De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

Open vensters naar Jeruzalem (1)*

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Open vensters naar Jeruzalem (1)*

6 minuten leestijd

'Daniël nu had in zijn opperzaal open vensters tegen Jeruzalem aan.' (Daniël 6: llm.)

De profeet Daniël is wel één van de meest bekende personen uit het Oude Testament. Hij stamde uit een oud-koninklijk geslacht, nl. uit het huis van David.
Hij was dus van koninklijke bloede. Daardoor was hij ook één van de eersten, die in de Babylonische ballingschap terecht gekomen was. Door zijn intelligentie en ook door zijn voornaam voorkomen was hij Nebukadnezar opgevallen en had spoedig een belangrijke topfunctie aan het hof bekleed.

Deze positie heeft hij ook behouden, toen het Babylonische rijk plaats gemaakt had voor het Perzische rijk o.l.v. Darius. Maar hoe hoger iemands positie is, des te groter is vaak ook de afgunst!

De Perzische vorsten en landvoogden konden het niet uitstaan, dat een jood, een vreemdeling, die N.B. in ballingschap was, bij de koning zo hoog in aanzien stond en zij door hem bevolen werden. Bovendien was deze jood voor geen enkele corruptie vatbaar, en dat wilde wat zeggen in een totaal corrupte wereld van die dagen! Hoe zij ook zochten, zo lezen we in vers 5, zij konden geen gelegenheid noch misdaad vinden, daar hij getrouw was en niets verkeerds bij hem gevonden werd.

Maar als dan niets op zijn staatkundig beleid is aan te merken, dan zullen ze het op een andere manier proberen. Zij wisten, dat Daniël een vroom man was, die alleen zijn God, de God van Israël diende. Zij waren ervan overtuigd, dat de enige manier om hem uit de weg te ruimen was, door hem in zijn godsdienstig leven te treffen. En in die overtuiging gaan ze naar Darius met het voorstel, dat in 30 dagen niemand een verzoek mocht doen of een bede richten dan tot de koning. Alleen tot hem en tot niemand anders mag gebeden worden. Zou ooit het hart en de hoogmoed van de koning meer gestreeld zijn? Geen wonder, dat Darius voor de verleiding bezweek; temeer, daar hij de boze opzet van het voorstel niet doorzag. Hij tekent dan ook het besluit en voorziet het van het koninklijk zegel. Maar dit houdt, volgens de Perzisch-Medische grondwet in, dat niemand, zelfs de koning niet een wet kan veranderen, of wijzigingen kan aanbrengen, of gratie verlenen. Ook Daniël stond machteloos tegenover deze wet. Maar ziet nu de tere godsvrucht van deze man!

'Toen nu Daniël vernam, dat de wet getekend was, ging hij naar zijn huis.' Maar hij wist, wat dit betekende. De opgang naar zijn opperzaal betekende zijn ondergang. De gang naar de binnenkamer: de gang naar de dood! Wat nu te doen? In geen 30 dagen in het openbaar bidden tot zijn God? Neen, dat was voor hem onmogelijk!

Maar, zo hoor ik iemand zeggen: Is dat in het openbaar bidden nu beslist nodig, en niet al te provocerend? Zegt Jezus Zelf niet: 'Wanneer gij bidt, ga in uw binnenkamer, sluit uw deur en bidt Uw Vader in het verborgene? ' Wij bidden toch niet om door de mensen gezien te worden?

Het is nu wel een prachtig gebaar van Daniël, dat hij zich niet dwingen laat, maar hij had toch even goed, met de vensters dicht, zonder dat iemand het zag, kunnen bidden, als verder zijn leven ermee gemoeid is?

Bovendien moest hij niet alleen aan zichzelf denken, maar ook aan zijn volk, waarvoor hij zoveel doen kon in zijn hoge positie! Indien hij dit alles overweegt, was het niet verstandiger geweest om maar toe te geven?

Maar het mag ons niet ontgaan, dat het bidden van Daniël meer dan een gebaar, een houding was. Wanneer hij het bidden in die vorm, op dat moment gestaakt had, dan betekende dat een verloochenen, een ontrouw worden aan zijn God.

En er is nog meer! Wat is de eigenlijke betekenis van die open vensters naar Jeruzalem? In 't algemeen had een oosters huis alleen vensters, die naar de binnenplaats gericht waren. Met opzet echter had Daniël de vensters zó laten aanbrengen, dat hij, zoals nog de orthodoxe joden doen, met het gezicht biddend naar de stad Jeruzalem gekeerd stond.

Daar stond eens de tempel, de trots van ie­ dere vrome Israëliet. In die tempel woonde toch God Zelf! Daar deed de hogepriester met de priesters zijn werk. Daar vloeide het bloed van vele dieren, wat heenwees naar het enige Lam Gods, wiens bloed eenmaal op Golgotha zou stromen tot verzoening van de zonden.

'Open vensters naar Jeruzalem.' Maar dat wilde ook zeggen, dat Daniël niet zelf in Jeruzalem was. Daniël was met zijn volk in ballingschap! Daar verbleef Israël, omdat het God verlaten en andere goden gediend had. Maar ziet, juist dat maakte de vromen zo troosteloos, en daarom voelden zij zich zo eenzaam en verlaten. Jeruzalem was hun dierbaar; zij konden de stad dan ook niet vergeten! Zo kon ook Daniël Jeruzalem niet vergeten. Neen, niet om Jeruzalem zelf uiteraard, maar om de God van de stad. Al had hij het naar de wereld nog zo goed, zijn hart ging uit naar Jeruzalem, de God van zijn leven. Die stad, die God kon hij niet vergeten! Daarom kon Daniël niet ophouden met bidden, al gromden er nog zoveel leeuwen in de kuil, als pannen op de daken. Hij aarzelt dan ook niet en buigt zijn knieën voor het open venster, precies gelijk hij altijd gewoon was. Daar stort hij zijn hart uit voor God, daar klemt hij zich vast aan Gods genade en trouw!

'Herdenk de trouw, aan ons voorheen betoond;
Denk aan Uw volk, door U van ouds verkregen.'

Zo kunnen nu ook moeilijke tijden aanbreken voor de christelijke gemeenten, tijden van beproeving, verzoeking en vervolging. En dan komt openbaar, wie de Heere echt van harte, en wie Hem alleen met de lippen eert.

Gaan we al niet aardig die kant op? Maken Satan en de wereld zich niet op om de laatste beslissende slag te slaan? Staat de kerk des Heeren niet een zware strijd te wachten?

In landen, waar de islam of het boeddhisme de meerderheid vormen, is het al geen vanzelfsprekende zaak om christen te zijn. En in onze westerse wereld worden de kerken bedreigd door de ontkerstening en allerlei moderne opvattingen, waar God ontkend of genegeerd, en Zijn Woord verkracht wordt, en waar de gemeenten en onze gezinnen, en m.n. onze jonge men­ sen, geïnfiltreerd worden door de moderne tijdgeest. Het zal steeds meer gaan over het zijn of het niet-zijn van de christelijke gemeen­ten. Wapent u dan niet in eigen kracht en met eigen wapens, maar doe als Daniël: open uw vensters naar Jeruzalem en knielt voor uw God neer. Zo mogen we ervaren, wat wij in zulke tijden aan onze God hebben.

De HEER ' betoont, zijn welbehagen
aan hen, die need'rig naar Hem vragen,
Hem vrezen. Zijne hulp verbeiden,
en door Zijn hand zich laten leiden:
die, hoe het ook moog' tegenlopen
gestadig op Zijn goedheid hopen. (Wordt vervolgd.)

*) Samenvatting van de preek, gehouden in Anduze (Fr.) op 12 juli jl. voor Nederlandse vakantiegangers.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 3 september 1998

De Waarheidsvriend | 16 Pagina's

Open vensters naar Jeruzalem (1)*

Bekijk de hele uitgave van donderdag 3 september 1998

De Waarheidsvriend | 16 Pagina's