De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

Zoon van God en Zoon des mensen

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Zoon van God en Zoon des mensen

8 minuten leestijd

Van het artikel van ds. H. Veldhuizen 'Zoon van God en Zoon des mensen' in het kerstnummer was een zeer groot deel uitgevallen. Daarom plaatsen we het artikel nog eens, nu in z'n geheel.Red.

Er zullen maar weinig lezers van de Waarheidsvriend zijn, die het zullen tegenspreken dat Jezus Zoon van God en Zoon des mensen is. Die belijdenis heeft te maken met het hart van het Evangelie. En we belijden het met de kerk der eeuwen.
Toch is die belijdenis niet zo gemakkelijk en in ieder geval niet vanzelfsprekend. Wat moeten we ons erbij voorstellen dat Jezus Gods Zoon is? En dan ook nog, om het met de Heidelbergse Catechismus te zeggen, de eeuwige natuurlijke Zoon van God? 'God heeft geen vrouw en Jezus in de hemel heeft geen moeder', hoorde ik eens een Jehovah's getuige zeggen. Een uitspraak die ons bijna Godslasterlijk in de oren klinkt en die we van heler harte verwerpen. Maar toch, kunnen we de belijdenis 'Jezus, Zoon van God en Zoon des mensen' begrijpen? 'Zie, God is groot en wij begrijpen het (Hem) niet', lezen we in het boek Job (36 : 26). Dat geldt ook voor de belijdenis van Jezus.

Een uniek mens?
Er zijn ook nog andere bezwaren ingebracht tegen het belijden dat Jezus de eeuwige natuurlijke Zoon van God is. Dat Jezus Gods Zoon genoemd wordt zou alleen maar betekenen dat Hij een bijzonder mens is. Er wordt in de Bijbel namelijk van een heel aantal mensen gezegd dat zij Gods zoon zijn. Adam bijvoorbeeld, in het geslachtsregister in Lukas 3 (vers 38), wordt Gods zoon genoemd. En de koning, in Psalm 2 : 7, heet Gods zoon. En koning Salomo (2 Samuel 7 : 14). En het volk Israël wordt Gods zoon genoemd, als God zegt: 'Ik heb Mijn zoon uit Egypte geroepen' (Hosea 11 : 1). En ook de gelovigen heten Gods zonen (2 Kor. 6 : 18; Openb. 21 : 7). En engelen worden ook Gods kinderen of Gods zonen genoemd (Job 38 : 6). Dat Jezus Gods Zoon heet zou daarom alleen betekenen dat Hij een uniek mens is, 'de grootste mens die ooit heeft geleefd', luidt de titel van een boek van de Jehovah's getuigen. Zo zou Jezus door de moderne mens in onze tijd ook veel beter begrepen kunnen worden: als Jezus van Nazareth, die tweeduizend jaar geleden leefde en door God tot een bijzondere taak werd geroepen.

Uniek Gods Zoon
Daartegenover belijden we: Jezus is Gods Zoon op een unieke wijze. Zo belijdt Petrus Hem: 'Gij zijt de Christus, de Zoon van de levende God' en door die belijdenis wordt hij door Jezus zalig gesproken (Mattheüs 16 : 16). Zo belijdt Jezus het van Zichzelf, voor het Sanhedrin, als de hogepriester Hem vraagt: 'Ik bezweer U bij de levende God, dat Gij ons zegt of Gij zijt de Christus, de Zoon van de levende God' en dan wordt Hij van Godslastering beschuldigd en ter dood veroordeeld (Mattheüs 26 : 63). Jezus ontvangt ook Goddelijke eer. Hij zegt: 'Ik en de Vader zijn één' (Johannes 10 : 30) en Hij wordt, evenals God Zelf, de Alfa en de Oméga genoemd, het Begin en het Einde (Openb. 1 : 8; 22 : 13).
Dat Jezus Gods Zoon wordt genoemd wil dus veel meer zeggen dan dat Hij een uniek mens is. Het wil bij benadering aangeven dat de verhouding van God de Vader tot God de Zoon te vergelijken is met de verhouding van een vader tot zijn zoon bij ons, maar dan 'op Goddelijke wijze'. Meer kunnen we er niet van zeggen. Maar we kunnen het wel belijden. Misschien moeilijk voor het verstand. Maar heerlijk voor ons hart.
Als Jezus 'het grootste schepsel is dat ooit geleefd heeft' valt heel Zijn Middelaarswerk. Dan is Jezus niet meer dan een groot profeet of een groot leider van de mensheid of een inspirerend voorbeeld. En dat betekent dat we onszelf moeten verlossen. De bekende dominee Smijtegelt zegt: 'Dan raken we onze ganse religie kwijt; dan zal men zalig moeten worden door eigen kracht en door een net-fatsoenlijk leven'.

Het wonder van de menswording
We belijden het wonder van de menswording van Christus, dat Gods Zoon, 'God uit God, Licht uit Licht' (Geloofsbelijdenis van Nicéa) mens werd. De weg tot onze verlossing ligt niet open van ons uit, maar komt van boven: God gaf Zijn Zoon, Gods Zoon werd mens. En dat vrijwillig. Ons komen (geboren worden) in de wereld is niet vrijwillig. Er zijn zelfs mensen die zeggen: Ik heb het leven toch niet gewild? Jezus kwam vrijwillig. Hij zegt: 'Zie, Ik kom om Uw wil te doen, o God' (Hebr. 10 : 9; Psalm 40 : 8). En dat om zondaren met God te verzoenen.

Zoon des mensen
We kunnen bij Jezus' komen in de wereld denken aan de naam Zoon des mensen, een naam die tachtig keer in het Evangelie voorkomt en die we alleen horen uit de mond van Jezus Zelf, met uitzondering van Johannes 12 : 34, maar daar spreekt het volk vol onbegrip over die naam.
De naam Zoon des mensen duidt niet alleen op het waarachtig mens-zijn van Jezus, maar houdt veel meer in. Het wil aan de ene kant zeggen, dat Hij een waar mens was, maar aan de andere kant ook dat Hij al veel eerder was. Het is bij uitstek de Messiasnaam. Vooral in het Evangelie naar Johannes kunnen we dat lezen, als Jezus bijvoorbeeld zegt: 'Niemand is opgevaren in de hemel, dan Die uit de hemel is neergekomen, namelijk de Zoon des mensen, Die in de hemel is' (Joh. 3 : 13), en: 'Wat zou het dan zijn, zo gij de Zoon des mensen zaagt opvaren, daar Hij tevoren was"? (Joh. 6 : 62). Jezus' is van eeuwigheid Gods Zoon en Hij werd mens in de tijd.

Tweede Adam
De uitdrukking Zoon des mensen doet zonder twijfel denken aan Daniël 7 : 13. Ook daar gaat het om een mens, die meer dan een mens is, die al tevoren was en die komt met de wolken des hemels. Ongetwijfeld is dat een profetie van de komst van de Messias. Jezus verklaart zich in de naam Zoon des mensen dus uitdrukkelijk als de Messias.
We kunnen in de naam Zoon des mensen nog meer lezen. We kunnen denken aan de tweede Adam, die de mens vertegenwoordigt zoals God hem had bedoeld. De eerste Adam viel. Jezus kwam als de tweede Adam, als de mens bij uitstek, de ware Mensenzoon, om gevallen Adamskinderen weer op te richten en te herstellen.
Wat wordt zo Jezus' komen in de wereld groot! Jezus is de Zoon des mensen, werkelijk mens en toch Gods Zoon. Hij kwam om alles van ons mensen over te doen, van de wieg (de kribbe) af tot het graf toe. Of meer nog: van de eerste kiem in de moederschoot af tot en met het graf toe. Hij is ook opgestaan en ten hemel gevaren. Stefanus ziet de hemel geopend en Hem als de Zoon des mensen staande aan de rechterhand van God (Hand. 7 : 56). De kerkvader Augustinus tekent hierbij aan: 'Anders zit Jezus aan Gods rechterhand, maar hier staat Hij, Jezus staat speciaal op om Zijn getrouwe getuige binnen te halen'.

Mens
Gods Zoon werd mens: geboren in Bethlehem, opgegroeid in Nazareth, gewoond in Israël. God zond geen knecht op aarde, ook geen engel, maar Zijn eigen Kind. En dat Kind kwam. Zijn komen was een vrijwillig komen. 'O onnaspeurlijke liefde, Hij zo groot en wij zo klein, Hij zo heilig en wij zo onheilig. Hij werd klein, Hij schaamt zich niet om zondaren Zijn broeders te noemen', zegt Smijtegelt.
Daarbij kunnen we Zijn God-zijn en mens-zijn wel onderscheiden maar niet scheiden. Het ene ogenblik slaapt Hij heel menselijk moe tijdens de storm op het meer, en het andere ogenblik zegt Hij in Goddelijke kracht: Zee, zwijg stil. Hij weent heel menselijk bij het graf van Zijn vriend Lazarus en wekt hem enige ogenblikken later in Goddelijke kracht op. Hij kon, als Hij dat wilde, ook terug. Toen Hij in Gethsemane gevangen werd genomen kon Hij terug en Zijn Vader om twaalf legioenen engelen bidden, maar Hij deed het niet (Matth. 26 : 53). Toen Hij aan het kruis hing en men riep: 'Indien Gij de Zoon van God zijt, kom af van het kruis' (Matth. 27 : 40), kon Hij terug, maar Hij deed het niet. Om zo de Heiland der wereld en de Zaligmaker van zondaren te zijn. Zo is Hij Zoon van God en Zoon des mensen.

God van God ontdaan
Wat is de belijdenis van Jezus als Zoon van God en Zoon des mensen een geweldige belijdenis! Kerstfeest is een groot gebeuren! Het is 'God van God ontdaan, wie kan dat verstaan?' (Luther)
Maar zo is de belijdenis 'Zoon van God en Zoon des mensen' vol van Evangelie. Hij is de mensen (de broeders) in alles gelijk geworden, opdat Hij een barmhartig en een getrouw Hogepriester zou zijn in de dingen die bij God te doen waren, om de zonden van het volk te verzoenen (Hebr. 2 : 17). En zo geldt het, als een geweldig Evangelie (Hebr. 4 : 15-16): Wij hebben een Hogepriester Die kan medelijden hebben met onze zwakheden. Die in alle dingen verzocht is geweest, gelijk als wij, maar zonder zonde. En: Laat ons met vrijmoedigheid toegaan tot Hem, tot de troon der genade, opdat wij barmhartigheid mogen verkrijgen en genade vinden, om geholpen te worden ter bekwamer tijd.

H. Veldhuizen, Huizen

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 7 januari 1999

De Waarheidsvriend | 16 Pagina's

Zoon van God en Zoon des mensen

Bekijk de hele uitgave van donderdag 7 januari 1999

De Waarheidsvriend | 16 Pagina's