De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

Niet door kracht noch door geweld

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Niet door kracht noch door geweld

Openingswoord buitengewone ledenvergadering Gereformeerde Bond

8 minuten leestijd

Openingswoord buitengewone ledenvergadering Gereformeerde Bond

Geachte leden,

Een buitengewone ledenvergadering is uniek in de ruim 90-jarige geschiedenis van de Gereformeerde Bond. De echte reden ligt in de kerkelijke situatie die bij ons allen diepe emoties oproept. Gevoelens van verdriet en teleurstelling, van miskenning en wanhoop, van zorg en bewogenheid.

De kerk in ons land bevindt zich in de crisis. Ook onze beweging gaat door zwaar getij.

Crisis, wanhoop en zwaar getij zijn kernwoorden voor de situatie van de teruggekeerde ballingen uit Babel. De herbouw van de tempel ligt stil. Uitzicht op herstel van de dienst aan God is gewoon weg. Het volk heeft andere dingen aan het hoofd. Een vervallen kerk, verwijderd van Gods heilige bedoeling.

In die situatie maakt God de jonge Zacharia tot Zijn instrument. Geroepen om de vromen - de moedeloze vromen - waaronder Zerubbabel, een hart onder de riem te steken! Hem loopt het in Zijn trouw niet uit de hand. Hij gedenkt aan Zijn verbond. Zijn trouw aan Israël nooit gekrenkt. De Heere sterkt de handen van Zerubbabel om in een uitzichtloze situatie - naar menselijke waarneming tenminste - de tempel te bouwen.

U kent de droeve geschiedenis. Keer op keer brak Israël Gods verbond. Een lang verhaal van ontrouw. Het liep uit op de uitzichtloze situatie van de ballingschap. Maar, daar greep de Heere in! Verlossend, reddend en bevrijdend. Gods handelen aan Zijn volk was diep verrassend.

En nu enige tijd later - het is verbijsterend - is het volk weer haar God vergeten. Het stelt andere prioriteiten: eigen huis en eigen bezit.

Maar nu - het is Gods genade ten voeten uit - nu stuiten we opnieuw, diepverrassend, op het groot en diep geheim van de trouw van God aan Zijn verbond. Het loopt Hem niet uit de hand. Hij hecht de draden van Zijn verbond niet af, zelfs nu niet. Hij regeert. De HEERE der heirscharen! Hij belooft tijden van herstel: de kracht, het werk van Zijn Geest! De Heere, de God van het verbond, regeert. Hij is in majesteit en heerlijkheid de Machtige! Hij bracht Zijn volk weer thuis. En nu ziet Zacharia, in de verte, de kandelaar weer branden in de tempel. Hij ziet de olijfbomen, de olieleiding. God tilt Zijn volk op uit haar moedeloze diepte!

Maar Hij doet dat niet door kracht, noch door geweld! Dat zijn Gods methoden niet. Met ons doen is het niets gedaan. Wie het van beneden verwacht, leeft niet uit het diepst geheim van Gods verbond, Gods verkiezing. De gemeente, de kerk rust in Gods handen en in Zijn handelen. Dat is het hart van de Schrift, het hart van de Reformatie, het hart van het kerk-zijn in gereformeerde zin. Het geeft niet alleen hoog op van Gods soevereiniteit, maar leeft ook door Zijn Geest. En wat de kerk betreft, het moet wel zo zijn dat de engelen óver haar waken, anders was ze er allang niet meer geweest. Dat is onze troost, dat is ons houvast in deze woelige crisisjaren.

Diep geschokt zijn we door het aantasten van de diepste kernen van het kerk-zijn de laatste jaren. Haar meest fundamentele belijdenissen worden onder kritiek gesteld.

De feiten van het heil worden tot een verhaal dat gaat. Het verzoeningswerk van onze Zaligmaker wordt ontkend! Het geheim, het heilgeheim van de menswording van de Zoon van God staat onder kritiek. Bovendien worden we als kerk, in de enorme secularisatie in deze decennia, teruggeworpen op de laatste stellingen. We hebben niets om over naar huis te schrijven in deze tijd. God geve ons, in de kracht van Zijn Geest, te staan voor de fundamenten van ons kerk-zijn, de fundamenten van de zaligheid. God heeft ze gegeven. Om Christus' wil, die ons tevoren zo uitnemend heeft liefgehad. Het leven van de Kerk gaat door 'vele doden en opstandingen' heen.

God draagt Zijn Kerk erdoorheen. Maar Hij doet dat niet door kracht en ook niet door geweld, maar door Zijn Geest. De Geest van God is niet in het onweer en niet in de stormwind en niet in de aardbeving, maar in het suizen van de zachte stilte. En het is niet aan ons, om een gegeven situatie te duiden als het moment van de dood. Wellicht vroeg Bemardus Moorrees zich in de vorige eeuw daarom af: 'Waar staat dat, dat een diep gevallen kerk niet kan worden opgericht? ' Wij stellen de grenzen van Gods verbond, de grenzen van het werk van Zijn Geest niet vast. Wij bewaren en dragen de Kerk niet. Zij rust in Gods trouw. Hij heet de HEERE der heirscharen. Daarom vragen wij niet naar menselijke wilsdaden en menselijke kracht, maar is onze hoop in vreze en beven op de God van het verbond. Christus' lichaam is niet ongedaan te maken, zelfs niet door de poorten van de hel. Organisch niet, dan ook organisatorisch niet, al zal ze in steeds meer verzwakte vorm gestalte krijgen, en op die manier - wellicht nog meer gaan lijken op Hem Die geen gedaante noch heerlijkheid had. Want, 'De Kerk van Christus is geen vereniging, maar een vergadering. Ze komt niet op uit de wilsdaad, uit het handelen van mensen. Zij is een vergadering, realiteit van Gods verkiezing' (ds. M. Jongebreur).

Niet door kracht, noch door geweld, door Mijn Geest, zegt de Heere! Waar de Geest is en waar het Woord is, daar is de Kerk. En waar de Geest werkt is geen situatie hopeloos en onmogelijk. Voor hen die het heil des HEEREN wachten, zijn bergen vlak en zeeën droog.

Door Gods Heilige Geest. Met al onze crises, moeten u en ik naar God, met al onze hulpeloosheid naar de Heere Die zegt: 'Door Mijn Geest'. En we bidden: 'Doorwaai de hof van de Kerk, laten dode ranken tot leven komen, laten onvruchtbare ranken vruchten dragen'. Aan de troon van God, aan de troon van het Lam doen we een vurig pleidooi: 'Vergeef ons onze zonden. HEER' en zend Uw Geest ons neer'!

In de vorige eeuw schreef Detmar, predikant te Ede, in zijn 'Een eenvoudig doch ernstig en getrouw Woord aan mijn gereformeerde geloofsgenoten in ons land':

'Naar de overtuiging van mijn gemoed, werd (tot mijn verwondering en droefheid) door waardige voorstanders tot herstel van de Vaderlandse Kerk, of geheel uit het oog verloren, of wel minder krachtig aangewezen... wat de grondoorzaak is, mijns inziens de zonde, waardoor God zo onteerd wordt, niet alleen door de vrij denkenden in onze Kerk, maar vooral niet minder door hen, die zich nog gereformeerden noemen; die uitwendig de zuivere leer nog aankleven... terwijl ze zich weinig of niet bekommeren over hun zonden en de vernieuwing van hun hart'.

Wij staan zo vaak aan de verkeerde kant. Hebben onze machteloze handen niet gevouwen om de kracht van de Heilige Geest. Daar in verootmoediging zou het begin van onze genezing en het begin van ons behoud liggen. Daar hebben wij Gods Geest werkelijk nodig.

'Eerst wanneer de Kerk met verbrijzeling des harten haar schuld erkennen zal, dan zal God door Zijn historische gerichten heen haar eenheid weer zichtbaar kunnen maken' (Gunning).

Door Mijn Geest zal het geschieden. Hij werkt ootmoed én trouw in de huidige crisis. Ootmoed en trouw die zich uiten in schuldbelijdenis en in gebed en in gehoorzaamheid aan God en aan Zijn Woord, aan Zijn waarheid. Waarheid is het ruisen van Gods Heilige Geest. Het is de overgave van uw hart aan de Koning van de Kerk ook als Hij mij brengt waar ik niet wil,

In april 1887 schreef de Groningse kerkenraad als reactie op een brief van twee gemeenteleden, die verzochten 'de reformatie' (lees: Doleantie) ter hand te nemen: 'De reformatie van de kerk kan alleen vrucht zijn waarachtige bekering. Zij kan wel van God worden afgesmeekt, maar niet ter, hand genomen worden'. Onze hoop is op Gods genade, Zijn trouw, de kracht van Zijn Geest. Voor Hem is geen situatie hopeloos, in de kerk niet en in mijn leven niet.

Spreken we over het werk van de Geest, dan denken we ook aan Zijn wereldwijde werk. Hij stuwt het Evangelie voort in deze laatste Adventsjaren, de jaren voor de Komst van Christus! Gods wereldwijde Kerk: een christengemeente in China, in Iran. We denken aan Christus' vervolgde gemeente, die nochtans belijdt: Jezus is Heere', en daarom wordt vervolgd. Gods schepping zucht, ze bloedt uit duizend wonden. God gaat Zijn ongekende gang en stuwt het Evangelie de eeuwen door!

En we letten toch op dit teken, dit beslissende teken dat ons zegt: 'Hij komt. Hij komt om de aarde te richten'. Zijn we werkelijk aangestoken door Gods Geest om de volkeren dichtbij en veraf te winnen voor Gods heil? Om te midden van de schare, in de bewogenheid van de Meester, getuigen te zijn van Gods heil?

Het geheim van het geloof is: 'Als ik zwak ben, dan ben ik machtig in de kracht van de Geest van onze God'. Deze heilige inspiratie en visie bid ik u en mijzelf toe. En dit geloofsgezicht uit zich in:

'En als zij Het (Kind) gezien hadden,
maakten zij alom bekend het woord,
dat hun van dit Kind gezegd was'.

Stel dat we vanmiddag allemaal zo naar huis mochten gaan, dan zou Barneveld, dan zouden al onze thuisgemeenten, ophoren van het heil van God in Christus.

De Geest en de bruid zeggen: 'Kom'! Daar gaat het heen. Het is Advent, God regeert! De HEERE der heirscharen is Koning. En onderweg bidden we:

'Mijn God, ik steun op Uw vermogen Gij zijt de sterkte van mijn hart'.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 31 december 1998

De Waarheidsvriend | 10 Pagina's

Niet door kracht noch door geweld

Bekijk de hele uitgave van donderdag 31 december 1998

De Waarheidsvriend | 10 Pagina's