De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

Globaal bekeken

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Globaal bekeken

6 minuten leestijd

In 1954 maakte wijlen ds. J. T. Doornenbal (1909-1975) een boottocht naar Amerika om daar enkele maanden te verblijven. Hij beschreef, toen hij in Oene stond, zijn reis van dag tot dag voor het Kerkblad. In 1978 verscheen onder de titel 'Ds. Doornenbal op reis' een verzameling reisbeschrijvingen, die thans onder de titel 'Reisbeschrijvingen' opnieuw is uitgegeven (uitgave De Banier, Utrecht), enigszins bijgewerkt en aangevuld door Lulof Dalhuizen. Uit het reisverslag van genoemde boottocht de volgende passages: 

•Zaterdag 10 juli

'Vanmorgen geland in Le Havre, Frankrijk. Voortreffelijk geslapen, beter zelfs dan de laatste nachten aan wal. Het stampen van de boot en getoeter van de misthoorn hinderden niet. Het was wat regenachtig vanmorgen en daardoor was de Franse kust weinig zichtbaar. Maar er komt nog een terugreis! Ik was wat benieuwd naar Le Havre, want kort geleden las ik "Walging" van Sartre, en dat speelt hier De schrijver is er leraar geweest. Het boek heeft me bijzonder gegrepen en de titel en het gegeven inspireerden me tot de predikatie over Ez. 36 "En zij zullen een walging van zichzelf hebben vanwege hun ongerechtigheden en vanwege hun gruwelen enz." Het beschrijft het levensgevoel van de moderne mens, de onverzadiging van de dingen en van het leven zelf. Bijzonder schrijnend is de tekening van het volkskarakter van de oude stad, vooral van de leidende figuren, de geborneerdheid en de gewichtdoenerij van al die mensen, die zichzelf en hun situatie au serieux nemen, weerzinwekkend in hun innerlijke verstarring. Je hebt vooral ook in het kerkelijke en godsdienstige leven in alle kringen van die gewichtigdoeners, humorloze nummers, die alles 100% ernstig nemen en vooral zichzelf en alles wat henzelf en hun omgeving betreft, volkomen hopeloos in hun eigen belangrijkheid. Het zou misschien nuttig zijn als ze de kritiek van de moderne wijsgeer eens ondergingen, maar ik denk niet, dat ze er gemakkelijk voor openstaan. In de gemeente zijn 't allerverschrikkelijkste lastposten, die zichzelf respecteren en gerespecteerd moeten worden. Ik wil er verder niets van zeggen. De ware walging, zoals Gods Geest die doet kennen, is niet een afkeer van de dingen en van het leven en veel minder van de mensen, maar een afkeer van onszelf vanwege onze eigen zonden. Daar heeft de mens van nature, rechtzinnig of modern, geen oog voor. Ze wordt alleen geleerd op de leerschool der genade en is een van de eerste en de beste vruchten van het onderwijs des Geestes, vruchtbaar tot vernedering des harten en tot eer des Heeren. De lezers mogen mij deze uitwijding midden in de reisbeschrijving vergeven. Hier, aan de wal in Le Havre herleefden de gedachten van de moderne filosoof, die ook een orthodox mens veel te zeggen hebben, want wat wij het meest nodig hebben en houden is ontdekking en zelfkennis. Dat is onze belijdenis en ons leven.'

• Zaterdagmiddag

'Thans op het Kanaal. De afvaart van de Franse kust was prachtig. Het weer was nu opgeklaard en de stad, oud en modern, was nu mooi zichtbaar, gebouwd tegen de hoge rotswand, nu weer op de wijde wateren. Nog altijd ben ik rijk en gelukkig met dit alles en een diep gevoel van dankbaarheid overweegt. Ik zou al deze gewaarwordingen op de grote zee willen neerschrijven, op de wijze, zoals dichters dit hebben gedaan, Keats en Shelley en Roland Holst; willen schilderen 't spel van het licht en van de zon die juist weer is doorgebroken, op de golven.

En versregels komen en gaan in de gedachten, zoals ik ze in mijn jeugd heb geleerd en waarvan ik wilde, dat ik er meer van had geleerd: Marsmans prachtige lied: "Paradise regained", met zijn wondere aanvangsstrofe: "De zon en de zee springen bliksemend open". En ik herinner me nu opeens hoe deze jonge en begenadigde dichter in ditzelfde Kanaal, waar we nu varen, is verdronken op zijn Engelandvaart. En bij het zien van zeemeeuwen, die altijd de boot omringen, het gevoelige vers van Swineburn: "The Seamow", met zijn heerlijk ritme en klankrijke rijmen. Maar toch vooral Roland Holst met zijn bezeten liefde tot de zee, de wind, de golven, de kreet der meeuwen, de wijde kim en het eiland van zijn verlangen daarachter. En ik wenste, dat ik meer van hun verzen onthouden had, ze zouden mij de vreugde van deze zeereis hebben vergroot en verrijkt.'

                                                                                                                                          .........................

Hoe 'vrijzinnig' is Kuitert, gezien zijn laatste boek 'Jezus, nalatenschap van het christendom? ' In het (vrijzinnige) blad VrijZicht kraakt Rinus van Werven in dit opzicht Kuiterts laatste pennenvrucht, hoewel hij hem wel vrijzinnig noemt. Uit zijn artikel, waarin hij eigen vrijzinnigheid ook nader typeert, enkele passages:

'(...), ik (kan) bijna niet anders dan tot de conclusie komen, dat hij het boek voor zichzelf schrijft. Nu is dat niet erg. Ik heb wel eens gehoord dat als je met een problematisch verleden af wilt rekenen, maar eens moet opschrijven wat je dwarszit. Daar slaagt hij goed in. Ik weet nu wat Kuitert dwarszit Maar dat wil niet zeggen dat het mij als vrijzinnige ook dwarszit. Integendeel, ik heb verder niets van hem opgestoken. (...)

Kuitert doet in dit boek de vrijzinnigheid geen recht, zijn eigen "vrijzinnigheid" niet en de onze zeker niet. Hij doet ook de orthodoxie geen recht. Het gaat er namelijk niet om wie er theologisch gelijk heeft. Als ik zeg dat ik niets met de leer van de Drie-eenheid kan, doe ik een vrijzinnige uitspraak waarmee ik me onderscheid van de orthodoxie. Dat is mijn goed recht. Maar het is hun goed recht - het behoort immers tot het wezen van de orthodoxie - trinitarisch te zijn. Ik zeg tenminste van mezelf dat ik iets niet geloof. Kuitert zegt - al klinkt het bij hem altijd zo mild - dat wat de ander gelooft niet echt waar is. (..) Het boek is uiterst slordig geschreven. Kuitert husselt allerlei begrippen en opvattingen door eikaar Het zal u dan ook niet verbazen dat ik vind dat hij niemand recht doet met dit boek. Het lijkt erop alsof het in een achternamiddag in elkaar is geflanst. (...)

Ik krijg de neiging om het boek in de prullenbak te gooien. Uit pure wanhoop. Noem het frustratie. Maar dat heb ik in gesprekken met (hervormde) bonders en (gereformeerde) vrijgemaakten nou nooit. Ik ben het als vrijzinnig mens nooit met ze eens, dat moge duidelijk zijn. Maar met een gezamenlijke levenshouding komen we een stap verder: "Wat heerlijk dat jij denkt dat ik me vergis. Zullen we samen een borrel drinken? " Meer moeite heb ik met reliworstelaars als Kuitert. Die zeggen heel sneeky; "Het kan toch niet zo zijn dat jij je vergist. Neem maar vast een borrel".'

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 12 november 1998

De Waarheidsvriend | 16 Pagina's

Globaal bekeken

Bekijk de hele uitgave van donderdag 12 november 1998

De Waarheidsvriend | 16 Pagina's