Globaal bekeken
'Huizer vrouwen werken lekker hard' luidde het opschrift van een artikel in het Nederlands Dagblad, waarin aandacht werd gegeven aan een tentoonstelling deze maand in Huizen onder de titel 'Door armoede gedreven 1870-1935'. Uit dit artikel de volgende passages:
'Vrouwen uit Huizen liadden honderd jaar geleden al de naam harde, propere werksters te zijn. En die hebben ze eigenlijk nog. Een rasechte Huizer vrouw is - op z'n Huizers gezegd - "schoon".
Niet voor niets stond de Huizer Courant omstreeks de eeuwwisseling bomvol kleine advertenties van rijke Gooise dames uit Bussum en Naarden die "een zeer net Huizer meisje" of "nette werkster uit Huizen" vroegen. De Huizer vrouwen hadden de reputatie piekfijn meubels te kunnen wrijven en prima ramenlappers, vloerenboeners en stoepschrobbers te zijn. Veel jonge meisjes gingen daarom direct na het verlaten van de schoolbanken "op zoek naar een dienstje". (...)
Ongetrouwde meisjes uit Huizen werkten veelal voltijds als dienstbode in de Gooise villawijken. Was de trouwdag aanstaande, dan zochten ze een baan als dagwerkster. De Gooise stoomtram - in de volksmond "de Gooise moordenaar" vanwege de vele ongelukken die ermee gebeurden - vervoerde de Huizer werksters naar hun werkhuizen. De tram genoot zelfs zoveel populariteit onder de werksters, dat er extra wagons ingezet moesten worden om hen te vervoeren.
Haringspeeten
Huishoudelijk werk hadden de vrouwen uit Huizen in de vingers, maar "haringspeeten" ook. Voor het speeten - het rijgen van haringen aan een houten pen - waren rappe vingers vereist en die hadden ze. Toen in 1854 de haven van Huizen geopend werd - wat uitbreiding van de haringrokerijen betekende - hadden de vrouwen er een betaalde klus bij. Hoewel, betaald? "Het verdiende, maar daar is ook alles mee gezegd", vertelt een inmiddels bejaarde Huizer vrouw op een videofilm. De "hangebazen" waren niet zo royaal richting hun medewerksters. Het loon was laag en de arbeidsomstandigheden waren slecht. Kwam er 's nachts een schuit met haring binnen, dan werden de vrouwen uit hun bed getrommeld om te speeten. Om visbederf te voorkomen, moest de haring immers zo snel mogelijk gerookt worden. Toen nachtarbeid voor vrouwen in de Arbeidswet van 1889 verboden werd, protesteerden de hangebazen. Uiteindelijk werd in 1902 het "Speetwetje" aangenomen: haringspeetsters mochten wel 's nachts werken, mits voor een hoger loon. Met de visserij is het inmiddels al jarenlang gedaan in Huizen. In 1956 leverde de laatste Huizer zijn visvergunning in. De Huizers zochten een ander beroep - kaashandelaar of een baan in de bouw - en de haringspeetsters ook.
Naast het werken in de huishouding en de visserij schenkt de tentoonstelling ook aandacht aan het werken van Huizer vrouwen op de boerderij en in de fabriek van de firma Kuhn & Co. te Naarden. Het waren ook juist weer de Huizer vrouwen - en ook mannen trouwens - die speciaal gevraagd werden in deze suikerbietenzaadfabriek te komen werken. Het selecteren van bieten vereiste de nodige nauwgezetheid en de Huizers bezaten die, zo redeneerden de fabrieksbazen.'
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 13 augustus 1998
De Waarheidsvriend | 12 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 13 augustus 1998
De Waarheidsvriend | 12 Pagina's