De puriteinen binden samen
Whitefield Stichting roept op tot versobering in christenleven
'Het is weldadig hoe evangelisch een reformatorische predikant en hoe gereformeerd een baptistenpredikant spreekt.' Voorzitter Jeroen J. M. Bol rondt de begin deze maand gehouden landelijke studie- en ontmoetingsdag van de George Whitefield Stichting af. Rechts van hem zitten de sprekers: ds. H. A. Bakker, baptistenpredikant in de regio Katwijk/Rijnsburg, en ds. W. van Vlastuin, hervormd predikant in Opheusden. 'Zulke kruisbestuivingen willen we.' De puriteinen binden samen.
In zijn lezing over 'De theologie van spiritualiteit; spiritualiteit als gemeenschap met de Drie-enige God' had ds. Van Vlastuin al laten blijken deze mening te delen: 'Ik zie het als een wolkje als eens mans hand als evangelischen en reformatorischen elkaar erkennen in de omgang met God zoals dat door de puriteinen onder woorden is gebracht'. Hij hoopte dat dit wolkje een voorbode zou zijn voor een stroom van zegen: een opwekking door de Heilige Geest.
De studiedag van de Whitefield Stichting had als thema 'Spiritualiteit, gave en opgave. Het dagelijks leven tot eer van God'. Waarom? Bol: 'We zien in Johannes 14 dat Jezus liefhebben niet maar een gevoelskwestie is, maar is verbonden aan het bewaren van Zijn geboden. Discipelschap functioneert alleen in de context van de bijbelse liefde tot God en de naaste. Dat heeft te maken met spiritualiteit, met ons geestelijk leven'. De voorzitter vroeg of de aanwezigen de gemeenschap met de Drieenige God in hun leven kenden. 'Of is dat te hoog? '
De aanleiding voor dit thema was het lezen door Bol van een boekje van Alister McGrath: 'Evangelicalism and the future of Christianity'. 'Daarin evalueert de hoogleraar uit Oxford de stand van zaken in de evangelische beweging in de westerse wereld. McGrath bedoelt daarmee de bijbelgetrouwe hoek in de kerk: anglicanen, presbyterianen, baptisten. Hij zegt dat die beweging op twee punten zwak staat: op het punt van de spiritualiteit en op het punt van evangelisatie.'
Edwards
Ds. H. A. Bakker, behalve predikant in Rijnsburg ook docent aan de Evangelische Bijbelschool in Veenendaal, refereerde over 'God zoeken en vinden; een praktische zoektocht naar dagelijks geestelijk le ven'. Ds. Bakker stelde dat Gods liefde een onuitputtelijke bron voor geestelijk leven is. Hij nam zijn uitgangspunt in 1 Petrus 1 : 8 en 9: Denwelken gij niet gezien hebt, en nochtans liefhebt...'. 'Dat geeft een onuitsprekelijke vreugde: em liefhebben, zonder Hem thans te zien. Te midden van de verrotting van de maatschappij merkt de christen de geur van Christus op', zei ds. Bakker, die Edwards citeerde: Het religieuze gevoel is een glad goedje, is Christus niet. Ons vlees moet immers niet geheiligd, maar gekruisigd worden.' Dat is het wezen van spiritualiteit: nabij Christus te zijn, zoekende het vaderland.
Ds. Bakker: 'God laat Zich zoeken en laat Zich vinden. Waar Nederland danst rond de totempaal van de menselijke, religieuze gevoelens, is het voor een christen nodig door God gekend te zijn: het initiatief ligt bij God. Hij moet ons kennen. Zijn hand naar ons uitstrekken'. Die toon proefde ds. Bakker ook bij Packer, Owen en prof. Graafland in zijn boek 'Gereformeerden op zoek naar God'. Die zoektocht naar God maakte ds. Bakker praktisch door Deuteronomium 6 te citeren: Hoor Israël, de HEERE, onze God is een enig HEERE! Het gaat hier om de heiliging. Ds. Bakker noemde de belijdenis 'De Heere is Eén' een medicijn voor deze tijd: 'Als je Hem smeekt met een verbroken hart, dringt Hij in je bestaan, draagt dat bestaan. Ben je werkloos, dement, zonder toekomst: de Heere is Eén. Heere, ik ben als kind misbruikt, maar U was in mijn verleden. Heere, ik moet opnieuw solliciteren, maar U bent in mijn nabije toekomst'.
Soberheid
Ds. Bakker stond ook uitvoerig stil bij de soberheid van de puriteinen. 'Een kenmerk van de vroege gemeente en van de Nadere Reformatie (hoewel hier niet uitgewerkt) zie je zie je bij de puriteinen ook: de versobering. En nu haken de meeste mensen af, want die versobering hebben we uit ons leven gebannen, zittend op het pluche in de kerk.' De baptistenpredikant noemde versobering de natuurlijke reactie van christenen op een samenleving vol eenzaamheid, kindersterfte op wereldschaal zoals in Algerije enzovoorts. Hij zag versobering als een weg om toegeleid te worden naar geestelijke vernieuwing. 'De puriteinen konden uren lezen in een moeilijk boek, konden zich versoberen om kwaden als hoererij en dronkenschap aan te kunnen.
Dat is geen compensatie voor de zonde; vasten is geen terugbetalen aan God, maar een vrucht van het ontdekkende en doorleidende werk van de Heilige Geest.' In de discussie gaf ds. Bakker concrete voorbeelden uit zijn eigen leven: 'Als ik mijn preek niet afkrijg of mijn gebeden niet kan doen, sta ik om vier uur op en versober op de slaap; als ik zie dat er ergens nood is, versober ik in geld voor mijn boeken; als ik moet nadenken over God, is concentratie mijn wapen en onthoud ik me van de geneugten des levens; als ik de kwaliteit van mijn bediening in prediking en onderwijs moet vasthouden, versober ik in eten en slapen'. Ds. Bakker noemde het de taak van de kerk om hierover na te denken: 'Ik ben niet tegen rijkdom, wel voor versobering'.
Blinde vlek
De vraag kan gesteld worden wat de reden achter de oprichting van de Whitefield Stichting is. Bol: 'We constateerden een paar jaar geleden in onze eigen kring, de evangelische kring, een bijna volledige onbekendheid met het puritanisme en ook met verwante opwekkingsbewegingen, waarbij ik denk aan de Great Awakening en de Great Evangelical Revival. Die onbekendheid met dit stuk traditie waar de evangelische beweging van vandaag ten dele op teruggaat, is een gigantische blinde vlek. Ik ben zelf baptist en ontdekte bij oud-studiegenoten uit Heverlee die ik boeken van de puriteinen gaf dat ze dat erg waardevol vonden. Toen is het idee van een stichting geboren.
Die blinde vlek zal er ook binnen de reformatorische kerken zijn, maar die wereld ken ik niet goed genoeg om dit juist te kunnen inschatten. In die kring worden de puriteinen denk ik vaak door de bril van de oudvaders gelezen. Ik vraag me af of ze dan allemaal recht gedaan worden.
Hoe ik dat bedoel? Ik moet nu voorzichtig zijn, maar heb bijvoorbeeld een vertaling van John Owens verklaring van Psalm 130, uitgegeven bij Den Hertog, in handen gehad. Als ik zie hoe dat is vertaald, dan denk ik: "Het is net alsof je Owen door een filter leest". Ik vond de kwaliteit van de vertaling mager, maar het is naar mijn gevoel ook in zo'n reformatorisch taalgebruik neergezet, waardoor het maar door een heel selecte groep te pakken valt'.
Bol zegt hiermee dat Owen een bevindelijk-gereformeerd taalgebruik in de mond gelegd krijgt. Wat betekent dat? 'Ik heb slechts kleine stukjes gelezen, maar ja, wat verlies je in die vertaling? Een stuk directeheid, een appèl, waarbij je ervaart dat een preek voor deze tijd spreekt.'
Gebed om opwekking
De voorzitter van de Whitefield Stichting erkent dat er parallellen zijn met wat Aad Kamsteeg en zijn blad 'Christen Vandaag' doet. 'Het is apart dat de ontdekking van Kamsteeg gelijk loopt met het lanceren van onze stichting. Er is veel overeenstemming: beide hebben veel waardering voor waar de puriteinen mee komen, ook voor de moderne zegslieden als Packer en Lloyd Jones en in mindere mate Jerry Bridges, al leunt die niet zo erg op de puriteinse traditie. Wij kiezen als stichting nog nadrukkelijker voor de puriteinse variant.'
Heet uw stichting naar Whitefield, vanwege diens ruime aanbod van de genade, waarbij hij vasthield aan de verkiezing?
'Als stichting willen we ook aandacht vragen voor opwekkingsbewegingen in de angelsaksische wereld die een nauwe of wat minder nauwe verwantschap met het puritanisme hebben. Ook daarom heten we naar Whitefield. We willen tevens het gebed om opwekking bevorderen, als we daar mogelijkheden voor zien. We actualiseren dan het verhaal van de opwekkingspredikers.
Whitefield was volgens lan Murray in het boek 'The Puritan Hope' een beslissende schakel tussen het puritanisme van de zeventiende eeuw naar de moderne evangelische beweging van de negentiende eeuw. Daar zet hij Whitefield tussen. Het theocrafische ideaal was prijsgegeven en dan komt Whitefield als een rondreizend opwekkingsprediker, die het vooral verwachtte van het bereiken van zoveel mogelijk mensen met het Evangelie, en zo van onderaf, van binnenuit het zuurdesem wilde laten doorwerken.'
Is hij ook een schakel tussen evangelicaal en reformatorisch?
'Ja, ook daarom dragen we zijn naam. Hij was een uitgesproken evangelical calvinist, die botste met Wesley maar toch de band met hem vasthield. In die zin vind ik Whitefield een heilzaam voorbeeld, omdat men in Nederland elkaar om veel minusculere verschillen loslaat.
We oriënteren ons breed, maar vinden niet dat theologische standpunten er niet toe doen. Wij kiezen als stichting voor het evangelische calvinisme, maar schuwen geen contacten met evangelische arminianen, van wie Wesley een prototype was. Heel veel evangelischen in Nederland zijn volgens mij arminiaans in hun denken.' De Whitefield Stichting heeft in haar grondslag geen belijdenis, ook niet de Westminster Confessie. 'Dat is voor ons een brug te ver, omdat we een evangelische organisatie zijn. In ons bestuur zitten tot nu toe geen reformatorische mensen. In de redactie van ons blad zit wel L. J. van Valen. Niet dat we hen niet zouden willen, maar we zijn als evangelische club begonnen, zien nog geen reden dat aan te passen, maar staan er wel voor open dat het nog gebeuren gaat.'
Is dat niet dubbel: alleen evangelischen in het bestuur en wel prof. De Reuver in het comité van aanbeveling?
'Hem hebben we daarvoor gevraagd, omdat we het belangrijk vinden om bruggen te bouwen tussen evangelische en reformatorische christenen. Beiden kunnen veel van elkaar leren.'
Beleefd geloof
Ds. Van Vlastuin zette zijn lezing in met de stelling dat christelijk Nederland behoefte heeft aan beleefd geloof. 'De kwaal van de kerk ligt in de verschraling van innerleijke vroomheid. De leer en de doorleving van de leer zijn de benen waar het christelijk leven op staat.'
De predikant uit Opheusden definieerde christelijke spiritualiteit als de geestelijke ervaring die we opdoen als we door Woord en Geest in Christus gemeenschap oefenen met de Drie-enige God. 'Dat betekent altijd dat Christus in het centrum staat. In Christus is in het Nieuwe Testament een belangrijke uirdrukking. De Vader gaf hiertoe Zijn Zoon aan de wereld en geeft zo Zichzelf.' Ds. Van Vlastuin citeerde hier John Owen: 'Als er een goedkopere weg zou zijn om de vloek te dragen, zou Christus' offer niet nodig zijn'. Die gemeenschap met Christus bewaart, aldus de predikant, zowel voor een mystiek waarin het onderscheid tussen Schepper en schepsel vervaagt als voor een moralisme waarin het houden van tradities belangrijker is dan de persoonlijke band met God door de Heere Jezus Christus. Hij noemde het christocentrische een schildwacht bij alle geestelijke ervaringen.
Deze Christus zendt de Geest, Die in ons woont. Hij bewerkt een vroomheid die in de katholieke gemeenschap van alle tijden functioneert. Die omgang met God kenmerkt zich door eerbied en ontzag, een besef van eigen onwaardigheid en een diepe vreugde in God, zei ds. Van Vlastuin. 'Evangelische zondekennis komt op uit de kennis van God: we overtreden niet de wetten van een koele koning, maar zijn ontrouw aan de goede Koning.' Het geestelijke leven komt tot rust als we zien dat Christus gezonden is door de Vader en gezalfd is door de Geest.'
Nog één keer voorzitter Jeroen Bol: 'Het leven met God en het praktische leven horen bij elkaar. Ik word erg aangesproken door het theocratische van de puriteinen, die het totale leven aan God wijden. Dat is geen doperse praktijk, maar een calvinistisch ideaal'.
Bezoekers aan de Whitefield-studiedag zingen:
U bent mijn schuilplaats. Heer,
U vult mijn hart steeds meer
met een verlossingslied.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 13 november 1997
De Waarheidsvriend | 20 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 13 november 1997
De Waarheidsvriend | 20 Pagina's