Innerlijke ontvankelijkheid (2)
De vorige keer hebben we gezien dat niemand van nature ontvankelijk is voor het evangelie. Maar we hebben ook gezien dat de Heilige Geest ontvankelijk kan maken. Dat kan door allerlei situaties. Door zorgen, moeite, verdriet, als mensen vastgelopen zijn, enz. De gevangenbewaarder in Filippi was ontvankelijk voor het evangelie toen hij op het punt stond zichzelf te doden en door Paulus tot de orde geroepen werd. De stadhouder Sergius Paulus, die zeer het Woord van God zocht te horen, (Hand. 13 : 7), eveneens, al weten we niet hoe hij daartoe is gekomen.
Zo kan het ook in onze tijd zijn. Misschien moeten we zelfs zeggen: zo is het juist bij velen in onze tijd. Aan de ene kant niet. Er is nog nooit zoveel ongeïnteresseerdheid voor het evangelie geweest als in onze tijd. Het gaat velen goed, men kan best zonder God en Zijn gebod. Maar aan de andere kant wel. Leeft er heimelijk op de bodem van het hart van veel mensen misschien wat Augustinus zegt in zijn 'Belijdenissen': 'Onrustig is ons hart totdat het rust vindt in U, o God'.
Onze tijd
Het is opvallend dat ondanks de toenemende onkerkelijkheid religie in onze tijd weer 'in' is. Men moet maar eens in een al of niet christelijke boekwinkel of in een Openbare bibliotheek rondkijken hoe groot het aanbod religieuze boeken is: theologie, esoteric (de leer van de geheime dingen), geesten, engelen. En die boeken worden uitgeleend (of in de boekwinkel verkocht) ook.
Hoe komt dat? Komt dat omdat mensen, die met God niet of nauwelijks rekenen, een innerlijke leegte ervaren, die gevuld moet worden? Heeft het iets met het woord van Augustinus te maken over een onrustig hart, dat pas rust kan vinden als men van Hogere waarden weet?
De vraag is of zulke mensen ontvankelijk zijn voor het evangelie. Een innerlijke leegte is namelijk wat anders dan innerlijke ontvankelijkheid. Mensen kunnen het zoeken in vormen van spiritualiteit die weinig of niets met het evangelie te maken hebben. Of ze verdiepen zich in de geesten-of engelenwereld, of die hun rust kan geven. Mensen zijn op zoek naar ervaring. Maar is dat de Godservaring, waarvan in de Heilige Schrift sprake is? Toch kan dat een invalspoort zijn voor het evangelie. Ik denk aan Paulus op de Areopagus (Handelingen 17). De Atheners waren alleszins godsdienstig. Paulus spreekt ze aan in hun situatie en buigt naar hen toe zonder mee te buigen. Zo zullen we in onze tijd ook moeten doen. We zullen mensen voorzichtig maar beslist moeten zeggen, dat de spiritualiteit van de eigen ervaring geen begaanbare weg is, maar dat er een andere weg is. De Weg, Jezus Christus, van Wie de Heilige Schrift getuigt.
Op zoek
Het kan ook zijn dat mensen op zoek zijn.
Hun zoeken moet echter in goede banen geleid worden. Dat in goede banen leiden is werk van de Heilige Geest. Maar de Heilige Geest wil er mensen voor gebruiken. We zouden deze mensen een Bijbel kunnen aanreiken. We zouden hun kunnen zeggen dat we in de Bijbel bij de Bron zijn. We zouden hen kunnen zeggen, dat het in die Bron gaat om dè Bron, Jezus Christus. Het is mijn ervaring dat mensen zeer geboeid kunnen zijn door de historische Jezus. Wat een mogelijkheden zijn er dan niet om hen verder te brengen, omdat de historische Jezus niet is los te maken van het waarom van Zijn komst op aarde en van Zijn Middelaarswerk.
Gesloten harten
Het evangelie kan ook afstuiten op harde harten. Zo was het met velen in Athene. Zo is het ook in onze tijd. Er zijn streken in ons land waar het evangelie geen weerklank lijkt te vinden, omdat men tientallen jaren lang is grootgebracht bij de gedachte dat de mens van nature goed is. Er zijn mensen bij wie het eeuwigheidsbesef weg is. In vroegere jaren, als mensen oud werden, 'kwam het erop aan', men ging nadenken over leven, sterven en eeuwig leven. Nu zijn er velen bij wie sterven en eeuwig leven geen enkele diepere gedachte oproept. We zullen dan aan de boodschap van het evangelie geen afbreuk mogen doen. Ook voor zulke mensen geldt dat Jezus de Weg, de Waarheid en het Leven is, en dat niemand tot de Vader komt dan door Hem.
Vastgelopen
Het kan ook zijn, dat mensen in diepe geestelijke nood verkeren. Hoevelen zijn er zo niet in onze tijd! Mensen kunnen vastgelopen zijn door relationele of huwelijksmoeilijkheden of door de werksituatie, of omdat er geen werk is. Anderen liepen vast zoals de verloren zoon, ergens nog wetend van een Vader, maar toch anders dan de verloren zoon, omdat men niet weet wie die Vader is. Hoeveel eenzaamheid wordt er ook niet geleden. Hoeveel mensen hunkeren naar een goed woord, dat ze zelden ontvangen.
Juist dan kan er ontvankelijkheid zijn voor het evangelie. Wat is het dan uiterst belangrijk een luisterend oor (en hart!) te hebben.
Wat is ook de kwaliteit van de gemeente belangrijk. De gemeente dient een open gemeente te zijn, met een oog en een hart voor anderen. We moeten de benadering van mensen in dergelijke situaties niet aan evangelisatiewerkers of - werksters overlaten, maar de gemeente dient zelf tot een hand en een voet voor anderen te zijn.
Daarbij is de boodschap van de rechtvaardiging door het geloof van het hoogste belang. Mensen, die in diepe geestelijke nood verkeren, mogen (op)horen van de bevrijdende en de vernieuwende kracht van het evangelie. Niemand hoeft zo vastgelopen te zijn dat het evangelie niet voor hem of haar zou zijn. Daar zijn in de Bijbel vele voorbeelden van. We mogen weten dat de boodschap van Gods genade voor zondaren, voor goddelozen, een boodschap is die mensen in hun diepste wezen kan raken, omdat het een boodschap is van Jezus Christus, Die onze hoop is (1 Tim. 1 : 1).
We kunnen daarbij ook denken aan de Psalmen. In de Psalmen zien we mensen in allerlei situaties: vastgelopen in de zonde, in verdriet, in moeite, in eenzaamheid, in Godsverlating, met schuld. Maar juist de Psalmen laten zien dat God meerder is dan al die situaties.
We kunnen ook denken aan het geestelijk lied, dat mensen misschien nog weten van vroeger. Er mag gezegd worden, dat het waar is: ie in 't stof ligt neergebogen - wordt door Hem weer opgericht. En: eveel gerust uw wegen - al wat u 't harte deert - der trouwe hoede en zegen - van Hem Die 't al regeert. En: o iemand zijn zonden belijdt. God is getrouw en rechtvaardig, dat Hij hem de zonden vergeeft en hem reinigt van alle ongerechtigheid; en het bloed van Jezus Christus, Gods Zoon, reinigt van alle zonden (1 Joh. 1 : 7-9).
Onze Cultuur
Onze cultuur is in zekere zin nog een christelijke cultuur. Vele vormen van muziek en bijvoorbeeld de schilderkunst zijn niet los te maken van het evangelie. Ik denk aan een schilderij van Matthias Grünewald, waarop Johannes de Doper indringend naar de gekruisigde Christus wijst. Zulke schilderstukken mogen ook mensen in onze tijd aanspreken. Ik denk ook aan het indringend gesprek dat ik eens had met iemand, die onkerkelijk was, maar niet los kwam van de woorden van de Mattheüspassion: zie Hem als een Lam, zie Zijn geduld, zie onze schuld, zie Hem gehoorzaam de kruispaal dragen.
Innerlijke ontvankelijkheid? Het is bij de mens van nature niet te vinden. Maar het kan er wel zijn. De Heilige Geest kan in het verborgen voorbereidend werk doen, zodat mensen ontvankelijk worden voor het evangelie. Het is zeer de moeite waard, dat mensen dat evangelie dan ook horen. Want het evangelie is een kracht Gods tot zaligheid voor ieder die gelooft.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 6 maart 1997
De Waarheidsvriend | 16 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 6 maart 1997
De Waarheidsvriend | 16 Pagina's