Ethiek en de grenzen van de kerk
Ethiek grensbepalend voor de kerk (3)
In de titel van deze lezing is ook tot uitdrukking gebracht, dat ethiek te maken heeft met grenzen van de kerk en als zodanig grensbepalend kan zijn. Laten we allereerst stellen, dat er voor Gods Aangezicht geen sprake is van grote zonden en kleine zonden. Zonde tegen het zevende gebod bijvoorbeeld wordt nogal eens uitgetild boven de andere geboden, althans in de praktijk van het gemeenteleven en de wijze, waarop de zondaar in deze wordt bejegend. Maar zonden zijn zonden.
Er zijn geen 'poppenzonden' (Luther). Bij wat we noemen uitbrekende, naar buiten komende zonden heeft echter de kerk tucht te oefenen. Tucht rondom het avondmaal, rondom de doop, bij huwelijksbevestigingen. In de kwestie van de kerkelijke tucht gaf enkele jaren geleden het hoofdbestuur van de Gereformeerde Bond een uitvoerige nota uit. Daarom zal ik er in deze kort over zijn.
We behoeven elkaar de problemen niet te noemen in een kerk, die ten aanzien van de leer op vele punten afwijkt en waarbinnen niet alle leden, die tot haar behoren, kerkelijk meeleven. Een volkskerk heeft hier haar eigen problemen. In de tijd van Wilhelmus a Brakel was het ook al zo, dat deze zijn gemeente niet meer kon aanspreken als 'gemeente des Heeren' vanwege het diepe verval in de gemeente. Desalniettemin ging hij uit van de tuchtoefening via de prediking van het Woord. Dan geldt echter toch ook, dat een beroep mag worden gedaan op Gods verbondstrouw, hoewel die ons noopt tot gehoorzaamheid? Zijn trouw is onze ontrouw toch altijd vooruit? Er mag en zal dan bewogenheid zijn om de schare, over de afgedwaalden. De tucht zal dan vooral ook trekkend zijn, maar is en blijft een opdracht voor elke kerkenraad.
Jezus had bewogenheid met de schare, maar toen Hij scherp stelde, waarvoor Hij gekomen was, gingen de hoorders weg en bleven slechts zijn discipelen over. De zonden op zich brengen een mens echter niet buiten de grenzen van de kerk. Hoe ging Jezus om met de overspelige vrouw? En laat de bede over de vergeving der zonden ons niet dat wij, 'arme zondaren', het getuigenis van Gods genade in ons bevinden om onze naaste van harte te vergeven? (verg. zondag 51 H.C.)
Structureel
Anders wordt het echter, wanneer het kwaad structureel wordt en zich nestelt in de samenleving. Dan zal er sprake zijn van de profetische roeping van de kerk, - tot uitdrukking in een 'nee'-zeggen, een profetisch nee-zeggen tegen het grote kwaad. De kerk kan medeplichtig worden aan een bepaalde ontwikkeling in de samenleving en aan beleid in deze van de overheid. De kerk kan zelfs in samenspel met de over heid handelen. De kerk kan zwijgen, waar ze zou moeten spreken. In het ergste geval tolereert zelfs of accepteert zij het kwaad met beroep op een situatie-ethiek, een ethiek opkomend uit het eigentijdse levensgevoel, die haaks staat op de heilige Schriften.
Wanneer de kerk spreekt inzake 'het grote kwaad' mag worden gesproken van status confessionis, in staat van belijden. Wanneer de kerk positie kiest in het grote kwaad, kiest ze profetisch positie. En dan geldt, dat dit status confessionis is staat van belijden. Daarbij gaat het om het grote kwaad tegenover God. Maar ook raakt één en ander de vragen van de humaniteit. Dr. J. van Eek heeft een belangwekkende studie uitgegeven over de humaniteit bij Calvijn. Het is niet om het even hoe ook (groepen van) mensen met elkaar omgaan in deze wereld. Dat voltrekt zich ook voor Gods Aangezicht.
Ik noem nu in deze enkele grote thema's, waarin het ging of gaat om het grote kwaad, waarbij de kerk geroepen is te getuigen.
Hitlerperiode
In de Hitlerperiode in de dertiger en veertiger jaren openbaarde zich het beest uit de afgrond. Miljoenen mensen zijn omgebracht. Haat tegen het joodse volk bracht Hitler en zijn verwanten tot genocide, moord op een heel volk. Zes miljoen joden kwamen om. Dit alles werd gedragen door een ideologie, waarbij het Germaanse ras superieur werd geacht, boven alle andere rassen en volkeren. In Duitsland kwam toen de Bekennende Kirche met de Barmer Thesen, waarin elke ideologie werd verworpen, die zich stelt tegenover de heerschappij van Jezus Christus. Men beleed posifief Jezus Christus is Heere. Vandaaruit werd elke ideologie, die zich in de plaats van Christus stelde, profetisch verworpen.
In Nederland kwamen de kerk op een bepaald moment met een gezamenlijke verklaring inzake het grote kwaad van de jodenvervolging. In bepaalde gemeenten werden NSB-ers van het avondmaal geweerd. In het belijden, het actuele belijden aangaande het nationaal-socialisme was de kerk, als het goed was, in statu confessionis, in staat van belijden.
De rassenkwestie in Zuid-Afrika
Ooit werd in Zuid-Afrika politiek de rassenscheiding doorgevoerd als een politieke vorm van samenleven. Al spoedig bleek echter, dat deze rassenscheiding ook ideologisch werd bepaald, dat er sprake was van ongelijkheid van ras op grond van huidskleur. De blanke kerken in Zuidelijk Afrika maakten in deze grosso modo ge mene zaak met hun regering. Ze vormden niet een 'tegenover' ten aanzien van de regering, omdat de regering voor bijna honderd procent uit mensen bestond, die ook tot de 'blanke' kerken behoorden. Hiertegen kwamen de protesten; hiertegen ontstond binnen de 'zwarte' kerken zelfs een belijdenis, de Belhar Belijdenis. Christenen in Zuid-Afrika achtten de rassenscheiding, die ideologisch werd gefundeerd, een zaak van belijden. Nu zich de Wende in Zuid-Afrika heeft voltrokken, zijn velen uit de blanke kerken gaan inzien, dat men het in de tijd vóór de Wende verkeerd heeft gezien. De Belhar Belijdenis raakt nu ook breder in beeld. Hoewel ik zelf hartgrondige bezwaren heb tegen de Belhar Belijdenis, onder andere op het punt van de verzoening, vinden we hier toch een voorbeeld van een problematiek, waarbij een kerk 'in statu confessionis' wilde zijn, in staat van belijden.
We kunnen één en ander ook breder toepassen op nationalistische en fascistische ideologieën elders in de wereld. Ze zijn van tijd tot tijd ook springlevend in eigen land, bijvoorbeeld wanneer het gaat om de benadering van de vreemdeling en van andere rassen in onze samenleving.
Eerbied voor het leven
Het gebod 'Gij zult niet doden' bracht de afgelopen tientallen jaren christenen in verschillende kampen. Er waren christenen, die zich op grond van dit gebod, krachtdadig hebben verzet tegen de kernwapenen maar de kwestie van abortus en euthanasie buiten beschouwing hielden. Er waren anderzijds christenen, die zich heel sterk hebben gericht op de kwestie van abortus en euthanasie en de kernwapenproblematiek buiten beeld hielden. Vooren tegenstanders van beide stellingnamen hebben elkaar in deze verwijten gemaakt. Wanneer kernwapenrapporten werden opgesteld, werden ook deze soms tot status confessionis, tot staat van belijden verklaard. Ten aanzien van euthanasie en abortus kwam het zover niet, hoewel dit kwaad in onze samenleving, ook van regeringswege verregaand is getolereerd.
Dr. John Stott, de bekende anglicaanse geestelijke, heeft een prachtige verhandeling geschreven over de Tien Geboden. Daarin gaat hij ook op deze kwestie in. Ten aanzien van abortus provocatus zegt hij, dat een embryo menselijk leven is en dat de kerk daarom profetisch zal moeten spreken tegen wetten, die het toestaan om embryo's te doden.
De problematiek van de kernbewapening acht hij daar niet helemaal mee te vergelijken, omdat de Schrift ons uitdrukkelijk leert, dat de overheid het zwaard niet tevergeefs draagt (Romeinen 13). Hier ligt dus een spanningsveld. De overheid mag in het uiterste geval doden. Hij erkent echter de legitimiteit van atoompacifisme op grond van het gebod 'Gij zult niet doden', zonder dat hij zelf in deze tot absolute uitspraken komt.
Wij mogen ons afvragen of we in orthodox kerkelijk Nederland, bij alle verzet tegen abortus en euthanasie, wel voldoende deze problematiek van de vernietigingswapens in het blikveld hebben gekregen. Zijn we met deze gruwelijke bewapening ook geen grenzen overschreden? Miljoenen onschuldige burgers worden gedood, wanneer dit vernietigingswapen wordt gebruikt. Moet de kerk in deze niet integraal spreken?
De openbare zedelijkheid
Over deze zeer actuele zaak zou een speciale lezing te houden zijn. Ontucht heeft in onze samenleving vrij spel gekregen. Het extravagante, provocerende gedrag van homoseksuelen tijdens de Gay-games heb ik al genoemd toen ik aandacht gaf in het genoemde artikel aan de visie van Micha Kat. Intussen wordt homoseksualiteit ook in de kerk getolereerd en worden homoseksuele relaties ingezegend. In de actuele discussies over één en ander blijkt hoe voor-en tegenstanders zich beroepen op hun eigen Schriftverstaan. Voorstanders van acceptatie van homoseksualiteit beroepen zich op de liefde, met als dragende grond het verbond. In de hitte van de discussie, blijkt deze kwestie zo langzamerhand ook status confessionis te zijn. Ook in de Nederlandse Hervormde Kerk ging hier door diepe dalen. In de Samen op Weg-problematiek is er het gevecht om homoseksuele relaties als gelijkwaardig met het huwelijk geformuleerd te krijgen in de kerkorde.
Ik wil in deze herinneren aan de recent gehouden bisschoppenconferentie van de Anglicaanse Kerk, de zogeheten Lambethconferentie. Daar werd in een verklaring uitgesproken, dat personen, die homoseksualiteit praktiseren en bisschoppen, die deze praktijken aanmoedigen, handelen tegen de Schrift en de leer van de kerk. Het is heel opvallend, dat hier ook de leer van de kerk wordt genoemd. Dat betekent, dat tijdens deze bisschoppenconferentie de acceptatie van homoseksualiteit ook in verband werd gebracht met de status confessionis, de staat van belijden.
Dr. John Stott, de bekende anglicaanse geestelijke, zei in een interview, dat, wanneer de kerk de vleeswording van Christus zou verwerpen, ze afvallig zou zijn en dat dit voor hem een reden zou zijn de kerk de rug toe te keren. Let wel, hij zegt niet, dat hij de kerk de rug toe zou keren, wanneer er binnen de kerk mensen zouden zijn, die de vleeswording van Christus verwierpen met alle verdere consequenties van dien. Hij spreekt over de officiële verwerping door de kerk. Dan zou de kerk valse kerk zijn geworden.
Dan gaat hij echter ook nog een stap verder. Met betrekking tot de grote ethische vraagstukken wijst hij op de hoereerder, waarover in 1 Korinthe 5 wordt gesproken. Ik citeer nu letterlijk: 'Paulus riep de kerk op hem te verbannen. Als ik mij toch op glad ijs moet begeven, zou ik denk ik zeggen, dat wanneer de kerk besluit homoseksuele relaties officieel goed te keuren en als equivalent met het heteroseksuele huwelijk te beschouwen, dat dusdanig afwijkt van de bijbelse seksuale ethiek, dat ik er erg veel moeite mee zou hebben om te blijven. Misschien zou ik nog een paar jaar willen blijven en mij ertegen verzetten, maar als men volhield, zou ik mij gedwongen zien om eruit te stappen'.
Dit zijn vergaande woorden. Ze zijn voor ons ook actueel in het geding om de kerkorde voor een verenigde kerk. Ik voeg nog wel toe wat Stott ook zei: 'Het moeilijkste is echter erin te blijven en voet bij stuk te houden. Dan verkeer je namelijk altijd op voet van spanning met mensen met wie je het niet helemaal eens bent. En dat kan pijnlijk zijn'.
Tenslotte
Ter afsluiting herinneren we elkaar er nog een keer aan, dat de wet Gods ten goede is voor het persoonlijke leven en voor het maatschappelijke leven. En verder is het leven overeenkomstig Gods geboden niet afhankelijk van meerderheid of minderheid van christenen in de samenleving. We kunnen theocratisch leven, zei prof. dr. A. A. van Ruler, ook al worden we niet-theocratisch geregeerd.
Christus is niet gekomen om de wet te ontbinden. Dat geeft ons de opdracht om ons te verzetten tegen alles, wat zich tegen Gods wet, de wet van Christus keert. Anderzijds is Hij gekomen om de wet te vervullen. Dat geeft ons perspectief om ook in een a-christelijke samenleving, die zelfs anti-christelijke trekken krijgt, te leven. Het gebod is en blijft een gebod met een belofte.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 oktober 1998
De Waarheidsvriend | 20 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 oktober 1998
De Waarheidsvriend | 20 Pagina's