De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

Boekbespreking

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Boekbespreking

7 minuten leestijd

William Mahedy en Janet Bernardi. Een generatie op Zichzelf. Twintigers en dertigers op zoek naar hun plaats in de wereld. Uitg. Navigator Boeken. 172 blz. ƒ 27,95.
De schrijvers van dit boek, dat in Amerika ontstond, bedoelen met de 'generatie op zichzelf' de twintigers en dertigers die in onze postmoderne tijd een eigen plaats innemen. De schrijvers nemen het voor deze generatie, die ze de 'generatie X' of kortweg 'de X-ers' noemen, op. Velen van hen zijn ontworteld, ook velen die een kerkelijke achtergrond hebben maar met de kerk braken. Daar is een aantal redenen voor aan te geven, zeggen de schrijvers. De voorgaande generatie (de 'boomers'), gaf niet het goede voorbeeld: het ging hen (ook de christenen!) in de meeste gevallen om een rijk welvarend leven, het materialisme sloeg toe, het geloof had weinig diepgang en bestond slechts uit een aantal uiterlijkheden, de kerk gaf geen leiding maar werd gekenmerkt door theologische en morele oppervlakkigheid, terwijl de Evangelischen van de weeromstuit naar de andere kant doorsloegen in een bekrompen fundamentalisme. De schrijvers hebben echter hoop voor generatie X, mits de kerk op hun leefwereld weet in te spelen.
Maar dan moet er wel een aantal wissels om. De kerkdiensten zijn te formalistisch, de taal en de liederen spreken generatie X niet aan en de jongvolwassenen en jongeren kunnen de kerkcultuur niet meemaken. Als voorbeeld schrijft Jelle Jongsma, stafmedewerker bij de Navigators, in het voorwoord, dat iedereen het vanzelfsprekend vindt dat, als je naar Afrika vertrekt, je je daar moet aanpassen aan de plaatselijke bevolking, zeker als je het evangelie met hen wilt delen. Waarom het evangelie dan niet aangepast aan de postmoderne cultuur, zonder aan de wezenlijke inhoud af te doen? Als de kerk de aansluiting bij deze generatie niet weet te vinden, zal dat tot grote schade én van de kerk zelf én van deze generatie zijn.
De schrijvers pleiten voor een kerk waarin, naast het geloof in Christus, gemeenschap nummer één is. Daaraan hebben de X-ers behoefte. Naast de zondagse kerkdiensten kan deze gemeenschap het beste vorm krijgen in kleine groepen waarin ieder, ongeacht ras of cultuur, welkom is, waarin de Schrift gelezen en bestudeerd wordt, eigentijdse liederen worden gezongen, met elkaar gebeden wordt, men steun vindt bij elkaar en waarbij het zicht op bijvoorbeeld hongerigen en vluchtelingen in de wereld niet vergeten wordt.
Ik kan een heel eind met de schrijvers meekomen. Liggen hier geen aanzetten voor bijvoorbeeld uitbouw van bestaande bijbelkringen, met concrete voorbede voor en met elkaar en concrete zorg voor de naaste, dichtbij en ver weg?
Ik heb echter ook een aantal bedenkingen. De schrijvers pleiten voor viering van het avondmaal in deze kring-samenkomsten. Dogmatische verschillen zijn niet meer relevant. De X-ers voelen intuïtief aan dat de kerk niet protestant, rooms-katholiek of oosters-orthodox is. Zulke verschillen moeten aan de kant. Hetzelfde geldt voor het verschil tussen man en vrouw: alle leidinggevende posities in de kerk, ook de ambten, dienen open te staan voor zowel de man als de vrouw. Het ambt moet minder nadruk krijgen; er dient alle ruimte te zijn voor het ambt aller gelovigen.
Dat laatste is zeker waar! Maar inmiddels wordt er wel een aantal dogmatische wissels omgehaald. Het boek heeft iets ondieps en is meer pragmatisch dan bijbels-doordacht. De schrijvers geven wel erg veel eer aan de X-ers als ze zeggen, dat God zich 'al onder de generatie X bevindt' (blz. 60) en dat de X-ers met hun verlangen naar geborgenheid en gemeenschap al 'halverwege de weg naar het evangelie' zijn (164).
Is het overigens waar dat onderzoeken telkens weer aantonen dat mensen die eerst hebben samengewoond vaker scheiden dan niensen die dat niet doen, zoals de schrijvers zeggen, en dat de gewoonte van seks voor het huwelijk vaker leidt tot het plegen van overspel binnen het huwelijk? (blz. 88). Zulke uitspraken moeten onderbouwd worden. Het grote middenstuk van het boek (hoofdstuk 3 tot en met 6) heeft iets vermoeiends. De schrijvers vallen voortdurend in herhaling.
Conclusie: een boek dat waard is om gelezen te worden door ieder die worstelt met 'de boodschap en de kloof' (en welke ambtsdrager of leidinggevende kent die worsteling niet?), maar waar ook een aantal vraagtekens bij gezet moet worden. Het gaat waarlijk niet om kleine dingen, maar orii de twintigers en dertigers (en andere leeftijdsgroepen!) bij de Boodschap te brengen en/of te houden.
H. Veldhuizen, Huizen

Luise Schottroff, Silvia Schroer, Marie-Theres Wacker, Bijbel in vrouwelijk perspectief, uitg. Ten Have, Baarn 1998, 276 blz., ƒ 44,90.
Wie zoekt naar een overzicht van de feministisch-wetenschappelijke studie van de Bijbel, kan hier terecht. De oorspronkelijke titel 'Feministische exegese' accentueert het onderzoek naar de vrouwengeschiedenis in het Oude en Nieuwe Testament. Vrouwvijandelijke en antijoodse tendensen in de Bijbel en de christelijke bijbeluitleg worden blootgelegd. Alles uiteraard in vrouwelijk, lees ferriinistisch, perspectief. Het boek is opgebouwd uit drie delen.
Mw. Louise Schottroff, hoogleraar Nieuwe Testament aan de Universiteit Kassel in Duitsland, neemt het eerste deel voor haar rekening: Historische, hermeneutische en methodologische grondslagen (blz. 15-78 en 79-91 Literatuur). Na eerst een blik in de historie geworpen te hebben 'Honderd jaar vrouwen en Bijbel – een terugblik', behandelt zij 'Feministisch-exegetische hermeneutiek' en 'Methoden van feministische exegese'. Terecht heeft Adolf von Harnack reeds in 1900 de grote betekenis van vrouwen voor de beginperiode van het christendom benadrukt. Bij mij kwam echter de vraag boven in hoeverre de vrouwenbeweging als reactie op mannelijke overheersing per definitie het gevaar van eenzijdig doorslaan in zich heeft. Vandaar ook mijn moeite met exclusieve feministische exegese. Vervalt het feminisme als losmakings- en bevrijdingsproces niet in nieuwe eenzijdigheden?
Mw. Silvia Schroer, als katholiek theologe gespecialiseerd in het Oude Testament en de bijbelse wereld, doceert aan de Theologische Faculteit in Freiburg (Zwitserland). Zij schreef het tweede deel 'Op weg naar een feministische reconstructie van de geschiedenis van Israël' (blz. 95-175 en 176-187 Literatuur). Na haar bijdrage 'Feministische hermeneutiek en het Eerste Testament' (het Oude Testament, V.Sl.) volgen 'Lengtedoorsneden' en 'Dwarsdoorsneden'. Mijn kritische vraag is of een feministische reconstructie van Israels geschiedenis datgene is waarop we zitten te wachten. Wel wordt duidelijk hoe nodig het is dat wij de les van de geschiedenis te allen tijde leren. Ook in koningstijd, in oorlogstijd en ballingschap. De thematische dwarsdoorsnede Eva en Genesis 2-3 biedt stof voor fundamenteel onderzoek (blz. 150-152). Opmerkelijk hoe een vrouw schrijft over 'Brandpunt vrouwelijke seksualiteit' (blz. 153-156) en over 'De baarmoeder en het medeleven' (blz. 173-175).
Mw. Marie-Theres Wacker is docente Oude Testament en Vrouwenstudies Theologie aan de Universiteit Munster in Duitsland. Zij heeft het derde deel 'Op weg naar een feministische reconstructie van de geschiedenis van het vroege christendom' geschreven (blz. 191-257 en 258-265 Literatuur). Inzet is 'Het Nieuwe Testament als bron voor vrouwengeschiedenis'. Zij meent vanuit feministisch perspectief dat de canonisering van het Nieuwe Testament een patriarchale machtsuiting is. Iets wat ik niet mee kan maken, omdat dit in veel breder perspectief staat. Opnieuw is me gebleken dat bij de vrouwenbeweging een bepaald model van bijbellezen, geënt op de traditie van bevrijdingstheologische en vrouwenbewogen bijbellezing, sterk ingang heeft gevonden. De vragen die aan de geschiedenis en de traditie gesteld worden, ontstaan uit de reflectie op ervaringen en strijd van vrouwen, blijven daarom in een fundamentele spanningsverhouding tot de nieuwtestamentische wetenschap staan. 'Van het leven naar de Bijbel – van de Bijbel naar het leven' is een bevrijdingstheologisch citaat. De inzet bij Gods Woord dient verreweg de voorkeur te hebben. Daarin wortelt de gereformeerde traditie, die zich daarom laat corrigeren.
C. van Sliedrecht, Nunspeet

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 28 januari 1999

De Waarheidsvriend | 16 Pagina's

Boekbespreking

Bekijk de hele uitgave van donderdag 28 januari 1999

De Waarheidsvriend | 16 Pagina's