De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

Torenspitsen-Gemeenteflitsen

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Torenspitsen-Gemeenteflitsen

8 minuten leestijd

KOLLUM

In het Noordoosten van Friesland ligt, ingeklemd tussen het Lauwersmeergebied en de Friese Wouden, het dorp Kollum. In het dorp, dat ook wel het groene hart van Friesland wordt genoemd, treft u twee hervormde kerken aan. De ene is de Maartenskerk; de ander het gebouw van de Ned. Herv. Evangelisatieverereniging op G.G.

De Maartenskerk van de hervormde gemeente van Kollum is in 1580 in hervormde handen gekomen. Het kerkgebouw, gewijd aan de heilige Martinus, staat op de plek waar vroeger waarschijnlijk een begraafplaats is geweest. De toren van de huidige kerk was al tussen het jaar 1200 en 1250 gebouwd. De kerk zelf is gebouwd in de vijftiende eeuw. Het gaat om een gotische kerk. In 1661 worden de spits van de toren van de kerk en de kap van de kerk vervangen, nadat ze eerder waren verbrand. Vijftig jaar eerder waren er steunberen aangebracht aan de noordmuur. De zuidmuur had al steunberen. Deze steunberen werden in 1853 verwijderd. In 1882 dreigden de gewelven van de kerk in te storten; echter door het aanbrengen van een ingenieus stelsel van ijzeren balken is toen een grote ramp voorkomen. In de jaren 1960 tot 1968 heeft de kerk een grote renovatie ondergaan.

De toren en het portaal van de kerk zijn erg bewerkt. Aan alle kanten bevinden zich geprofileerde nissen. In de toren bevinden zich twee klokken. De grote stamt uit 1526, toen de kerk nog katholiek was. De kleine klok dateert uit 1618 en is gegoten door Hans Falck van Neurenberg. Beide klokken werden in de oorlog geroofd, maar zijn later weer teruggevonden. In de kerk bevinden zich belangrijke muurschilderingen. Deze zijn al tijdens de bouw of vlak daarna aangebracht. Na 1580 zijn ze onder kalklagen bedekt en in 1881 zijn ze herontdekt. De kansel van het kerkgebouw werd geschonken door drie families en is rijkelijk bewerkt met houtsnijwerk. Ook bevindt zich in de kerk een aantal rijk van houtsnijwerk voorziene banken uit met name de 17e eeuw. In het koor hangt een monumentaal rouwbord ter gedachtenis aan Eyso de Wendt, een vermogend koopman van de V.O.C., grietman ('burgemeester') en statenlid. Het orgel is in 1841 gebouwd door Willem van Cruisen. Tijdens de restauratie in de jaren '60 van deze eeuw is het orgel opgeslagen geweest. In 1971 is het weer in gebruik genomen. Het kerkgebouw van de Hervormde Evangelisatievereniging gelegen aan de Voorstraat te Kollum, is gebouwd in 1941 en op 8 oktober van dat jaar in gebruik genomen. De kerk is gebouwd op een plaats waar eerst een oude boerderij 'stond. Het materiaal dat bij de afbraak van de boerderij vrij kwam werd voor een groot deel hergebruikt. Het interieur van de kerk, zoals banken, kansel, lessenaar enz. is afkomstig uit Bedum (Gr.).

In 1951 werd een uit Den Helder afkomstig orgel geplaatst. In 1983 werd dit orgel vervangen door een nieuw orgel, dat gebouwd werd door de fa. Haarsma uit Drachten. Het oude orgel dat al in 1967 een keer verbouwd werd, was in zodanige staat dat het niet meer loonde dit te restaureren. Tevens werden in 1983 het orgelfront, alsmede de kansel vernieuwd. In 1996 werd de entree van de kerk aangepast. De kerk biedt aan ca. 200 personen een zitplaats.

Kollum, de Gemeente

Omstreeks 1550 stond te Kollum pastoor Regnerus Meinardy. Hij was al een groot voorstander voor meer studie van de Bijbel. In 1564 werd deze opgevolgd door pastoor Johannes Bogerman. Deze pastoor moest in 1567 uitwijken naar elders omdat hij een aanhanger was van de 'nieuwe leer' en niet veilig was voor de bloedraad en inquisitie. Uit zijn huwelijk met Popck werd de jonge Joh. Bogerman geboren, de latere bekende preses van de Dordtsche synode van 1618. In 1580 keerde hij even terug in Kollum en werd er de eerste hervormde predikant. In datzelfde jaar moest hij weer de vlucht nemen i.v.m de terugkeer van de Spaanse soldaten. Kollum beleefde onrustige tijden. In 1597 was het eindelijk zover dat een dominee beroepen kon worden. Dit was de predikant Theodorus Petri. Hij werd in 1602 alweer opgevolgd door Henricus Henrici Alphonsius. Van de latere predikanten zijn te noemen Ds. Anne Abrahami, die 63 jaar in Kollum heeft gestaan, en zijn opvolger Ds. Johannus Petrus Bruinhold Riedel, die de gemeente 55 jaar heeft gediend. Tezamen een periode van 118 jaar. We schrijven dan het jaartal 1844. De toen beroepen predikant Ds. P.C. Ribbeck heeft ook tot zijn emeritaat Kollum gediend n.l. tot 1870.

In 1866 ontstond er een scheiding in de gemeente. Een klein aantal leden (35) stichtte een nieuwe gemeente: 'De afgescheidenen' met als eerste predikant ds. W.T. van Dijk.

De eerste grote splitsing van de hervormde gemeente in Kollum deed zich voor in 1886. Toen besloten de toenmalige predikant van Kollum, Ds. G. van Kasteel, en zijn kerkenraad, dat niet iedereen nog langer aan het avondmaal mocht deelnemen. Mensen die van buiten de gemeente van Kollum het avondmaal wilden meevieren, dienden expliciet in te stemmen met de Apostohsche Geloofsbelijdenis. Leer en leven moesten aansluiten bij de Bijbel en de belijdenisgeschriften, zo meenden Van Kasteel en zijn broeders in de kerkenraad.

Aanvankelijk leverde de nieuwe regel niet veel problemen op. Totdat de burgemeester van de gemeente Kollummerland, mr. Jouwert Witteveen, besloot dat hij zijn dochter, die verhuisde vanuit IJsselmonde naar Kollum, wilde inschrijven in de hervormde kerk. De betreffende dochter weigerde echter duidelijk te maken of zij met de belijdenis instemde. De kerkenraad weigerde vervolgens haar in te schrijven als gemeentelid. Toen Witteveen de kerkenraad aanklaagde bij het classicaal bestuur van Dokkum, werd de kerkenraad in het gelijk gesteld.

Anders was de uitkomst toen de burgemeester zich beklaagde bij het provinciaal kerkbestuur van Friesland. Dat kerkbestuur gelastte de kerkenraad van Kollum de dochter van de burgemeester alsnog in schrijven als lid van de hervormde gemeente. Daarmee lag de bal weer bij de kerkenraad. Zou zij buigen voor het provinciaal bestuur en haar standpunt opgeven, of zou zij haar standpunt juist vasthouden en daarmee een kerkscheuring riskeren? Van Kasteel en zijn kerkenraad besloten niet te buigen. Het gevolg was dat zij niet langer de leiding hadden over de officiƫle hervormde gemeente van Kollum. Van Kasteel werd de toegang tot het kerkgebouw ontzegd. Toen het verbod voor Van Kasteel om voor te gaan in het voorjaar van 1887 definitief werd, werden de diensten voortgezet in een school: men ging in doleantie. De "eerste zondag dat er in die school een dienst werd gehouden, puilde het gebouw aan alle kanten uit. Er was zoveel belangstelling voor de dienst, dat velen buiten het gebouw de dienst moesten volgen. Kort daarop werd een houten noodkerkgebouw in gebruik genomen. In de loop der jaren groeide het aantal mensen dat zich verwant voelde met de uitgetreden Van Kasteel en zijn gemeente.

In 1892 voegden de afgescheidenden zich met de dolerenden en ontstond de Gereformeerde kerk.

Daarnaast ontstond in 1916 een Hervormde Evangelisatie. Het doel van de evangelisatievereniging was contact te houden met de Hervormde Kerk en indien mogelijk het gedachtegoed van de hervormd-gereformeerde beweging terug te brengen in de plaatselijke hervormde gemeente. In 1916 werd de eerste evangelist benoemd, dhr. Ketellapper. Tot aan zijn pensionering in 1931 was hij aan de vereniging verbonden. Hij werd opgevolgd door dhr. M. de Vos. In 1940 ontstonden problemen over de leer van dhr. De Vos. Deze werd meer bevindelijk. Na zijn schorsing besloot een aantal personen uit de evangelisatie te treden. Men richtte een eigen vereniging op onder de naam 'Hervormde Evangelisatie Vereniging op Geref. Grondslag.' Ruim tien jaar later besloot de oorspronkelijke evangelisatie terug te keren naar de reguliere Hervormde Kerk. Vanaf dat moment bestond Kollum weer uit twee delen: de reguliere hervormden en de Herv. E vang. ver. op G.G.

Na dhr. M. de Vos werd de Evangelisatie gediend door achtereenvolgens de heren J. Verboom, L. V. d. Sluijs, de kandidaten J. Smit en J. Bonte, en sinds 1991 door ds. T. van den Brink. Tussen de hervormde gemeente en deze Evangelisatie vereniging kwamen in de jaren negentig gesprekken op gang. Dat leidde ertoe dat de Evangelisatie sinds januari 1997, in de vorm van een kerkenraadscommissie, weer officieel deel uit maakt van de hervormde gemeente van Kollum. In het kerkgebouw Voorstraat 24 vinden elke zondag onder ambtelijke bediening twee erediensten plaats. Ds. T. van den Brink is benoemd tot bijstand in het pastoraat t.b.v. de Herv. Gereformeerden in Kollum. Aan de Maartenskerk is momenteel ds. E. J. Hefting als predikant verbonden.

De hervormde gemeente van Kollum telt thans ongeveer 1300 leden, waarvan 439 belijdend lid zijn. Het aantal pastorale eenheden bedraagt 558.

Voor de totstandkoming van dit artikel werd gebruik gemaakt van publicaties van mr. A. J. Andreae, H. en A. Algra, en dhr. R. Bosgraaf en bijdragen van de heren T. v.d. Brink jr, J. Verboom en C. Ginjaar.

E. G. van IJken,

(scriba kerkenraadscommissie.)

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 23 oktober 1997

De Waarheidsvriend | 20 Pagina's

Torenspitsen-Gemeenteflitsen

Bekijk de hele uitgave van donderdag 23 oktober 1997

De Waarheidsvriend | 20 Pagina's