Torenspitsen-Gemeenteflitsen
fflERDEN-FRANKRIJK
In de Torenspitsen-Gemeenteflitsen van 23 december 1993 schreef ouderling P. Timmer over de gesbhiedenis van de hervormde gemeente te Hierden. De lotgevallen van die gemeente werden uitvoeriger beschreven door mw. ds. M. Lourens, die in Hierden woonachtig is geweest, in een boekje (1986) getiteld Hoort! De bel luidt. Kerkelijk leven in Hierden. Zowel de bijdrage van ouderling Timmer als de publicatie van ds. Lourens eindigde met een blik in de toekomst. Immers al in de zeventiger jaren was het plan om in de buurtschap Frankrijk (tussen Hierden en Harderwijk) 5000 woningen te bouwen. In 1979 viel mede als gevolg van zwaar verzet het besluit dat het er niet 5000 maar 1500 zouden worden. De Hierdense kerkenraad en kerkvoogdij zagen en namen hun verantwoordelijkheid voor de vanouds Hierdense buurtschap en bouwden een houten kerk, een kapel, die op 9 oktober 1986 op waardige wijze in gebruik werd genomen. Toen ook werd de naam bekend. Refererend aan de wonderbare visvangst uit de zee van Tiberias luidt de naam 'Het Visnet'. Inmiddels kon in 1988 een tweede predikantsplaats voor het eerst worden vervuld door ds. W. de Bruin. En zo werd dr. W. Verboom de eerste wijkpredikant van de zich ontwikkelende wijk Frankrijk. Ondertussen hebben zij hun werk elders voortgezet. Onder ons hebben ds. H. F. Klok (Pasen, 1995, wijk Frankrijk) en ds. G. van Meijeren (Trinitatis, 1997, wijk Dorp) de herdersstaf overgenomen. Ondertussen was het houten Visnet een noodvoorziening, die ruimte bood aan ruim 200 kerkgangers. Toen de wijk verder uitgroeide werd deze noodkerk al gauw te klein en werden er door de kerkenraad en kerkvoogdij plannen gemaakt voor een volwaardig kerkgebouw midden in de wijk. Dat plan werd met grote voortvarendheid ter hand genomen en gerealiseerd. Op 27 februari 1994 werd het nieuwe Visnet feestelijk en dankbaar ingewijd. Een gebeuren waaraan ook de voorafgaande dagen volop aandacht werd besteed en waarvoor de gehele woonwijk werd uitgenodigd om met ons mee te vieren.
Dit huis werd U ter eer gesticht,
opdat G 'er met uw liefd' en licht
zoudt wonen in ons midden.
Juicht allen: want der heem 'len Heer
buigt liefd'rijk zich tot d'aarde neer
en antwoordt op de bede,
die opstijgt uit dit plechtig feest:
Hier wil ik wonen met mijn Geest,
hier schenk ik U mijn vrede.' (Gez. 273:1, 2; 1938)
Vanaf 1 september 1994 zijn we een eigen wijkgemeente. Geen lange traditie dus, maar wel een door God en Zijn dienst bewogen geschiedenis, waarover we ons dankbaar verheugen. Komende maand februari (1999) bewonen we het Visnet vijfjaar en dat willen we vieren met de hele wijk onder het motto:
Gedenken én vieren
Men moet geen tegenstellingen creëren die er niet zijn, maar achter de woorden 'gedenken én vieren' gaat een zeker spanningsveld schuil dat in een gemeente als de onze merkbaar is. Om het verschil op formule te brengen: gedenken is tegenwoordig stellen in mijn leven. hier en nu, wat zich toen en daar tussen God en Zijn volk afspeelde, waardoor ik getroost en toegerust word voor de komende tijd. 'Daar en toen' is maatgevend. Vieren is een vorm van vrije tijd (denk aan het Engelse 'holi(holy)day': feestdag, vrije dag) en vrijheid. In het godsdienstig bereik betekent dat, dat het de mens weer in de ruimte van de christelijke vrijheid (vergeten hoofdstuk? ), in de juiste verhoudingen plaatst met zijn God, met zichzelf en met de geloofsgemeenschap. Het geeft nieuwe zin en nieuwe vreugde. De gemeenschap in geloof, hier en nu, staat centraal. Het één en het ander heeft bij ons van alles van doen met (de vorming van) onze identiteit als christenen en als gemeente van Christus in de wijk waarin we wonen. We zijn trouwens met 1389 leden (dat lijkt preciezer dan het is), verdeeld over 571 eenheden. Er is natuurlijk sprake van import, maar 878 leden werden in Harderwijk geboren. Ook qua leeftijdsopbouw is de wijk jong. De basisschoolleeftijd is sterk vertegenwoordigd en dus ook de ondergroep van bijbehorende leeftijd. De 65+groep is in verhouding klein.
Hoe ontwikkelt zich nu een gemeente in een nieuwbouwwijk, voortkomende uit een dorpsgemeente die zich in de tijd waarin we leven verwant weet met de Gereformeerde Bond en wil leven uit het Woord van God in de lijn van de gereformeerde traditie? Hoe ontwikkelt zo'n gemeente een eigen identiteit, samengesteld als ze is uit oorspronkelijke bewoners 'van de buurtschap, kerkelijk georiënteerd op Hierden, inwoners van Harderwijk die in een nieuwbouwwijk kwamen wonen, mensen van geboorte afkomstig uit Hierden en Harderwijk (het grotere deel) én mensen afkomstig uit andere delen van het land, die voornamelijk om economische redenen in de regio kwamen wonen. Er zijn enkele mensen in de wijk die naar de dorpskerk blijven gaan of naar hun wijkkerk in Harderwijk. Het omgekeerde komt trouwens ook voor. Er zijn in de achterliggende periode ook gemeenteleden overgekomen uit andere kerken. Evenzo wonen er heel wat mensen die zich verwant en betrokken weten bij de hervormde Samen op Weg-gemeente in de stad Harderwijk. Sociaal en kerkelijk is er dus qua achtergrond absoluut geen sprake van uniformiteit. Integendeel, de pluriformiteit is vari begin af aan een gegeven. Lastig? Een uitdaging? Zegen of vloek? In ieder geval onloochenbare realiteit.
Waar de één gedenken wil, zegt de ander liever vieren. Wat de één om te huilen vindt, is voor de ander reden om te juichen. Gedenken roept bij sommigen een sfeer van plechtigheid, zo niet formaliteit op, en daarmee saaiheid. Vieren is anderen al gauw te vrij, daarmee te gemakkelijk en te frivool. Natuurlijk zijn dit in onze wijkgemeente geen tegenstellingen die een tweedeling aanduiden, maar dimensies die gradueel per persoon en qua achtergrond verschillen, en alleen aan de uiterste zijden leidt het tot eenzijdigheid voor het één, tegen het ander. Zou dat de dienst uitmaken, dan kreeg het gemeenteleven iets van een aanhoudende voetbalcompetitie; de voorsprong (het gelijk) van de één is het verlies (het ongelijk) van de ander. Iedereen te vriend houden lijkt dan een vriendelijk alternatief. Ieder heeft toch immers zijn/haar gelijk. Alles met de mantel der liefde bedekken, is dat een alternatief? Men beroept zich dan weleens op de juichende en huilende menigte uit Ezra 3 en zegt; het mag allebei, er is ruimte voor allebei. Dat is ook zo. Maar daarmee zijn de lastige vragen niet weg. Trouwens, de profeet Haggaï schrijft in ieder geval allesbehalve neutraal over dezelfde episode. Het gesprek over traditie en vernieuwing leeft met andere woorden niet op bij ieders gelijk. Sterker nog, het risico zou juist kunnen zijn dat dan toch een, zij het stilzwijgende, tweedeling ontstaat en bestendigd wordt. Want het verschil is er natuurlijk toch. Gedenken kan op allerlei manieren gestalte krijgen, wellicht het meest geprononceerd in de (klassieke) avondmaalsdiensten. Van vieren geldt hetzelfde, misschien het meest herkenbaar in kinder/jeugddiensten. En in gewone erediensten? Nu ja, dat hangt van het type dienst af. Doet iedereen mee? Noch bij het één, noch bij het ander. Maar dat is hooguit een (let wel heel vervelend) randverschijnsel. Tussen de uiterste gaat hét er actief naar toe. Er is volop jeugdwerk en kringwerk. Er wordt gewerkt aan evangelisatie. Middels de zendingscommissie zijn we sterk betrokken bij het wel en wee van de fam. Van den Bosch in Guatemala. Er gebeurt veel in het pastoraat. Zo werd er om ziekenzalving gevraagd. En na een gedegen voorbereiding van de gemeente middels prediking en gesprek werd de ziekenzalving ook toegepast. We hebben ons met elkaar in een ethisch beraad bezonnen op de kwestie rond de orgaandonatie. Gemeenteavonden hebben veel meer een interactief karakter gekregen, doordat er niet langer standaard een spreker vanbuiten gevraagd wordt, maar gemeenteleden zelf het woord voeren. Er zijn maandelijks op de woensdagmorgen koffie-en ontmoetingsmorgens voor de vrouwen in de wijk. Er wordt catechese gegeven en jonge mensen leggen in het midden van de gemeente belijdenis van hun geloof af. Opzicht over leer en wandel is onderdeel van het beraad van de kerkenraad. Ook dat is consequentie van het gegeven dat niet iedereen gelijk heeft in zijn of haar doen en laten. En de gemeente wordt, als het meest centrale en door ons ook aangehouden als het meest kenmerkende, vergaderd rondom Woord en sacrament. Doet iedereen mee? Neen, zeker op zondagavond niet.
Het wonder(lijke) is ondertussen wel dat zich opnieuw een gemeente (van hen, die behouden worden, zo geloven en belijden we) gevormd heeft, samengeroepen rondom Gods Woord. Daar waar geloven authentiek gestalte krijgt, worden wij trouw aan Hem die ons roept en raken betrokken bij Zijn dienst aan deze wereld.
Missionair gemeente-zijn
Frankrijk ligt in meer dan een opzicht tussen dorp Hierden en stad Harderwijk. Komend uit Hierden (N 309) komt men de wijk centraal binnen in het deel De Akker. Frankrijk ligt aan de Hierdense kant van de doorgaande weg Harderwijk-Lelystad (N 302). Vanuit Harderwijk kan men de wijk binnenkomen via deel Walstein, of via Broekland. Die twee delen worden door De Akker via de Krommekamp met elkaar verbonden. Centraal in De Akker ligt de 'markt', met een supermarkt, een apotheek, een cafetaria, de kerk en de twee basisscholen, een christelijke 'De Bron' en een openbare 'De Delta'. In de beide flanken van de wijk vindt men niet al te hoge flats met kleinere en grotere, fraaie appartementen. Kortere en langere rijtjes eengezinswoningen wisselen elkaar af, met daartussen nog seniorenwoningen. Vooral in De Akker staan de luxere twee-onder-een-kapwoningen, alsook de fraaie tot zeer luxe vrijstaande huizen. Men heeft een aantal oudere panden en stukken weg (de Tabaksweg) weten te handhaven. Een buurthuis of iets dergelijks is er niet.
Het is geen probleemwijk; er zijn geen opvallende randgroepen en er is geen concentratie van kansarmen of andere uitvallers. Kortom, niet een wijk waarin een christelijke gemeente 'makkelijk' haar missionaire aspiraties kan loslaten op hen die wellicht gediend zijn van onze bemoeienis. Geen oude, grote, verpauperde of anderszins karakteristieke stadswijk. Maar ook geen leeglopend plattelandsgebied. Dat laat onverlet dat er ongetwijfeld 'in stilte' aan (psycho)sociale problematiek en existentiële vragen geleden wordt. Daar weten we soms van, soms (vaker? ) niet. Trouwens, het is een ervaring van de diaconale hulpdienst dat er in de beginjaren veel vaker een beroep op hulp werd gedaan dan tegenwoordig. Weet men elkaar als bewoners in de wijk makkelijker te vinden in geval van nood? Dus hoe missionair aanwezig te zijn te midden van mensen die het, voor het oog zeker, goed en zelfs zeer goed gaat? Middels bijzondere erediensten? Jazeker, zie maar wat een belangstelling er uitgaat naar bijvoorbeeld doopdiensten. Dat vraagt natuurlijk wel weer om specifieke nazorg voor doopouders die niet direct tot de kring van de gemeente behoren. Zo dienen zich trouwens voortdurend nieuwe uitdagingen aan. We maken inmiddels gebruik van allerlei cursusmateriaal zoals de Oriëntatiecursus Christelijk geloof en de Alpha-cursus, die zojuist van start is gegaan met een grote groep gemeenteleden. Zo wordt er gewerkt aan toerusting om de gelegenheden als Gods mogelijkheden.goed te leren gebruiken.
Vijfjaar Visnet Vieren is zo'n gelegenheid. Voor week 8 van 1999 hebben we een programma ontworpen gericht op verdieping en versterking van binnenuit én opening en verruiming naar buiten toe om te leren geloven dat de gemeente niet slechts hier of daar in een hoekje aan het overleven is, maar dat het geloof van de gemeente overwinning van de wereld is. Sterker nog, gebouwd op hét fundament met dé hoeksteen zullen de poorten der hel haar niet overweldigen.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 17 december 1998
De Waarheidsvriend | 16 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 17 december 1998
De Waarheidsvriend | 16 Pagina's