vervolgens meeneemt via een steile trap naar boven. Vanuit de hoogte ontvangt de kathedraal nieuwe en onvermoede schoonheid en diepte.

Het vleesgeworden Woord komt van heel ver: in den beginne \yas het Woord. Het komt heel diep weg uit God Zelf. Het Woord was in den beginne bij God. In den beginne al was er de genadige beschikking van de Kunstenaar en Bouwmeester zich een wereld te scheppen die Hij nooit meer zou prijsgeven. In de oerchaos brengt God ordening aan en schept Zijn kosmos, de wereld. Kosmos betekent orde en is daarom sieraad. Handelend treedt God op en bedwingt de duisternis. Er zij licht, klinkt gebiedend en nodigend Gods scheppingsroep en daar werd licht.

Het vleesgeworden was er van meetaf bij betrokken. Alle dingen zijn immers door Hetzelve gemaakt. In Hetzelve was het Leven en het Leven was het Licht der mensen.

Echter, als een pikzwarte nacht en dreigende chaos daalt duisternis neer over Gods goede schepping. De val van de mens ruïneert in ernstige mate het schone bouwwerk van Gods hand. Maar de duisternis heeft nooit echt het Licht kunnen doven. God blijft de regie der dingen in Zijn handen houden. Daar al, zo begrijp ik althans Johannes, ligt het voorspel op kerst. God reageert op de dreigende terugkomst van de chaos met de belofte van herstel. Hij zet Zijn tegenoffensief terstond in.

Kerst: hoop voor de wereld

Als we dat niet zouden geloven? Waar was onze hoop, onze moed voor de wereld ook in 1996 toch gebleven? Je schrikt soms van de berusting in jezelf over het lot van de wereld om je heen. Berusting ondanks haar gebrokenheid. Berusting ondanks haar voortgaand ontzinken aan de kennis van haar Schepper. Je zoekt de schulp van groep, gezin en bond op. Of je kruipt weg in het veilig omhulsel van je eigen individualiteit. Ik ben ik en verder moet iedereen maar zien. Het wordt toch nooit anders. Er is geen werkelijke hoop meer voor zo'n gebroken wereld. Iemand heeft terecht het individualisme van onze tijd een vorm van wanhoop genoemd (ds. W. Dekker in: Het Licht overwint). Het Evangelie van kerst biedt mij in verkondiging en lied een andere visie op de wereld. De Schepper laat Zich Zijn schepping niet zomaar ontfutselen.

Alzo lief heeft God immers de wereld (Zijn kosmos) gehad dat Hij aan haar gegeven heeft Zijn Eniggeboren Zoon. En die gave zat er direct al in, wil Johannes zeggen. God hield Hem de hele geschiedenis van Zijn verbondsvolk door achter de hand. Zo bezien is kerst geen echte verrassing voor hen die God in Zijn hart hebben leren zien. Daarom waren er die de vertroosting van Israël verwachtten.

Zeker, Hij is gekomen tot het Zijne en de Zijnen hebben Hem niet aangenomen. De Zoon kwam tot het werk van Gods handen. Maar de wereld heeft Hem niet gekend en niet herkend. Dat heeft met de vijandschap van de wereld te maken. Ze hebben de duisternis liever gehad dan het Licht. Het heeft ook te maken met Zijn komen in incognito. De wereld heeft Hem niet onderkend. De afwijzing door Israël heeft alles te maken met de kruisgestalte van de Zoon. Uit 's werelds duist're wolken is een Licht der lichten opgegaan, maar tot Zijn schijnsel kwamen slechts enkelen. Maar ook daarvan mogen we weten: het zal niet zo zijn dat God het daarbij laat zitten. Via Israël komt de wereld aan de beurt. Met indrukmakende verhalen toont Lukas de gang van Christus door de wereld aan. Na de Zoon komt de Geest er ook nog aan te pas. God zet alles op alles om Zijn wereld van Zijn heilswil te overtuigen. En er komt een gemeente, er groeit een schare en er is een wereldwijde gemeenschap van volgelingen van Jezus. En we mogen tot onze troost geloven dat God ons nog voor de nodige verrassingen zal zetten. Het laatste bijbelboek overtuigt me van de glorie van het Lam, die reeds gebleken is. Maar ook van de glorie die nog blijken zal. Daarom dumpen we de wereld en de mensen die de Zoon niet erkennen niet op de afvalberg van de geschiedenis.

Want we kennen onszelf immers ook als wereld. God heeft Zijn wereld alzo lief opdat ze niet verloren ga. De weet het: opdat een ieder die in Hem gelooft. Het komt op die persoonlijke relatie aan. En dat is een werk in je leven van Gods Geest. Maar juist daarom is er hoop voor de wereld. Als gemeente leven we van het geheim van Gods ontferming. Het is de binnenpret (Van Ruler) die ons doet leven naar Jezus' beslissende dag.

Wie dezer dagen het Weihnachts Oratorium van J. S. Bach weer beluistert, komt onder de indruk van de jubelende openingstonen door het koor gezongen:

Jauchzet, frohlocket! auf, preiset die Tage!
Rühmet, was heute der Höchste getan!
Lasset das Zagen, verbannet die Klage,
Stimmet vol Jauchzen und Fröhlichkeit an!
Dienet dem Höchsten mit herrlichen Chören,
Laszt uns den Namen des Herrschers ehren!

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 26 december 1996

De Waarheidsvriend | 24 Pagina's

Licht der lichten

Bekijk de hele uitgave van donderdag 26 december 1996

De Waarheidsvriend | 24 Pagina's