De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

Hongaars onderwijs in de branding

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Hongaars onderwijs in de branding

12 minuten leestijd

Tijdens de reis, die we maakten in het kader van de Hulpaktie Hongaars Christelijk Onderwijs (HHCO), moesten we steeds vaker aan het beeld denken van een groot schip in de branding. Om verschillende redenen kan een schip in de branding komen. Door de opkomst van het socialisme en het communisme leed het christelijk onderwijs in Hongarije schipbreuk. Eeuwenlang waren de vele scholen en onderwijsinstellingen de 'trots' en ook de pijlers van de Hongaarse Gereformeerde Kerk. Beroemd waren de faculteiten van Debrecen, Sarospatak, Boedapest. Door de eeuwen heen waren er steeds weer tragische gebeurtenissen die de Hongaren overkwamen. Het volk werd gedeeltelijk overheerst door de Turken. Later was er de Habsburgse monarchie. Tijdens deze periode was er een sterke rooms-katholieke invloed vanuit het westen (Oostenrijk). Dit is bijvoorbeeld duidelijk te zien aan de kaart van het huidige Hongarije waarop de protestantse scholen van dit moment zijn aangegeven. In het westelijke district zijn er maar een paar protestants christelijke scholen.

Na de Eerste Wereldoorlog kwam er een eind aan het zgn. 'Groot-Hongarije'. In 1919 werd er in Trianon (vlakbij Parijs) door de toenmalige geallieerden een verdrag gesloten. Dit verdrag bepaalde de nieuwe grenzen van het huidige Hongarije. Als gevolg van deze nieuwe grenzen wonen nu grote groepen Hongaren in Roemenië (in Transsylvanië), in Slowakije, in de Oekraïne (de Unter Karpaten) en tenslotte nog een (inmiddels) kleine groep in ex-Joegoslavië. Door de nieuwe grensbepalingen van Trianon kwamen op deze wijze meer dan 900 scholen van de Ref. Kerk buiten het huidige Hongarije te liggen. Deze scholen kregen te maken met nieuwe overheden, met alle gevolgen van dien. Door de opkomst van het communisme raakte de Hongaarse Geref. Kerk tenslotte al haar scholen en opleidingsinstituten kwijt. In 1948 was dit het geval. Van de scholen van voor de Eerste Wereldoorlog bleef er na 1952 maar één over. Op deze wijze leed het befaamde Hongaars christelijke onderwijs uiteindelijk finaal schipbreuk. De gevolgen voor kerk en maatschappij zijn zichtbaar.

Onderwijs weer in de branding

Direct na de Wende in 1989 ontstond een nieuwe situatie voor de kerken. Na de eerste verwarring werden er ook in de Hongaarse Geref. Kerk verkiezingen gehouden. Elke zes jaar worden de vier bisschoppen, voor elk kerkdistrict één, gekozen. Eén van hen, dr. Hegedüs Lorant, werd de voorzitter van de algemene synode. Hij nam direct na zijn aantreden het voortouw om de verloren gegane kerkelijke scholen weer terug te krijgen. Dit resulteerde in een enorme juridische strijd om alle vroegere bezittingen en rechten weer terug te krijgen. Dr. Hegedüs Lorant vertelde dat alles op alles werd gezet om zoveel mogelijk van de doelstelling te realiseren met de toenmalige eerste democratisch gekozen regering.

Door de inspanningen van het eerste uur kon het schip weer vlot getrokken worden en kon een nieuwe koers uitgezet worden. Maar als je een schip vlot trekt, moet je weer door de branding voordat je in volle zee komt. Vooralsnog ben je dan nog niet uit de gevarenzone. Je kunt zelfs weer teruggeworpen worden. Hieraan moesten we denken tijdens de studiereis die we als vier bestuursleden van de stichting Hulp Oost Europa (HOE) maakten, enige weken geleden. Men vertelde van de nieuwe regeringspolitiek (sinds twee jaar is er een andere regeringscoalitie). Er zijn grote zorgen over de bekostiging van de scholen: er zijn wel afspraken, maar deze worden slecht nagekomen. Maar er zijn ook tekenen van hoop. In dit eerste artikel willen we graag wat van onze bevindingen vertellen. Dit ook ter ondersteuning van de hulpactie HHCO waaraan samen met de organisatie ETI wordt gewerkt.

Het belang van christelijk onderwijs

Tijdens de diverse gesprekken met leiders in de Ref. Kerk werden ons de hoofdlijnen van het beleid duidelijk gemaakt. Vanaf het begin van de Reformatie, die zo diep doordrong in Europa (tot aan de bergen van Transsylvanië in Roemenië) heeft men het belang van christelijk onderwijs ingezien. Al in 1531 werd in Papa door de kerk van de Reformatie een christelijk gymnasium gesticht. Korte tijd later werden er in Debrecen en Sarospatak en in andere steden ook instituten opgericht. Deze instituten vormden de ruggengraat van het calvinisme in Midden-en Oost-Europa. Op deze wijze kon de kerk en de maatschappij opgebouwd worden. De huidige kerkleiding ziet het als haar opdracht om ook nu de scholen weer dezelfde functie te geven als gedurende de laatste honderden jaren. Ook nu moet de maatschappij (wat de moraal en ethiek betreft) weer opgebouwd worden. Voor een voortgaande lijn van de Reformatie zijn de protestantese scholen van de Hongaarse Geref. Kerk onontbeerlijk. Op deze wijze verwoordt de kerkleiding haar 'verheven' doelstelling. Men doet ook een appèl op de andere calvinistische kerken in Europa. 'In zowel Oost als West zijn we verantwoordelijk voor de voortgaande verkondiging van Gods Woord in kerk en maatschappij', aldus dr. Hegedüs Lorant.

Politieke ontwikkelingen

Veel mensen in het Westen hebben van Hongarije een positief beeld. De berichten over andere voormalige Oostbloklanden zijn inderdaad veelal somberder. Van Hongarije krijg je in eerste instantie een heel westers beeld. Zeker de laatste jaren verandert het 'zichtbare beeld' heel snel. Als je vanuit Wenen richting Boedapest rijdt, merk je de westerse invloed. Over een prachtige nieuwe autobaan (tolweg) met (te grote) tankstations ben je zo in de Hongaarse hoofdstad. Veel dure auto's met Hongaarse nummerplaten zullen je passeren. Dit zijn veelal de 'nieuwe rijken'. Iemand zei hierover: 'de oude communistische leiders (op diverse niveaus) zijn nu de nieuwe kapitalisten'. Dit heeft voornamelijk te maken met alle perikelen rond de privatisering. De privatisering is in fasen uitgevoerd en duurt nog steeds voort. De eerste ronde werd direct na de Wende uitgevoerd. Op lokaal niveau werden allerlei bedrijfjes en bedrijven geprivatiseerd. Toen ging er van alles mis. Velen hebben zich in deze periode ten onrechte verrijkt ten koste van gemeenschapsgeld. Op veel grotere schaal wordt er op dit moment geprivatiseerd. De energiesector bijvoorbeeld is volledig aan westerse bedrijven verkocht. Hiervoor is volgens insiders veel te weinig geld betaald. Ook zijn hoge rendementen bedongen. Die leiden nu tot prijsverhogingen die vele gezinnen in de problemen zullen rbengen. Op deze wijze vloeit er veel geld weg uit Hongarije. Er is een veel te ruime valutawetgeving, die deze nadelige effecten van de privatisering niet kan voorkomen. We vroegen: hoe zit het dan met de oppositie? Meerdere gesprekspartners vertelden dat de oppositie inmiddels weer heel erg verdeeld en verzwakt is. Tijdens één van de gesprekken werd zelfs gezegd: 'er is feitelijk in Hongarije geen oppositie van betekenis: de huidige regeringscoalitie (sociaal-democraten en liberalen) heeft vrij spel'. De media zijn kennelijk ook in handen van de huidige regering. De media wordt verweten dat men een veel te positief beeld over Hongarije in het Westen neerzet. De feitelijke problemen in de Hongaarse politiek, de economie en maatschappij zijn onvoldoende bekend in het Westen. De zich verslechterende toestand in Hongarije werd door diverse gesprekspartners uitvoerig toegelicht. Het is op straat trouwens wel degelijk te zien: de armoede en verloedering is duidelijk te zien. Helaas heeft de gecompliceerde politieke en economische situatie ook zijn weerslag op de inspanning van de kerk om de scholen weer op te bouwen. Het kost de kerkleiding steeds meer moeite om de belangen te behartigen. Het kost meer en meer moeite om de rëgering aan haar beloften te houden.

Bekostiging van het onderwijs

In 1991 is er met de toenmalige regering een nieuwe onderwijswet overeengekomen. Deze wet en overeenkomst regelt o.a. de financiering van het christelijk onderwijs. De staat betaaldt ongeveer 64% van het benodigde geld voor de schoolexploitatie. Op lokaal niveau moet de overheid dit aanvullen. Daar waar hieraan niet wordt voldaan, zal de centrale overheid compenseren. Hiervan komt in de praktijk niets terecht. In een recente wet zijn de kerken (de vier hoofdkerken, rooms-katholiek, luthers, gereformeerd en de joodse gemeenschap) met de regering overeengekomen een financiële bijdrage van 950 miljoen forint (ruim 10.5 miljoen gulden). Dit moet dan eerst verdeeld worden over de vier kerken en binnen de Hongaarse Geref. Kerk wordt het dan verdeeld over 90 scholen en 18.000 leerlingen. Dit bedrag is voor heel veel scholen volstrekt ontoereikend. Het genoemde bedrag is echter het 1996-bedrag: hoe het in 1997 zal gaan is nog onduidelijk. Met betrekking tot de feitelijke kosten van het onderwijs is er verkeerde informatie in de publiciteit gekomen. De Hongaarse Geref. Kerk heeft hierop haar eigen berekeningen gemaakt en hier publiciteit aan gegeven. Het bovenstaande geeft aan dat de kerk een ware schoolstrijd moet voeren en dat er nog veel onzekerheid is voor de toekomstige financiering van het christelijk onderwijs.

In de periode dat wij in Hongarije diverse gesprekken voerden en meerdere scholen bezochten was er een aantal schandalen op hoog niveau. Het was precies in de week waarin de opstand in 1956 herdacht werd. Er waren heftige gesprekken: welke groep heeft er recht op de opstand te vieren? En is er wel reden tot feestvieren als er op hoog niveau zoveel (financieel en economisch) mis gaat? In het begin van onze studieweek vertelde iemand dat de regering het genoemde bedrag van 950 miljoen forinten nog steeds moest betalen. Het zou onduidelijk zijn of dit geld nu wel of niet zou komen. Later in de week vertelde een ander dat dit bedrag waar de kerken nog steeds recht op hebben opnieuw was toegezegd. De hoop wordt in toenemende mate gevestigd op een andere regering. Zo niet, 'dan is onze toekomst nog heel zorgelijk', zo vertelde een schooldirecteur. Met zoveel onduidelijkheid in de bekostiging kun je nauwelijks goede meerjarenplannen maken.

Kwantiteit of kwaliteit

De bovengenoemde zorg rond de bekostiging van het christelijk onderwijs betreft de financiering van de exploitatie van een 'normaal' functionerende school. De Hongaarse kerk wordt echter bij de wederopbouw van het onderwijs vaak geconfronteerd met lege en vervallen gebouwen. De meeste scholen die men na veel moeite weer teruggekregen heeft van de overheden, verkeren in een erbarmelijke staat. Het gymnasium in Papa bijvoorbeeld werd leeg en met heel veel achterstallig onderhoud overgedragen. Ook in Miskolc was dit het geval. En zo zijn er nog vele voorbeelden. Men moet weer helemaal van de grond af alles opbouwen. De aankoop van allerlei basisvoorzieningen moet men in de kerk zelf bekostigen. Daarom is hulp vanuit het buitenland onmisbaar. Veel scholen moeten eerst 'op het paard geholpen worden'. We vroegen hoeveel scholen men dan wel denkt terug te krijgen als kerk en hoeveel men zelf financieel aankan (een typisch Nederlandse vraag natuurlijk). Op dit moment zijn er ongeveer 90 scholen en instituten terug onder de verantwoordelijkheid van de Ref. kerk. De mogelijkheden om dit aantal uit te breiden zijn uitgeput. De opbouw van de scholen. Op veel plaatsen wordt hard gewerkt aan het verkrijgen van de benodigde basisvoorzieningen. Zo snel mogelijk probeert men zich te onderscheiden van de staatsscholen. In Papa is de directeur er trots op dat zijn docententeam heel hard werkt en veel onbetaalde overuren maakt om de school op een goed niveau te brengen. Meerdere scholen slagen daar reeds in zoals in Papa. Het gevolg is een forse toename van leerlingen. In toenemende mate zien ouders dat een christelijke school een 'plus' heeft: het onderwijzend personeel is veel meer betrokken en gemotiveerd en men houdt van kinderen. Het belangrijkste is echter dat ouders in toenemende mate het belang inzien van de overdracht van de bijbelse boodschap. Omdat er zoveel moreel verval is in het maatschappelijke leven ziet men steeds meer de noodzaak van de overdracht van bijbelse normen en waarden. Dit roept echter wel de vraag op, hoe de Hongaren hieraan op de scholen invulling willen geven. In tegenstelling tot de Nederlandse situatie heeft men nog weinig goede christelijke methoden. Heel veel docenten zijn voor de kernverantwoordelijkheid nog onvoldoende toegerust. Trouwens, een insider vertelde dat op dit moment ruim de helft van de docenten kerkelijk meelevend is. Dit aantal groeit gelukkig wel. Dit komt omdat de kerk meerdere staatsscholen moest overnemen met de voltallige docententeams: alleen de directiefuncties werden in het begin opnieuw bemand.

De Hongaren vroegen ons indringend om vanuit Nederland te helpen. Het Hongaarse christelijke onderwijs is nog maar een jaar of 6 'jong'. Vanuit de Nederlandse situatie kunnen we putten uit meer dan 150 jaar vrijheid voor het christelijk onderwijs. Er zijn talloze specialisten, diverse onderwijsorganisaties en veel actief meelevende gemeenteleden in de achterban van onder andere HOE die in het onderwijs werkzaam zijn. De Stichting Hulp Oost Europa werkt voornamelijk voor de Hongaars sprekende reformatorische kerken en gemeenteleden in Midden en Oost Europa. Velen van hen zijn betrokken bij de opbouw van het christelijk onderwijs. Daarom wil HOE zich de komende periode actief inzetten om het Hongaarse christelijke onderwijs mee op te bouwen. We kunnen dit echter niet alleen. We zien het als onvermijdelijk om met andere Nederlandse organisaties samen te werken. De Hongaren vragen hier ook nadrukkelijk om. In een volgend artikel willen we hier verder op ingaan.

Opbouwen

Op de terugweg spraken we over de opdracht die de oudtestamentische leiders, Ezra en Nehemia kregen. Zij moesten op de puinhopen van de verwoeste stad Jeruzalem zowel de tempel als de stadsmuren weer opbouwen. De wijze waarop zij hun opdracht vervulden is opmerkelijk. De volgorde van hun handelen is niet willekeurig. Er waren momenten van verootmoediging (daar begon het steeds mee). Ook momenten van 'slim en tactisch' handelen. Soms werkte men met het zwaard in de hand. Onder alle omstandigheden waren het echter biddende leiders, die de werkers voorgingen in verootmoediging en afhankelijkheid. Met dankbaarheid reden we terug naar Nederland: op vaak eenzame posten spraken we met Hongaren, die op dezelfde wijze willen werken. Laten we veel voor hen bidden en hen bijstaan waar mogelijk. Wilt u meedoen? Met elkaar kunnen we als Nederlandse christenen eraan meehelpen te voorkomen dat het schip dat moeizaam door de branding wordt getrokken vroegtijdig schipbreuk lijdt.

Nunspeet F. A. van den Berg (bestuurslid Stichting Hulp Oost Europa)

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 6 februari 1997

De Waarheidsvriend | 16 Pagina's

Hongaars onderwijs in de branding

Bekijk de hele uitgave van donderdag 6 februari 1997

De Waarheidsvriend | 16 Pagina's