Globaal bekeken
De journalist John Jansen van Galen (o.a. schrijver van de biografie van W. F. de Gaay Fortman) maakte vier seizoenen lang voettochten door Nederland en gaf daarna een sfeerbeschrijving van allerlei dorpen in een boek getiteld 'Wandelingen'(uitgave Balans, Amsterdam). Hier volgen een paar typeringen van een buitenstaander over dorpen waar het gereformeerde leven nog publiekelijk merkbaar is.
Urk
'Urk komt langzaam naderbij, ik zie de driekleur van de vuurtoren wapperen. Op de werven aan haven liggen schepen die Klaasje Catharina, Wybrigje en Lubbertje heten of kortweg, UK92, UK 36. Toeristen eten paling op de kaden. Mannen in klederdracht - het rode jak, de zwarte broek waarvan de pijen boven de knie opbollen - fietsen rond. Urk lijkt, ingepolderd of niet, zichzelf gebleven. Er is niet zoals in Nagele een gemeenschap gemaakt, er was er al een.
Voor de christelijk-gereformeerde Eben Haëzerkerk is in 1851 de eerste steen gelegd. Urk was meegegaan met de Afscheiding, begonnen door dominee Hendrik de Cock van Ulrum, die door de soldaten van koning Willem I van de preekstoel werd gejaagd, omdat hij zich niet voegde naar wat gepreekt werd in de kerk van het koningshuis en de deftig burgerij. De Cock en zijn volgelingen wisten zich trouw aan het geloof der vad'ren die het Spaanse juk hadden afgeschud, en konden met Gods hulp nog wel hetere vuren aan. De vervolging was hevig en velen namen de wijk naar Amerika, maar de achterblijvers bezweken niet.
Het is vroom vissersvolk dat op Urk woont. Het doet ook een andere traditie van de Republiek eer aan: lak aan autoriteiten die de vrije handel aan banden willen leggen. De Algemene Inspectiedienst heeft een harde dobber aan de Urkers, die de vangstquota ontduiken; de ambtenaren die de regels komen handhaven stuiten op een gesloten muur van gemeenschapszin. De gelovige gehoorzaamt de overheid die van Godswege boven hem gesteld is, maar niet als deze de vangst van God rijkdommen fnuiken wil. Zo gaan godsvrucht en winstbejag hand in hand. "O Heer, woon in dit huis met uwen H. Geest, troost door uw dierbaar woord hem die u eerst en vreest."
Dat de vlag is uitgestoken, betekent dat de vuurtoren vandaag te bezichtigen is. Hij staat op een vooruitspringend punt in het IJsselmeer, links is vaag de elektriciteitscentrale van Lelystad te zien de rechts verdwijnt de dijk in het niets, onder draaien de windmolens. Een man wijst iedere voorbijganger die even blijft staan een rots in het water: weten ze wel dat daar de kindjes vandaan komen? Urker mannen roeien er bij donker heen en storten duizend gulden om een zoon, vijfhonderd om een een dochter te krijgen. "Maar meiden zijn hier meer waard dan jongens, hoor" voegt hij eraan toe. "Die regelen later alles, want de mannen zijn steeds op zee. Op Urk zijn de vrouwen geëmancipeerd zondeder dat ze rood zijn."
Langs de Vlist
'Langs de Vlist fietsen schoolkinderen, dikke leren tassen onder de snelbinders, huiswaarts. "Dag meneer!' roepen ze. Op het platteland groet men de mensen nog. De meisjes dragen wijde lange rokken. De Nederlandse bible-belt manifesteert zich in zedig geklede dochters; je ziet er steeds meer. Deg herkerstening van het platteland lijkt in volle gang. In de huizen zie ik de televisietoestellen staan. De beeldbuis was vroeger uit den boze, een vehikel van het kwaad, maar brengt nu de prediking van de Evangelische Omroep in de huiskamer.
In deze omgeving hadden een collega en ik een kwart eeuw geleden een gesprek met dominee Abma, de aanvoerder van de Staatkundig-Gereformeerde Partij. Toen hij koffie ging zetten, inspecteerde mijn collega fluks de kasten in de kamer: waar zou de man het Satansoog verborgen houden? Als verstokte agnosten waren wij overtuigd s van de calvinistische hypocrisie en konden niet geloven dat de dominee werkelijk geen televisie in huis had. We waren er zeker van dat het orthodoxe protestantisme op zijn retour was en hadden geen flauw benul van de verborgen krachten in het Nederlandse calvinisme.'
Kesteren
'Het veer zet mij over en ik volg de dijk naar Kesteren, een bolwerk van de Staatkundig Gereformeerde Partij en de Gereformeerde Bond in de Hervormde Kerk, van "bevindelijken" die hun kinderen niet laten inenten tegen polio. Net als overal elders hangen er affiches die het optreden aankondigen van Rowen Hèze en Normaal en in het voormalige ambtshuis is een "mangerie" gevestigd. Wat heb Ik verwacht? Mannen in zwarte geklede jassen met uitgestreken gezichten, vrouwen In lange rokken, vanuit de woningen traag psalmgezang? Een "versboerderij" biedt aardbeien te koop aan, maar er staat geeneens "NOZ" bij - nooit op zondag. Wel is de hervormde kerk fors van omvang en wordt er 's zondags tweemaal dienst gehouden. Dat het een "bondskerk" Is zie je er niet aan af.
De boerderijen langs de dijk zijn welvarend. De bevindelijken liepen In de laatste decennia hun sociaal-economische achterstand in. Ze meden de wereld, niet de economie. Hun scholingsniveau steeg sneller dan dat van de rest der bevolking en hun vlijt legde hun geen windeleren. Ze rijden in Mercedessen, die een gewetenskwestie in het leven riepen. Bevindelijken laten zich niet verzekeren tegen aansprakelijkheid voor ongevallen en schade, want God richt en de mens zal zijn gerechte straf niet ontgaan. Er is van overheidswege een mouw aan gepast, want wij tonen respect voor gewetensbezwaren, vooral als ze van religieuze aard zijn. De natie ontstond In verzet tegen roomse geloofsdwang. Nederland Is geboren uit gewetensbezwaren.'
Onderstaand gedicht Pniël van Anne Schipper werd ons toegezonden. De achtergrond ervan is de bekering van een hedendaags oud-gereformeerde predikant in de boksring:
Sierlijk ontweek hij de stoot met een zijpas
en zijn uppercut sloeg krakend stuk op bot.
De knock-out in zijn rechtse was het noodlot
van menig uitdager, uitgeteld op het canvas.
Ongeslagen wist hij zich een verloren vechtjas:
een doodwond - verborgen achter hoon en spot:
'Ik buig zelfs niet voor een Drie-enig God!',
tot de Almachtige hem met een heupzegen genas.
De helle boksring werd een houten broek - ,
zijn publiek steil kerkvolk in een uithoek
waar hij - nahinkend - de bevindelijke schare
verhaalt van zijn Pniël met de Onoverwinbare
die verloren zondaren zoekt en vrijmaakt:
'De Heere heeft mij in de ring geraakt.'
In een vijftal punten gaf het Sociaal en Cultureel Planbureau een prognose over verder toenemende onkerkelijkheid (zie verder mijn hoofdartikel).
1. De ontkerkelijking zet zich de laatste jaren in een langzamer tempo voort. Wie de kerk verlaten heeft keert er doorgaans niet naar terug. Herkerkelijking doet zich voornamelijk onder ouderen met een lagere opleiding voor. Als de huidige ontwikkeling zich voortzet zal rond het jaar 2020 bijna driekwart van de bevolking buitenkerkelijk zijn.
2. Er Is geen sprake van een herleving van de christelijke orthodoxie. Onder de bevolking neemt de vrijzinnigheid steeds meer toe. Bij de florerende evangelische beweging gaat het niet om een religieuze opleving maar om mensen uit het bestaande kerkelijke milieu die zich opnieuw groeperen.
3. De Nederlandse bevolking oriënteert zich op een breed scala van alternatieve bewegingen en paraculturele onderwerpen. De belangstelling is duidelijk aanwezig maar vertaalt zich niet In een toenemend lidmaatschap van bewegingen of een geneigdheid het gedrag op paraculturele denkbeelden af te stemmen.
4. Kerkverlaters tonen zich meer dan de gemiddel de Nederlander geïnteresseerd in alternatieve zingeving. Deze belangstelling gaat niet zover dat zij het geloof waarin zij zijn opgevoed op grote schaal door alternatieve denkbeelden vervangen.
5. Een grote omwenteling van gevestigde (christelijke, kerkelijke) naar alternatieve zingeving Is vooralsnog niet in zicht.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 26 juni 1997
De Waarheidsvriend | 20 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 26 juni 1997
De Waarheidsvriend | 20 Pagina's