Orgaandonatie op vrijwillige basis (2)
Vragen
Maar, daarmee is nog niet alles gezegd. Er zijn nog wel een aantal vragen. Stel, u heeft de keuze gemaakt en u stelt na uw overlijden de geselecteerde organen ter beschikking. Als u in het ziekenhuis overlijdt bent u om zo te zeggen, dicht bij de bron. Maar als u een ziekbed krijgt en thuis mag sterven... hoe gaat het dan?
Dan speelt het emotionele een grote rol, toch al, maar dan zeker. Bij wijze van spreken zit de begrafenisondernemer nog in de weg.
En zal er geen handel in organen worden bedreven. In Aziatische landen hoor je daar al van dat ze voor veel geld organen verkopen, er worden ook wel grote bedragen genoemd. Gelukkig is dat in Nederland niet het geval.
Ik kan mij best voorstellen dat er veel mensen zijn (niet alleen in onze gezindte), die zich gereserveerd opstellen en het emotioneel (nog) niet aan kunnen.
Naast het emotionele speelt ook het principiële een rol. Er zijn mensen die orgaandonatie na de dood afwijzen, op grond van de onlosmakelijke eenheid van lichaam en ziel. Want zegt men, het lichaam verdient ook na de dood een respectvolle behandeling en mag niet geschonden worden.
De Bijbel leert ons respect voor het lichaam. Dr. Seldenrijk zegt dan: 'Het is geen bulk van organen die je kunt gebruiken om bij anderen versleten onderdelen te vervangen. Zo'n gedachte rust op een puur mechanisch mensbeeld. Maar dat betekent niet dat het ongeoorloofd zou zijn om het lichaam te openen en er organen uit te halen. Als je dat volhoudt, dan is de consequentie dat je dan ook niet mag opereren. Dan wordt er een geschonden lichaam begraven'.
Sommigen beweren dat orgaantransplantatie gelijk te stellen is met een vorm van moord. Alleen al uit respect voor het leven is het verboden om bloedtransfusie en orgaantransplantatie toe te passen, de huidige technische en medische lapmiddelen ten spijt. Ik ben bang dat zulke lieden niet beseffen waarover zij spreken.
Enkele overwegingen
Als je met elkaar over orgaandonatie spreekt zegt men, ja als het voor een familielid was zou ik het zeker doen, dan zie je er wat van. Dat is waar, maar als levende donor is het niet zonder risico's. Maar die zijn er bij elke operatie. Elke chirurg is bang voor complicaties. Maar toch, wij staan er achter, ze wegen niet op tegen de levensvreugde die je aan een ontvanger schenkt. Nog meer dan van een dode donor want die heeft zelf niets meer aan zijn organen.
Heel recent hebt u kunnen lezen dat de ontwikkelingen gestaag doorgaan. 'Nier afstaan via een kijkoperatie'.
Uitname door vergroot knoopsgat zadelt donor niet op met groot litteken. Acht keer is in het Academisch Ziekenhuis Rotterdam Dijkzigt bij een donor met succes een nier verwijderd zonder de gebruikelijkegrote en pijnlijke operatiewond, van zo'n 20 cm.
Via enkele minieme sneetjes wordt de donornier verwijderd met behulp van een 'hengel' met een setje minischaartjes en tangetjes en een cameraatje.
Deze succesvolle nieuwe methode biedt perspectieven voor mensen die een nier willen afstaan aan een familielid dat allang op een gezonde nier wacht. Het ongemak voor de donor is tot een minimum beperkt. Twee dagen na de ingreep is de gever weer thuis.
In Nederland staan 1000 tot 1500 patiënten op de wachtlijst voor een donornier 'Alleen in Dijkzigt al hebben we een wachtlijst van 200 patiënten', zegt dr IJzermans.
En de ontvanger?
'Mag ik een orgaan van een ander ontvangen? ' Ach, je moet maar erg ziek zijn. De vraag of ik een orgaan van een ander mag ontvangen staat eigenlijk gelijk met de vraag: mag ik mij laten opereren? Het moet maar nood zijn. Wij mogen gebruik maken van de mogelijkheden die God geeft om ons leven te redden.
God is de Heere van leven en dood. Dat sluit niet uit dat wij de verantwoordelijkheid hebben om zo goed mogelijk voor onze gezondheid te zorgen.
Samenvattend
Met het hele gebeuren rondom orgaandonatie kan een christen grote moeite hebben. Toch kunnen we niet onder de vragen uit: als ik zelf bloed, weefsels of een orgaan van een ander wil ontvangen, waarom ben ik dan niet bereid om mijn zieke naaste te dienen in mijn leven of na mijn dood door geselecteerde organen af te staan?
Uiteindelijk gaat het er niet om of men voor of tegen orgaandonatie is, maar of de overweging verantwoord wordt genomen voor Gods aangezicht in onze persoonlijke omstandigheden. Daarin zijn we allen verantwoordelijk.
Persoonlijke omstandigheden
Die deden zich voor in ons gezin. Na lang dokteren bleek dat onze oudste dochter Elly een nierziekte had. Zij werd erg ziek. Haar nieren werkten niet meer en meerdere functies vielen uit. Grote zorgen. We dachten het ergste. Geef bevel aan uw huis want gij zult sterven en niet leven. Ik herinner me, toen we van het bezoek in het Refaja Ziekenhuis te Dordrecht, terug naar huis reden (mijn vrouw en ik), waren we verslagen. U mag best weten, in gedachten stond ik al aan het graf. Dat is aangrijpend.
In de eerste plaats voor haarzelf, haar man en hun drie kinderen. En je bent zo machteloos. Na ampel beraad en onderzoeken na het getob met dialyse komt dan tenslotte de vraag: Wilt u donor zijn? Wilt u een nier afstaan?
Eerlijk gezegd heb ik daar geen twee seconden over moeten nadenken. Natuurlijk waren er vragen, veel vragen. Er gaat veel door je heen. Je eigen kind eigenlijk ongeneeslijk ziek. Je bent er emotioneel bij betrokken. Hoe moet dat dan toch? Heere wijst Gij ons de weg, bid je duizend en één keer...
Wat is de weg? Dat is de weg der middelen. En dan begint het medische. Aan het begin wees ik u op het mechanische, het verwisselen van onderdelen. Maar u be-
grijpt, vooraf werden die onderzocht. Je gaat door de medische mallemolen. Gelukkig bleek alles goed te zijn. De arts die mij onderzocht vertelde mij, dat ik zeer geschikt bleek te zijn als donor. Menselijkerwijs kon dat niet mislukken.
We zijn nog opgevoed met de Psalmberijming van Datheen, toen kwam zomaar Ps. 89 : 8 voor de geest: Zo wij sterk zijn, daarvan hebt Gij alleen de eer'.
De operatie werd gepland op dinsdag 17 december 1996. Je leeft er naar toe met het hele gezin. Je moet veel voorbereidingen treffen. Orde op zaken stellen. Voor het aangezicht van de Heere. Het kan ook zijn dat je het niet haalt. Anderen wijs je altijd naar de Heere. Nu deden anderen het mij (ons)! Al is het voor de chirurg routinewerk, ook zij zijn bang voor complicaties.
Zondag 15 december was de laatste dienst in de hervormde gemeente van Oud-Beijerland. Heel ons gezin was in de kerk. Ik mocht het Woord bedienen naar aanleiding van art. 26 van onze N.G.B. 'Van de enige voorbidding van Christus'.
Heel toepasselijk. We werden toegezongen uit Ps. 121 : 1 en4.
En 's maandags naar het ziekenhuis, dinsdag de operaties. Ik was de eerste die dag. Op weg naar de operatiekamer lig je op je rug... ja zo was het toch goed, met het gezicht naar Boven. Dan de narcose... en je weet niets meer.
Wat een wonder als je wakker wordt... en je weer mag ademhalen...! Maar nog groter en ontroerender was het toen we hoorden dat werkelijk alles goed gegaan was. De nier bij Elly werkte. Na twee dagen was ze stabiel, d.w.z. schoon. Soli Deo Gloria. De Heere alleen de eer. Zo denken en spreken we er nog over. Ik wil het allemaal niet begrijpen wat er op medisch gebied kan.
De eerste dienst bediende ik het Woord uit Romeinen 8 : 31 en 32: Wat zullen wij dan tot deze dingen zeggen? Zo God voor ons is, wie zal dan tegen ons zijn? '
Die ook Zijn eigen Zoon niet gespaard heeft, maar heeft Hem voor ons allen overgegeven, hoe zal Hij dan ook met Hem ons niet alle dingen schenken? De Heere heeft leven gespaard en opnieuw gegeven. Ons kind als uit de dood teruggekregen.
De Heere heeft ons rijk gezegend en de middelen willen gebruiken. Wij gaven een deeltje van ons lichaam aan een doodziek kind. Zij ontving iets van haar vader. Dat is aangrijpend. Als dit nu kan in het leven, dan kan dat misschien ook na uw sterven voor uw zieke medemens.
Tenslotte, veel ingrijpender en aangrijpender is als we weten mogen dat Christus Zijn lichaam en ziel gaf aan vijanden, aan goddelozen. Dit is onvergelijkbaar en daarom willen we met en in de Heere eindigen. Wellicht tot uw troost en bemoediging-
Orgaandonatie... Heere mijn lichaam is van U. U behoor ik toe, en aan de andere kant... wat wilt Gij dat ik doen zal.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 2 juli 1998
De Waarheidsvriend | 16 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 2 juli 1998
De Waarheidsvriend | 16 Pagina's