De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

Torenspitsen-Gemeenteflitsen

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Torenspitsen-Gemeenteflitsen

BERGSCHENHOEK

10 minuten leestijd

Ontstaansgeschiedenis

Wie Bergschenhoek vandaag passeert of bezoekt, kan zich moeilijk voorstellen dat de naam van deze plaats al vier eeuwen wordt genoemd. Men zoekt er tevergeefs naar oude gebouwen of monumenten, die verwijzen naar een ver verleden. Deze indruk wordt nog versterkt door de huidige VINEX-uitbreiding, die het inwonertal van Bergschenhoek in tien jaar tijd meer dan verdubbelen zal en het gezicht van het dorp zal doen veranderen.

Toch vermeldt het kerkelijk archief, dat in 1574 - dus kort na de reformatie - in deze kleine buurtschap reeds hervormden woonden. In de oude archiefstukken is sprake van 'den Bergschen Houck', dikwijls afgekort tot 'den Houck'. Op deze hoek (in de Bergweg, onderdeel van het lange lint dat vanuit Rotterdam via Hillegersberg en Bergschenhoek doorloopt tot voorbij Bleiswijk) stonden meer huizen dan elders in dit gebied, omdat het tevens een kruispunt van wegen was. Bergschenhoek behoorde toen evenals Terbregge, Ommoord en een gebied aan weerszijden van de Rotte onder het Ambacht Hillegersberg en de Rotteban. De Ambachtsheren van dit Ambacht waren de burgemeesters van Rotterdam.

De op 'den Houck' wonende gereformeerden kerkten in de Hillegondakerk te Hillegersberg.

De toenemende turfwinning in deze streek bracht welvaart en deed de bevolking snel toenemen. Omdat de kerkgang naar Hillegersberg over de toenmalige wegen in de winter en bij nat weer niet altijd eenvoudig was, staken de kerkgangers in 1657 de hoofden bij elkaar om een eigen predikantsplaats te stichten. In maart 1658 verkregen zij toestemming van de Groot Mogende Heren Staten en Ambachtsheren en na vijf weken werd een schuur als provisorisch ingericht kerkgebouw in gebruik genomen. Op 1 mei 1658 hield ds. Zegert van Son uit Rotterdam de eerste officiële predikatie en werd het beroepingswerk ter hand genomen. Met vrucht, want reeds op 26 september 1658 kon ds. Jacobus van Couwenhove als eerste predikant van Bergschenhoek in het ambt worden bevestigd. Daarmee was hij de eerste in een rij van 40 predikanten die de hervormde gemeente van Bergschenhoek tot nu toe hebben gediend en waarvan de namen (en van velen ook een portret) in de hal van de huidige kerk te zien zijn.

Er zat al spoedig groei in de jonge gemeente, gelet op het grote aantal toehoorders (tussen de drie-en vierhonderd) deden kerkenraad en kerkvoogden na een halfjaar reeds het verzoek een grotere en stenen kerk te bouwen. Terwijl de gemeente druk aan haar op-en uitbouw bezig was, trof Bergschenhoek een grote ramp. Op 8 mei 1659 brak een felle brand uit, die bijna het gehele dorp (44 huizen en de kerk) in de as legde. Direct daarna werd een noodkerk opgericht en eind 1659 verrees een houten kerkgebouw op stenen voet, dat tot 1694 heeft dienst gedaan. In dat jaar werd een nieuwe stenen kerk gebouwd. Na bijna 200 jaar werd deze kerk wegens bouwvalligheid gesloopt en in 1870 vervangen door een nieuw kerkgebouw. Het huidige kerkgebouw dateert uit 1973 en is in 1992 uitgebreid met een grote hal en meer zaalruimten.

Gemeente door de eeuwen heen

Wie kennis neemt van de geschiedenis van de kerkelijke gemeente, krijgt daarmee een rijke illustratie van de wetenschap, dat de gemeente van vandaag staat op de schouders van het voorgeslacht. Het is als een draad die God door de jaren en eeuwen heen door Zijn gemeente trekt, door maar ook ondanks mensen.

Enkele van deze illustraties geef ik hier weer, met dank aan de heer B. Metselaar te Rotterdam, die als amateur-historicus veel van de dorps-en kerkgeschiedenis van zijn geboortedorp aan het licht heeft gebracht.

Na het overlijden van ds. Van Couwenhove werd in 1682 Abrahamus Duez als ongehuwde kandidaat bevestigd tot predikant door de Rotterdamse predikant ds. Petrus Plancius (zoon van de aardrijkskundige). Hij kreeg al snel te maken met de onaangenaamheden van de rederijkersfeesten. Ook Bergschenhoek had in die tijd (tot in de eerste helft van de 19e eeuw) een rederijkerskamer, een kunstminnend gezelschap dat zich oefende in het dichten, toneelspelen en retorica. Zij hielden ook hun 'refreinfeesten', waaraan een kermis met kwakzalvers en waarzeggers was verbonden. Eind 17e eeuw zakte het peil en liep de zaak door dronkenschap etc. nogal eens uit de hand. De kerkenraad toonde zich fel gekant tegen dit soort vermaak en ds. Duez sprak vanaf de predikstoel een ernstig en vermanend woord zich hiervan te onthouden, onder bedreiging der kerkelijke tucht. De begaafde predikant zal later hofprediker worden van Koning-Stadhouder Willem III in Engeland en predikant van de Chapel of St. James.

Zaken van kerkelijke tucht en diaconale zaken blijven blijkens de kerkenraadsnotulen de aandacht vragen, 's Zondags na de kerkdiensten bleef de kerkenraad gewoonlijk bijeen en hield zoiets als een wekelijks spreekuur, waarbij onder meer de behoeftigen met klinkende munt werden uitbetaald.

Begin 18e eeuw komt een zekere Aert van Dalen uit Rotterdam over en houdt op zondagavond godsdienstoefeningen in zijn huis. Hij wordt hierover door de predikant aangesproken en bij de kerkenraad ontboden. De kerkenraad is van mening, dat dergelijke samenkomsten 'hoewel stichtelijk en goed in zichzelve', slechts gehouden mogen worden mits zij binnen kerkelijke banen worden geleid. Oefenaars werden alleen erkend indien zij konden tonen dat zij geoefende zinnen hadden en bekwaam waren om anderen te onderwijzen. Aert van Dalen krijgt zijn toestemming, nadat hij een attestatie kan overleggen van ds. Petrus Plancius, waaruit blijkt dat hij 'rechtzinnig is in de leer en vreemd van allerlei hedendaagse nieuwigheden'.

In de 18e eeuw is sprake van verarming. De vervening liep op een eind en van landbouw of veeteelt van enige betekenis was geen sprake meer. Een kaart uit het midden van de 18e eeuw laat ons zien, dat de B-driehoek een grote watermassa was. In 1772 wordt begonnen met de drooglegging van de polders. Ook kerkelijk is deze periode geen bloeitijd. Er heerste een liberale geest, geloof in de deugdzaamheid en redelijkheid van de mens. De kerkenraadshandelingen lezend die ds. Joannes Hoogstad zelf notuleerde, krijgt men de indruk dat deze predikant een gunstige uitzondering vormde. Voor elk censura morum maakt de predikant met het oog op de naderende Avondmaalsviering, met of zonder ouderling, een rondgang langs de huizen der gemeenteleden of er iets bijzonders was.

Ook in die periode vonden de zgn. winterweekbeurten voortgang. Dat waren negen diensten die in de winterperiode werden gehouden, een traditie die vanaf 1683 tot in 1936 is blijven voortbestaan. Openbare geloofsbelijdenis afleggen in het midden der gemeente, zoals thans het geval is, kwam destijds niet voor. Wie lidmaat wilde worden en aan het Heilig Avondmaal deelnemen, gaf dit aan de kerkenraad te kennen, die daarvoor eenmaal per jaar bijeen kwam. Nadat de nieuwe leden 'over de voornaamste waarheden van onze Godsdienst' door de predikant waren ondervraagd, werden zij tot lidmaten aangenomen.

Onder dr. H. E. Faure, afkomstig uit Zuid-Afrika en contacten onderhoudend met de opwekkingsevangelisten Moody en Sankey in Engeland, wordt uiteindelijk besloten een nieuwe kerk te bouwen, die in 1870 in gebruik wordt genomen. Inmiddels is ds. Willem Callenbach, zoon van de bekende ds. C. C. Callenbach (die hem vernoemde naar de literatortheoloog Willem Bilderdijk) en broer van de uitgever G. F. Callenbach, herder en leraar van Bergschenhoek geworden. Hij was een geliefd predikant, niet alleen door zijn prediking. Zeer trouw bezocht hij alle gemeenteleden. In zijn ambtsperiode wordt naast de nieuwe kerk ook een orgel in gebruik genomen en krijgt Bergschenhoek een algemene begraafplaats aan de Bergweg; voordien moesten de Hoeksenaren hun doden in Hillegersberg begraven. Het smeedijzeren hek van de begraafplaats wordt voorzien van de woorden uit Mattheüs: 'Zijt ook gij bereid! , - Aangrijpend is het volgende hieraan verbonden verhaal, dat in Bergschenhoek van vader op zoon werd doorverteld. Bij de officiële oplevering van de begraafplaats was vanzelfsprekend ook ds. Callenbach aanwezig, vergezeld door zijn zoontjes Cornells Carel en Pieter. Tijdens de rondwandeling vraagt de vierjarige Pieter ineens: 'Papa, wie zou er nu hier het eerst begraven worden? ' Het rustige antwoord van ds. Callenbach was: 'Jongen, dat weet ik niet, dat weet God alleen!' Op een mooie zomeravond mocht Pieter na het avondeten nog wat buiten spelen in de pastorietuin. Tegen bedtijd riep vader hem, maar er kwam geen antwoord. Ds. Callenbach ging op zoek en vond toen zijn zoontje, verdronken in de vijver. Op 11 juli 1871 werd Pieter Callenbach, gedragen door de kerkenraadsleden, als eerste op de nieuwe begraafplaats ter aarde besteld. Dit tragische gebeuren heeft een diepe indruk op ieder gemaakt.

Een gebeuren van heel andere aard betrof de ambtsperiode van ds. A. F. Simons (1882-1890). Als welbespraakt predikant die de gereformeerde waarheid voorstond in een tijd van kerkelijke verwarring en liberalisme, trok hij vele kerkgangers, ook uit de verre omstreken. Daarbij voegden zich (vanwege het beperkte aantal rechtzinnige predikanten) al snel 'hoorders', hetgeen de gemeente niet zo op prijs stelde. Allerlei waren van het land werden naar de pastorie gebracht om aanhankelijkheid aan ds. Simons te betonen. Deze liefdegaven misten hun uitwerking niet, want ongemerkt en ongewild nam het lichaamsgewicht van ds. Simons sterk toe en zijn mobiliteit nam omgekeerd evenredig af. Aan de zegswijze 'een zware dominee' gaf hij zo een eigen accent. Vergaderingen en catechisaties werden in de pastorie gehouden en hij moest verzoeken van de winterweekbeurten verschoond te blijven. De afstand van pastorie naar kerk was en is nog steeds welgeteld 150 meter, doch ds. Simons zag geen kans meer te voet de kerk te bereiken. Elke zondag moest de koets eraan te pas komen om de predikant naar de kerk te brengen. De smalle preekstoeltrap werd verwijderd en vervangen door een gemakkelijker trap met platform om wat vlotter in de preekstoel te kunnen komen. Tijdens het preken kon ds. Simons leunen op een speciaal aangebrachte steunbalk. Van de acht jaar die hij in Bergschenhoek heeft gestaan, heeft hij noodgedwongen de meeste tijd gezeten.

Gemeente in deze tijd

Wie nadenkt over het bestaan van de christelijke gemeente in onze tijd, zal zich verwonderen dat er anno 1998 nog steeds een gemeente is die naar Christus' Naam wordt genoemd en dat hij of zij daarvan deel mag uitmaken. Iets van dit wonder, dat rust op de grote trouw van God, mogen wij ook in de hervormde gemeente van Bergschenhoek ervaren. Een gemeente die veel van de brede volkskerk heeft behouden, zich rekent tot het rechtzinnige deel van de kerk en waarin de accenten Gereformeerde Bond en Confessioneel terug te vinden zijn. De gemeente omvat momenteel ca. 2.400 leden op een totale bevolking van ruim 10.000 en wil graag een open huis zijn voor allen die bij het Woord willen leven, allereerst in de zondagse erediensten, maar bijv. ook in de 16 bijbelkringen en andere vormen van gemeentewerk doordeweeks.

Zo trachten wij de eenheid in waarheid en liefde te zoeken, niet alleen voor onszelf, maar ook voor de toenemende stroom van nieuwingekomenen, die de enige Naam door welke wij behouden moeten worden, niet (meer) kennen. Wie zal hen deze Naam bekend maken als de christelijke gemeente het niet doet? Wij zijn dankbaar een evangelist/pastoraal werker te hebben kunnen aanstellen in de persoon van dhr. W. R. Hendriks, om naast onze predikant ds. W. Markus, de gemeente voor te gaan en toe te rusten tot dienstbetoon, tot opbouw van het lichaam van Christus.

 

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 oktober 1998

De Waarheidsvriend | 20 Pagina's

Torenspitsen-Gemeenteflitsen

Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 oktober 1998

De Waarheidsvriend | 20 Pagina's