Beleid Gereformeerde Bond
Samen op Weg
Geachte leden.
De leden die om deze buitengewone ledenvergadering hebben gevraagd, voeren daarvoor in hun brief twee redenen aan. In de eerste plaats willen ze het beleid van het bestuur ter sprake brengen. In de tweede plaats willen ze spreken over de voorstellen die het bestuur heeft gedaan om inhoud te geven aan het besluit van de synode naar aanleiding van de motie Van Heijst/De Visser.
In een persoonlijk gesprek met initiatiefnemer Zetzema bleek mij dat hij bij het beleid bedoelt het beleid van het bestuur inzake de vragen rond Samen op Weg. Ik trek een paar grondlijnen. Dezelfde lijnen die u steeds in de Waarheidsvriend vond en op jaarvergaderingen in het jaarverslag en door middel van lezingen, op bezoek bij afdelingen, in kerkenraadsvergaderingen en op diverse gemeenteavonden.
Van der Graaf zal straks spreken over de wijze waarop het bestuur heeft gemeend het zojuist genoemde synodebesluit van 21 maart jl. te moeten invullen. Ik doe het puntsgewijs."
1. Er is het bestuur alles aan gelegen om te blijven staan voor een kerk op de grondslag van de Gereformeerde belijdenis. Dat is steeds opnieuw uitgesproken. We kunnen en willen niet anders want we vrezen. Gods verbondstrouw te schenden en de Heilige Geest te bedroeven. Slechts op de gereformeerde belijdenis weet de hervormd gereformeerde beweging, weten wij ons aangesproken. Slechts op deze belijdenis kunnen en zullen we de kerk als geheel aanspreken. Dat is het recht van de gereformeerde belijdenis op heel de kerk.
Dit is in het beleid van het bestuur uitgangspunt. Dat is tevens het ijkpunt. Daarom is er in de huidige situatie niets praktischer dan de bezinning op wat de kerk belijdt over haar fundamenten. Ooit, ... dan nu, is de kerk geroepen weer belijdenis te doen van haar grond, haar fundament.
2. Daarmee is tegelijk aangegeven en uitr gedrukt dat het bestuur op geen enkele manier de pluraliteit aanvaardt. Wij beseffen goed dat pluraliteit in de kerk is aanvaard. Daar ligt onverminderd ons geding met de kerk. Samen op Weg in de huidige vorm op de huidige manier is naar onze mening onvruchtbaar. Van de grondslag van de kerk hebben we gezegd: principieel onaanvaardbaar. maar niet onherstelbaar... ik geloof in de Heilige Geest! In correspondentie en andere contacten met het moderamen zijn de principiële bezwaren tegen de grondslag steeds verwoord. In diverse uitgaven .(o.a. 'Voor de goede orde') maar ook in artikelen in de Waarheidsvriend is daar stem aan gegeven. Daarachter zit een diep en vurig verlangen vruchtbaar, dienstbaar te mogen zijn voor de kerk. Daarmee bedoel ik een diep verlangen om in een kerk waar allerlei wind van leer waait op Geestelijke wijze het Woord van de Geest te laten horen. We verlangen dat te doen in bewogenheid mefhet volk in haar midden en met de schare om haar heen.
Daar ligt onze roeping. De vereniging heeft ten doel, naar uitwijzen van de Heilige Schrift, opgevat in overeenstemming met de drie formulieren van enigheid, te arbeiden tot verbreiding en verdediging van de gereformeerde waarheid in het midden van de Nederlandse Hervormde Kerk. Daarbij zoeken we niet het isolement om ongestoord door anderen een gesloten vesting te bewonen. Dat gaf een zekere rust. Dat is voorbij, want die rust wordt wreed verstoord door onderlinge onvruchtbare broedertwisten. Ten principale mag de hervormd gereformeerde beweging niet gaan om de groep min of meer gelijkgezinden, maar om de kerk en in de kerk om het volk. 'Als we het over ruimte hebben, moet het in die ruimte gaan om dé roeping voor anderen tot zegen te zijn. Dat is de religie van de belijdenis, de navolging van de Heere Jezus'.
3. Steeds opnieuw is gevraagd vanuit kerkenraden en gemeenten en nog vaker wellicht is het in en door het bestuur gezegd: 'Laten we elkaar als hervormd gereformeerden vooral vasthouden'. Laten we er alles aan doen elkaar op de bodem van de Schrift en de belijdenis vast te houden. Laat dat ons voortdurend gebed zijn, ons voortdurend zoeken en tasten. Dat vraagt een voortdurende zelfverloochening, de gestalte van Christus. Dat is ons verlangen met. het oog op de gemeenten, op heel de kerk, met het oog op de voortgang van de dienst van' de verzoening, met het oog op de jongeren, met het oog op hen die van het Evangelie van God vervreemd zijn. Met het oog op de eer van God. Opdat Zijn Naam door ons niet wordt gelasterd.
In vele, vele aspecten van het verstaan van de Schrift zijn we het eens. De belijdenis is voor ons een staf om mee te gaan, een leesregel voor de Schrift. Op het punt van de visie op de kerk gaat het onder ons spannen en we vergroten het uit. Deze crisis komen we niet te boven door organisatie, maar door gebed en genade, in de kracht van de Heere.
4. In het bestuur wisten en weten we ons aangesproken door de lijn van Gods genadeverbond. Daarmee belijden we dat God de Eerste is en dat Hij de Getrouwe is. Dat alle initiatief bij Hem ligt.
We belijden daarmee tevens dat Hij van ons gehoorzaamheid vraagt. Wij hebben niet aangedurfd de grenzen van Gods verbond aan te geven. De Heere betoont de trouw aan Zijn verbond door de geslachten heen. En Hij verwacht tevens dat wij Hem trouw blijven. Die trouw bestaat niet in actie en daadkracht, kan in bijzondere situaties zelfs worden gereduceerd tot een roepen en klagen uit de diepte.
Voor ons betekenen deze lijnen dat we ons diep aangesproken weten door een woord van wijlen ds. W. L. Tukker: 'Men wijkt dieper af van die niet van de kerk zijn, als men hen tegen treedt, dan wanneer men van hen wijkt en ze de kerk in handen laat' (W. L. Tukker, Geloof en Verwachting p. 156). Daarom hebben we niet durven oproepen om tot een (geestelijke) boedelscheiding met de kerk te komen. Hoezeer we soms dat vuur in ons midden hebben voelen branden, ik bedoel in onze eigen harten. En soms ook gedacht hebben dat is de weg. Uiteindelijk is dat voor ons als bestuur de weg niet. En toen steeds meer stemmen klonken als voorboden van scheuren en breuken, hebben we geprobeerd duidelijk te maken dat op grond van het bovenstaande dat voor ons de weg niet is, ondanks onze onverminderde principiële bezwaren tegen de voorliggende kerkorde. Door voortgaande scheiding en scheuring wordt de toestand steeds hopelozer en ieder zoekt een grond om breuken te rechtvaardigen.
Steeds weer waren de profeten uit het Oude Testament ons ten voorbeeld.
Dieper nog de Heere, onze Zaligmaker en Koning. In Jeruzalem werd Hij uitgeworpen. Dat is ingrijpender dan dat Hij er slechts geduld werd in de marge. Was er eerst een plaats voor Hem, later alleen maar een kruis buiten de muren van Jeruzalem. In datzelfde Jeruzalem stortte Hij vijftig dagen later Zijn Geest uit en van daaruit werd het Evangelie van verzoening voortgestuwd de wereld door. Dat vraagt van ons overgave aan, geloof in de Heere. Het vraagt opgeven van alle machtspretenties, in het vurig gebed dat God ons zegenen zou en vruchtbaar maken zou tot eer van Zijn Naam.
5. Onze beweging gaat door een crisis, veel ernstiger en dieper is dat de kerk door de crisis gaat. Voor ons betekent dat dat het er alles mee te maken heeft dat we worden gesteld voor de allerdiepste vragen van de belijdenis, van de religie van de belijdenis. In hoeverre zijn we werkelijk getuigend, belijdend en hebben we een woord waar de kerk jaloers op kan zijn, waar de wereld jaloers op kan zijn, en waar ze door wordt aangestoken! Zijn we werkelijk vervuld met Gods Heilige Geest, leven we in adventverwachting? Alles in de wereld om ons heen kraakt en kreunt, daarom hebben we in deze crisissituatie elkaar vast te houden, onszelf te verloochenen en de Naam van onze Koning en Zaligmaker te belijden.
Buitengewone ledenvergadering Gereformeerde Bond op zaterdag 19 december 1998 te Barneveld.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 31 december 1998
De Waarheidsvriend | 10 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 31 december 1998
De Waarheidsvriend | 10 Pagina's