Het Licht schijnt verder
'Er was een mens van God gezonden, wiens naam was Johannes. Deze kwam tot een getuigenis, om van het Licht te getuigen, opdat zij allen door hem geloven zouden. Hij was het Licht niet, maar was gezonden, opdat hij van het Licht getuigen zou.' (Johannes 1 : 6-8)
Het Licht schijnt volop in de prediking van Johannes. De voorloper van het Licht gaat in zijn getuigenis achter het Licht schuil. De kleine lichtdrager bestaat bij de gratie van het grote Licht. Zonder dat Licht zou de getuige geen bestaansgrond hebben.
Er was een mens... Een mens: geschapen naar Gods Beeld. Een mens: gevallen in zonde. Een mens: onbekwaam tot enig (zaligmakend) goed en geneigd tot alle kwaad. Moet een mens ervoor gaan om te getuigen van het Licht?
God vindt van wel, want: 'een mens van God gezonden'. Johannes heeft zichzelf niet opgeworpen als getuige. Hij domineerde niet op eigen houtje. Gód was zijn Zender.
Een mens van God gezonden. Daarom getuige in opdracht en met volmacht van God. Johannes: een Godsgezant. Gezaghebbend want een getuige in de Naam des Heeren.
Een mens van God gezonden, wiens naam was Johannes. Vernoemd was hij niet, want God had zijn naam genoemd. Dat had die andere Godsgezant tot vader Zacharias gezegd: '(...) en gij zult zijn naam heten Johannes'.
Zelfs in zijn naam moest Johannes van Zijn Naam getuigen: de HEERE is genadig. De God van het Verbond is een God van genade.
Johannes: een getuige van de gratie Gods. De heraut van de Koning getuigt ook bij de gratie Gods. De Koning Zelf heeft die gratie niet nodig om te regeren. Hij verleent gratie. Hij bewijst Zijn genade, want Hij is genadig.
Deze kwam tot een getuigenis... Johannes kwam want God zond hem. De Zender draagt Zelf zorg voor de voortgang van het getuigenis. Johannes kwam tot een getuigenis. Daar kwam hij voor. Johannes kwam tot zijn doel: om van het Licht te getuigen. Hij kwam voor Hem uit. Johannes kwam niet om van zichzelf te getuigen. Hij predikte niet zichzelf. Wat arm als de kracht van het getuigenis in de getuige zou liggen. Gelukkig ligt de kracht in het getuigenis van Johannes want dat is een getuigenis van het Licht!
Hij kwam niet met praatjes voor de vaak en ook niet met verhaaltjes voor de vuist weg. Johannes had één getuigenis: om van het Licht te getuigen. Hij wees op de noodzaak van dat Licht, want het zondaarshart is zo duister.
Hij bleef niet steken in 'vrome' praatjes over die duistere wereld en die donkere tijd. Hij getuigde niet van de duisternis maar hij getuigde van het Licht. Daaruit bleek dat God hem gezonden had. En zo getuigde Johannes steeds maar weer van het Licht der mensen. Van Jezus Christus want Hij is het Licht der wereld. 'Een licht, zo groot, zo schoon, gedaald van 's hemels troon'.
Dit getuigenis had Johannes niet bedacht. Hij had het voor honderd procent van de Ander, de Zender. Hij had Zijn Woord gehoord. Hij gaf der waarheid getuigenis. En dan komt het Licht in het getuigenis naar voren want de Schriften getuigen van Christus.
Dat getuigenis heeft de wereld nodig, al zat en zit ze er bepaald niet op te wachten. Wij mensen hebben de duisternis liever gehad dan het licht. Wat een duisternis in ons zondaarsbestaan.
Nu klinkt in ons bestaan een getuigenis van het Licht. Om 't donker op te klaren. Dat maken wij niet. Dat klaren wij niet. Die duisternis wordt ook niet door een getuige van het Licht verdreven. Alleen het Licht verdrijft onze duisternis.
Het Licht is in de wereld gekomen. Van dat Licht mag en moet getuigd worden. Het doel daarvan is: '(...) opdat zij allen door hem geloven zouden'. Het getuigen van het Licht beoogt het behoud van de hoorders.
Let wel, Johannes getuigt van het Licht tot allen die hij op zijn preekpad tegenkomt. Hij selecteert zijn gehoor niet. Hij sticht geen gemeente van enkel wedergeborenen. Hij maakt geen scheiding tussen kaf en koren. Niet hij, maar Christus zal Zijn dorsvloer doorzuiveren.
Johannes getuigt van het Licht, opdat zij allen door hem geloven zouden. Hij zegt niet dat ze allemaal kinderen van het Licht zijn, maar dat ze dat alleen nog niet weten. Tegelijk heeft hij niemand over voor de duisternis want hij gunt het iedereen om een kind van het Licht te zijn.
Opdat zij allen door hem geloven zouden. Alleen door het geloof komt het Licht in ons leven. De hoorders van het getuigenis hebben geopende ogen nodig om het Licht te aanschouwen.
Heeft het Licht onze duisternis al verdreven? Welgelukzalig zijn we als we door het geloof het Licht mogen zien. Is het nog donker? Hier is het getuigenis van het Licht. De genadige God van het Verbond wil blinden geopende ogen geven. Wie biddend pleit op Zijn trouwverbond zal ziende worden. Dan gaat en blijft het Licht der wereld in je leven schijnen.
'(...) door hem geloven zouden.' Johannes was Gods instrument. Hij kwam tot een getuigenis om van het Licht te getuigen. Hij kon geen ogen openen. Dat deed en doet de herscheppeiide God door het Woord. Dat Woord mocht Johannes getuigend doorgeven.
Hij kwam om van het Licht te getuigen.. Hij was het Licht niet. Dat gaf hijzelf duidelijk aan: 'Ik ben de Christus niet'. Hij was alleen een getuige van het Licht. Een drager van het Licht. Een brandende en lichtende kaars. Meer niet.
Johannes was het Licht niet, maar was gezonden, opdat hij van het Licht getuigen zou. Verder kon hij niet komen. Meer licht had hij: niet, want meer dan het Licht is er niet om van te getuigen.
De stem van Johannes wordt op aarde niet meer gehoord. Maar het getuigenis klinkt door, ook in deze adventstijd. Het Licht schijnt steeds maar door. Het Licht schijnt verder. Het Licht kan niet uitgedoofd worden, want het Licht is de eeuwige Heere. De grote Christus is het eeuwig Licht,
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 11 december 1997
De Waarheidsvriend | 20 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 11 december 1997
De Waarheidsvriend | 20 Pagina's