De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

Op het groene gras

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Op het groene gras

Marcus 6 : 42

6 minuten leestijd

'En zij allen aten en zijn verzadigd geworden.' 

De Heere Jezus staat wijd en zijd bekend om Zijn wonderen en genezingen. Zieken worden genezen. Doden worden opgewekt. Het gebroken bestaan geheeld. Waar de Heere Jezus verschijnt, wijken ziekte en dood. De verkondiging van het evangelie onderstreept de Heere Jezus door Zijn handelen. Zo lezen we ook in Marcus 6. De Heere Jezus leert de ganse dag. En aan het einde van de dag is er dan de wonderbare spijziging.

De geschiedenis van de wonderbare spijziging is goed te volgen. Wanneer wij dit gedeelte horen, zien we het gebeuren aan ons voorbij trekken. De situatie is snel geschetst. De Heere Jezus is vergezeld door Zijn discipelen op een scheepje. Aangekomen bij deze plaats is er een grote schare. De Heere Jezus neemt temidden van de schare Zijn plaats in en begint te leren. De dag wordt vol gemaakt met het onderwijs van de Heere Jezus! Tot het moment dat de discipelen Hem eraan herinneren dat het etenstijd wordt. Zij hebben het plan om ieder voor zich brood te laten halen. De Heere Jezus spreekt hen tegen: geef gij hen te eten. En na inspectie blijken er vijf broden en twee vissen te zijn. De schare wordt keurig in groepjes van honderd en vijftig neergezet en de Heiland neemt het brood, ziet op naar de hemel, zegent en breekt het brood en geeft het aan Zijn discipelen.

De Heere Jezus deelt het brood. De discipelen delen het uit. Een subtiel, maar beslissend verschil. De schare ontvangt brood en wordt verzadigd. De brokken die over zijn, worden verzameld en dienen de discipelen als teerkost voor onderweg. Zo vervolgt de geschiedenis dan ook: 'Terstond dwong de Heere Jezus Zijn discipelen in het schip te gaan, ... terwijl Hij de schare van Zich zou laten'. De discipelen en de schare vertrekken en de Heere Jezus blijft alleen achter.

Wat is nu het bijzondere? Op het eerste gezicht de wonderbare spijziging. Vijf broden en twee vissen zijn genoeg voor een groot aantal mensen. Voorwaar niet gering. En de conclusie lijkt voor de hand te liggen: de Heere Jezus doet dingen die wij Hem niet na kunnen doen. Jezus als wonderdoener!

De broodvermenigvuldiging neemt een belangrijke plaats in in het evangelie. Het is een wonder dat dat niet één, maar twee keer plaatsvindt. En dat biedt ons de mogelijkheid an vergelijking. Lezen we Marcus 8, dan staat ook daar vermeld dat de Heere Jezus met innerlijke ontferming bewogen was over de schare. En die innerlijke ontferming is de reden van het breken van het brood. De Heere Jezus is bewogen omdat de schare al drie dagen bij Hem is en niet te eten heeft. De tweede wonderbare spijziging heeft een lichamelijke noodzaak. Zonder eten zouden mensen op weg naar huis kunnen bezwijken en om dit te voorkomen deelt de Heere Jezus de broden.

In Marcus 6 is er ook sprake van innerlijke ontferming van de Heere Jezus over de schare. Ook hier wordt brood gebroken en uitgedeeld omdat de Heere naar de schare omziet. Wij horen echter niet van een lichamelijke noodzaak. De discipelen stellen voor dat ieder op tijd huiswaarts keert en het ligt niet in de lijn der verwachting dat iemand op weg naar huis van honger zal bezwijken. Wanneer we letten op de maag dan is deze broodvermenigvuldiging een overtollig wonder.

Maar is de uitleg nu: er is genoeg brood voor iedereen? Hier is meer aan de hand dan vulling voor de maag. Marcus vertelt ons dat de Heere Jezus met innerlijke ontferming bewogen was, want zij waren als schapen die geen herder hadden. Het wonder is een sprekend teken.

Marcus zet ons met deze uitspraak op een geestelijk spoor. De Heere Jezus geeft brood voor het hart. Want wat is er gaande? Wanneer de Heere zich ontfermt over de schare, dan leert Hij hen! De Heere Je­ zus begon hun vele dingen te leren. Hij leerde hen de ganse dag!

Deze geschiedenis wordt niet verstaan vanuit het einde, de broodvermenigvuldiging, maar vanuit het begin. Niet vanuit de maag van een mens, maar vanuit het hart van de Borg en Zaligmaker. Vanuit Christus. Hij is met innerlijke ontferming bewogen. Hij ziet de mensen als schapen zonder herder. En is het niet zijn eigen woord dat Hij de goede Herder is? En daarmee stelt Hij zich op één lijn met Zijn Vader, die in de hemelen is. Psalm 23 komt in beeld: de Heere is mijn herder!

Het werk van een herder is de zorg voor zijn kudde. En deze zorg uit zich juist ook hierin dat hij hen leidt naar grazige weiden. De nerder zorgt dat de schapen te eten hebben. Het landelijk tafereel is een verwijzing naar de zorg van de Heere Jezus Christus voor de Zijnen. Het breken van het brood en het delen van de vijf broden en de twee vissen wordt zo doorzichtig tot op het heilshandelen.

Hier is meer aan de hand dan brood voor de maag. Hier is sprake van brood voor het hart. D'Almachtige is mijn Herder en Geleide, wat is er dat mij schort? Zo weten wij van de goede Herder, die Zijn leven stelt voor de schapen.

Het breken van het brood is ons een teken van Zijn herderlijke zorg. De Heere Jezus zorgt voor de Zijnen. Hij geeft hun geestehjke spijze. Hij onderwijst hen de ganse dag. En als de avond valt, dan zorgt de Herder voor de schapen. Hij brengt hen naar grazige weiden. Op het groene gras krijgt eenieder tot verzadiging.

De Heere Jezus stelt in dit teken der broodvermenigvuldiging dat de Heere ons mensen nabij is en goed. Het hart van Christus klopt voor zondaren. Wij hebben een Borg en Middelaar. Wij hebben een Heiland.

En zij aten allen en zijn verzadigd geworden. Allereerst de inwendige mens, want de zorg Gods strekt zich uit over het tijdelijke leven. Maar het Woord Gods is te rijk om daarbij te blijven. Het wonder der broden ligt in de Heere! David zong ervan: de Heere is mijn herder. In deze bekende psalm horen wij: Hij verkwikt mijn ziel! Dat is nog eens verzadigd worden! Hij verkwikt mijn ziel. Verzadigd met het waarachtige hemelse brood Christus! Het brood wijst naar Christus zelf Ik ben het brood des levens! Het breken van het brood wijst naar Zijn verzoenend lijden en sterven. Het brood heeft een gezicht! Jezus Christus en Die gekruisigd.

Het breken van het brood. Op het groene gras. En zij aten allen en zijn verzadigd geworden. Wat een rijke belofte. Omhoog de harten! Gespijzigd met Christus!

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 22 januari 1998

De Waarheidsvriend | 16 Pagina's

Op het groene gras

Bekijk de hele uitgave van donderdag 22 januari 1998

De Waarheidsvriend | 16 Pagina's