Als het Woord van God
Hoe lezen we de Bijbel? (1)
In drie artikelen wil ik met u nadenken over de belangrijke vraag, hoe we de Bijbel lezen.
Al dadelijk en duidelijk geef ik u ter inleiding twee teksten door uit 2 Timotheüs 3 : 16 en 17: Al de Schrift is van God ingegeven, en is nuttig tot lering, tot wederlegging, tot verbetering, tot onderwijzing, die in de rechtvaardigheid is; opdat de mens Gods volmaakt zij, tot alle goed werk volmaakt toegerust'.
Inleiding
Het is al weer enkele maanden geleden, dat de nationale boekenweek gehouden werd, die ditmaal een religieus thema droeg. Het thema luidde immers 'Mijn God'. Op vele manieren is er buiten de kerk en binnen de kerk aandacht aan besteed.
Ook is in het verband van dit thema over de Bijbel gesproken. Deze is immers het Boek van God. Overigens is er op heel verschillende manieren zowel over God gesproken en geschreven, alsook over de Bijbel. Wat dat betreft is deze boekenweek met zijn thema een duidelijke afspiegeling geweest van wat er in Nederland momenteel op religieus gebied leeft.
Het is wrang te kunnen zeggen, dat een schrijver een paar jaar geleden meende te moeten opmerken, dat de Bijbel vrijwel vergeten is. En dat dit boek in het onderwijs een laatste rustplaats heeft gevonden. We kunnen niet zeggen, dat deze schrijver het gelijk geheel aan zijn kant had. Immers, uit een onderzoek van het NBG en de NCRV in het jaar 1996 bleek, dat het bijbelbezit in Nederland de laatste tijd is toegenomen. In tweederde van alle huishoudens is een Bijbel te vinden. Ook bij buitenkerkelijken. En door de RCOB (Raad voor Contact en Overleg betreffende de Bijbel) is het seizoen 1998-1999 zelfs uitgeroepen tot het 'Jaar met de Bijbel'.
Zo wordt in onze tijd op allerlei manieren over de Bijbel gedacht en geschreven. De vraag is echter hóe wij de Bijbel lezen.
Het Woord van God
In één van de catechisatieboekjes van de predikanten H. Veldhuizen en W. Verboom wordt de vraag gesteld: 'Wat is juist te zeggen: de Bijbel is Gods Woord of Gods Woord staat in de Bijbel? ' Ik leer mijn catechisanten dan, dat het juiste antwoord is: 'De Bijbel is Gods Woord'. Daarmee wil gezegd zijn, dat de hele Bijbel het Woord van God is. Daarin openbaart Hij Zichzelf. Als slechts een deel van de Bijbel Gods Woord zou wezen, zouden we moeten zeggen 'Gods Woord staat in de Bijbel'. Dan zou binnen de Bijbel een selectie gemaakt moeten worden tussen wat daarin wél en wat niet Gods Woord is.
De les van artikel 5
Hoe weten wij zo zeker, dat de Bijbel het Woord van God is?
Om op deze vraag een antwoord te geven neem ik u mee naar art. 5 van onze Nederlandse Geloofsbelijdenis (NBG). Nadat in art. 4 de bijbelboeken genoemd zijn, wordt in art. 5 beleden:
Al deze boeken alleen ontvangen wij voor heilig en kanoniek, om ons geloof daarnaar te reguleren, daarop te gronden en daarmede te bevestigen. En wij geloven zonder enige twijfeling al wat daarin begrepen is; en dat niet zozeer, omdat ze de Kerk aanneemt en voor zodanige houdt; maar inzonderheid, omdat ons de Heilige Geest getuigenis geeft in onze harten, dat zij van God zijn; en dewijl zij het bewijs van dien bij zichzelf hebben; gemerkt de blinden zelf tasten kunnen, dat de dingen, die daarin voorzegd zijn, geschieden.
Aan dit artikel kunnen 3 redenen afgelezen worden, waarom we geloven, dat de Bijbel het Woord van God is.
a. De Bijbel dient zichzelf als zodanig aan.
Art. 5 zegt, dat de Bijbel het bewijs bij zichzelf heeft. We noemen dit 'het zelfgetuigenis van de Schrift'. De Bijbel dient zich dus zelf als het Woord van God aan. Hierbij is te denken aan verschillende profetieën, die in de Schrift voorzegd zijn en die daarna in vervulling zijn gegaan, zoals bijvoorbeeld de voorzeggingen van de komst van Christus en die aangaande de tekenen der tijden (Matth. 24).
Ook kunnen hier vele teksten genoemd worden, die spreken over de goddelijke inspiratie van de Bijbel.
Ik noem nu alleen 2 Timotheüs 3 : 16: Al de Schrift is van God ingegeven...' en 2 Petrus 1 : 21, waar van de Schrift gezegd wordt, dat 'de heilige mensen Gods, van de Heilige Geest gedreven zijnde' ze gesproken hebben.
De Heere heeft dus mensen gebruikt om Zijn Woord aan ons bekend te maken. We spreken dan wel van een 'organische inspiratie' om aan te geven, dat God hen niet als machines gebruikt heeft, maar met inschakeling van hun gaven en talenten. Ook zijn er in het Nieuwe Testament nogal wat teksten, waarin zoiets staat als 'de Heilige Geest zegt', waarna een bijbelplaats uit het Oude Testament wordt aangehaald. De Heilige Geest is dan ook de eigenlijke Auteur.
b. De Kerk neemt de Bijbel als goddelijk aan.
In art. 5 staat, dat wij de bijbelboeken als goddelijke boeken aanvaarden 'niet zozeer omdat ze de Kerk aanneemt en voor zodanige houdt...'. Het gezag van de kerk is daarom niet van doorslaggevende betekenis, maar speelt toch wel een duidelijke rol.
Van Augustinus is de opmerking bekend: 'Ik zou het Evangelie niet geloven, wanneer het gezag der kerk mij daartoe niet bewoog'.
Dit heeft natuurlijk te maken met het kerkelijk gezag, zoals de Rooms Katholieke Kerk dat opeist(e). Als je maar gelooft wat de kerk je leert, is het genoeg. Calvijn heeft er echter n.a.v. deze opmerking van Augustinus op gewezen, dat zij, die door ontzag voor de kerk ertoe gebracht worden om zich uit de Schrift te laten onderwijzen, zélf uit het Evangelie kunnen leren in Christus te geloven (Inst. 1, 7, 2).
Ook moeten we er op letten, dat art. 5 zo mooi zegt: Wij 'ontvangen' al deze boeken. .. De kerk heeft de canon van de Bijbel niet vastgesteld, maar zo ontvangen. Van de boeken, die reeds als vanzelf (door de Geest) gezag hadden gekregen, heeft de kerk slechts een lijst opgesteld. Hiermee heeft ook het derde te maken, dat we van art. 5 kunnen leren:
c. Het getuigenis van de Geest in onze harten.
Het belangrijkste argument om de Bijbel als het Woord van God te belijden, is het feit, dat de Heilige Geest mij daar in mijn hart van overtuigt. Het Woord raakt mij.
Hoe dat gaat? Wel, u hoort een preek, of u leest de Bijbel, en ging het tevoren wellicht honderd keer langs u heen, nu treft het uw hart. Zegt de Bijbel: 'U bent een zondaar', dan moet u deze waarheid van harte bijvallen. Zegt de Schrift: 'Zoon/ dochter uw zonden zijn u vergeven', het klinkt u als hemelse muziek in de oren, ja in het hart. En zegt de Heere in Zijn Woord 'Volg gij Mij', dan gaat u deze roep heel persoonlijk verstaan en u krijgt een verlangen om in liefde jegens God en uw naaste te leven.
Zeggen wij het art. 5 van harte na: Wij geloven zonder enige twijfel al wat in de Bijbel begrepen is?
Velen zullen het niet nazeggen. Zeker niet in onze tijd. Velen (ook in de kerk) zien de Bijbel als een gewoon menselijk boek. Een boek waarin mensen schrijven over hun ervaringen met God. Hier kan ds. Nico ter Linden genoemd worden met zijn boek 'Het verhaal gaat...'. Volgens hem gaat het in de Bijbel niet om geschiedenis, maar om verhalen. Deze opvatting hangt samen met die van de zgn. Amsterdamse School. Ik kan daar nu niet verder op ingaan. Duidelijk is, dat zij de Bijbel niet leest als het Woord van God.
Laten wij echter goed beseffen, dat een menselijk getuigenis van religieuze ervaringen en inzichten wel inspirerend en zelfs vertroostend kan zijn, maar niet werkelijk gezaghebbend. Men kan er vrijblijvend kennis van nemen. De Bijbel presenteert zich echter op vele plaatsen expliciet met gezag.
Tot besluit van dit eerste artikel wil ik verwijzen naar het woord van Paulus aan de christenen in Thessalonica (1 Thess. 2 : 13): Daarom danken wij ook God zonder ophouden, dat, als gij het Woord der prediking van God van ons ontvangen hebt, gij dat aangenomen hebt, niet als der mensenwoord, maar (gelijk het waarlijk is) als Gods Woord, dat ook werkt in u, die gelooft'.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 17 juli 1997
De Waarheidsvriend | 12 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 17 juli 1997
De Waarheidsvriend | 12 Pagina's