De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

Religie en Religieus besef (2)

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Religie en Religieus besef (2)

Een studiedag

9 minuten leestijd

Weg van Bavinck!?

De middagsessie werd geopend met twee workshops, waarin vanuit een missiologische optiek gereflecteerd werd op het thema 'Weg van Bavinck!? '. Drs. R. v. Essen sprak over het thema 'Hoe serieus neem je volksgeloof? '

Hij hield zijn gehoor voor dat het dictum van Karl Barth 'religion ist unglaube' niet gebruikt mocht worden om de authentieke emoties en overtuigingen weg te walsen. Het geloof is bevindelijk. De verborgen omgang met God is wezenlijk voor het geloof. Hoe komt het dat onder veler preken een mens zo'n kilte vervaart? Hoe komt het dat vele liederen die de banvloek van musicologen en tekstdichters treffen juist zo'n ingang hebben in veler harten? Bavinck is het die het 'religieus besef serieus neemt! Hij neemt de andere mensen serieus. Drs. Van Essen geeft 10 ervaringen met volksgeloof weer uit zijn pastorale praktijk. En hij concludeert vervolgens dat wij Christus niet 'brengeri' in de context van mensen, maar dat we mogen zien wat Hij daar al gedaan heeft en welke nood Hij 'ontdekt' heeft, welke vreugde erom vraagt gedeeld te worden.

Over het laatste ontspon zich een discussie en gingen de wegen uiteen.

Ook het toetsen van de ervaringen van het volksgeloof kwam ter sprake. Immers op grond van ervaringen kunnen de vreselijkste dingen bedreven en gesanctioneerd worden.

Ds. H. Olde, een leerling van Bavinck leverde een bijdrage in de tweede workshop. Een niet onbelangrijke vraag stelde hij o.a. aan de orde: Zijn we vandaag bezig om 'datgene wat' Bavinck meegebracht heeft uit/ontvangen heeft in Indonesië al te kerkelijk (rationeel westers) in te kaderen? Hij ging nader in op de verhouding Evangelie en natuurreligie op het eiland Sumba.

Christelijk exclusivisme

Bavinck heeft zich nauwgezet rekenschap gegeven van de vraag hoe wij de niet christelijke mens adequaat kunnen benaderen met het evangelie. Vragen die om beantwoording vragen zijn:1. Is het aanwezige religieuze besef een voordeel of valt het onder het oordeel? 2. Wat zijn de theologische en psychologische randvoorwaarden voor een goede en eerlijke confrontatie?

Voor dit programmaonderdeel werd medewerking verleend door dr. R. van Woudenberg, universitair hoofddocent aan de VU te Amsterdam. Hij kwam met een systematische weerlegging van het meer en meer gehoorde verwijt dat het uitdragen van de christelijke boodschap een arrogante bezigheid is omdat het evangelie andere religies als een weg tot God uitsluit. Christelijk exclusivisme is moreel niet verwerpelijk zo betoogde hij.

Het is moreel niet laakbaar om zending en evangelisatie te bevorderen.

Als er een ding is wat we vandaag kunnen leren van Bavinck is het hoe we als getuigen van Christus, in onze gewone leefomgeving maar ook op plaatsen waar we zending en evangelisatie bedrijven ons kunnen hoeden voor misplaatste gevoelen van superioriteit en gevoelens van arrogantie. Het wapen dat de getuige tegen de ander keert, heeft eerst hemzelf verwond. De Heilige Geest overtuigt eerst ons en dan door ons heen de wereld.

De andere medewerker aan de middagbijeenkomst was dr. J. v. Eck, legerpredikant te Ede. Hij benaderde de problematiek vanuit de lectuur van het voor hem mooiste werk van Bavinck: Christus en de Mystiek van het Oosten.

Bavinck probeerde door ogen en oren de kost te geven, te registreren en te begrijpen, om vervolgens tot de Javanen zo over Christus te spreken, zodat ze het zouden verstaan. Het verschil tussen westerling en oosterling in de 30'-er jaren van deze eeuw wordt door Bavinck aangegeven. Wat de wereld van de oosterling betreft merkt Bavinck op dat het ontbreekt aan de werkelijkheidsbeleving. Men leeft in een betovering. Maar is de onttoverde wereld van de westerling de werkelijkheid? Helpt die een mens uit de droom?

Dr. V. Eck trok de lijnen door naar vandaag. De mensen op Java zijn van de ene droom in de andere terecht gekomen.

Wij moeten net als Bavinck de dingen van onze tijd registreren en trachten te begrijpen. Wij moderne mensen in oost en west dromen onze dromen, totdat een stem ons wakker schudt: Ontwaakt gij die slaapt. Adam, mens waar ben je? Ontwaakt, Christus zal over u lichten! Het evangelie blijft tenslotte van de andere kant komen. Bavinck wilde dat evangelie past verkondigen na lang en geduldig en in liefde geluisterd te hebben. Hij wilde niet zomaar wat in de ruimte roepen.

Die houding van luisteren, van proberen te begrijpen voordat we wat gaan zeggen is een les die we van Bavinck kunnen leren. Er is meer bedwelming in ons aller leven dan we in onszelf misschien vermoeden. Helderheid wordt geboden. Niet door mijn inzicht, maar door de stem van een Derde! God zelf, die ons uit de droom helpt.

Dr. Visser geeft in zijn slotreactie Bavincks visie op de absoluutheid van het christendom. Vanuit de godsdienstgeschiedenis kan elke godsdienst als historisch verschijnsel verklaard worden als een gedachtecomplex dat zich ontwikkelt in een toevallige culturele bepaaldheid.

Er is ook de mogelijkheid van psychologische verklaring van het religieuze leven. Het christendom is dan een gunstige combinatie van gedachten, die op verschillende manieren aansluit bij menselijke behoeften.

Deze twee verklaringen maken het christendom allerminst absoluut.

De ernstigste belemmering voor een exclusieve opstelling is van zedelijke aard:1. motief van de bescheidenheid. 2. het zou on-wetenschappelijk zijn. 3. in onze dagen van geestelijk eb is een exclusieve opstelling ongeoorloofd. 4. geeft ons de geschie­denis het recht voor deze opstelling?

Bavincks reactie op dit alles: alleen wie uitgaat van de onmogelijkheid dat religie levensgemeenschap kan zijn met de Levende als het Licht der lichten, kan het doen van absolute aanspraken als immoreel beschouwen.

Als gelovige kan Bavinck niet anders dan de werkelijkheid van de openbaring Gods in Christus belijden en daarmee ook de absolute waarde ervan.

Dit sluit echter niet uit dat er ook in andere religies een zekere kennis van God is. Dat Hij er is wordt beleefd.

De aanspraak van het christelijk geloof bestaat hierin, dat de Schrift een analoge weergave is van wat God voor de mens wil wezen. Deze aanspraak valt weliswaar niet te bewijzen, maar er zijn wel belangrijke argumenten voor te geven:1. zonde is geen noodlot maar schuld; dit gegeven dwingt altijd weer de toestemming van het mensenhart af. 2. Het evangelie is volkomen on-psychologisch. God, die vijandige mensen opzoekt en met Zich verzoent. 3. Gods liefde is uniek. Hij haat de zonde en heeft de zondaar lief. 4. Eenieder die tot het evangelie nadert, ervaart een kloof met het voorgaande. Zodra dat voor het eerste doorzien wordt, is dat vernederend, het Kruis door ons 'ik'. Maar wanneer we het eenmaal gegrepen hebben en erin rusten, dan wordt het van dag tot dag rijker.

De conclusie van Bavinck is: het evangelie is niet te vergelijken. 'Zegt ge er 'neen' op, dan kan het christendom niet anders wezen dan een waanzinnige fantasie van een overspannen geest. En zodra ge er 'ja' op zegt, dan voelt ge dat het absoluut is'. Het Licht legt altijd zijn beklemming op het mensenleven, ook al heeft men de duisternis liever dan het Licht.

In zijn reactie op dr. v. Eck onderstreepte dr. Visser nog eens de open houding van Bavinck tegenover alles wat zich op religieus gebied aandiende. Omdat hij daarin Gods bemoeienis met mensen ontdekte. Hoe heeft God zich in het leven van mensen gemanifesteerd en hoe heeft de mens daarop gereageerd? Hoe genoot hij van de samenkomsten van de Cultuur-Wijsgerige studiekring op Java, waar Javanen, Nederlanders en Chinezen elkaar ontmoeten.

Bavinck toonde oprechte interesse. Oprechte interesse staat in dienst van de echte ontmoeting van de ander. Wil het missionaire getuigenis, als voortzetting van het gesprek dat God al veel eerder begonnen was en op een mislukking is uitgelopen, slagen dan komt het erop aan door te dringen in de leefwereld en gedachtegang van de ander.

Het licht van de openbaring moet weliswaar het rebelse blootleggen. Dat doen onze rationele argumenten niet. Het profetisch getuigenis doet het! De overtuigende kracht van de Heilige Geest doet het. Zo komt het tot een breuk met de religie en de overgave aan de genade.

Deze methode vraagt uiterste zorgvuldigheid, gelovige beslistheid en oprechte nederigheid.

Navolging

De vragen die tot slot gesteld werden, heten aan actualiteit niets te wensen over. Ten aanzien van de exclusiviteit van het christelijk geloof werd opgemerkt dat men dat vandaag de dag best oppikt, maar er
dan wel bij zegt: exclusief voor jou! Ook de moslim doet aanspraak op exclusiviteit. Dat moet kunnen. Maar dan voor hem! Over deze problematiek werd nog wat doorgepraat. Er is heden ten dage nog wel wat tolerantie, maar er zijn ook duidelijk symptomen dat er een einde komt aan de tolerantie van de toleranten; een einde aan de verdraagzaamheid van de verdraagzamen. De laatste vraag was die naar de betekenis
van Bavinck voor het beleid van de GZB en IZB. Moeten we eerst en vooral afgaan op plekken waar de Geest ons is voorgegaan of moeten we naar de 'harde grond' van de geseculariseerde westerse wereld?
Dr. Visser antwoordde dat Bavinck niets kon met de a-religieuze mens. Hij ging bij voorkeur naar plekken waar er religieus al iets was. Zijn er aanknopingspunten, ga daar heen! Maar ook de agnosticus en de
atheïst niet laten lopen. Goed luisteren. Uit-luisteren. In de onbegrepen diepten van het mensenhart liggen mogelijkheden voor missionaire communicatie. Ook het agnosticisme en het atheïsme zijn antwoorden,
reacties op Gods actie. Soms... soms blijft echter alleen het getuigenis over. Tijdig of ontijdig! Dr. Visser riep tenslotte op tot navolging van Bavinck. Was het niet de apostel Paulus die opriep om navolgers Gods te zijn
en die ook schrijft: weest mede mijn navolgers... gelijk ik van Christus! De studiedag was ten einde. Drs. De Leede sloot de bijeenkomst. We gingen huiswaarts. Het was een goed initiatief geweest van GZB en IZB. Het werkstuk van ds. P. J. Visser is het waard doordacht te worden. Juist in onze dagen nu religie weer 'in' is. Wie had dat in de 80'-er jaren kunnen denken. Als gevolg van de mode- theologie van de laatste decennia was religie gedoodverfd als ongeloof. De klassiek gereformeerde uitleg van Romeinen 1 is weer volop actueel. Paulus' rede op de Areopagus horen ook wij weer met rode oortjes. A-religieus is ten diepste geen mens! Ook agnostici en atheïsten zijn religieus. Het is de roeping om in de ontmoeting met hen, hen tot die ontdekking te
brengen. Gods bemoeienis ook met hen en hun antwoord daarop... en in die ontmoeting ons niet schamen voor het getuigenis, het evangelie! Het is de verdienste van dr. Visser dat hij een aanzet gegeven heeft
vanuit Bavinck om de betekenis van het religieus besef voor de communicatie nader te doordenken.
 

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 18 december 1997

De Waarheidsvriend | 16 Pagina's

Religie en Religieus besef (2)

Bekijk de hele uitgave van donderdag 18 december 1997

De Waarheidsvriend | 16 Pagina's