Communicatie en differentiatie in het pastoraat (1)
We kunnen pastoraat - in algemene zin - definiëren als 'het pastorale werk dat in en vanuit de gemeente verricht wordt' (Heitink). Andere benamingen voor pastoraat zijn: herderlijke zorg, zielzorg, geestelijke verzorging.
Hierbij kunnen we de vraag stellen wat het pastoraat onderscheidt van andere vormen van hulp-of zorgverlening. Of anders gezegd: wat is de eigen identiteit, het eigene of proprium van het pastoraat.
Nogmaals in algemene termen gesproken kunnen we zeggen, dat geloof en kerk het eigene aan het pastoraat geven, gericht op de eigen levenssituatie waarin mensen verkeren. Het gaat om Gods zorg voor mensen. En die zorg betreft de mens in z'n eenheid van lichaam, ziel en geest. Mensen hebben hun eigen levensverhaal, waarbij levensbeschouwing en geloofsovertuiging, waarden en normen hun eigen rol spelen.
Om tot een eerste differentiatie in het pastoraat te komen maken we onderscheid tussen het territoriaal en categoriaal pastoraat. Territoriaal wil in dit verband zeggen: mensen in een bepaald gebied, territorium, dat is: behorend tot een bepaalde (wijk)gemeente. Categoriaal: mensen die tot een bepaalde categorie behoren.
Nu roept het begrip categoriaal en bepaalde beeldvorming op: we spreken immers over 'dé categorie van', bijv. de categorie van zieken, gehandicapten of ouderen: de vraag is of ten aanzien van het pastoraat het begrip categorie wel zo gelukkig gekozen is; we willen niet graag tot een bepaalde categorie gerekend worden, omdat het generaliserend en etiketterend een stempel zet op een bepaalde groep mensen.
Heitink stelt in zijn 'Gids voor het pastoraat' dan ook andere benamingen voor, zoals bijzonder pastoraat, situationeel pastoraat, functioneel pastoraat.
Op die tweede vorm van pastoraat willen we nader ingaan: het bijzondere of categoriale pastoraat.
We denken in dit verband dan vooral aan het pastoraat in zorginstellingen, maar ook het pastoraat in gevangenissen, het leger, onder jongeren, in de industrie, onder schippers etc. Pastoraat dat geschiedt in een bepaalde setting, context of in een bepaald instituut. Wat dat betreft is het cate goriale pastoraat vaak heel territoriaal bepaald, gebonden aan een bepaald instituut of gebouw. De ziekenhuispastor vindt zijn werkterrein in een ziekenhuis: daartoe beroepen tot en aangesteld met een bijzondere opdracht.
Benaming: pastor of geestelijk verzorger?
Is er verband of onderscheid tussen de termen pastoraat of geestelijke verzorging. Of kunnen we deze begrippen naast en door elkaar gebruiken?
Dr. Faber ('De pastor in liet moderne ziekenhuis') wijst op de verschuiving in de titulatuur in de tweede helft van de 20e eeuw: Voor de Tweede Wereldoorlog was het algemeen gebruikelijk dat de geestelijke met dominee of pastoor werd aangesproken. De laatste decennia spreken we meer van pastor: de wijkpastor of de ziekenhuispastor, het justitiepastoraat etc. Faber verklaart deze verschuiving in benaming door te wijzen op veranderingen in de geloofsbeleving: eerst stond het Vaderhuis-model centraal: de dominee of pastoor als vader-figuur bood zicht en uitzicht op het vaderhuis: het land achter de horizon van het leven. Pastoraat gericht op het heil van mensen met het oog op de eeuwigheid: het leven na dit leven.
Maar dit Vaderhuis-model heeft voor velen in hun geloofsbeleving afgedaan: we kunnen nu beter spreken van het Exodus-model: het beloofde land ligt ver verwijderd. Nadruk op het hier-en-nu; om ons heen is de woestijn, maar in die woestijn hebben we begeleiding nodig; hoe vinden we de weg door de woestijn. Zijn er tekens die ons in die dorre vlakte van het leven de weg wijzen. En wie begeleidt ons daarin stap voor stap? De pastor heeft hierin een belangrijke rol.
Ook de houding t.o.v. lijden en dood is veranderd; vroeger meer de nadruk op de aanvaarding: lijden en dood onvermijdelijke gegevenheden; maar in het geloof mag je weten van een andere werkelijkheid die door en over het lijden heen bereikt kan worden.
Nu ligt ook meer de nadruk op de verwerking van het ziek-zijn en het klaar komen met de dood.
Die verschuiving in benaming hangt ook ten nauwste samen met de praktisch-theologische ontwikkelingen; in plaats van het Duits-Zwitsers kerugmatische zielzorgconcept is de Amerikaans getinte psychotherapeutische zielzorgbeweging gekomen. 'Pastoral care' in plaats van 'Seelsorge'. De nadruk ligt dan vooral op de pastorale begeleiding (zie: Rebel in 'Geestelijke Verzorging tussen Kruis en Munt' en in 'Geestelijke verzorging in het basispakket? , red. Th. A. Boer; 'Geestelijke verzorging en psychotherapie', J. H. Mooren, Ambo).
Geestelijk verzorger
De laatste jaren wordt ten aanzien van de pastores in de zorginstellingen vooral het woord geestelijk verzorger gebruikt. De introductie van de term geestelijk verzorger heeft o.a. te maken met de komst van humanistische geestelijk verzorgers. Zielzorg of pastoraat zijn geen passende aanduiding voor hun werkzaatnheden, omdat de benaming pastor veel meer identiteitsgebonden is. De benaming geestelijk verzorger is een soort exclusiviteit geworden voor pastores die werkzaam zijn in het categoriale pastoraat. Het begrip geestelijke verzorging wil meer de nadruk leggen op de professionalisering van en de integratie binnen het geheel van de zorgverlening.
Prof. Rebel wijst er m.i. in dit verband terecht op dat in de term geestelijke verzorging een zekere neutralisering en objectivering van het werk dreigt. Toch geeft hij de voorkeur aan de benaming geestelijk verzorger omdat die meer recht doet aan het werk van de pastor in bijv. ziekenhuizen. De term geestelijk verzorger benadrukt meer dan de term pastor de kwalitatieve en professionele toerusting van de pastor.
De geestelijk verzorger is ook verkondiger. Daarbij mag niet vergeten worden dat elke zorginstelling zijn eigen cultuur en identiteit heeft. Belangrijk is dan ook dat de verkondiging gebeurt door iemand die vertrouwd is met de cultuur van het huis; dat vraagt een specifieke toerusting. Verder dient de geestelijk verzorger ook ethisch geschoold te zijn, d.w.z. inzicht te hebben in medisch-ethische zaken om ook volwaardig deel te kunnen nemen aan medisch-ethische en toetsingscommissies. Bij 'geestelijk' moeten we in dit verband denken aan de gehele mens, het geestelijk functioneren... Geestelijk wil dan zeggen de wijze waarop mensen zin, inhoud en betekenis aan hun leven geven.
Zingevingsvragen treden hierbij sterk op de voorgrond: waarom moet ik nou ziek worden.
Wat is de zin van mijn ziek-zijn etc.
De Nederlandse Ziekenhuisraad (NZr) omschrijft geestelijke verzorging als 'de professionele en ambtshalve begeleiding van en hulpverlening aan mensen vanuit en op basis van geloofs-en levensovertuiging'.
De pastor in een zorginstelling wordt zowel op zijn professioneel als ambtelijk functioneren aangesproken. In dit opzicht willen we vooral het 'ambtshalve' onderstrepen.
Om met Heitink te spreken: er zijn geen 'loslopende pastores'; dat gevaar dreigt er zeker voor geestelijk verzorgers in het categoriale pastoraat, los van de gemeente of kerkgenootschap.
Nadrukkelijk is in de definitie het 'ambtshalve' in gebracht. Terecht.
In de eerste plaats wordt hier gewezen op het identiteitsgebonden en kerkelijk gebonden karakter; de pastor vertegenwoordigt een kerkgenootschap. Pastoraat is geen functie van een individu, maar is gewaarmerkt door een kerkgenootschap.
Hij moet zich gezonden weten: de grondtoon van alle pastoraat blijft de gemeente Gods. Het bijzondere pastoraat mag niet los komen te staan van de christelijke gemeente.
Van de pastor in het bijzonder pastoraat mogen bepaalde kwaliteiten verwacht en vereist worden: theologische, maar ook sociaal-wetenschappelijke, psychologische kennis en vaardigheden voor het begeleiden van patiënten. Een vereiste bijv. is om de Klinisch Pastorale Vorming gevolgd te hebben.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 27 augustus 1998
De Waarheidsvriend | 16 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 27 augustus 1998
De Waarheidsvriend | 16 Pagina's