Gemeenteavonden met jong en oud
In het kader van het HGJB-project 'Jong en oud in één gemeente' ben ik de afgelopen tijd nogal eens op stap geweest om hier en daar het thema in te leiden tijdens gemeenteavonden. Dat heeft bijzonder fijne
ervaringen opgeleverd. Graag wil ik daarvan in dit artikel iets doorgeven. Ik doe dat voor de overzichtelijkheid puntsgewijs. Daarbij zal ik op een heel positieve wijze over de jeugd schrijven. Het is echter niet mijn bedoeling daarbij te generaliseren. Er zijn ook in de gemeenten helaas heel wat jongeren die zich lauw en onverschillig opstellen, die heel moeilijk te bereiken zijn en voor een kerkelijke activiteit niet of nauwelijks in de benen te krijgen zijn. Maar er is ook een bewust meelevende kerk en met name die kern kan nog veel
beter ingeschakeld worden dan tot nog toe het geval is. De jeugd is present! Om te beginnen was het opmerkelijk dat op elk van die gemeenteavonden jongeren present waren en dat werd niet vanzelfsprekend
gevonden. In meer dan één gemeente werd door de predikant die de avond leidde, opgemerkt dat voor het eerst behalve ouderen en jonggehuwden ook jongeren aanwezig waren. Kennelijk zien ook meelevende jongeren een gemeenteavond niet spontaan als een activiteit waarbij zij verwacht worden en die ook voor hen bestemd is. Een eventuele opwekking aan hun adres vanaf de kansel en in de kerkbode om ook te komen, sorteert niet het gewenste effect. Dat mag ons te denken geven. Realiseren we ons wel ten volle dat de jeugd een onmisbaar deel van de gemeente vormt? De benaming 'gemeenteavond' of 'wijkavond' houdt toch in
dat het gaat om een ontmoetingsavond voor allen die met de gemeente meeleven? Dat kleine kinderen daarbij om praktische redenen uitgesloten worden, is begrijpelijk. Maar de jongere gemeenteleden kunnen
evenmin als de ouderen worden gemist. Ontbreken zij, dan is de gemeenteavond geen gemeenteavond meer. De jeugd is actief! De opzet die voor zulke gemeenteavonden gekozen wordt, is over het algemeen als
volgt: mijn inleiding wordt voorafgegaan door een tweetal bijdragen vanuit de (wijk)gemeente zelf. Een ouder gemeentelid en een jonger gemeentelid vertellen in het kort hoe zij tegen de gemeente aankijken en wat zij van de jongere gemeenteleden, respectievelijk van de ouderen verwachten. Dat geeft veel herkenning binnen
de gemeente en functioneert als een stimulans voor de discussie na de pauze. Tijdens de discussie komen de jongeren meestal niet zo naar voren wanneer deze plenair wordt gehouden, maar des te meer wanneer
er discussiegroepjes worden gevormd. Zelf heb ik op verschillende plaatsen de gesprekken in zulke groepjes, die dan ook weer 'gemengd' samengesteld waren uit jongeren en ouderen, kunnen volgen. Het is dan verrassend om te zien hoe openhartig de generaties met elkaar in contact komen, bijvoorbeeld over de vraag
of geloven vroeger gemakkelijker was dan nu. Overigens komt zo'n ontmoeting het beste van de grond wanneer de avond wat intensiever is voorbereid door een werkgroep van jongeren en ouderen. De leden van
zo'n werkgroep zijn dan al extra gemotiveerd en fungeren als gangmakers van de gesprekken in de discussiegroepen. De jeugd is positief! Vaak is er een zekere schroom om een gemeenteavond te beleggen over een onderwerp als jong en oud in één gemeente'. Men is blij met een zekere rust en een evenwicht in de gemeente. Het gevaar van polarisatie, van toenemende tegenstellingen en van verhitte discussies ligt op de
loer. Wanneer je nu zo in het openbaar jongeren aan het woord laat komen, weet je maar niet wat je aanhaalt. Straks komen ze nog met allerlei revolutionaire voorstellen om de liturgie ingrijpend te wijzigen of andere vernieuwingen binnen de gemeente door te voeren. En als je eenmaal zo'n avond hebt gehouden, moet er toch ook een vervolg komen. Kun je dan maar niet beter een 'veilig' onderwerp aan de orde stellen?
Ik denk dat hier de vrees weer eens een slechte raadgeefster is. Wat ik ervan heb meegemaakt, wijst helemaal niet op een 'drammerige' opstelling van onze jongeren. Zeker, ze hebben zo hun wensen ten
aanzien van bepaalde veranderingen. En hun argumenten verdienen het gehoord en goed overwogen te worden. Maar ze geven ook aan dat er met ouderen net zo goed rekening gehouden moet worden als
met henzelf. Waar ze vooral om vragen, dat is om openheid en vertrouwen. Het gaat hen om mogelijkheden om meer samen gemeente te zijn door elkaar echt te ontmoeten en van hart tot hart met elkaar te praten over de mooie en moeilijke dingen van geloven in deze tijd. Het valt ouderen tijdens zo'n gemeenteavond vaak
reuze mee wat jongeren naar voren brengen. Iemand zei: 'ik wist niet dat onze jeugd zo positief was en dat er zoveel bij ze leeft!'
De jeugd is paraat!
Wat meer dan eens terugkomt op zo'n avond, is de vraag naar het vervolg. Verscheidene jongeren zijn paraat om hun steentje bij te dragen in de gemeente. Ze geven aan dat ze, hoewel ze het ook heel druk hebben met werk en school, met hobby's en vriendschappen, best wel wat willen doen voor de kerk. Als het erop aan komt, zijn jongeren dikwijls nog eerder in de benen te krijgen dan ouderen. Maar het gaat dan wel om het creëren van goede mogelijkheden om echt mee te doen. Nog al te vaak krijgen jongeren in feite te horen:
er is voor jullie niets te doen. De ouderen knappen het wel voor jullie op, luisteren jullie nu maar en volgen jullie nu maar, dan is er later voor jullie ook wat te doen in het ambt of in een commissie. Ik denk dat dit een punt van grondige bezinning zal moeten zijn in de kerkenraden. Laten we eens de gaven en mogelijkheden
van onze jongeren in kaart brengen en dan ruimte scheppen om ze met die gaven en talenten echt in te schakelen. Er is veel te doen, maar het werk rust in de praktijk veelal op te weinig schouders. Dat is niet
nodig, wanneer we een beroep durven doen op elkaar en ook onze jongeren echt verantwoordelijkheden willen toevertrouwen.
Twee stemmen
Tenslotte geef ik graag in het kort iets door van wat een jongere en een oudere in een gemeente ergens in Nederland tijdens zo'n gemeenteavond naar voren brachten. De jongere: 'Ouderen leven meestal in een andere wereld: ze hebben hun baan, hun huis en allerlei drukke bezigheden. Daarom is er weinig contact met de jeugd. Jongeren en ouderen leven vaak langs elkaar heen. Mede daarom hebben de ouderen snel kritiek op de jongeren: op hun kleding en uiterlijk, op hun muziek. Ouderen zeggen jongeren hoe het moet, ze willen hen graag alles precies voorschrijven en durven ze niet goed los te laten. Jongeren van hun kant willen wel naar ouderen luisteren, maar zitten ook met het punt dat ze niet graag uit de groep van hun leeftijdgenoten willen vallen. Maar ze willen ook graag profiteren van de ervaring van ouderen. In elk geval is het meest belangrijke: elkaar in alle dingen leren kennen!' De oudere: 'Het is belangrijk heel ongedwongen met jongeren in contact te komen, bijvoorbeeld via sport en spel. Ze zijn heel ongedwongen, open en soms brutaal. Clubwerk geeft een band met de jongeren, zeker als je ze een aantal jaren achter elkaar meemaakt. Opvallend is hun eerlijkheid. Preken vinden ze behoorlijk lang en moeilijk. Maar de lengte op zichzelf hoeft voor hen geen probleem te zijn, zolang ze het maar kunnen begrijpen.
Er is veel uitleg nodig, omdat de jongeren allerlei gewoonten en gebruiken die in de Bijbel worden verondersteld, niet meer kennen. De slotsom van deze mevrouw was: 'Ik leer er heel veel van om met jongeren om te gaan!'
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 18 december 1997
De Waarheidsvriend | 16 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 18 december 1997
De Waarheidsvriend | 16 Pagina's