De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

Predik het Evangelie!

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Predik het Evangelie!

Geen verdoemenis.

7 minuten leestijd

Met ingehouden huiver zet ik me aan het schrijven van dit stuk. Het onderzoek onder de achterban van de EO, waarover ik vorige week al schreef, bracht aan het licht dat, terwijl 94 procent gelooft in het bestaan van de hemel, 80 procent zegt te geloven in het bestaan van de hel. Het feit, dat 20 procent zegt niet in de hel te (kunnen) geloven, geeft reeds aanleiding tot brede discussie daarover.

Een puur rationele discussie over de hel, over eeuwige verlorenheid, kan dat wel? Een enquête over het bestaan van de hel, kan dat wel? Wat zullen mensen dan invullen? Wie zich poogt in te denken wat verloren gaan betekent kan daar toch maar moeilijk louter verstandelijk op ingaan? Ook in de Nederlandse samenleving als geheel wordt meer in het bestaan van de hemel dan in het bestaan van de hel geloofd. In de jaren zestig geloofde nog 32 procent van ons volk in het bestaan van de hel, nu, in 1997 is dat percentage gehalveerd. De cijfers over geloof in de hemel liggen nog steeds aanmerkelijk hoger. Wanneer er nog sprake is van geloof in leven na de dood, dan moet het toch om hemel gaan en niet om hel. Over de hel spreekt menigeen toch ingehoudener dan over de hemel.

Aangevochten

Het geloof in de twee wegen, eeuwig wel en eeuwig wee, is altijd bestreden of aangevochten geweest, ook in de geschiedenis van de kerk.

Het verdraagt zich toch niet met Gods liefde, dat een mens verloren gaat? Die vraag of er sprake is van          ' verloren' komt bijvoorbeeld onweerstaanbaar op mensen af bij het verlies van geliefden, met name wanneer die kerk en geloof de rug hadden toegekeerd.

In de kerk van Rome kwam het in de middeleeuwen tot de voorstelling van een vagevuur, een toestand tussen hemel en hel.

Er moest ook na de dood nog een ontkomen mogelijk zijn aan eeuwige verlorenheid.

Anderzijds heeft zich in allerlei vormen de gedachte van algemene verzoening voorgedaan. Gods barmhartigheid, denkt men, zal het uiteindelijk winnen. De verzoening wordt dan wereldwijd getrokken: God was in Christus de wereld met zichzelf verzoenende, hun zonden hun niet toerekenende...De verwerping, waarvan de Schrift spreekt, is - zo wordt dan theologisch gesteld - Christus ten deel gevallen. Daarom mag ieder delen in de verkiezing.

Maar ook waar de algemene verzoening wordt afgewezen en zelfs waar de on-mogelijkheid om zalig te worden sterk wordt benadrukt verzachten de gedachten soms wanneer de dood dichtbij toeslaat.

Wie zal ook het laatste woord durven spreken als het gaat om de miljoenen mensen in de wereld, die nooit van Christus hebben gehoord? En hoe zit het met de joden, die nog steeds in de verwachting van de komende Messias teven? Deze en andere soortgelijke vragen komen op wanneer men zich de ernst van de verlorenheid indenkt.

Als zodanig is het niet verwonderlijk, dat ook in de EO-enquête met meer terughoudendheid werd gesproken over de hel dan over de hemel.

Openbaring

Niet de aanvechting heeft echter het laatste woord, ook niet ons menselijk gevoelen aangaande Gods liefde en barmhartigheid. God heeft Zich niet alleen geopenbaard als 'een liefdevol Vader' - zoals de ondervraagden in het onderzoek Hem graag zien - maar ook als Rechter. En dan verbloemt de Schrift de donkere kant van het oordeel niet. In het licht van Gods wet is de ganse wereld voor God verdoemelijk, zegt Paulus (Rom. 3 : 19). Maar intussen komt dat verdoemelijk-zijn in de Schrift niet geïsoleerd voor. Direct nadat Paulus dit zwaargeladen woord heeft gebruikt, komt hij te spreken over 'de rechtvaardigheid Gods door het geloof van Jezus Christus, tot allen, en over allen die geloven' (vs. 22). En direct komt hij te spreken over de verzoening door het bloed van Christus. Elders zegt hij: Want God was in Christus de wereld met Zichzelf verzoenende, hun zonden hun niet toerekenende' (2 Kor. 5 : 19). 'De schuld is uit één misdaad tot verdoemenis, maar de genadegift is uit vele misdaden tot rechtvaardigmaking' (Rom. 5 : 16).

Christus preken

De kerk preekt niet de verdoemenis maar Christus, die dood en hel heeft overwonnen. De kerk predikt kruis en opstanding. Bij de prediking van het kruis vallen echter wel de beslissingen. 'Want het woord des kruises is wel degenen, die verloren gaan, dwaasheid; maar ons die behouden worden, is het een kracht Gods.' (1 Kor. 1 : 18). En: Het heeft God behaagd door de dwaasheid der prediking zalig te maken die geloven' (vs. 21).

De gedachte van algemene verzoening vindt haar grond niet in de Schrift. 'Die geloofd zal hebben en gedoopt zal zijn, zal zalig worden, die niet geloofd zal hebben, zal verdoemd worden' (Mark. 16 : 16). Daar, waar Christus gepredikt wordt, vallen de beslissingen. Daar gaan de wegen uiteen: verloren of behouden. Het is echter opmerkelijk, dat de Schrift hier steeds in de persoonlijke zin spreekt; vanuit de triomf der genade voor allen, die persoonlijk bij Christus horen: God is het, die rechtvaardig maakt, wie is het die verdoemt'? (Rom. 8 : 34). Er is geen verdoemenis voor degenen, die in Christus Jezus zijn, die niet naar het vlees wandelen maar naar de Geest (vs. 1). Die in Hem gelooft, wordt niet veroordeeld, maar die niet gelooft is al veroordeeld (Joh. 3 : 18).

Daar waar Christus wordt verkondigd en Hij wordt verworpen is sprake van verlorenheid, eeuwig oordeel, van verdoemenis. Waar Hij in geloof wordt aangenomen is eeuwig leven. Het oordeel wordt in de Schrift niet collectief uitgesproken. Zoals genade particulier is, zo is ook de afwijzing van het heil in Christus particulier. Wanneer aan Christus wordt gevraagd of er ook weinigen zijn die zalig worden is Zijn antwoord: strijdt gij om in te gaan.

Missionair

Prediking van de twee wegen wordt vaak aangemerkt als prediking van 'hel en verdoemenis'. Dat zou alleen gelden wanneer het heil ontbreekt in de verkondiging. De kerk predikt Christus. Maar Hij is wel gezet tot val en opstanding, zowel in Israël als onder de volkeren. Daarom gaat het om de allesbeslissende keuze, waartoe de kerk in haar verkondiging oproept.

De vraag hoe het gaat met al die miljarden mensen, die op deze aarde leven zonder van Christus te hebben gehoord, wordt niet opgelost met speculatieve beschouwingen. Er is maar één antwoord: het Evangelie zal wereldwijd verkondigd worden. De uitkomst van het missionaire bezig zijn van de kerk is aan God. En hoe Hij handelt met diegenen, die nooit van Hem hoorden, ligt in Zijn Raad besloten. De Schrift tekent echter wel leven in het leven van de volkeren buiten Christus als duisternis. Daarom is de kerk missionair. Is ze het niet dan is ze schuldig aan de wereld, die van de enige Naam tot behoud verstoken blijft. In de duisternis van de wereld zal het Licht in Christus opgaan. Volkeren, die in duisternis wandelen, zullen een groot Licht zien. De belofte is genoeg om met Hoop apostelair uit te gaan de wereld in.

Het gaat hier op het scherp van de snede. Waar Christus in de verkondiging, dicht bij en ver weg, niet wordt gepredikt als de enige weg tot behoud, zal men schuldig staan aan het bloed der zielen, dat eenmaal van de hand der dienaren wordt geëist. Dat is het geval waar het mankeert aan de prediking van de twee wegen. Hetzij doordat slechts één weg, van algemene verzoening wordt verkondigd, waarbij het niet meer aankomt op de beslissende keuze, in de weg van bekering. Hetzij doordat slechts het oordeel wordt aan-gezegd zonder dat Verzoening wordt uit-gezegd.

Appèl

Uit het eerder genoemde onderzoek is duidelijk geworden, dat ook in rechtzinnige kring meer dan vroeger wordt getwijfeld aan de mogelijkheid van verloren gaan. Het zou kunnen zijn, dat in de prediking hier en daar ook minder de twee wegen aan de orde worden gesteld.

Ik eindig echter met dat waarmee ik begon. Over de verlorenheid valt niet puur verstandelijk te spreken.

'Wee mij, als ik het Evangelie niet verkondig', zegt Paulus.

Wij bidden u van Christuswege, laat u met God verzoenen!

'Predik het woord; houdt aan tijdelijk, ontijdelijk; wederleg, bestraf, vermaan in alle lankmoedigheid en leer'. Paulus heeft er maar één motief voor, namelijk dat God in de Heere Jezus Christus de levenden en doden oordelen zal in de verschijning in Zijn Koninkrijk (2 Tim. 4:1, 2). Er is geen verdoemenis voor degenen, die in Christus Jezus zijn.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 4 december 1997

De Waarheidsvriend | 20 Pagina's

Predik het Evangelie!

Bekijk de hele uitgave van donderdag 4 december 1997

De Waarheidsvriend | 20 Pagina's