De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

Torenspitsen-Gemeenteflitsen

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Torenspitsen-Gemeenteflitsen

9 minuten leestijd

MAURIK

De torenspits

Of je nu over de Provinciale weg N 320 Maurik nadert of vanuit Tiel komt, of je nu aan de overkant van de rivier over de Rijnbandijk tussen Amerongen en Wijk bij Duurstede fietst, overal torent de 51 meter hoge, met leien gedekte naaldspits van de St. Maartenskerk boven het landschap uit. Dat doet hij al meer dan 600 jaar en daarmee bewijst deze trouwe wachter zijn dienst aan de mensen tot op de huidige dag.

De klokkenverdieping heeft drie spitsboognissen in elk gevelvlak. Binnen nestelden zich graag duiven. Vroeger was men niet bang voor een beetje mest, integendeel! Mest was waardevol en kon worden verkocht aan Amerongse tabaktelers. De opbrengst maakte deel uit van het inkomen van de koster, die tevens vaak doodgraver, voorlezer en schoolmeester was.

Ooit hingen er drie klokken, maar in 1643 liet men die omsmelten tot één klok. Bij de intocht van de Fransen in 1795 schijnen de Maurikse patriotten zo hard te hebben geluid, dat er een stuk uit de klok viel. Dit stuk brons werd later verkocht voor ƒ 80, - . In 1943 werd de klok meegenomen door de Duitsers. In 1949 werd een nieuwe klok gegoten, die betaald werd uit de oorlogsschadevergoeding .

Als Hervormde Gemeente beginnen we ons ondertussen wel zorgen te maken over de staat van onderhoud, waarin hij verkeert. Al jaren brengt de Stichting Restauratie St. Maartenskerk gelden bijeen voor de zo broodnodige restauratie van deze toren. We hadden gehoopt die dit jaar op te kunnen starten, maar juist dezer dagen kwam er een schrijven binnen van de Rijksdienst voor de Monumentenzorg, dat we dit jaar nog niet in aanmerking komen voor een noodzakelijke extra dotatie aan subsidie.

Dat is jammer, maar de Kerkvoogdij (heel uitzonderlijk heeft die de toren in eigendom!) en de Stichting gaan door met de verdere voorbereiding en hopen op een extra dotatie in 1998. De aanbesteding staat gepland, alleen zal de gunning pas plaatsvinden, als de extra subsidieaanvraag wordt gehonoreerd.

Het kerkgebouw

Ondertussen vraagt u zich af, wat voor kerk bij deze imposante toren hoort? ! Als u hem nog niet van binnen hebt bewonderd bijv. tijdens Kerkepad 1994, dan wil ik proberen iets van mijn enthousiasme over dit prachtige kerkgebouw op u over te brengen. En daarin is iedere kenner het met mij eens!

Deze dorpskerk was gewijd aan St. Maarten, van wie wij juist dit jaar herdenken, dat hij 1600 jaar geleden, 8 november 397 om precies te zijn, op 81-jarige leeftijd de geest gaf tijdens de Uitoefening van zijn pastorale plichten. Martinus' leven was en is voor velen een leven dat navolging verdient. Als teken hiervan zijn in Europa duizenden kerken en kapellen aan hem gewijd (in Nederland meer dan 100). Het was in de Middeleeuwen gebruikelijk dat iedere nieuw gebouwde kerk werd vernoemd naar een heilige waarmee de stichters een bepaalde band hadden.

Nu is het heel frappant dat Jan van den Doem, de bouwer van de Utrechtse Dom of St. Maartenskerk (!) tussen 1371 en 1378 aan het Maurikse kasteel werkte. Het is waarschijnlijk, dat hij aanwijzingen gaf bij de bouw van de Maurikse toren. De eerste vier geledingen stammen uit die tijd. Het koor met de gotische ramen stamt uit de tweede helft van de 15e eeuw en is gedekt met stenen kruisribben.

De fresco's zijn helaas verbleekt en daardoor moeilijk te bezichtigen. Ze werden tijdens de restauratie in 1920-'25 ontdekt. Op de zuidwand in het koor is een grote fresco zichtbaar met Maria onder een baldakijn, een geopend boek op haar schoot en omringd door de 12 apostelen. Op een kleinere daaronder deelt een bisschop aan vier geknielde nonnen de communie uit. Op de noordwand bevindt zich een voorstelling van de St. Hubertusjacht met daaronder de kruisafname van Christus.

Het schip is het jongste deel van de kerk en heeft een houten tongewelf. Het werd rond 1520 vervangen en heeft korfboogvensters. In die tijd werd de toren met een geleding verhoogd, omdat het nieuwe schip breder en hoger werd dan het vorige. Tegenover de ingang staat de oude schepenbank uit 1692. Hier zaten tijdens de dienst schout en schepenen. In het midden, voor de pilaar, was de zetel van de schout. Erboven, in houtsnijwerk, is het wapen van de oude heerlijkheid Maurik te zien: een droogscheerdersschaar. Op de bovenrand staan de namen van het college met hun functies: Marten Dolman (president), enz.

Het huidige orgel is afkomstig van de fa. van Oeckelen & Zn., orgelmakers te Harense Molen bij Groningen. Het is eenklavierig met aangehangen pedaal en heeft 9 stemmen, waarvan een Bourdon 16 voets verdeeld over bas en discant. Achter het orgel bevindt zich een wijzerplaat uit 1816. Die werd na het overlijden van ds. Ass. Hanssen de Rooij (stond hier van 1790 - 1816), die erg lang preekte, in de kerk aangebracht.

De preekstoel is sinds 1863 verplaatst van midden voor het koor naar de zuidhoek. Om de juiste plaats te kunnen bepalen waar hij moest staan, werd ds. Nic. J. H. Oudegeest gevraagd om een aantal proefpreken te houden. In maart 1863 werd de proefneming geslaagd genoemd, maar met de opmerking dat de dominee krachtiger dan normaal gesproken had. Er was dus wel een nieuwe proefpreek nodig.

Deze verandering was nodig vanwege een tekort aan zitplaatsen. De secularisatie heeft ondertussen ook in onze gemeente toegeslagen en we hebben de banken in het koor alleen nog nodig op hoogtijdagen. De kerk zou er bijzonder van opknappen als ze zouden verdwijnen en er een aantal mooie Oudhollandse knopstoelen voor in de plaats kwam.

Het stenen gedeelte van de kansel staat op het voetstuk van de oude doopvont (sic!) uit de 15e eeuw. De Statenbijbel op de kansel is een geschenk van voornoemde ds. Oudegeest en dateert uit 1663. Voor de kansel ligt de grafsteen van jonker Willem van Eek, overleden op 5 november 1624. Zijn wapen op de steen is weggebeiteld toen de Fransen in ons land kwamen. Van deze jonker hing voor 1794 ook een rouwbord in de kerk, waarop het wapen van zijn familie was afgebeeld.

Hagepreken

In 1565 wordt er een hagepreek te Maurik vermeld. Drie inwoners van Wijk bij Duurstede, nl. Johan Hendrikss. van Cothen, Jan Janss. Stoeldraaijer en Hendrik Hermanss. gingen naar Maurik, om daar een vergadering der 'nije leer' bij te wonen. De wetten van Karel V omtrent de 'gereformeerde religie' stonden het niet toe om dergelijke bijeenkomsten bij te wonen. De schout van VVijk bij Duurstede waarschuwde de 3 personen dan ook onmiddellijk. Goede raad is duur.

Korte tijd later gingen de drie weer naar zo'n bijeenkomst en Jan Stoeldraaijer kreeg er 'ketterse boeken'. Toen zijn echtgenote de boeken onder ogen kreeg, deed ze haar 'plicht' en de boeken werden verbrand. Intussen werden de gangen van het drietal nagegaan door justitie. Het duurde niet lang of ze werden gevangen genomen en in Utrecht opgesloten. Op 28 febr. 1565 verschenen ze voor de rechter. Stoeldraaijer liet zijn ketterse gevoelens varen en bezocht zelfs dagelijks weer de mis. De beide anderen toonden berouw.

Op 20 dec. 1568 worden door Alva Claes Gilless. van Wijck, Jasper van Hattem, Dirk en Johan van Hattem allen uit het naburige Ingen, verbannen. Ook Willem Jan Stevenss. uit Maurik zou beeldenstormerij hebben gepleegd. Zo rond 1580 werd het evangelie in Eek, Maurik, Zuilen, Schalkwijk en Everdingen in het openbaar verkondigd. M.a.w.: hagepreken werden nog steeds oogluikend toegestaan.

Voorgangers

De Maurikse pastoor is waarschijnlijk onder druk van bovenaf overgegaan tot de 'gereformeerde religie'. De heer van Maurik, Floris I van Pallandt (gehuwd met een zus van prins Willem I) en de ambtman van de Neder Betuwe, Diederik Vijgh, waren de reformatie gunstig gezind. Op de Gelderse synode te Arnhem, gehouden van 26 tot 28 juni 1604 wordt gesproken over het aanblijven of afzetten van de Maurikse pastoor Wierus Vorchtenius. Hij mag als predikant blijven.

De eerste 'echte' predikant kwam in 1609 in de persoon van ds. Segerius Wilh. Phalias. Naast de al eerder genoemde Jonker van Eek ligt voor de preekstoel ook de grafsteen van ds. Johannes Beeckmannus, in 1627 gekomen van Lobith en gestorven in 1635.

In die tijd heerste een zware pestepidemie in de omgeving en het is goed denkbaar, dat ook de predikant slachtoffer werd van deze besmettelijke ziekte. Uit het Latijn vertaald luidt de tekst op zijn steen zonder het ook uitgehakte familiewapen:

"Deze steen bedekt het gebeente van Beekman, die de leringen van Christus zuiver heeft onderwezen. Zijn geest bewoont de sterren. Christus, in Uw hoede beveel ik mijn achtergelaten kudde aan. Wil Gij die voortaan weiden, hoeden, beschermen'. Een andere bekende naam is ds. Johannes Chassé, die als proponent in 1687 naar Maurik kwam en zijn hele ambtsperiode hier doorbracht tot hij in 1732 kwam te overhjden. Hij was een voorvader van de bekende baron David H. Chassé, in 1832 verdediger van de Citadel in Antwerpen.

Opvallend in de Naamlijst van predikanten aan de zuidmuur is het 'verkeer' met de Overzeese gebiedsdelen. Er kwamen er twee uit Oost-Indië naar Maurik en vier vertrokken er tussen 1623 en 1905 naar de Oost, de West of Zuid-Afrika. Ds. Abraham Hagendoorn, die in 1905 naar Kota Radja vertrok, was tevens de laatste die als proponent naar Maurik kwam. Sindsdien verlangde de grootte van de gemeente blijkbaar een meer ervaren voorganger.

De predikant, die nog steeds in de herinnering van de oudere gemeenteleden voordeeft en nog regelmatig wordt genoemd, is ds. M. L. Foeken. Hij stond hier van 1916 tot 1946, het jaar van zijn overlijden, en was er dus niet alleen in de Eerste Wereldoorlog, maar ook in die van 1940-'45 met zijn beide overstromingen!

Sinds 1993 mag ondergetekende als 32e predikant deze gemeente dienen vanuit de liefde van Christus, die ons als voorgangers dringt. De prediking naar Schrift en belijdenis mag steeds weer gebracht worden in een van oorsprong ethische gemeente. Die geeft de doorslag en de aanpassingen, die dat meebrengt in vooral de bezetting van de kerkenraad en de invulling van de liturgie blijken ondertussen een verrijking te zijn!

Of om het met de woorden van ons in 1947 in gebruik genomen kerkzegel (met een geopende bijbel en een brandende olielamp) te zeggen: Het Woord - een lamp'! Met dank aan onze amateur-historicus A. G. J. Hogendoorn.

Maurik, oktober 1997

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 2 januari 1998

De Waarheidsvriend | 12 Pagina's

Torenspitsen-Gemeenteflitsen

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 2 januari 1998

De Waarheidsvriend | 12 Pagina's