Stem in de stilte
In één van de middelgrote steden in dit land was een hervormde wijkgemeente in grote problemen gekomen. Er dreigden besluiten te worden genomen, die uitermate schadelijk waren voor de voortgang van het gemeentelijk leven, vooral van de prediking. Op een bepaald moment leek het doek te zijn gevallen. Was alles dan hopeloos? In zo'n situatie kan de Heere Zich kenbaar maken. In de zin van: 'Ik zal voor u strijden en gij zult stil zijn'. Even later keerden de kansen, heel radicaal zelfs. Er kwam een doorbraak, waar zelfs geen opening meer leek te zijn.
Moet dit niet een les zijn - zo luidde de vraag - in de kerkelijke verwikkelingen vandaag? Eigenlijk moest het altijd zo toegaan in kerk en gemeente. Zeker, mensen dragen hun verantwoordelijkheid en worden mede ingezet voor de voortgang van het kerkelijk en gemeentelijke leven. De Heere neemt mensen in Zijn dienst. Maar hoe vaak realiseren we ons nog écht, dat de kerk in handen is van Christus: dat de kerk 'des Heeren' is?
De Heere heeft Zijn kerk al twintig eeuwen in stand gehouden en gaat tot vandaag door met het kerkvergaderende werk van de Heilige Geest. Christus kan en zal zonder onderdanen niet zijn. De Heilige Geest werft de eeuwen door toch al wereldwijd onderdanen voor Christus als de Koning.
Stilte
In het rumoer en de veelstemmigheid binnen de kerken kunnen we vaak nauwelijks nog de stem van God vernemen. Die stem is niet in de storm, maar in het suizen van een zachte stilte. De jacht en de stress van de tijd ontnemen ons vaak de stilte. Maar niet minder ook het ego-denken, de mondigheid: ik ben er ook nog. Hebben we niet meer dan ooit de stilte, in de verborgen omgang met de Heere in Zijn Woord, nodig om Gods Stem nog weer (op)nieuw te horen in deze tijd, waarin zoveel van de ankers wordt losgeslagen?
We lezen in de Schrift, dat het in de dagen van koning Asa tien jaar stil was in het land. Dat betekent uiteraard, dat er geen oorlog was. Van Asa lezen we intussen, dat hij goed deed in de ogen des Heeren, maar ook dat Hij met Zijn God in gesprek was: En Asa riep tot de Heere, Zijn God, en zei: Heere, het is niets bij U, te helpen hetzij de machtige, hetzij de krachteloze; help ons, o Heere, onze God! Want wij steunen op U, en in Uw Naam zijn wij gekomen tegen deze menigte; o Heere! Gij zijt onze God; laat de sterfelijke mens tegen U niets vermogen' (2 Kron. 14 : 11).
Asa heeft hier zelfs de heilige vermetelheid om te zeggen, dat, wanneer de vijand zich tegen hém keert, deze zich ook tegen God keert.
Tien jaar was het land stil, enerzijds omdat Asa geen compromis sloot met de afgoden maar anderzijds omdat hij vertrouwelijk omging met Zijn God. De stilte was 'een beloning voor zijn vroomheid en hervorming', zegt Matthew Henry. En tot zijn volk zei hij: laten we bouwen, laten we bezig zijn.
Is dit niet een les voor de kerk? Hoe wordt de kerk geestelijk gebouwd? In Handelingen 9 vers 31 lezen we: 'De gemeenten dan, door geheel Judea en Galilea, en Samaria, hadden vrede, en werden gesticht; en wandelende in de vreze des Heeren, en de vertroosting van de Heilige Geest, werden ze vermenigvuldigd'. Voor de opbouw en de uitbouw van de gemeente is nodig vrede en vreze des Heeren. Strijd kan geestelijk verlammen.
Bij Asa lezen we hetzelfde. Hij zei: laat ons de steden bouwen, 'terwijl het land nog is voor ons aangezicht; want wij hebben de Heere, onze God gezocht, wij hebben Hem gezocht, en Hij heeft ons rondom heen rust gegeven' (2 Kron. 14 : 7).
'Zo bouwden zij en hadden voorspoed.' En als Asa dan pleit en vertrouwt op Zijn God, wanneer de vijand tegen hem oprukt, zegt hij niet, dat de Heere wel zijn zijde moet kiezen omdat hij zo'n goed leger heeft opgebouwd, maar hij bidt: kies onze zijde, want zonder U hebben wij geen kracht.
Moeten zo ook niet alle kerkelijke programs en protesten en acties stuk breken, wanneer wij niet in onze machteloosheid en krachteloosheid met lege handen voor God treden? Hij zal toch instaan voor Zijn eigen werk? !
De dauw
Daar is ook dat andere Schriftwoord: Ik zal Israël zijn als de dauw' (Hos. 14 : 6). Israël was tevoren dor, zegt Calvijn, omdat ze waren beroofd van de genade van God: Hoe kunnen rozen en lelies bloeien, als zij geen vocht van de hemel inzuigen en als de dauw niet de aarde tot leven brengt, zodat zij groeikracht kunnen ontwikkelen? '
De dauw, de stille dauw van de Geest geeft groeikracht. Calvijn zegt, dat de profeet hier tweeërlei uitwerking van de zegen Gods aan Israël noemt: hun herstel zal onverwacht komen, zodra Gods genade als een dauw op hen neerdruppelt; en hun geluk zal niet tijdelijk van aard zijn maar duurzaam en bestendig. 'God belooft een dagelijks toenemen van Zijn zegen, nadat Hij eenmaal is begonnen Zich mild te tonen jegens Israël', zegt hij. Dat betekent groei in de diepte, tot in de wortels. Matthew Henry zegt bij dat Schriftwoord: 'Geestelijke groei bestaat het meest in de groei van de wortel, die uit het gezicht is.' Voor groei en opbouw van de gemeente is dauw van de Heilige Geest nodig. Daarom zijn we vandaag verlegen!
Er gebeurt in kerk en gemeente veel, waarvan men zich moet afvragen of het wel geestelijk zoden aan de dijk zet. Onderlinge twisten en onrust echter bevorderen zeker niet de geestelijke groei maar stichten slechts verwarring. In hoeveel gemeenten, om niet te zeggen in het geheel van de kerk, is er niet sprake van ontstellende verwarring, omdat terwijl de vrede en de geestelijke stilte ontbreken? ! Stilte mag hier uiteraard niet worden opgevat als stilte van het graf. Er kan ook doodse stilte zijn, die onheilspellend is. Ik bedoel echter de stilte als inwachting van de Heilige Geest, die levendmakend en vernieuwend werkt en die Gods Stem hoorbaar doet zijn.
Zou ook vandaag niet het woord van Christus ons op het hart geschreven moeten zijn , dat hij sprak tot Martha: 'Gij verontrust u over vele dingen, maar een ding is nodig'?
Geloof
Er is een groeiende geestelijke nood en verarming in de breedte van de kerken, die onze eerste zorg mag hebben. Toen ik in deze kolommen twee weken geleden schreef over 'Geloof - de vrijblijvendheid voorbij' kwamen daarop vele reacties. Zonder predikanten persoonlijk in gebreke te stellen wordt allerwegen een crisis in de volmacht en de overdracht van de prediking en een geestelijke dorheid in gemeenten geconstateerd. Die geestelijke ingezonkenheid wordt inmiddels nog bevorderd wanneer zich daar bitterheid bij voegt, vanwege onrust, die in de gemeente wordt gezaaid, door onderling gekrakeel ook van herders van de gemeente. Het belemmert het horen van de Stem.
Enige dagen nadat ik het betreffende artikel had geschreven, las ik in het Reformatorisch Dagblad een verslag van een lezing van prof. dr. ir. J. Blaauwendraad, behorend tot de Gereformeerde Gemeenten, voor de Vereniging voor Gereformeerd Schoolonderwijs. Daarin was dezelfde zorg te onderkennen. Hij sprak in verband met 'Internet' over de 'Technopolis', de stad van de techniek, waarin we leven. Het verslag stond onder de titel 'Alleen geloof beschermt tegen gevaren van Internet'. In het verslag van de lezing, die het RD als 'verrassend' omschreef, kwam Blaauwendraad ook te spreken over 'de grauwheid' in de gereformeerde gezindte, die volgens hem vooral te wijten is aan de prediking, omdat er vaak geen passie is om te wekken tot geloof. Hij vroeg: 'Zijn we echte christenen? Leiden we onze kinderen tot Christus? Hebben we christelijke scholen of christenscholen? '
We hebben meer dan ooit nodig aandacht voor de geestelijke opbouw van de gemeente. Deze kan worden gefrustreerd doordat het niet meer stil is, niet meer geestelijk stil, zodat de overdenking niet meer tot z'n recht kan komen en de stem des Heeren niet meer kan worden hoord.
Het zijn meestal de stillen in den lande, die de kerk en de gemeente, die met name ook de jonge generatie op het hart dragen en aan God opdragen en echt geestelijke zorg hebben om de kerk en de gemeente. De laatste jaren is me zo vaak opgevallen, dat de meest 'bevindelijken' ook het diepst vertrouwen, dat het de Heere is, die Zijn kerk zal leiden en voortleiden.
We hebben behoefte aan mensen, die in oprecht geloof en diepe afhankelijkheid de gebedsworsteling kennen voor de kerk en voor de gemeenten.
Voor stille vroomheid heeft de krant geen belangstelling. Die moet (het van) nieuws hebben, ook van kerkelijk nieuws. En als er geen nieuws is, wordt er nieuws gemaakt.
Ten tijde van Asa was er weinig nieuws te vertellen. Het was stil in het land, maar de stilte was wel vruchtbaar. Het volk werd gebouwd en versterkt en gesterkt voor de échte strijd tegen de échte vijand. Waar liggen vandaag onze fronten?
'Want alzo zegt de Heere Heere, de Heilige Israels: door wederkering en rust zoudt gij behouden worden, in stilheid en vertrouwen zou uw sterkte zijn'. (Jes. 30 : 15). 'Doch gij hebt niet gewild'!?
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 mei 1997
De Waarheidsvriend | 16 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 mei 1997
De Waarheidsvriend | 16 Pagina's