Geen minimale concessie aangaande Jeruzalem
Wereldraad van Kerken
'Harare: een assemblee van overgang en onmacht', stond boven het verslag, dat dr. B. Plaisier schreef voor de synode over de assemblee van de Wereldraad van Kerken, die in december 1998 in Harare werd gehouden. Bij de bespreking ter synode kreeg de delegatie waardering over de houding die was ingenomen inzake 'Jeruzalem'. Dr. Plaisier schreef daarover het volgende in zijn verslag:
'Voor mijzelf was de verklaring over de status van Jeruzalem een dieptepunt van deze assemblee. Deze verklaring ziet Jeruzalem vooral als de stad waar het christendom is gesticht en waarin veel heilige plaatsen zijn voor christenen en moslims. Over joden werd nauwelijks gesproken, laat staan dat de staat Israël genoemd werd. Gepleit wordt voor vrede voor Jeruzalem, voor de rechten van christenen op de heilige plaatsen en de rechten van de Palestijnen.
Om nog enigszins de eenzijdigheid van dit stuk bij te stellen, diende ik twee amendementen in. In het eerste werd Jeruzalem ook de stad van David genoemd. Daarmee zou dan tevens gewezen zijn op de oudtestamentische wortels van Jeruzalem. In het tweede amendement vroeg ik om te erkennen dat naast christenen en moslims ook Israël recht had op Jeruzalem. Ik hoopte met deze minimale uitspraken de ergste eenzijdigheden een beetje bij te stellen. Het lukte echter niet. De commissie die dit stuk had voorbereid was niet bereid tot een minimale concessie. Zij zagen in deze amendementen allerlei godsdienstig en politiek controversiële elementen. Zo bleek dus dat het kwalificeren van Jeruzalem als stad van David een politiek en godsdienstig controversieel punt was. De assemblee verwierp met grote meerderheid deze amendementen, waarop de gehele Nederlandse delegatie tegen deze verklaring stemde.'
Waardering werd uitgesproken door ds. M. A. Kuyt (Veen), ds. A. W. van der Plas (Waddinxveen) en ds. P. van der Kraan (Bleskensgraaf). Laatstgenoemde stelde oor in een brief aan het Centraal Comité de motie van de secretaris-generaal nog ens te ondersteunen. Plaisier zei daarop, dat het elke keer inzake Israël op een bepaalde manier afloopt. Alleen kerken uit Denemarken, Amerika en Canada geven steun aan wat door Nederland op tafel wordt gelegd. Beter dan het schrijven van een brief is het om de zaak in Genève zelf tijdens bijeenkomsten van het Centraal Comité aan de orde te stellen.
Mevr G. Th. Blom-Rehorst (Dokkum) pleitte (terecht) voor een inhoudelijke bezinning op de 'vervangingstheologie'. Daarop zit het bij de Wereldraad ten diepste vast, met alle politieke (pro-Palestijnse) consequenties van dien.
In het verslag van de secretaris-generaal wordt ook opgemerkt, dat de Wereldraad zijn bestaan o.a. te danken heeft aan de Wereldzending 'en aan de positie die vooral zendingsmensen hadden voor de eenheid van de kerken'. Van dat oorspronkelijke zendingselan is weinig overgebleven. De secretaris-generaal had ervoor gepleit de zending weer 'de centrale plaats te geven'. Ook daarover werd op de synode met dankbaarheid uitgesproken. Daarbij sluiten we ons graag aan.
v. d. G.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 25 maart 1999
De Waarheidsvriend | 20 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 25 maart 1999
De Waarheidsvriend | 20 Pagina's