De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

Het Koninkrijk Gods is nabij gekomen

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Het Koninkrijk Gods is nabij gekomen

6 minuten leestijd

Marcus 5 : 21-43 'En Hij ging met hem.' Marcus 5 : 24a

De prediking van de Heere Jezus is helder: bekeert u, want het Koninkrijk Gods is nabij gekomen. De Heere Jezus duidt hiermee op tweeërlei beweging. De bekering is een wending, een ommekeer. De mens wordt teruggeroepen tot de levende God. Maar daaraan gaat een beweging vooraf. De komst van het Koninkrijk Gods. De beweging start niet bij de mens. Beslissend voor de zaligheid is dat het initiatief bij de Heere God ligt. De mens wordt geroepen te delen in de komst van het Koninkrijk Gods. De roep tot bekering wordt met redenen omkleed: het nabij komen van het Rijk Gods.

Nu is sinds het uitgaan van deze prediking met reikhalzend verlangen uitgezien naar dit Rijk. En in de gang door de tijd is de vraag gesteld waar het nu is, want het leven van alledag toont zo weinig van vrede, recht en gerechtigheid.

Waar is hier op aarde dit Koninkrijk te vinden? Daar waar de Heere Jezus Christus met een mens mee gaat. Jaïrus is bij Hem gekomen met grote zorg om zijn kind. En zoals in het geheel van het evangelie is de Heere Jezus genegen om genezend en reddend te handelen. Wonderen en genezingen begeleiden het evangelie. Waar de Heere Jezus komt, daar wijkt zonde, ziekte en dood. Hoe kan het anders. Nood en dood vormen een schril contrast met geloof en leven.

Wanneer de Heere Jezus zijn prediking doet uitgaan, dan staat Hij voor onze neus. Wanneer Hij spreekt over het naderen van het Koninkrijk Gods, dan ziet Hij ons in het gelaat. Waar de Heere Jezus komt, daar predikt Hij geloof en bekering. Geloof heeft levenveranderende en zelfs levenwekkende kracht, omdat het op Christus ziet!

Het is goed om te weten dat God een boodschap van behoud en zaligheid door deze wereld zendt. Het is goed om te be­seffen dat in deze wereld, waarin zonden aan de orde van de dag zijn, evangelie klinkt. Een goede boodschap van heil. Maar daar mag het niet bij blijven. Het zou toch verschrikkelijk zijn om te weten van heil en zaligheid en te denken: niet voor mij! Ik sta er buiten. Het goede is er wel, maar ik heb er niets aan. Het Woord Gods wil een plek in het hart. Door het geloof leert de Heilige Geest een mens dit Woord toe te passen op eigen hart en leven.

Waar het evangelie van genade en heil wordt verkondigd, daar wordt het hart gezocht om geloof te schenken.

Zo geeft de geschiedenis van het dochtertje van Jaïrus voor ons niet alleen weer hoe concreet het Koninkrijk van God in het leven gestalte krijgt. Het tekent ook hoe het geloof in het leven ingaat.

Jaïrus komt en valt Christus te voet. Zover moet het komen in ons leven: dat wij onze ogen opslaan en op Christus zien. De nood heeft hem bij Jezus gebracht. Zijn dochtertje is ernstig ziek. Maar meer nog heeft het geloof hem bij Jezus gebracht, want hij verwacht van Hem redding en genezing.

Jaïrus weet wat hij wil: Mijn dochtertje is in haar uiterste; ik bid U dat Gij komt en de handen op haar legt, opdat zij behouden worde, en zij zal leven. Kom en help mijn kind! Raak haar aan en zij zal leven. Dat is het geloof van Jaïrus. Maar daar blijft het niet bij. Het geloof wordt beproefd.

Hij ging met hem. Het geloof is niet alleen om een mens bij Christus te brengen. Het geloof kent ook de volharding. Het volhouden in het geloof. En dit uithouden gaat met strijd gepaard. Jezus ging met hem, wat is er meer te zeggen over de concreetheid van Gods beloften. Maar de handen zijn nog niet opgelegd. Het dochtertje is nog niet genezen. De nood blijft werkelijk nood.

Dan volgt het intermezzo van de bloedvloeiende vrouw. Na twaalf lange jaren van ziekte en zorg is zij genezen. Na zo'n vreselijke periode van buitengesloten zijn, gaat zij in vrede. En Jezus, die haar zo wegstuurt, gaat met Jaïrus mee. Hoe zal het Jaïrus te moede zijn? Zou hij hebben kunnen delen in de vreugde van die vrouw? Het betekent oponthoud. De Heere Jezus is niet zo snel bij zijn dochtertje als gehoopt. De nood van de vrouw had een einde gevonden. Maar zijn eigen zorg? Zijn eigen kind, hoe stond het daarmee?

Waar geloof gevonden wordt, is beproeving het gevolg. Waar men de hoop op de Heere stelt, daar wordt een mens getest op geduld. Het 'ga heen in vrede' wordt opgevolgd door een verschrikkelijk bericht. Het dochtertje is gestorven. Op het moment dat Jezus nog spreekt met die vrouw, hoort Jaïrus deze jobstijding: Uw dochter is gestorven, wat zijt gij de Meester nog moeilijk.

Met deze woorden wordt Jaïrus van twee mensen gescheiden. Van zijn dochtertje, want het is gestorven. Maar ook van de Heere Jezus, ook van zijn Redder in nood, want men vertrouwde de Heere Jezus wel toe om zieken te genezen, maar doden opwekken? Daar gaat men niet van uit! Maar Jezus wel! Hij luisterf niet naar de omstanders. Hij zegt tegen Jaïrus: Vrees niet, geloof alleen!

Dat is het enige wat telt. Geloof alleen. Jaïrus is getuige van het nieuwe leven geschonken aan die vrouw. Hij is getuige van haar belijdenis en van haar doorzettingsvermogen en van haar geloof om het van de Heere Jezus te verwachten. Zo heeft ook hij aan de voeten van de Heere Jezus gelegen. Maar nu dat verschrikkelijke bericht. Zijn dochtertje is gestorven. Is met haar niet zijn hoop verdwenen? Kan hij, nu de dood in het spel is, rekenen met de toekomst, met het leven opnieuw geschonken? Wat zal er door hem heen gegaan zijn?

Maar Jezus ging met hem! En. de Heere Jezus helpt door de nood en de aanvechting en de moedeloosheid en de radeloosheid. Hij spreekt hem toe: vrees niet, geloof alleenlijk. Zo bewaart de Heere Jezus ons mensen bij het leven. Door geloof alleen mogen wij leven en het van Christus verwachten. Hij zal ons niet verlaten.

Jaïrus, die zijn toekomst in de handen van Jezus gelegd heeft, krijgt de oproep om zijn toekomst in de handen van de Zaligmaker te laten!

Zo onafscheidelijk als zonde en dood zijn, zo onafscheidelijk zijn geloof en volharding, want wanneer het geloof geleefd mag worden, dan wordt een mens door de diepte geleid. De aanvechting is zijn deel. Dan is er dag aan dag het gelovig opzien naar de Heere of Hij wil doorleiden en uitredden. Want waar het evangelie klinkt, daar is het kruis niet ver. Zo is de Heere Jezus door deze wereld gegaan. En eenieder, die in Hem gelooft, staat in de navolging. Dan zal dat kruis steeds meer en meer gekend worden. Gesteld op de weg van belijden, lijden en strijden zal het heil des Heeren worden ingewacht. Want Hij ging met hem! Kent u dit in uw leven? Dit is beslissend: dat de Heere er bij is. Dan wordt een mens door nacht en stormgedruis geleid en op die weg geleerd het alleen van Hem te verwachten. En wie het van de Heere verwacht, zal niet beschaamd uitkomen!

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 15 januari 1998

De Waarheidsvriend | 20 Pagina's

Het Koninkrijk Gods is nabij gekomen

Bekijk de hele uitgave van donderdag 15 januari 1998

De Waarheidsvriend | 20 Pagina's