Men noemt Zijn Naam Jezus
Naam
'What's in a name?
That which we call a rose
by any other name
would smell as sweet'
Bovenstaande is een citaat uit Shakespeare's 'Romeo and Juliet'. De grote Engelse dichter wil er zoveel mee zeggen als: Wat zegt een naam ?
Dat wat wij een roos noemen, zou met elke andere naam even heerlijk ruiken.
Wat denkt u, zou deze uitspraak ook gelden voor de naam Jezus? Is deze ook inwisselbaar voor elk ander begrip? Ach, wat zegt een naam nu feitelijk? Een naam is maar een naam. Geldt van Jezus; als het Kind maar een naam heeft?
Het lijkt op het opentrappen van een open deur als we elkaar er nog eens aan herinneren dat het bijbels denken en spreken over 'de naam' een diepere gevoelswaarde en een rijkere inhoud heeft dan onder ons westerlingen. 'De naam drukt het wezen uit', zo leerden we vroeger al op catechisatie. Laten we het daar maar op houden als we in dit artikel de naam 'Jezus' spellen. Jezus heet, zoals Hij is. Hij is, zoals Hij heet. Hoe we dat weten? De engel des HEEREN geeft ons uitsluitsel. Hij zegt tegen Jozef: 'Gij zult Zijn naam heten JEZUS, want Hij zal Zijn volk zalig maken van hun zonden'. Over de zinrijke betekenis van die benaming valt heel wat heerlijks te zeggen. En wee elk christenmens die dat niet doet! Noemt u het gerust Jezus-mystiek. Intussen zingen we van heler harte: 'Geen naam is er beter en zoeter voor 't hart!'T
Men noemt
Wat mij vooral bezighoudt is de titel die de redactie me aanreikte: 'Men noemt Zijn Naam Jezus'. Waar vind ik deze zin met zoveel woorden in de Schrift? Jazeker, Jezus heet Hij. Zo werd Hij genoemd en zo wordt Hij genaamd. Geen woord eraf! Wellicht is de titel ingegeven door de leraar uit Heidelberger die zijn christen-leerlingen de indringende vraag stelt: 'Waarom wordt de Zone Gods 'Jezus', dat is 'Zaligmaker' genoemd? ' Toch blijf ik met een vraag zitten. Wie zijn dan die 'men' uit onze titel? Vanuit de Schriften willen we een poging wagen om op deze aangelegen vraag een antwoord te geven. Het viel mij op dat we niet zo vaak lezen dat mensen de Heiland rechtstreeks met 'Jezus' aanspreken. Meestal noemt men Hem 'Rabbi, Meester of Heere'. Toch is er een aantal voorbeelden te noemen waaruit blijkt dat Hij zonder omwegen 'Jezus' wordt genoemd.
De Vader
We wezen er al op dat Jozef het Kind, dat Maria baren zal, de naam Jezus moet geven. Een engel geeft hem deze opdracht. Hieruit concluderen we dat die wonderlijke naam goddelijke, zo u wilt, hemelse oorsprong heeft. Jezus was in Israël een veel voorkomende naam. Hij was afgeleid van het Hebreeuwse Jehoshua. Uit de geschiedenis is ons de naam Jozua bekend.
Hij leidde het volk van God het Beloofde Land binnen. In de loop der tijden zullen veel Joodse kinderen met die naam, of een variant daarvan, door het leven gaan. Strikt genomen is de naam Jezus dus niet zo bijzonder of uniek. Echter, we zouden de bocht te kort nemen als we het bij deze constatering lieten. Immers, God de Vader Zelf heeft deze naam expliciet over dit Kind laten uitroepen. Het is Gods eigen wil en wens dat Zijn enige Kind een naam draagt die Zijn bijzondere werk en wezen uitdrukt. Deze Zoon zal een volk, verstrikt in zonde en-schuld, verlossen, behouden en losmaken. Weet u een treffender en zinrijker naam dan deze? Allen die zichzelf op geen enkele wijze los kunnen maken van boeien en banden, rnogen deze uitnemende roepnaam in de mond nemen. Inderdaad, 'Jezus' is een roepnaam. Een aanroepnaam voor hen die alle raad en daad ontbreekt. Dat 'men' Zijn naam Jezus noemt, ligt verankerd in de eeuwigheid. In het heilrijke feit dat de Vader Zelf Zijn Geliefde ermee eert en betitelt. Met evenveel-recht kunnen we spreken over een reddingsnaam. Een naam als een reddingsboei!
Wie dreigt te zinken en verdrinken in de golven van z'onde en ellende mag die naam aangrijpen en zich eraan vast klampen. De Vader Zelf staat voor die naam in. Omdat Hij er Zelf achter staat. Een eeuwigheid lang!
De engelen
'Men noemt'. De naam Jezus was in de hemel bekend. Dat staat vast. Dat is zeker. Niet alleen de Vader van onze Heere Jezus Christus kende die, maar blijkbaar ook de engelen. Deze hemelse liturgen omringen Hem dag en nacht. Als na 33 jaar de Zoon van God glorieus uit de dood verrijst wordt bij uitstek deze en geen andere naam door een engel uitgezegd. Intens droevige vrouwen zijn in hun gemis op zoek naar Hem, die zij als hun Zaligmaker leerden kennen. Jezus kwijt is alles kwijt! Voor een moment verlaat de hemelliturg de heerlijkheid en' voegt zich bij de vrouwen. Hier op deze aarde, temidden van nood en dood, moet die heilvolle naam klinken. Juist voor heri die radicaal zijn vastgelopen. 'Vreest niet, want ik weet dat gij Jezus zoekt...!' De hemelse boodschapper noemt Hem bij de naam die de Vader Hem gaf. De Jezus-naam is balsem op hun schrijnende wonden. Die naam moeten en zullen ze horen! Jezus dood? Geen sprake van! Hij is de Levende! De hemel weet dat mensen die dood en graf voor ogen hebben, hulp behoeven. Eerste hulp. De beste hulp. Vandaar: Jezus! Redder en Behouder voor allen die zichzelf niet behelpen kunnen. Die naam heeft de sneeuwwitte engel in de hemel vernomen en daarom moeten deze rouwende vrouwen die heilscheppende klank op aarde horen!
De demonen
'Men noemt'. Wie had ooit kunnen denken dat anti-engelen, die zich van God en Zijn hemel vervreemdden, de diepe inhoud van de Jezus-naam kennen? Als geen ander is Gods grote opponent zich bewust van de inhoud van die naam. We ontdekken dit bij de grootse en heerlijke bevrijding van die bezeten grafbewoner te Gardara. De diabolos is er diep van overtuigd dat die losmaking het werk is van die Ene, die Jezus heet. Snoevend en snerend spreekt de grote tegenstander Zijn naam uit. 'Jezus, Gij Zoon van God, wat hebben wij met U te doen? ' Dit relaas geeft ons te denken. De meest felle vijand van de Vader is op de hoogte van de inhoud en betekenis van de naam van de Zoon. Hij is met al zijn trawanten doodsbang van die naam. Vuurbang. Wonderlijk, maar niet minder hoopvol; een naam die tot heil en behoud is gegeven, betekent dood en verderf voor alle demonic die zich tegen Jezus verzet. Ook de demonic in mensengestalte...!
Hulpbehoevenden
'Men noemt'. Op onze zoektocht door de Schriften ontdekken we enkele hulpbehoevende mensen die de Zaligmaker vrijuit en zonder omwegen aanspreken met de roepnaam Jezus. Wat dacht u van de tien melaatsen, van top tot teen vertekend en mismaakt door hun kwaal? Als ze Hem dan niet met hun verminkte handen kunnen aangrijpen, roepen ze Hem. Met gebroken stem. Stemmen die in het verleden dag en uur 'onrein, onrein!' lieten horen. Ondanks hun onafzichtelijkheid doorbreken zij hun monotone refrein door de aanroeping van die hoopgevende naam Jezus.
Wat dacht u van die blinde bedelaar bij Jericho? Jezus zien, was er voor Hem niet bij! Dan maar 'Jezus' roepen! Hij vervolgt zijn roep met de indringende smeekbede: 'Ontferm U mijner!'
'Men noemt Zijn naam Jezus'. 'Men' dat is de categorie van hen die zich op generlei wijze kunnen helpen en helen. Hulpbehoevenden. Mensen die zelfs niet eens zicht op Jezus hebben! Dat geeft hoop en verwachting voor u en mij wanneer wij, jammerlijk en erbarmelijk als we zijn. Zijn naam spellen. Uitroepen. Aanroepen. Misschien zelfs uitschreeuwen! 'Wie Hem aanroept in de nood...' En u weet wel wat er verder volgt!
De dood voor ogen
'Men noemt'. Het aangrijpende verslag van de steniging van Stefanus is ons bekend.
Ook deze mens, diaken bij de gratie Gods, rekenen we tot de 'men'. In de hoogste nood is er voor hem slechts één naam die hoop en uitzicht biedt. De dood voor ogen. Dat is een ding dat zeker is. Maar gelijk heeft hij Jezus voor ogen. Wat staat hem, nu niets en niemand hem meer uitkomst kunnen bieden, anders te doen dan het uit te roepen: 'Heere Jezus, ontvang mijn geest!'? De diepe zin van Jezus' naam doortrekt zijn hele wezen. Uitredder. Verlosser uit de grootste nood. Jezus! Als deze mens, vol van de Heilige Geest, dan zelf geen raad meer weet met zijn lichaam, ziel en geest, blijft er maar één naam over. Als de stenen hem dodelijk treffen, rest er slechts Een bij Wie zijn geest veilig en geborgen is. Voor tijd en eeuwigheid. Jezus! Wat een naam!
In de naam van
'Men noemt'. U zou de keren eens moeten tellen hoe vaak we in het Nieuwe Testament de frase 'In de Naam van Jezus' tegenkomen. Het is een geliefde uitdrukking van Paulus. De man die ooit in zijn godsdienstig fanatisme te horen kreeg: 'Ik ben Jezus, die gij vervolgt!' Vanaf dat ingrijpende moment ontdekte hij dat die naam gezag en zeggingskracht heeft. 'In de Naam van Jezus', is geen lege slogan. Geen ijdel cliché. Integendeel, 't Is een garantienaam. Een naam waaraan het zegel van Gods eeuwige trouw en betrouwbaarheid gehecht is. Betuigen, proclameren en verkondigen in Jezus' naam is bij uitstek het werk van elke prediker. Onmiskenbaar behoort deze naam tot het wezen van de Woordverkondiging. Tot op de dag van vandaag!
'Men'. Dat zijn na Pinksteren allen die zondag aan zondag geen ander voornemen hebben dan de naam van Jezus uit te zeggen en aan te prijzen. Armen en ellendigen doe er hun voordeel mee. 'Men', daartoe behoren ook allen die op last en in naam van Jezus heil en eeuwig leven wordt aangeboden, 't Zal wat zijn wanneer wij op deze zaligheid en Zaligmaker geen acht geven...!
Buigen en belijden
'Men noemt Zijn Naam Jezus'. Overbekend is het tweede hoofdstuk van de brief aan de Filippensen. Daarin zingt de apostel een hymne over Jezus. Poëtische heilshistorie. Op niet mis te verstane wijze laat Paulus horen waar het uiteindelijk op uit zal lopen. Waar het heen moet. Hoe het worden zal. Jezus heeft Zich radicaal en totaal ontledigd. Al Zijn glans en heerlijkheid heeft Hij afgelegd. Buk maar over de kribbe, dan kunt u het zien!
U en ik zijn van kinds af bekend met de dubbele naam Jezus Christus. Met goed recht mogen we Hem ook 'Jezus Doulos' noemen. Doulos, dat is dienstknecht, slaaf. Jezus Doulos werd mens onder de mensen.
U mag ook lezen: mens ónder de mensen. Hij nam de onderste, de laagste positie in. Lager kon het niet. De minste. De geringste. De laagste. Jezus! U zit diep in de put? U kunt niet langer omhoog zien? Kijk dan maar naar onder. Zie dan maar naar beneden. Ziet u Hem? Onder u? Jezus! Troost voor allen die aan de grond zitten! Kersttroost!
Intussen - laten we ons niet vergissen - deze 'onwaardigste onder de mensenkinderen' heeft God uitermate verhoogd. Mateloos. Ja, Hij gaf Hem een naam boven alle namen. U vraagt naar de reden? Laat de apostel maar antwoorden: 'Opdat in de Naam van Jezus alle knie zich zou buigen en alle tong zou belijden dat Jezus Christus Heere is, tot heerlijkheid van God de Vader'.
Nu 'het nog 'heden der genade en dag der zaligheid heet', worden wij opgeroepen met herders en wijzen heen te gaan. Waarheen? Naar dat Kind met die wonderlijke naam! Naar Jezus heen! Wat zegt u? 'Niet te snel naar Jezus!' Wat wilt u daarmee zeggen? Weet u soms een ander bij wie u hulp en heul vinden kunt? Noemt u dan eens een andere naam? 't Is beter dat we onze confessie er nog eens op na lezen. Echter laat het daar niet bij. Belijden is toch ook naspreken? Zeg maar na: 'Er is niemand, noch in de hemel, noch op de aarde, onder de schepselen, die ons liever heeft dan Jezus Christus!' Bent u nog niet tevreden? Lees dan maar verder: 'Wie zouden wij kunnen vinden, die ons meer beminde dan Hij, die Zijn leven voor ons gelaten heeft'. Als u dat niet genoeg is, dan ben ik uitgepraat.
Kom, nog één keer; naar Jezus, heen! U en ik. Hoe miserabel en ellendig we er ook aan toe zijn. Hoezeer we ons ook geknecht en geknoet weten. De ruif hangt laag. De kribbe staat op de grond. De kleinste kan er bij. Samen buigen. Samen belijden. Gaat u mee? Naar Jezus? Wie dit Kind onder ogen komt en wie deze Boreling in de ogen ziet, zingt ondanks alle gebrokenheid, het hoogste lied. Een Hooglied op het hoogfeest van kerst: 'Al wat aan Hem is, is gans begeerlijk. Zulk een is mijn Liefste, ja zulk een is mijn Vriend!'
'Men noemt Zijn naam Jezus!' U ook...?
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 24 december 1998
De Waarheidsvriend | 24 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 24 december 1998
De Waarheidsvriend | 24 Pagina's