De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

Tot besluit

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Tot besluit

Het klassieke huwelijksformulier (5)

9 minuten leestijd

Het slot van het huwelijksformulier bevat verschillende elementen, waar ook op verschillende wijze tegen aan gekeken en mee om gegaan wordt.

De kracht van de huwelijksband

Het eerste wat na de zegenwoorden vanuit het formulier weer ter sprake komt, is het bewijs hoe sterk de band van het huwelijk is. Dat dat bewijs voor ons gevoel geleverd wordt door het gedeelte Mattheüs 19 ter sprake te brengen waar de Heere Jezus het probleem van de echtscheiding is op zijn minst wat bevreemdend. Velen hebben dan ook door de tijd heen dit gedeelte uit het formulier weggelaten of zodanig aangepast dat wel de sterke band van het huwelijk benadrukt wordt, maar dat niet rechtstreeks de echtscheidingsproblematiek uit Mattheüs 19 ter sprake wordt gebracht.

Persoonlijk komt het mij ook wat vreemd voor dat men in een trouwdienst, zo vlak na de huwelijksbevestiging toch vanuit de Bijbel begint over een echtscheidingssituatie. Daarbij laat ik dan nog even in het midden wat Jezus daar over zegt en hoe Hij er op ingaat.

Wellicht dat er toch op andere wijze mogelijk was geweest om de kracht van de huwelijksband vanuit het Woord te bewijzen.

Het laatste stukje vlak voor het dankgebed toont ons nog eens weer duidelijk hoe God in het huwelijk betrokken is.

De gehuwden mogen er van verzekerd zijn, dat de Heere hen samengevoegd heeft. Daarbij wordt nog eens benadrukt dat het huwelijk niet een aardig idee van mensen is, waarin we er maar het beste van moeten zien te maken en wanneer het naar onze begrippen en maatstaven niet gaat, dan moet het maar ophouden.

Nee, het huwelijk is van God gegeven, als een scheppingsorde ingesteld en dat huwelijk hebben we heilig te houden. Onder die hoge roeping kan niemand uit. Het feit dat die heiligheid in ons leven zo veel en vaak gemist wordt dient ons te meer tot verootmoediging te brengen en met al onze onhei|'Iigheid en zonden ook van het huwelijksleven tot Christus de toevlucht te nemen. Hij, Die Zelf geen zonde gekend of gedaan heeft, is alleen in staat om ons door Zijn bloed van al onze onheiligheid te zuiveren en ons te leren in het huwelijk heilig en rein te leven. Het formulier roept daarbij ook op tot geloof in deze Christus. Alleen in weg van het geloof zullen we op de leerschool van de heilige Geest onderwezen worden in de heilsgeheimen, die de Heere ons ook ten aanzien van het huwelijk wil leren. Want het diepste geheimenis van het huwelijk brengt ons bij Christus.

Met alles wat wij in het huwelijk ondervinden mogen we te toevlucht tot de Heere nemen, want Hij is degene die ons samengevoegd heeft. Hij weet wat u en jij en ik nodig hebben om in ons huwelijk staande te blijven. Dan hebben we geduld nodig als de levensweg moeilijk is en we de tegenspoeden en het kruis vanwege de zonde heel concreet in ons eigen leven moeten ervaren, maar tegelijk wil de Heere ons ook leren met dankzegging te aanvaarden wat Hij ons schenkt in rijke overvloed. Daarbij kan in het geloof zelfs een moeilijke weg uiteindelijk toch tot zegen zijn en mogen we het soms achteraf dankbaar aanvaarden, dat God met ons die weg gegaan is. Niet om die moeite en zorg graag te willen, maar dat God dwars door al die diepe dalen toch dichter bij Hem wilde brengen. Anderzijds kan het ook zo zijn dat we niet altijd zien wat de Heere er mee voor heeft als Hij ons door moeite en zorg leidt en breng het ook veel strijd met zich mee in de geloofsworsteling om het met de Heere eens te kunnen worden. Toch mogen we het in alle dingen wel van de Heere blijven verwachten en in de weg van het gebed ook alles bij Hem brengen. Waarin Hij al degene die in het geloof op Hem betrouwen nimmer zal beschamen. Want Hij wil het ons uiteindelijk toch ten beste en ter zaligheid laten gedijen. Waarom op deze manier en op dit moment en naar ons idee zoveel tegelijk dat begrijpen we vaak niet. Dat ten beste laten gedijen, of dat ten beste keren zoals het doopformulier ook zegt dat gaat inderdaad soms langs een heel lange omweg van misschien wel tientallen jaren. Maar toch geldt ook hier. De Heere verlaat niet wat Zijn hand begon. Dan mogen we het toch zingend bidden: O, Levensbron, wil bijstand zenden.

Zo wil de Heere ons brengen van het allergrootste kwaad (de zonde) tot het allergrootste goed ( de zaligheid in Hem).

Het dankgebed

In het dankgebed worden een aantal zaken nog kort weer aangehaald. Alle onderdelen zijn eigenlijk terug te vinden in het formuliergedeelte dat vooraf gegaan is.

In de aanhef wordt er aan herinnerd dat de Heere Zelf de vrouw als een hulpe tegenover aan de man gegeven heeft en dat zij samen in het huwelijk rein hebben te leven als man en vrouw.

Almachtige God, Gij, Die Uw goedheid en wijsheid in al uw werken en ordeningen bewijst, en van het begin gesproken hebt, dat het niet goed is, dat de mens alleen zij, en daarom hem een hulp, die als tegenover hem zou zijn, geschapen hebt, en verordend, dat die twee waren, één zouden zijn, en ook alle onreinigheid straft;

Hier volgt het gebed om de Heilige Geest, opdat Hij die man en vrouw zal blijven leiden en onderwijzen opdat ze samen in de weg van het geloof leren wandelen achter Christus aan. Waarbij opnieuw de heiligheid van het huwelijk genoemd wordt en de strijd tegen de boze niet als een bijkomstigheid, maar als een wezenlijk element van het huwelijksleven wordt genoemd. Immers de duivel heeft ook in het huwelijk zo ontzettend veel invalspoorten om man en vrouw uit elkaar te drijven en van de Heere af te trekken. We kunnen nooit genoeg op onze hoede zijn en hebben dagelijks met het zwaard des geesten te strijden.

Wij bidden U, (aangezien Gij deze personen tot de heilige staat van het huwelijk geroepen en samen verbonden hebt) dat Gij hun Uw Heilige Geest wilt geven, opdat zij in een waarachtig en vast geloof, heilig leven, naar uw goddelijke wil, en alle boosheid tegenstaan.

In het verdere wordt nog een moment weer stil gestaan bij de tweede bedoeling van het huwelijk, namelijk dat wanneer de Heere ons in het huwelijk de kinderzegen wil schenken, we als man en vrouw van Hem dan alles zouden ontvangen om die kinderen tot Gods eer op te voeden. Daarbij wordt niet alleen gewezen op de kleine kring van het gezin, maar ook op de grotere verbanden van Gods gemeente en van de verbreiding van het Evangelie. Hebben wij zo wel eens tegen onze kinderen aangekeken? Dat we ze zo daarom van de Heere gekregen hebben? Om in die opvoeding Gods naam te eren, om de gemeente van Christus te bouwen en uit te breiden, opdat ook onze kinderen dragers en uitdragers van het Evangelie zouden worden.

Wil hen alsdan ook zegenen, gelijkerwijs Gij de gelovige vaderen. Uw vrienden en getrouwe dienaren. Abraham, Izak en Jakob gezegend hebt; opdat zij, als mede-erfgenamen des verbonds (hetwelk Gij met die vaderen opgericht hebt), de kinderen, het U belieft hun te geven, godzalig opvoeden mogen, ter eer van uw heilige naam, tot stichting van Uw gemeente en tot uitbreiding van Uw heilig Evangelie.

Ook in deze laatste zin van het dankgebed wordt de Heere weer genoemd: de Vader van alle barmhartigheid. Waarna het gebed dan besloten wordt zoals in verschillende formulieren het geval is met het Onze Vader dat Christus ons geleerd heeft.

Wil ons verhoren, o Vader van alle barmhartigheid, door Jezus Christus, Uw lieve Zoon, onze Heere, in Wiens naam wij onze gebeden aldus besluiten.

De belofte

Het huwelijksformulier besluit dan tenslotte met de belofte van God uit Psalm 128. Met die aanduiding van die belofte wordt de aandacht gevraagd voor wat de dichter in deze psalm verwoord ten aanzien van hen die de Heere vrezen en in Zijn wegen wandelen. Zij zullen welgelukzalig zijn. Het is hier niet de plaats om een exegese van psalm 128 te geven. Daarom nog een enkel woord over het slot.

Onze lieve Heere God vervulle u met Zijn genade en geve u, dat gij in alle godzaligheid, liefde en enigheid, lang en heilig, samen leven moogt. Amen.

Het formulier besluit met een bede of wens, waarin gevraagd wordt om Gods genade opdat man en vrouw in alle godzaligheid, liefde en enigheid, lang en heilig samen leven mogen. Die woorden: godzaligheid, liefde en enigheid geven nog eens een keer weer hoe het ware christelijk huwelijksleven er uit zal zien.

Een godzalig leven. Dat kan onmogelijk buiten God en Christus om. We hebben de Heere alle dagen van ons huwelijks)leven nodig. Zonder in Christus te blijven kunnen we niets doen. Ook niet godzalig voor Hem leven.

Als liefde niet de basis is van ons huwelijk, en dan bedoel ik de ware liefde waar Paulus van spreekt in 1 Corinthe 13, dan ontbreekt ten diepste Christus als het fundament van ons huwelijk. Dan kunnen we als man en vrouw best wel veel van elkaar houden, maar het diepste geheim van de liefde dat we toch alleen in en vanuit Christus leren kennen zullen we nooit verstaan.

Met die enigheid wordt opnieuw die eenheid in het huwelijk bedoeld waarvan onder andere gesproken wordt in Genesis 2. Man en vrouw zullen worden tot eenheid. Beide verschillend, beide uniek voor God, maar toch zoals Hij bedoelt in die wondere twee-eenheid van het huwelijk. Geve de Heere dat geheim te verstaan an allen die als man en vrouw in het huwelijk met elkaar mogen optrekken, hand in hand, aan hart aan hart. Maar toch bovenal samen in de weg van het geloof aan de Heere verbonden. Dat zo onze huwelijken die afglans mogen vertonen van dat geheim van de liefde, dat Christus ons getoond heeft en toont in Zijn liefde tot Zijn gemeente. Hij blijve bij de voortduur ons aller Leidsman en Voleinder van het geloof. Hij brenge ons tot het heilgeheim van Zijn genade om van daaruit als man en vrouw heilig en godzalig de vreugden en de zorgen van het huwelijk te beleven voor Zijn aangezicht.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 24 september 1998

De Waarheidsvriend | 16 Pagina's

Tot besluit

Bekijk de hele uitgave van donderdag 24 september 1998

De Waarheidsvriend | 16 Pagina's