Boekbespreking
Graham Stanton, Dichter bij Jezus? Nieuw licht op de evangeliën, Callenbach, Nijkerk 1997, 224 blz., ƒ 39, 90.
De aanleiding tot het schrijven van dit boek lag voor de auteur in de persberichten over de ontdekking van papyrus-fragmenten die volgens C. P. Thiede de gangbare visie op het ontstaan van het N.T. omver zouden gooiden. Stanton, wars van alles wat zweemt naar sensationele berichtgeving, onderzoekt in dit boek de aangedragen argumentatie. Bieden de gevonden fragmenten en de in Qumran gevonden geschriften een aanleiding tot zulke verstrekkende conclusies over de datering van de evangeliën als Thiede e.a. ons willen doen geloven? In die zin draagt zijn boek het karakter van een reactie. Toch is het allerminst een polemisch geschrift. De auteur stelt zijn vragen niet alleen als wetenschapper. De evangeliën vormen de fundamentele documenten van het christendom. Wat betekent het als we zeggen dat de evangeliën 'Gospel truth', evangelische waarheid bevatten? Wat zeggen zij over Jezus Christus?
In het eerste deel van zijn boek gaat Stanton in op vragen naar de literaire achtergronden, de be tekenis van de papyri, de betrouwbaarheid van de handschriften, de vraag naar de traditie die achter de geschreven evangeliën ligt, de verhouding tussen de vier evangeliën en de apocriefe evangeliën.
In de tweede helft van zijn boek gaat de schrijver in op de vraag: Wat kan een historicus over het leven en de leer van Jezus van Nazareth zeggen? Daarmee is gegeven de vraag naar de historische betrouwbaarheid van de evangeliën. Wat leren buitenbijbelse overleveringen ons? Welke criteria leggen we aan in het onderzoek naar de historische betrouwbaarheid van de evangelieoverlevering? Tegenover hen die op een heel gemakkelijke wijze allerlei uitspraken toeschrijven aan de latere gemeente vormt het betoog van Stanton een weldadig tegenwicht. Als het gaat om de belijdenis aangaande Jezus als Zoon van God en als Kurios, Heere, gaat de schrijver niet mee met hen die dit alles zonder meer tot de theologie van de latere gemeente rekenen. We moeten verder kijken dan de ervaringen van de discipelen. Jezus' woorden en daden hebben het pad geëffend voor deze belijdenis.
Ten aanzien van de kruisdood van Jezus wijst Stanton de gedachte dat Jezus een politiek revolutionair is geweest af. De woorden van Jezus over de tempel, zijn messiaanse aanspraken vormden de aanleiding tot zijn veroordeling. Jezus werd als Messias-koning veroordeeld.
Stanton komt tot de conclusie, dat de evangelisten de overlevering aangaande Jezus vorm gegeven hebben met het oog op de situatie waarin zij schreven en zo vier portretten gegeven hebben van Jezus. Hij spreekt over een 'algemene betrouwbaarheid' van de vier portretten. Men kan tegenwerpen dat een dergelijke typering meer vragen oproept dan beantwoordt. Niettemin is de bedoeling van de auteur bij te vallen. De aard van de vier evangeliën brengt met zich mee dat we geen accurate verslagen hebben in de zin waarin wij vandaag de dag spreken over historische accuratesse. We kunnen spreken van verkondigende geschiedschrijving. Juist dat verkondigend karakter betekent dat het niet in hun bedoeling lag de woorden van Jezus samen te vatten op de wijze van een moderne secretaresse. Maar daarmee vormen zij nog wel een betrouwbaar getuigenis aangaande Jezus Christus. Gelovige beaming van dit getuigenis kan niet ontwikkeld worden op basis van historisch bewijsmateriaal. De historicus, aldus Stanton, kan op grond van historisch onderzoek niet tot de overtuiging komen dat God zijn bedoelingen met de mensheid onthuld heeft in het leven, de dood en de opstanding van Jezus. Dat onttrekt zich aan historische waarneming. De historicus zou op zich tot de conclusie kunnen komen, dat het graf van Jezus leeg was zonder de waarheid te bevestigen dat God Jezus heeft opgewekt.
Dat betekent niet, dat de schrijver de betekenis van de historische betrouwbaarheid ontkent. Hij gaat bepaald niet de weg van het 'waar', maar niet 'echt gebeurd' op. Want hoezeer in het getuigenis van de evangeliën feit en interpretatie met elkaar verbonden zijn, het gaat wel om verkondiging van wat geschied is. Wanneer bijvoorbeeld historisch onderzoek zou aantonen dat Jezus werkelijk een politiek rebel was, aldus Stanton, dan zouden de portretten van de evangelisten op hoofdpunten volledig onbetrouwbaar blijken. Historisch onderzoek is dus voor de verkondiging van de waarheid van het evangelisch getuigenis niet onbelangrijk.
De nuchtere en voorzichtige wijze waarop Stanton te werk gaat, de bescheidenheid waarmee hij zijn taak als gelovig historicus verricht en de kennis van zaken waarmee hij schrijft, vormen de kracht en de waarde van dit boek. Een goede inleiding in een belangrijk onderwerp.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 23 oktober 1997
De Waarheidsvriend | 20 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 23 oktober 1997
De Waarheidsvriend | 20 Pagina's