Klein en als tot niet gekomen in de ogen der mensen
De kerk naar het jaar 2020
In het Verdrag van Amsterdam, waarover dezer dagen zo veel te doen is geweest, wordt de status van de kerken in Europa erkend. Gesproken wordt over de maatschappelijke functie van de kerken. Hoe de korte passage in het verdrag, met name naar de lidstaten toe, moet worden geïnterpreteerd en uitgewerkt is niet duidelijk. De uitspraak maakt wat mij betreft echter twee soorten gevoelens los.
Hoe ver zal het gaan met de inmenging van 'Europa' als het gaat om de positie van de kerken in de onderscheiden Europese landen? Moet 'Europa' de kerken erkennen? En over welke kerken hebben we het dan? De Rooms Katholieke Kerk is in vele Europese landen dominerend. Maar, in de tweede plaats: is de kerk louter een maatschappelijke grootheid of is ze van eigen orde en heeft ze een van alle organisaties onderscheiden roeping?
Positief mag worden gewaardeerd, dat, in onderscheiding van het Verdrag van Maastricht, nu wel over de kerken gesproken wordt. Ze zijn nog in beeld. Uiterst zorgwekkend mag het heten, dat de Nederlandse regering eerder heeft tegengewerkt dan meegewerkt bij het totstandkomen van deze verklaring. In de pers was zelfs te lezen, dat staatssecretaris Patijn zich 'met hand en tand heeft verzet'. Wat moet dat betekenen voor de kerk onder 'paars' in de nabije toekomst?
Wanneer echter de kerk een maatschappelijke organisatie zou zijn, zou te vrezen zijn. Maar wat van geen maatschappelijke organisatie geldt, geldt van de kerk: ze heeft een Koning, die tevens, haar Hoofd is.
Klein
Over welke kerk(en) spreken we in dit land? Dezer dagen verscheen opnieuw een prognose van het Sociaal Cultureel Planbureau (zie ook Globaal Bekeken). Gezegd wordt, dat het aantal mensen, dat lid is van een kerkgenootschap, tussen 1958 en 1995 is afgenomen van 75% tot 40%. Naar verwachting zal in het jaar 2020 73% van de bevolking buitenkerkelijk zijn (nu 59%). Verder zal 10% van de bevolking rooms katholiek zijn (nu 20%), 7% zal behoren tot de islam (nu 2%), 4% zal Nederlands Hervormd zijn (nu 9%), 3% gereformeerd (nu 6%) - SoW ligt kennelijk nog buiten het blikveld - en 4% zal, net als nu, lid zijn van een ander kerkgenootschap. De prognose is ook, dat de vrijzinnigheid aanmerkelijk zal zijn toegenomen. Letterlijk wordt gezegd:
'Het zijn vooral de optimistische kanten van het christelijk geloof die nog worden onderschreven: het geloof in een leven na de dood, een hemel, de zinvolheid van het gebed. Veel minder bijval is er voor het bestaan van de hel of de duivel. Het aantal Nederlanders met orthodoxe denkbeelden daalt. Toch manifesteert de christelijke orthodoxie zich, bijvoorbeeld via de EO, duidelijk in de samenleving. Hierbij is geen sprake van een nieuwe toestroom naar de orthodoxie, in de vorm van een nieuwe religieuze golf. Het gaat hier om een mobilisatie en een hechtere organisatie van een categorie gelovigen uit orthodox protestantse kring die al langer in de Nederlandse samenleving aanwezig is.'
Bezorgd?
Schokkende cijfers!? Ook nu zeggen we, dat de toekomst van de kerk niet bepaald wordt door prognoses. Er is ook nog sprake van een gans andere 'optimistische kant van het geloof, namelijk het geloof in de Heilige Geest, die bij machte is de hemel te scheuren om een opleving te geven. Wanneer de Nederlandse Geloofs Belijdenis (art. 27) spreekt over tijden, waarin de kerk klein is geworden (artikel 27 van de NGB) worden er twee dingen bijgevoegd: 'een tijdlang' en 'in de ogen der mensen'. Dat houdt de hoop op God levend. De belijdenis stelt, ook dat men niet alleen moet aanzien wat voor ogen is, want ook in de tijd van Elia, toen de profeet dacht alleen te zijn overgebleven, waren er de zeven duizend, die de knie niet voor Baal hadden gebogen.
We behoeven ons niet uit het lood te laten slaan door prognoses. We moeten ons zelfs wachten voor ondoordachte uitingen van bezorgdheid, die in de ogen des Heeren onheilig vuur vormen. Toen Uza (2 Sam. 6) zijn hand uitstrekte naar de ark, omdat de paarden struikelden, werd hij door de hand des Heeren geveld. Vanwege zijn onbedachtzaamheid. De Heere staat in voor Zijn eigen werk. Daar echter, waar de ark des Heeren was, was ook de zegen. Drie maanden was de ark in het huis van Obed Edom. En daar was de zegen, voor hem en zijn huis. Vanwege het verzoendeksel.
Mogen we zo ook vandaag niet de kerk in de handen des Heeren geven? De eeuwen door heeft Hij Zijn kerk bewaard. De hoop op Hem gaat boven alle prognoses uit.
Trouw
Van een nieuwe toestroom naar de orthodoxie zal geen sprake zijn, zegt de prognose. Wel zal de orthodoxie zich hechter organiseren. Zal echter zulk een organisatie van al wat orthodox heet de beslissende factor zijn? Dat kan nochtans de dood in de pot zijn. Dat brengt me op wat de wezenlijke roeping van de kerk is: de dienst der verzoening.
Martha, Martha, gij verontrust u over vele dingen, maar één ding is nodig, zei Jezus. Maria heeft het goede deel gekozen. Ze zat aan de voeten van Jezus. Geldt dit in het bijzonder voor het persoonlijk leven, die vermaning van Jezus mag ook wel worden opgenomen in het brede beweeg van het kerkelijke leven. Waarover verontrusten we ons? Waar ligt onze hartstocht? We verontrusten ons over vele dingen. Brieven, tegenbrieven, protesten, verklaringen, vermaningen over wat een christen niet geoorloofd is te doen, klachten over ingezonkenheid van kerkelijk en geestelijk leven, zijn in het geheel van de kerken aan de orde van de dag. Maar waar is de zorg om het hart van het Evangelie, om de belijdenis van Kruis en Opstanding, om wat Kohlbrugge verwoordde in zijn bekende uitspraak 'Ik ben op Golgotha bekeerd', omdat daar het bloed der verzoening heeft gevloeid? 'Hij voor mij daar ik anders de eeuwige dood had moeten sterven.'
Er is wat mij betreft tweeërlei reden om de vraag te stellen of er in de kerk hartstocht is aangaande de dienst der verzoening.
We schreven al eerder over de tweede 'Oecumenische Assemblee', die deze week in het Oostenrijkse Graz wordt gehouden. Het thema is 'Verzoening: gave van God-Bron van Nieuw Leven'. Twee duizend afgevaardigden, waaronder ongeveer vijftig gedelegeerden uit Nederland, spreken een week lang voor het forum van de wereld over verzoening.
Volgend jaar wordt opnieuw een Nederlandse kerkendag gehouden, ditmaal in Kampen. Ook daar is het thema 'verzoening'. Prachtig toch, zo'n bijbels thema? Maar intussen draait het alles, als ik op de voorbereidingsstukken afga, die tot heden naar buiten kwamen, om verzoening tussen mensen of tussen volkeren.
Ik liet er al eerder geen misverstand over bestaan, dat leven uit de Verzoening vraagt om een verzoenend leven, met consequenties tot in het politieke leven toe. Ik heb echter slechts één zin nodig om dit te zeggen. Omdat onze zorg elders ligt: Geen verzoenend leven zonder Verzoening!
Eén ding is voor de kerken nodig, wil zij leven, óver-leven en een levend getuige zijn: vertoeven aan de voet van het Kruis en opzien naar de Gekruisigde, naar de Man van Smarten, naar de Middelaar tussen God en mens.
De 'Verzoening door voldoening' is bij vele theologen, maar ook in de breedte van de kerken, zo vaak in discrediet. Soms doordat deze openlijk wordt geloochend. Men denke aan de recente publicaties van de gereformeerde Kamper dogmaticus C. J. den Heyer. Geen bloedtheologie! Het is de eer van de moderne mens te na, dat een ander voor zijn schuld of voor zijn schuldige daden betaalt. Verzoening als rechtsgeding tussen God en mens is een achterhaalde leer.
Wordt het bloed van Christus niet alom onrein geacht? En als er nog geloofd wordt in de verzoening door Christus, treft men vage omschrijvingen als: 'er is op Golgotha wel iets gebeurd'. Of alles ligt in de sfeer van de vooronderstellingen. Maar waar is de hartstocht om de leer, dat er zonder bloedstorting geen vergeving is, dat er zonder Verzoening geen leven is?
In het blad Credo van het Confessioneel Gereformeerd Beraad stond een in-memoriam over de gereformeerde ds. Cornelis van der Velden, die recent in Huizen op zestigjarige leeftijd aan kanker overleed. Herinnerd werd aan een uitspraak van hem in Koers uit 1992 over zijn kerken, 'die stuk gaan door de prediking van een verzoeningsleer, die niet naar de Heilige Schrift is'. Hij zei:
'Ik denk dat het een kankerverwekkend gezwel is en dat er geweldige uitzaaiingen zijn gekomen. Nu is een operatie eigenlijk niet meer mogelijk. Het gehele lichaam is aangetast. Maar door Gods genade kan er altijd een wonder gebeuren, dat door bestraling van Woord en Geest het lichaam toch nog weer gezond kan worden. Maar het is wel ernstig.' Zal de toekomst van de kerk aan deze, oude of nieuwe vrijzinnigheid zijn?
Waar blijven we?
'Waar blijven we? ', was ooit de titel van een boekje, waarin de consequenties van de aanvaarding van de evolutietheorie werden verwoord. Waar blijven we echter, wanneer de Verzoening, niet als daad maar als Gods grote Gave, niet meer het hart van het kerkelijke leven is?
Ik kom nu ook dichter bij huis: waar blijven wij. Waarover verontrusten we ons het meest? Gaat miskenning van het bloed der verzoening ons echt ter harte?
Levendig staat nog in mijn herinnering de tijd, dat in de Hervormde Kerk de vrijzinnige dr. P. Smits de verzoening door voldoening loochende. Ds. G. Boer, toen voorzitter van de Gereformeerde Bond en zelf een machtig prediker der verzoening, kwam toen helemaal in beweging, in hartstocht om het hart der kerk. Van hem verscheen toen een boek, getiteld 'De prediking der verzoening'. Ik herinner me met name nog levendig, dat hij in die tijd op een dag op een vergadering van het hoofdbestuur van de Gereformeerde Bond kwam, diep onder de indruk van een toespraak, die prof. dr. A. A. van Ruler over de verzoening had gehouden op de synode. 'Die mag onze voorzitter zijn', was zijn uitroep.
Waar is de passie van de orthodoxie om deze zaken? Gaat het nog stormen in ons hart wanneer het bloed van de Middelaar onrein wordt geacht? Dat kan tot in de meest rechtzinnige prediking toe het geval zijn.
Het zou kunnen zijn, dat we ook in de kerken en bewegingen van gereformeerde confessie de Marthagestalte, meer dan de Mariagestalte, vertonen. 'Hij voor ons...' Hierbij verbleken vele van onze kerkelijke problemen. Zijn er nog wachters op Sions muren?
In 2020 nog vier procent orthodoxie, zegt de prognose. Hoe, orthodoxie? Hóé zal het er in de kerken voorstaan met de dienst der Verzoening? Dat is doorslaggevend. Maria of Martha!
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 26 juni 1997
De Waarheidsvriend | 20 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 26 juni 1997
De Waarheidsvriend | 20 Pagina's