Torenspitsen-Gemeenteflitsen
NIEUWE TONGE (3)
Het kerkhof
In de vroegere tijden werd er in en ook om de kerk begraven. In de kerk was alleen plaats voor diegenen die een graf konden kopen. Alle anderen werden buiten de kerk op het kerkhof begaven. Alleen dronkaards en boeven en zelfmoordenaars werden aan de noordzijde op het kerkhof begraven omdat daar nooit de zon schijnt. Het was in de vroegere tijd ook de gewoonte om de mensen te begraven met de voeten naar het oosten omdat men vandaar verwachtte dat de opstandingsengel zou komen. In de kerk van Nieuwe Tonge is een vijftal hardstenen grafzerken te vinden. Eén ervan stond voor de restauratie achter in de kerk verticaal tegen de rugleuning van de achterbank en is na de restauratie gesitueerd in het koor aan de linker achterzijde. Deze grafzerk heeft het volgende opschrift:
'Hier legd begraven WILLIAM SUTHERLAND geboren te Ketnes 1749 overleden in Nieuwe Tonge 23 juni 1808'.
In de zuidelijke zijbeuk is een grafkelder met de navolgende tekst:
Grafkelder van
Johannes Plaat c.z.
zijne huisvrouw
Petronella Dorsman
en hunne
beide kinderen
Stille rustplaats van God
dooden 'k denk aan U met
zoete vreugde
Evang, ' Gez: no. 182
Deze grafkelder mag nooit of te nimmer meer
geopend veel minder daar in staande lijken
geroerd worden ingevolge formele acte.
De Kerkgeschiedenis
Het kerkgebouw dat gesticht is in het jaar 1461 behoorde, evenals alle andere kerken toe aan de toenmalig bestaande Rooms Katholieke kerk. Met de stichting ervan werd besloten dat het een sub-parochie zou zijn van de reeds bestaande kerk in Oude Tonge. Daartoe werd de gemeente gediend door dezelfde pastoor.
Mede daardoor is mogelijk ook deze kerk gewijd aan de Heilige Maagd, evenals die van Oude Tonge. We vinden er dan ook in het jaar 1479 een vicarie van de Heilige Maagd Maria en in het jaar 1528 wordt melding gemaakt van een altaar van het Heilig Kruis.
Aanvankelijk was de gemeente Nieuwe Tonge een sub-parochie van de gemeente Oude Tonge en werd dan ook door dezelfde pastoor bediend. Het is niet met juiste zekerheid te zeggen wanneer dat is veranderd, maar in de geschiedenis wordt op een gegeven ogenblik melding gemaakt van een eigen pastoor voor de gemeente Nieuwe Tonge. Bekend is echter wel dat er zeven pastoors de gemeente hebben gediend.
De eerste eigen pastoor die de gemeente van Nieuwe Tonge heeft gediend was: Heer Johannes Pieterszoon
Wanneer deze is gekomen wordt niet vermeld, maar wel is bekend dat deze is overleden in het jaar 1479.
De zevende, en mogelijk ook de laatste, wordt genoemd: Lambertus van Uden, benoemd in het jaar 1567/1568.
Hoe lang deze laatste pastoor de gemeente heeft gediend is niet bekend.
Uit de geschiedenis is bekend dat na de inneming van Den Briel in het jaar 1572, door de watergeuzen, daar de hervorming werd doorgevoerd. Daarmee ontstond tevens de behoefte van daar uit de omliggende dorpen tot ver in de omtrek te hervormen. We lezen dan ook dat de baljuw van Oude Tonge pogingen aanwendt bij de classis Voome, in Den Briel, om van een vaste predikant voorzien te worden, hetzij voor Oude Tonge alleen, of verenigd met een naburige gemeente. Dat is toen tot stand gekomen, want op 18 juni 1576 werd in Oude Tonge tot predikant benoemd Johannes Horstius. Deze was reeds, volgens de weergave op het bord van predikanten, vanaf 1574 als predikant aangesteld te Nieuwe Tonge. Met zijn komst heeft waarschijnlijk de openbare uitoefening van de rooms-katholieke godsdienst opgehouden en is het kerkgebouw tot uitoefening van de Hervormde Godsdienst ingericht, zoals in alle gemeenten op het eiland gebeurde.
Daarmede was de openbare uitoefening van de rooms-katholieke godsdienst ten einde, maar men kwam in het geheim nog samen. Enige jezuïeten uit de stad Goedereede hielden in het geheim toezicht op de rooms-katholieke gemeente die nog was overgebleven. Dit toezicht ging echter wel gepaard met vele gevaren. Er wordt verhaald dat één hunner, wiens naam onbekend is, te Ooltgensplaat zou zijn omgebracht.
De hervorming liep in het begin niet zo vlot. Er was van alle zijden weerstand tegen het nieuwe. Ook de ambachtsheren waren niet alle de nieuwe leer toegedaan en die hadden toen veel macht. Het is dan ook niet precies bekend wanneer de laatste pastoor uit de gemeente van Nieuwe Tonge is vertrokken. In de gemeente Oude Tonge is altijd een rooms-katholieke gemeente blijven bestaan.
Er wordt vermeld dat door de Heren van Grijsoord in het jaar 1694 de zolder van de pastorie aan de Voorstraat werd afgestaan voor het houden van de eredienst. Men vermoedt zelfs dat er altijd een pastoor aan het hoofd van de gemeente heeft gestaan, en dat is nergens elders op het eiland gebeurd.
In de eerste tijd na de Reformatie waren de mensen, zowel de toehoorders alsook de predikanten trouw aan de beginselen der Reformatie. Dat duurde zo ongeveer tot het einde van de ambtsperiode en het overlijden van ds. A. Timmermans in het jaar 1607. Toen kwam openbaar wat wellicht al langer leefde en er kwam een wending in de gedachten. Men beriep toen ds. Caspar van Bearle. Deze was de Remonstrantse beginselen toegedaan, zoals blijkt uit het gegeven dat hij de aantekeningen die hij maakte op de synode van 1618/19 in druk liet verschijnen en daarvoor ter verantwoording werd geroepen door de Synode die, toen hij niet wilde herroepen, hem zijn kerkelijk ambt heeft ontnomen en hem de toegang tot het Heilig Avondmaal heeft ontzegd. De deputaten der Synode kregen nu opdracht de kerkenraad van Leiden daarvan in kennis te stellen. Deze moest tegen hem een actie instellen, terwijl meteen de curatoren der universiteit op de hoogte gebracht moesten worden. Dit alles werd hem voorgelezen, waarvan hij een afschrift kreeg. Daarna tekende hij de akte van Stilstand en verliet de vergadering met de wens aan ieder persoonlijke, dat men naar waarheid en vrede zou trachten. Het volgend jaar krijgt de Kerkenraad van Leiden een standje, daar men nog steeds niets tegen Barlaeus heeft ondernomen.
Inmiddels was de gemeente Nieuwe Tonge weer teruggekeerd tot de leer der reformatie en die is men tot.de huidige dag trouw gebleven, zij het met soms wat modaliteitsverschil.
Er hebben vanaf de Reformatie tot heden 47 predikanten de gemeente gediend. Het vermelden van de namen en alle verder bekende gegevens zou in dit verband te ver voeren, echter sommigen van hen springen wat duidelijk in het oog en daarvan willen we een en ander meedelen.
De eerste predikant, die in combinatie met de gemeente van Oude Tonge werd aangesteld was: Johannes ab Horst, 1574 tot 1583. Hijzelf vertaalde zijn naam in het Latijn als Johannes Horstius. Veel predikanten verlatijniseerden hun naam in die tijd.
Na een jaar vacant te zijn kwam als tweede predikant te Nieuwe Tonge:
Amoldus Gilleszoon Timmerman, 1584 tot 1607. Hij was geboren te Beveren bij Oudenaarde en was gehuwd geweest met Elisabeth Greesen. Hij hertrouwde in de kerk van Nieuwe Tonge op 26 maart 1602 met Tanneke Huibrechtsdochter, die geboren was te Eeckeloo.
De gemeente van Nieuwe Tonge ging zich spoedig tegen het samengaan met de gemeente van Stad aan het Haringvliet verzetten. Zij wilden een predikant voor zich alleen en richten daartoe een schrijven tot de staten van Holland met het verzoek 'om aan die van Stad een dienaar appaert te geven'. Nu had men te Stad aan het Haringvliet wel een gegadigde als predikant, namelijk de schoolmeester van Dirksland, Philippus Lowijck. Maar de proeven van bekwaamheid als predikant moest hij nog afleggen voor het klassikaal bestuur en die hadden aanvankelijk niet het gewenste gevolg. Zijn eerste proefpreek, op 30 september 1591 gehouden, werd onder de maat bevonden. Eerst zijn vierde proefpreek gehouden op 26 juli 1593 werd in orde bevonden. Kort hierna werd hij door de consulent Arnoldus Timmerman bevestigd als eerste predikant van de gemeente Stad aan het Haringvliet.
Hierdoor behoefde Amoldus Timmerman dus niet meer 'uyt liefde' te Stad te gaan preken en kon hij zich geheel wijden aan zijn eigen gemeente te Nieuwe Tonge. Hij overleed daar in het jaar 1607. Hij was begonnen met het aanleggen van trouw-en doopboeken, die daarmee dan ook de oudste zijn van Flakkee.
Het eerste opgetekende huwelijk dateert van 24 februari 1584 en de eerste dopeling staat ingeschreven op 1 november 1584.
Door het overlijden van ds. Amoldus Timmerman was de gemeente weer vacant en dat duurde tot het jaar 1608.
Als derde predikant kwam te Nieuwe Tonge: Kasper van Baerle of Kaspar Barlaeus, 1608 tot 1612.
Deze werd op 12 febraari 1584 geboren in Antwerpen als zoon van Lambert van Baerle, die geboren was te Someren in Noord Brabant maar zich vestigde in Antwerpen als griffier van de stad. Hij studeerde theologie in Leiden en kwam in 1606 als derde predikant in Nieuwe Tonge. Hij vertrok in 1612 naar Leiden, waar hij onder-regent werd in het staten college. In het jaar 1617 volgde zijn benoeming aan de universiteit van Leiden tot hoogleraar in de logica. In 1618/19 was hij aanwezig op de Dordtse Synode als vertegenwoordiger van de Remonstranten (Arminianen), maar als heftig remonstrant werd hij in 1619 afgezet als regent en als hoogleraar.
In 1631 werd hij als professor in de wijsbegeerte en welsprekendheid benoemd aan de pas opgericht Athenaeum te Amsterdam. Hij was zeer bevriend met Constantijn Huygens, één der hoofdpersonen van de Muiderkring, en had grote bekendheid als redenaar en dichter in het Latijn. Zo vertaalde hij het bekende 'Trouringh' van Jacob Cats in het Latijn. Hij schreef ook verschillende werken in het Latijn, ook geschiedkundige. Na enige tijd erg zwaarmoedig te zijn geweest, overleed hij te Amsterdam op 14 januari 1648.
In deze eeuw dienden als predikanten: Matthijs Jan Wentinck, 1880 tot 1915; Pieter Kruijt; de op 9-11-1997 overleden ds. A. van der Kooij; ds. W. Hop; ds. B. J. Zaal (die vanuit Houten overkwam naar Nieuwe Tonge en door zijn grote pastorale bewogenheid velen tot de kerk heeft weten terug te brengen); ds. J. P. Verkade; ds. H. Visser; ds. J. van den Born.
Op 11 februari 1987 werd A. Belder te Nieuwe Tonge als kandidaat bevestigd door drs. P. de Vries, predikant van de hervormde gemeente te Opheusden en studievriend van de proponent. Hij mag tot op de dag van vandaag zijn ambtswerk verrichten en het woord Gods verkondigen in onze gemeente.
Hij is de 47e predikant die na de reformatie onze gemeente mag dienen, daarbij opgemerkt dat ds. P Kruijt tweemaal in de gemeente heeft gestaan.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 26 februari 1998
De Waarheidsvriend | 20 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 26 februari 1998
De Waarheidsvriend | 20 Pagina's