Uit de pers
Neem de tijd om te leven
Onder dit motto beginnen twintig kerkgenootschappen in maart een protestactie tegen de 24-uurseconomie, aldus een ANP-bericht dat ik aantrof in Woord en Dienst van 21 februari 1998. Duizenden handtekeningen van gelovigen moeten de politiek duidelijk maken, dat een verdere economisering van de samenleving ongewenst is. Initiatiefnemer van deze actie is het Interkerkelijk Contact in Overheidszaken (CIO). De handtekeningactie moet afgelopen zijn vlak voor de Tweede Kamerverkiezingen op 6 mei. Minister Wijers (Economische Zaken), verantwoordelijk voor de Winkeltijdenwet, krijgt de handtekeningen aangeboden tijdens een manifestatie. De vakcentrales van FNV en CNV en de RMU ondersteunen deze kerkelijke actie. De kerken vinden, aldus nog steeds het ANP-bericht, dat de economisering van de samenleving afbreuk doet aan de kwaliteit van het samenleven. Mensen dreigen steeds meer een economisch product te worden.
In het Nederlands Dagblad van 21 februari 1998 geeft Tjirk van der Ziel op basis van een aantal publicaties een samenvatting van de ontwikkelingen die hebben geleid tot de 24-uurseconomie. Aan dit thema zal de krant de komende tijd ruim aandacht geven, aldus de redactie.
'Eerst een paar cijfers. Eenderde van de Nederlandse beroepsbevolking werkt tegenwoordig onregelmatig. Een kwart werkt wel eens 's nachts en eveneens een kwart op zondag. Een op de drie werknemers in vaste loondienst heeft geen vaste vrije zaterdag. Een op de vijf heeft een flexibele baan, zoals deeltijd, tijdelijk werk, oproepkracht, thuiswerk of free lance.
Neerlands bekendste econoom, Arnold Heertje, moet een tevreden man zijn. Hij was het immers die vier jaar geleden de idee van de 24-uurseconomie lanceerde. De economie zat toen in een dip, de werkloosheid liep op en de angst voor de lage-lonenlanden werd steeds sterker. De toenmalige minister van economische zaken, Andriessen, wilde daarom de concurrentiekracht versterken en de werkgelegenheid bevorderen.
"Flexibiliteit", riep Heertje. Onze dure productiecapaciteit wordt in een 38-urige werkweek maar liefst 77 procent van de tijd niet gebruikt. Als we nu die vaste banen van negen tot vijf eens afschaffen. En als we alle machines in fabrieken en computers in kantoren efficiënter gaan benutten. Dan zal de economie sterker gaan groeien, de welvaart stijgen en geven wij buitenlandse concurrenten het nakijken.
De 24-uurseconomie geeft volgens Heertje "een waaier van voordelen". De werkgever kan zijn personeel inzetten wanneer dat hem het beste uitkomt. De consument is niet langer gebonden aan vaste winkeltijden. En vrouwen kunnen nu ook eindelijk (als thuiswerker) aan de slag achter de pc. Het milieu is bovendien stukken beter af - "het is een dwaasheid 's morgens allemaal tegelijk de ene kant op te rijden en 's avonds op hetzelfde moment weer de andere kant op te gaan".
Heertje is op zijn wenken bediend. Een jaar later zat een andere minister op de paarse ministersstoel. Hans Wijers, D66'er en pragmaticus, werd de andere hand op dezelfde economie-buik. De 24-uurseconomie moest een zegen worden voor de mensheid, vond ook het hele kabinet. De vrije zaterdag werd een gewone werkdag. Prestatieloon werd bespreekbaar. De ziektewet werd ge privatiseerd. Winkeltijden werden verruimd. Ja, zelf de zondag is niet heilig meer.'
Er zijn drie trends in de samenleving waar het paarse beleid op inspeelt, aldus het hier geciteerde artikel uit het ND. Het levenspatroon van de Nederlander wordt sneller en diversen Verder, de behoefte aan arbeidsduur en werktijden op maat neemt toe bij werknemer en werkgever. Ten slotte moet ook worden ingespeeld op veranderingen op de wereldmarkt. Daar komt ook nog het volgende bij.
'De huidige trend in de richting van de 24-uurseconomie wil inspelen op de behoeften van de consument. Deze heeft steeds meer communicatiemiddelen tot zijn beschikking om zijn wensen kenbaar te maken. Vaak hebben mensen een pc en fax thuis, zijn bereikbaar via mobiele telefoon, maken gebruik van internet en doen aan telewerken. Deze middelen zijn een technische randvoorwaarde voor het ontstaan van een 24uurseconomie.
Op alle markten zijn talloze producten met vergelijkbare prijzen en kwaliteit. De consument kan in alle gevallen kiezen. De concurrentie is groot en bedrijven worden gedwongen nog klantgerichter te denken. Merken die niet precies in de juiste pas met de wensen van de consument lopen, missen de commerciële boot. Als deze niet langer wenst te eten om klokslag zes uur 's avonds, dan moet de winkel maar langer open.
Flexibiliteit dringt ook door in de organisatiestructuur van ondernemingen. Waarom zouden mensen nog vastzitten aan een vaste werkplek? Gebaseerd op de tijdelijke vraag ontstaan tijdelijke bureaus, afhankelijk van de vraag. Zo is de "werkplek" van medewerkers van verzekeraar Interpolis beperkt tot één koffertje en een draagbare computer.
In de Verenigde Staten - in veel opzichten het voorland van Europa - is de 24-uurseconomie al lang een gegeven. Die is te ervaren in iedere Amerikaanse stad, met als extreem voorbeeld New York. Ontbijten om twee uur in de nacht, kopiëren op zaterdagavond, werken op zondagochtend. Bovendien is werk er meer dan "brood op de plank": het is een statussymbool.'
De econoom prof. dr. Arjo Klamer deed in de VS ervaring op met de 24-uurseconomie, maar raakte er danig van genezen, aldus zijn reactie in het ND. Hij vertelt: 'Onlangs toonde de Amerikaanse televisie een campagne voor de gezinsmaaltijd: "Als u nu eens één keer per week met elkaar eet" was de suggestie. Eén keer per week!'
Tijd van léven
In het Centraal Weekblad van 20 februari 1998 schrijft prof. dr. H. M. Vroom op gezette tijden in de rubriek 'commentaar van de hoofdredactie'. Vroom is hoogleraar godsdienstwijsbegeerte en apologetiek aan de VU in Amsterdam. Ook hij stelt dezelfde problematiek aan de orde. Hij gebruikt de kop van NRC Handelsblad die gezet werd op 11 februari boven een interview met Rob Lubbers 'Niet zaligmakend'. Dat slaat op het rendement van een bedrijf. Lubbers geeft aan dat ondernemers meer oog zouden moeten hebben voor de sociale kant van het leven en het bedrijfsleven. Je werkt om te leven.
'Het klimaat is inderdaad veranderd. Niet zo lang geleden was winst maken vies, tegenwoordig wordt men bij het nieuws soms met beursberichten getrakteerd. In de dagen na deze waar schuwing volgde het bericht over de grote winst van Philips, compleet met de salarissen en wat er nog bovenop komt van de directie. Voor de goede orde: van een miljoen gulden per jaar leven ongeveer 50 mensen met een uitkering. Het minimumloon voor een alleenstaande ouder met kinderen is netto ƒ 1940, - per maand.
Nog een dag later kwam het bericht dat Ajax "naar de beurs" gaat: winnen met doelpunten, winst in geld. Voetbal is handel, voorzover we dat nog niet wisten. Sommige pensioenfondsen hebben zoveel winst gemaakt, dat werknemers geen premie meer hoeven te betalen. Een docent in het middelbaar onderwijs had een erfenis in aandelen belegd; met een heel jaar 29 uur voor de klas had hij minder verdiend dan wat hem belastingvrij toevloeide uit de stijging van aandelen. Op de beurs had hij het kennelijk "beter gedaan" dan voor de klas.
Dus stijgen de prijzen van betere huizen in een tempo dat achterblijvers het nakijken Iaat. De vakanties worden steeds verder en duurder: een vijfde landingsbaan is natuurlijk niet genoeg om al deze vakantiegangers voor hun genoegen en blikverbreding naar India, Indonesië, Thailand, Nepal, de Antillen, Kenia en Zuid-Afrika te vervoeren. Te midden van de armen reizen de rijken.
Maar rendement is niet zaligmakend. Op zich genomen is welvaart goed; het is een basis voor uitkeringen en steun aan arme landen. De werkloosheid vermindert (althans in ons land, in de voormalige DDR is het vreselijk). De vraag is natuurlijk hoe het anders kan. Of het anders gaat, hangt er vanaf wat mensen willen en welke doelstellingen de overheid en publieke instellingen (zoals omroepen) mensen voorhouden. Welke voorstellingen van "het goede leven" verspreiden zij (bewust of onbewust)?
Vier jaar "paars" bleek vooral vier jaar "markt". De motivatie van mensen, hun solidariteit, bewogenheid met anderen, onderlinge hulp, ze zijn in ons land nog ruim aanwezig, maar ze zijn geen voorwerp van overheidsbeleid. Toch draait de fabriek op de inzet van werknemers, het meeleven van collega's en de eerlijkheid van mensen. De kwaliteit van de samen-leving bepaalt het wel-zijn van mensen en uiteindelijk ook de mogelijkheden van het economisch bestel.
De prijs van zuiver individualisme en vergroting van de tegenstelling tussen arm en rijk is hoog. Een gevoel van "ze doen maar", "ze pakken hun kansen", "ik hoor er niet bij", leidt onvermijdelijk tot meer onverschilligheid en criminaliteit. Dat maak je met meer politie en meer cellen niet goed.
Wat dringend nodig is, is een beleid dat gericht is op versterking van de samen-leving: stimuleren van de eigen verantwoordelijkheid en betrokkenheid van mensen bij zoveel mogelijk organisaties: scholen, natuurbehoud, lokale en nationale omroep, e.d.'
Dr. Vroom geeft aan dat geloof daar een belangrijke rol in speelt. Hij ontleent dat aan de sociologische studie 'God in Nederland' waaruit blijkt dat kerkgangers vaker bij vrijwilligerswerk zijn betrokken dan anderen.
'Geloof stimuleert inzet, vooral concrete hulp aan anderen en inzet voor idealen. Dat komt omdat het Evangelie de boodschap van verzoening met God en mensen is. De belofte van het Rijk van God maakt dat we anders gaan aankijken tegen de dingen en ook tegen onszelf Het belangrijkste, heil en zaligheid, kunnen we niet maken; het is een geschenk van God.'
Het is een goede zaak dat kerken deze materie aan de orde stellen. Welvaart is lang niet altijd hetzelfde als welzijn. Maar dat wisten we al langer. Het is te goedkoop om het paarse kabinet of de ondernemingen eenzijdig de schuld te geven van de hier gesignaleerde ontwikkelingen. Voor een deel profiteren we via onze bank-en girorekening van de welvaartsontwikkelingen. Ik zeg: voor een deel, want door de tweedeling in onze samenleving blijven er ook groepen mensen achter. Rijkdom wordt in de Bijbel op zich niet veroordeeld, wel wordt er gewaarschuwd tegen de kwalijke gevolgen ervan voor het leven met God en met elkaar. Naast aandacht die gegeven wordt aan de verzoening is onze synode ook bezig geweest met de waarde en het belang van de zondag. Inderdaad: een dag apart. Het zal niet meevallen dat zo te houden. Maar het is wel de moeite waard!
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 5 maart 1998
De Waarheidsvriend | 16 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 5 maart 1998
De Waarheidsvriend | 16 Pagina's