Het klassieke huwelijksformulier (2)
De inzetting en de doeleinden van het huwelijk
Door God ingesteld
Aan het slot van het eerste artikel hebben we uitgebreid stilgestaan bij Genesis 2 : 24. Wanneer we het formulier daarna nog eens nader bekijken wordt nog eens uitdrukkelijk gezegd dat het huwelijk behaagt aan God de Heere. Waarbij dan ook aangegeven wordt hoe God Zelf in het paradijs het eerste huwelijk gesloten heeft. Hij is de Initiatiefnemer geweest door uit de rib van Adam Mannine te scheppen en haar Zelf aan Adam te geven als een huisvrouw. Zo bevestigde de Heere het eerste huwelijk, niet als een uitzondering, maar als een inzetting van Hem. Zo zien we dat de Heere ook het huwelijk gaf in de orde van de schepping. Dat geldt tot op de dag van vandaag en daarom mogen we toch ook geloven dat de Heere Zich nog altijd met onze huwelijken bemoeit. Bij alles wat gezegd wordt in het formulier is het goed in gedachten te houden dat het formulier wel geschreven is binnen het kader van kerk en geloof. Binnen dat kader mogen we toch ook de uitspraak zien dat de Heere ook nog heden ten dage aan een ieder zijn huisvrouw als met Zijn hand toebrengt. Bij die uitspraak zijn best al heel wat vragen gerezen, zeker als er veel spanningen in een huwelijk kwamen en het soms zelfs tot een huwelijksbreuk kwam. Maar die gevolgen van de zonde hoe diep ingrijpend ook, kunnen niet uitwissen wat door de Heere van den beginne goed is gegeven. Wij hebben immers in het huwelijk te maken met twee zondige mensen en dat wordt bij momenten soms heel bitterlijk ervaren.
Heel even wordt nog de lijn naar het Nieuwe Testament getrokken als gezegd wordt dat de Heere Jezus Christus het huwelijk hoog geëerd heeft met Zijn tegenwoordigheid, giften en wondertekenen op de bruiloft te Kana in Galilea. Daarmee heeft Christus heel speciaal zich om het huwelijk als inzetting van God bekommerd. Hij heeft het huwelijk dat door de zondeval meegesleurd was in de modder van de zonde weer geheiligd en teruggevoerd tot de hoogte waarop God het bedoeld had. Het huwelijk is geen minderwaardig, ondergeschikt, ouderwets en van God veracht iets. Nee, Christus heeft duidelijk willen maken dat het huwelijk behoort in ere gehouden te worden. Het huwelijk is een scheppingsgave, die hoewel geschonden door de zonde, nog altijd gave van God is, bedoeld om hoog gehouden te worden. Christus wil ook heden ten dage nog de Eregast bij onze huwelijken zijn. De vraag mag best gesteld worden of dat bij ons met recht kan. Kan alles wat op onze bruiloften plaatsvindt de toets van Gods Woord doorstaan? Wat zijn er soms een schrille tegenstellingen op een huwelijksdag, waarbij de manier waarop de wereld een bruiloftsfeest viert weinig of soms helemaal niet verschilt van de manier waarop het gebeurt bij hen die op die dag ook in de kerk Gods zegen hebben gevraagd over hun huwelijk en dus ook hun trouwdag. Laat ook hier het getuigenis klinken: doch gij geheel anders.
De doeleinden van het huwelijk
Het klassieke huwelijksformulier onderscheidt een drietal bedoelingen:
1. Dat de een de ander trouw helpe en bijsta in alle dingen, die tot het tijdelijk en eeuwige leven behoren.
2. Dat zij hun kinderen, die zij krijgen zullen, in de waarachtige kennis en vreze Gods, Hem ter ere en tot hun zaligheid opvoeden.
3. Dat eenieder, alle onkuisheid en boze lusten vermijdende, met een goed en gerust geweten mag leven.
Wanneer we nu eerst stilstaan bij die eerste bedoeling, dan moet gezegd worden dat dat een alles omvattende bedoeling is. Daar zitten de tweede en de derde bedoeling als het ware al in opgesloten. Dat ze later nog wel apart vermeld worden, is een extra zou je kunnen zeggen.
Immers, wanneer een huwelijk kinderloos blijft, kunnen en mogen we niet zeggen dat zo'n huwelijk niet beantwoordt aan één van de bedoelingen van de Heere. Alsof een huwelijk zonder kinderen 'minderwaardig' zou zijn voor God. Dat zij verre. Vandaar dat die eerste bedoeling eigenlijk al het hele huwelijksleven bestrijkt en alle factoren van het leven raakt.
Wat het tijdelijke leven raakt
Vooropgesteld moet ook hier worden gezegd, dat Gods bedoeling ervan is dat man en vrouw samen in hun huwelijk God de eer geven. Het ware huwelijksgeluk is toch gelegen in het feit dat we samen als man en vrouw mogen wandelen in de vreze des Heeren. Dat betekent ook dat wij in het huwelijk genieten mogen van de gave die God ons in de ander schenkt. Genieten van elkaar, van het samen zijn en het samen doen. Dat raakt in het tijdelijke leven hele concrete zaken waarin je een weg moet vinden. Tijdsindeling. De één werkt, de ander studeert, je werkt beiden of je studeert beiden. Hoe vind je daarin een weg zodat ieder tijd genoeg heeft voor zichzelf, voor z'n werk en voor de studie en je ook tijd vindt voor ontspanning, voor kerkenwerk, voor... en je ook tijd vindt voor elkaar. Dat vraagt om concrete afspraken. Er moeten grenzen gesteld worden en het stellen daarvan vraagt overleg, dat vraagt afweging van factoren, wat weegt het zwaarst. Afspraken met betrekking tot de tijdsindeling.
Maar ook afspraken met betrekking tot de financiën. Wie regelt wat. Wat moet er zijn, wat kan er gekocht worden, wat mag er gekocht worden. Overwegingen met betrekking tot het kopen of huren van een huis. Waar liggen daar de grenzen. Bouw je een hypotheek op beider inkomen? Is er ook de ruimte om kinderen van de Heere te ontvangen? Of is dat bij voorbaat uitgesloten? Hier blijft voortdurend overleg en gesprek noodzakelijk. Zodat je van elkaar weet ook hoe het er financieel voorstaat. Want je kunt er soms ook ineens alleen voor komen te staan en dan...?
Afspraken met betrekking tot de concrete hulp aan elkaar ook in het gezin. Als je samen werkt mag de huishouding niet op de één alleen neerkomen. En de man of de vrouw mag ook niet in zijn of haar eentje voor een gezin opdraaien terwijl de ander er de kantjes afloopt. Duidelijke en eerlijke afspraken zijn nodig. Ook hier geldt een hulpe tegenover. Dan is het 'recht' van de vrouw in het huwelijk niet alleen het aanrecht en de plaats van de man is niet alleen achter de krant. Eenieder kreeg van God een eigen plaats en een eigen taak. Zoek daarin samen biddend een weg.
Onderlinge communicatie
Er is natuurlijk nog veel meer te noemen met betrekking tot de dingen van het tijdelijke leven. Dat raakt de dagelijkse omgang met elkaar ook. Daarbij is het ook nodig om elkaar te leren aanvaarden met iemands hebbelijkheden en misschien ook te proberen om iemands onhebbelijkheden wat om te buigen. De één praat misschien van de vroege morgen tot de late avond. Een ander houdt daar bij momenten helemaal niet van. Wanneer dat botst, bespreek dat dan niet in de sfeer van welles-nietes, maar doe dat op een rustig moment. Dat geldt trouwens altijd weer wanneer je het oneens bent in bepaalde zaken. Dan hoeft ruzie op zich nog niet wereldschokkend te zijn. Het is ook in een huwelijk geen koekoek-één-zang. Maar het is heel belangrijk hoe je er mee om gaat. Gun elkaar daarbij op momenten ook even de ruimte om uit te razen. In de natuur stormt het soms ook erbarmelijk. Maar dat zuivert wel de lucht. Wees er daarbij wel alert op dat er geen onlustgevoelens achter blijven. Dus praat er later samen over. Ruzies laten zich niet verbloemen of wegkussen en lossen zich ook niet op in geslachtsgemeenschap. En als die ruzie er is, zorg er dan altijd voor datje niet met ruzie gaat slapen. De Bijbel zegt: laat de zon niet ondergaan over uw toorn. Waarbij het huwelijksformulier nog aantekent dat ruzie in diepste wezen ons gebedsleven belemmert. Wanneer je niet eerlijk met elkaar kunt praten en omgaan hoe zou je dan samen tot de Heere kunnen bidden. Bovendien is het altijd de vraag als je met ruzie gaat slapen: krijg je de tijd nog om het weer goed te maken?
Ik heb een luisterend oor genoemd. En dan weet ik best dat zoiets niet altijd gemakkelijk is. Echt goed luisteren is heel moeilijk. Maar vraag ook dagelijks of de Heere ons dat wil leren. Luister daarbij niet alleen naar de woorden van de ander, maar ook naar de signalen die hij of zij met zijn stemklank, met zijn houding of met zijn ogen uitzendt.
Heel moeilijk, maar wel heel wezenlijk is in dit alles ook dat we leren ons ongelijk te erkennen. Toe te geven dat we verkeerd geweest zijn en om vergeving vragen. Doe dat laatste niet alleen naar God, maar ook naar elkaar.
Wat het eeuwige leven raakt
Ik wil nog graag even die andere kant bezien. Een kant die soms nogal in de schaduw staat van veel huwelijken. Je merkt dat nogal heel schrijnend als iemand plotseling overlijdt. Dan blijkt in het gesprek dat men op geestelijk terrein erg weinig met elkaar heeft gedeeld. En ik weet best dat het niet zo eenvoudig is om dat, wat ons diep van binnen raakt en wat er op de bodem van ons hart leeft, ook uit te zeggen. Maar we mogen als verloofden en als man en vrouw op geestelijk terrein toch geen vreemde voor elkaar zijn. Een hulpe tegenover zijn kan ook hier pas echt als we er ook samen over hebben leren praten. En je kunt in je verkerings-en verlovingstijd wel om bepaalde moeilijke vragen en problemen heen proberen te zeilen of die voor je uit schuiven en zeggen: nou dat zien we later wel. Maar zo werkt dat natuurlijk niet. Als het gaat over eerlijkheid naar elkaar, geldt dat ook de zaken van kerk en geloof.
Soms komen verschillen in kerkelijke achtergrond al heel snel openbaar, soms worden ze ook nogal eens verdoezeld met wellicht de ijdele gedachte dat het huwelijk wel een oplossing biedt. Sommigen menen ook dat het huwelijk een evangelisatie-instituut is, waarin ze de ander wel van bepaalde dingen zullen overtuigen. Maar hoe kun je nu zulk een belangrijke stap als het huwelijk zetten zonder in het fundament van je leven één te zijn? Dat is toch een onmogelijkheid. Ook kerkelijke gescheidenheid is in een huwelijk eigenlijk een onmogelijkheid. Want elkaar vrij laten is geen weg om samen te gaan. Overweeg bovendien ook heel eerlijk hoe het zou moeten als God kinderen aan jullie zorgen toevertrouwt en hoe zul je die dan met gescheiden kerken opvoeden?
Geloofscommunicatie
Maar ook als je samen het huwelijk ingaat en ook in het geloof één weg mag bewandelen, dan blijft met betrekking tot de geestelijke zaken die communicatie nodig. En ook dat moeten we vaak leren. Heel voorzichtig, maar wel heel eerlijk dingen bespreken. Samen nadenken over een bijbelgedeelte dat je aan tafel leest. Ook leren om samen de weg van het gebed te gaan. Elkaar aanvullen en bijstaan. Daarbij mag de man als priester in het gezin voorop gaan. De vrouw staat daar niet buiten, maar is daar volledig in betrokken. Dan mag er best een afwisselen zijn in wie er bidt. De één aan het begin van de maaltijd de ander aan het eind. De één bidt aan het begin van de dag, de ander dankt aan het einde ervan. Dat geldt ook van het bijbellezen. Wen jezelf daaraan in je verlovingstijd al en zet dat voort vanaf de eerste huwelijksdag. Er zijn in de verkerings-en verlovingstijd vaak veel leuke dingen te doen. Maar zoek ook eens tijd voor een stukje bijbelstudie en gebed met elkaar. Dat verrijkt je relatie op een enorme manier. Grijp hierin ook de mogelijkheden aan van de kerkdienst waar je samen bent geweest. Praat eens na over de preek. Juist als je heel voorzichtig soms de zaken van je geestelijk leven aan elkaar voorlegt, dan kun je elkaar daarin ook tot een hulp zijn. Elkaar dragend en verdragend. Samen worstelend ook met de vragen die er zijn, maar je ook samen verblijden in de Heere. Je verheugen over de fijne band van de liefde die je mag hebben. Dankbaar zijn voor het rijke dat God je in elkaar geeft. Samen je verheugen over wat God in de Heere Jezus Christus ons schenkt. Dan mag je ook samen groeien in het geloof.
Huipe tegenover
Bedenk in dit alles dat het vaak niet alleen in de grote en opvallende zaken zit, maar dat het juist de kleine dingen zijn die het doen. Dat geldt in verloving en huwelijk. Even dat gebaar, even die blik, dat bloemetje, dat kleine beetje aandacht. Het blijkt uiteindelijk zo heel wezenlijk te zijn. Want juist al die kleine beetjes bij elkaar zijn stuk voor stuk de kurken waarop je relatie drijvend blijft. Natuurlijk is de ene kurk groter dan de ander. Maar ze mogen allemaal een plaats hebben. En bedenk wel, daar waar God je aan elkaar gegeven heeft, daar hebben we een hoge roeping naar elkaar toe. Daar hebben we ook de opdracht om in Gods kracht te zoeken en te blijven zoeken naar datgene wat ons samenbindt. Dingen om je verloving en je huwelijk te ondermijnen zijn soms snel gevonden. We kunnen van een mug vaak gemakkelijk een olifant maken, maar om die olifanten nu weer te laten krimpen tot die mug is vaak veel moeilijker. Laat daarom ook de sleur geen bezit nemen van je relatie. Elkaar liefhebben, elkaar begrijpen, open staan voor elkaar, elkaar verdragen is allemaal niet vanzelfsprekend. Maar het vraagt onze inzet, het vraagt onze kracht. En vanuit onszelf komen we daar dagelijks in tekort. Maar de Heere wil ons allen schenken dat wat ons ontbreekt. Daarom zal toch het gebed de rode draad moeten zijn die door heel ons doen en laten, en die ook door onze verkering, door onze verloving en door ons huwelijk heen moet lopen. En in die weg wil de Heere ons zijn rijke zegen schenken.
Kinderen van de Heere ontvangen
Het is hier niet de plaats om uitvoerig op dit onderwerp in te gaan. Het klassieke formulier kent de zinsnede: de kinderen die zij krijgen zullen. Deze uitdrukking is en wordt door velen gelezen als: de kinderen, zo zij die krijgen zullen of de kinderen, zo God het hen belieft die te geven. Op deze wijze wordt meer tot uitdrukking gebracht dat kinderen krijgen geen vanzelfsprekendheid is. Dat misverstand zou uit het klassieke formulier nog kunnen ontstaan. Tegelijk wordt ook aangegeven dat wij kinderen krijgen en nooit kinderen nemen. Dat laatste spraakgebruik is al heel ver ingeburgerd. En zo men er niet over spreekt, dan gaat men er wel zo mee om. Eerst dit en dat en dan kinderen. Kinderen worden daarmee 'gepland'. Terwijl we hier in het formulier juist raken aan een van de diepste mysteries van het menselijke leven, een van de grootste wonderen die de Heere wil doen, namelijk het menselijk geslacht bouwen in de weg van lichamelijke eenwording van man en vrouw. Zo mogen de gehuwden ook geloven dat hun huwelijk wordt ingeschakeld in de bouw van Gods kerk. Zo mogen we als man en vrouw kinderen voortbrengen voor de Heere. Zo mogen we een gezin vormen waarin de Heere gediend wil worden in weg van het geloof.
In onze maatschappij gaan steeds weer stemmen op om het eerste en tweede huwelijksdoel los te maken. Wel trouwen, maar geen kinderen want... Nu is het in heel bijzondere situaties (ik denk aan ziekte of handicap) misschien bespreekbaar. Maar in normale omstandigheden dreigt ook hier het gevaar dat wij ons huwelijk naar onze hand willen zetten. Daarbij gebruik makend van alle mogelijke middelen die er zijn om een zwangerschap te voorkomen. Laten we ons als gelovigen toch verre houden van dit soort opvattingen en praktijken. De ware liefde in het huwelijk zoekt zijn vertolking in de lichamelijke eenwording van man en vrouw en verlangt er naar om uit de hand van God kinderen te ontvangen om ze op te voeden tot Gods eer. Deze tweede bedoeling staat echt niet zomaar in het formulier vermeld. Natuurlijk houden we als man en vrouw daarbij in het huwelijk wel volledig de verantwoordelijkheid om ook in het bouwen van ons gezin bezig te zijn tot eer van God, waarbij de een lichamelijk en geestelijk meer aan kan dan de andere en dat geldt ook voor het gezin als geheel. Je voelt altijd weer hoe geweldig veel verdriet het geeft als in een huwelijk geen kinderen worden geboren. Het is een blijvend gemis dat zich niet laat vergoeden door wat dan ook.
De derde bedoeling kan best de vraag oproepen of dit nu echt een doel is van het huwelijk. Het gaat er om, dat man en vrouw met een stil en gerust geweten mogen leven voor Gods aangezicht. Daarin krijgt iedere man en iedere vrouw het op zijn en haar hart gebonden dat geen derde inbreuk zal maken op hun huwelijk, maar dat ze elkaar over en weer zullen liefhebben en zo met elkaar zullen omgaan zoals God wil. Om zo in die ander die God ons gaf als man en vrouw ook een tempel van de Heilige Geest te zien. Een tempel, die we heilig en rein zullen bewaren.
Er zou rond die eerste en tweede bedoeling best veel meer te zeggen zijn. In de huwelijkscatechisaties, die ik heb gegeven ben ik daar ook veel breder op ingegaan, juist vanwege het feit dat hier ook de voetangels en klemmen liggen die een huwelijk kunnen ontwrichten. Wanneer aan deze beide bedoelingen niet uitgebreid aandacht wordt gegeven in een periode van verkering en verloving dan worden hier al de adders onder het huwelijksgras gekweekt, die later onherroepelijk weer opduiken met soms hele ernstige gevolgen. Hopelijk zijn de kanttekeningen die ik in dit tweede artikel gaf nog weer wat stof om deze bedoelingen van het huwelijk te bespreken en dat behoeft niet beperkt te blijven voor onze jongeren die nog voor een huwelijk staan. Het is ook goed om na vijf, tien of twintig jaar ons huwelijk nog eens onder de lamp van Gods Woord te stellen en door de Heere te laten doorlichten. Dat we het dan mogen doen met de bede uit Psalm 139: Heere zie of bij mij (ons) een schadelijke weg zij en leidt mij (ons) op de eeuwige weg.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 3 september 1998
De Waarheidsvriend | 16 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 3 september 1998
De Waarheidsvriend | 16 Pagina's