Diaconaat, een keuze?
Jongeren ingeschakeld
Er ligt een man aan de kant van de weg, in elkaar geslagen.
Hij beweegt niet, misschien is hij dood. Gelukkig er komt iemand aan, een priester. Hij ziet hem, hij zal hem vast helpen. Maar wat gebeurt er, hij loopt met een boog om de man heen.
Hoe is het mogelijk.
Er komt nog iemand, die zal hem helpen.
Een Leviet, hij ziet hem, maar dan? Ook hij loopt met een boog om de man heen.
Dit kan toch niet. Nota bene mensen die zoveel bezig zijn met wat God van mensen wil, juist zij lopen door.
Er komt nog iemand, een Samaritaan. Hij zal vast niet helpen. De joden hebben altijd neergekeken op de Samaritanen. Hij heeft dus volop redenen om de man te laten liggen. Bovendien als de priester en de Leviet al doorgelopen zijn, wat mag je dan nog verwachten.
We kennen dit verhaal, de gelijkenis van de Barmhartige Samaritaan. Hij ziet de in elkaar geslagen man liggen, net zoals de anderen. Maar hij onderbreekt zijn eigen programma. Hij gaat naar hem toe, verbindt zijn wonden, brengt hem naar een herberg, betaalt de kosten en belooft op de terugweg langs te komen om te zien hoe het gaat.
De man ziet, is met ontferming bewogen, neemt tijd voor de ander, verandert zijn eigen 'agenda', om de in elkaar geslagen man te kunnen helpen.
Jezus vertelt dit verhaal wanneer een wetgeleerde Hem vraagt wat hij moet doen om het eeuwige leven te krijgen. In eerste instantie wijst Jezus hem op het liefdegebod: heb God lief en je naaste als jezelf. Vervolgens vraagt de man wie zijn naaste is en volgt dit verhaal.
Er vallen een paar dingen op wanneer we dit zo op ons in laten werken.
Het verhaal begint met het liefdegebod. Het is een uitwerking van de mogelijke consequenties van die liefde tussen mensen. Alle drie voorbijgangers zien de man liggen. Zien is heel belangrijk in het diaconaat. Kijken naar de mensen om je heen. Je openstellen voor wat er gebeurt. Ruimte maken in jezelf voor anderen, niet zo bezig zijn met allerlei dingen van jezelf dat anderen er niet meer bij passen. Zien is belangrijk, een soort begin, maar is niet genoeg. Zien moet een vervolg hebben. De Samaritaan neemt verantwoordelijkheid op zich voor het welzijn van de man. Overigens voor hem een vreemde, hij kent de man niet, heeft hem nog nooit gezien. Als christenen leven we niet alleen voor onszelf, maar dragen we verantwoordelijkheid voor het welbevinden van elkaar. Dit vraagt tijd. In ons overdrukke bestaan is dat niet eenvoudig. We lopen vaak onze agenda's achterna. Geen tijd, alleen wanneer dat lang van te voren gepland is.
Dat dit een enorme blokkade is voor mensen die jouw hulp nodig hebben, zal duidelijk zijn. Iemand laat het wel om je iets te vragen, wanneer je voortdurend aan het haasten bent. Bovendien zie je op die manier ook niet veel. Je gezichtsveld is verengd.
Opmerkelijk in het verhaal van de Barmhartige Samaritaan is ook dat op de vraag van de wetgeleerde wie zijn naaste is, Jezus na de gelijkenis vraagt: 'Wie is de naaste geweest van de Samaritaan? ' Oftewel, voor wie ben jij een naaste?
Met zien alleen zijn we er niet. Geloven in een God die om mensen geeft, opgeroepen worden tot liefde onder elkaar heeft consequenties.
Stel je voor, een vriend van je krijgt een ongeluk tijdens het sporten. Hij breekt zijn been en is een tijdje aan huis gebonden. Je weet dat dat niets voor hem is, stilzitten kan hij helemaal niet.
Wat doe je? Je gaat op bezoek, probeert de tijd voor hem te veraangenamen. Als hij alleen woont, haal je misschien ook boodschappen of kook je een keer eten voor hem.
Logisch lijkt me, je geeft om iemand en laat hem niet zitten.
Een ander voorbeeld; een vriendin van je wordt ontslagen. De manier waarop dat gaat, klopt absoluut niet. Er waren bepaalde afspraken met haar gemaakt waar men zich niet aan houdt. Wat er daarbij verteld wordt over haar door de bedrijfsleiding klopt niet. Er wordt haar onrecht aangedaan.
Wat doe je? Denk je met haar mee over wat ze eventueel zou kunnen doen. Help je haar een brief te schrijven om opheldering te vragen?
Logisch lijkt me, je bent op haar betrokken en zoekt naar wegen om haar weer tot haar recht te laten komen.
Wanneer we leven vanuit Gods liefde, wanneer we Hem willen volgen in ons leven heeft dat gevolgen voor de manier waarop we met mensen omgaan. Christus volgen doe je niet alleen met woorden. Binnen de kortste keren worden deze ongeloofwaardig. Als je je vriend die dat ongeluk heeft gehad, en die vriendin die ontslagen wordt niet opzoekt, hoe moet je deze dan later onder ogen komen? We kennen allemaal situaties waarin we tekortschieten. We kennen ook allemaal het gevoel dat dat met zich meebrengt, onze eigen ongeloofwaardigheid.
Over liefde praten zonder deze om te zetten in daden is onmogelijk.
Diaconaat in die zin is geen keuze, maar een wezenlijk aspect van ons geloof.
Hoe geven we diaconaat handen en voeten?
Ook hierbij wil ik een verhaaltje gebruiken. Het gaat over twee mannen die naast elkaar wonen.
De ene man woont in een prachtig huis, prettig, open, hij voelt zich er thuis. Een paar dingen wil hij nog wel eens veranderen, maar over het algemeen woont hij er best.
De buurman is een ander verhaal. Hij zit op de puinhoop van wat ooit eerder een huis is geweest. De hele boel is ingestort, er is niet veel meer van over.
De man in het mooie huis heeft erg te doen met zijn buurman en denkt steeds na over hoe hij hem zou kunnen helpen. Daarbij denkt hij dat er in die puinhoop nog best allerlei bruikbare dingen zitten. Maar hoe krijg je de man in de benen.
Hij bedenkt een plan. Hij nodigt zijn buurman uit in zijn huis, laat hem alles zien, vertelt hoe hij het gebouwd heeft en hoopt dat zijn buurman geïnspireerd raakt en zelf aan de gang gaat.
Het plan wordt uitgevoerd, het hele huis bekeken en vervolgens gaat de buurman weer naar zijn puinhoop.
En dan, hoe zal de man reageren? Gaat hij aan de gang, gaat hij zijn spullen ordenen en zoeken naar manieren om er mee te bouwen?
Of denkt hij iets in de trant van, jij hebt makkelijk praten, je vrienden hebben je geholpen. Ik heb geen vrienden. Of je vader heeft je geholpen, de mijne heeft nooit naar me omgekeken. Of jij hebt gouden handen, ik kan niets.
Oftewel, de man raakt nog meer overtuigd van zijn minderwaardigheid en onmogelijkheden.
De bedoeling van het verhaal is wel duidelijk denk ik. Vaak stellen we ons op als de man met het mooie huis als we evangeliseren of als we willen helpen.
We vertellen over God en ons geloof, we laten de kerk zien en zeggen dat God van je houdt.
Soms is dat voldoende, maar vaak ook niet. In veel situaties is er meer nodig, moeten mensen ervaren wat we bedoelen. Wanneer we niet in daden laten zien wat we zeggen, begrijpen mensen ons niet. Als we dat merken zijn we dan bereid om verder te gaan? Zijn we bereid om ons hard te maken voor iemand aan wie geen recht gedaan wordt? Zijn we bereid om te investeren in iemand die zich verhard heeft omdat hij ten diepste zichzelf afkeurt? Willen we bij de ander op de puinhoop zitten om samen te zoeken naar mogelijkheden om weer te bouwen?
Diaconaat, je openstellen voor God en mensen, zien en je medeverantwoordelijk weten voor anderen kan op allerlei manieren concrete vormen krijgen.
Het kan zich uiten door solidariteit, je hard maken voor hen die dat zelf niet meer of niet effectief kunnen doen.
Diaconaat kan concreet worden in praktische hulp, in het troosten van mensen die verdriet hebben. Het luisteren naar verhalen van mensen, hen de mogelijkheid te geven om hun verdriet te uiten. Tijd nemen om het verhaal uit te laten vertellen, ook al is het misschien al lang geleden. Het ordenen van iemands puinhoop kan heel helpend zijn. Luisteren, gerichte vragen stellen om zo op zoek te gaan naar wat er met iemand aan de hand is. Wie is die ander en wat maakt hem of haar uniek? En hoe kunnen zijn/haar gaven binnen de gemeente wellicht een plaats krijgen? Vragen die belangrijk zijn wanneer we mensen zien als beelddragers van God.
Wat ons beweegt is Gods liefde voor mensen en de liefde voor elkaar en onszelf. Dit geeft een grondhouding van waaruit we naar elkaar kijken. Van daaruit zeggen we steeds: wat zonde dat hij of zij op een puinhoop zit en zoeken we naar manieren om deze persoon tot zijn of haar bestemming te laten komen in woorden en daden. Diaconaat is niet iets wat je kunt doen of kunt laten. Diaconaat heeft met het hart te maken van iedere gelovige persoonlijk en van de gemeente. Als je Gods liefde serieus neemt, heeft dat consequenties.
mevr. T.J. Zeefat-Otter medewerkster IZB (afd. Evangelisatie en Diaconaat)
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 26 juni 1997
De Waarheidsvriend | 20 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 26 juni 1997
De Waarheidsvriend | 20 Pagina's