De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

Paarse geschiedschrijving?

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Paarse geschiedschrijving?

9 minuten leestijd

Oorlog is altijd en overal een gruwelijk bedrijf. Dat worden we tot de dag van vandaag gewaar in de wereld, waarbij bv. namen als Rwanda en Bosnië genoeg zeggen. Soms echter wordt de vreselijke werkelijkheid van het krijgsbedrijf verhuld door alle nadruk te laten vallen op de nobele motieven. Zo zijn veel Nederlanders, vooral binnen het protestantse volksdeel, opgevoed met het beeld van de Tachtigjarige Oorlog als de heroïeke geloofsstrijd, waarbij een door dwingelandij geterroriseerd volk zich vrij vocht van de Spaanse tirannie. Dat daarbij de 'zwarte bladzijden' van de eigen partij maar snel worden omgeslagen, is begrijpelijk. Het ging immers om de vrijheid om God te mogen dienen naar Zijn Woord? Dat er daarnaast – misschien wel meer overwegend dan gedacht – ook andere motieven hebben gespeeld, zal waar wezen, maar doen aan de verheerlijking van het motief waarvoor men het meest hart heeft niet af. De Tachtigjarige Oorlog is zolang er geschiedschrijving over bestaat, al voorwerp van een historische propagandastrijd. Het geding of het nu vanwege de religio (godsdienst) of de libertas (vrijheid) was, dat men tegen Spanje in verzet kwam, duurt tot de dag van vandaag nog voort. Lange tijd had de protestantse geschiedschrijving, niet gespeend van romantische trekken, de boventoon. De rooms-katholieke tegenhanger neigde ertoe om vanuit een minderheidspositie de slachtoffers van de vrijheidsstrijd te exploiteren door ze tot martelaren te verklaren van de roomse zaak.
Hoe kijken we vandaag de dag tegen zoveel historische heiligenverering aan? Het is te begrijpen dat ook historici zich zeker in ons 'paarse tijdperk' niet langer laten gebruiken voor een verzuild partijstandpunt. Vandaar dat ze met nog meer nauwgezette aandacht proberen op het spoor te komen van de nuchtere feiten, die overigens vaak een schokkend karakter hebben. Daarbij mag de 'gewone man' zijn achterstand op de elite, die voorheen het alleenrecht leek te hebben in het historisch bedrijf, snel inhalen.

Verraad en repressie
De Amsterdamse historicus Henk van Nierop heeft zich gewaagd aan een episode van de Vaderlandse vrijheidsstrijd, die terecht als een 'schandvlek' moet worden beschouwd. Hij verhaalt in een indrukwekkend en overtuigend feitenrelaas wat er in 1575 gebeurd is bij het zogenaamde 'Verraad van het Noorderkwartier'. Hij vertelt, op boeiende wijze, het aangrijpende verslag van de gruwelen die gewone, volstrekt onschuldige mensen zijn aangedaan, omdat ze ervan verdacht werden dat ze handlangers waren van het Spaanse leger. Dat leger trachtte, toen tijdens de bangste periode van de oorlog de zaak van het verzet tegen Spanje er hopeloos voor leek te staan, het Noord-Hollandse platteland boven het IJ te veroveren. De bedoeling was niet alleen om het weer terug te winnen, maar het Noorderland moest volgens een geheime order van de Spaanse koning geheel verwoest worden en alles wat leefde moest worden uitgeroeid. Van Nierop schroomt niet om in dit verband de vergelijking te maken met 'nucleaire oorlogsvoering'. Het is te begrijpen dat het Geuzenbewind onder leiding van de vertegenwoordiger van Oranje, Dirk Sonoy, tot het uiterste gespannen was. Het minste gerucht van verraad kon in een dergelijke angststemming gemakkelijk tot een overspannen reactie leiden. Toen het Spaanse leger op het punt stond aan te vallen, en er een molen aan de Spaanse kant in brand Averd gestoken, ging het gerucht als een lopend vuurtje dat dit een signaal was voor verraders, die overal paniek moesten veroorzaken door dorpen in brand te steken. Het gevolg was dat alle rondzwervende vreemdelingen werden opgepakt. Deze arme zwervers werden op een vreselijke wijze verhoord. De pijnbank was in die dagen nog een normaal instrument om bij aangenomen zekerheid van schuld de verdachten een bekentenis af te dwingen. De wijze waarop in het gerechtelijk onderzoek naar het vermeende verraad de gemeenste, sadistische pijnigingen werden gebruikt, ging echter alle wettelijke regelingen ver te buiten en leidde bij de ongelukkige slachtoffers uiteraard tot het gewenste resultaat. Ze beschuldigden enkele boeren, die ze allen kenden omdat die zo goed waren geweest om de arme zwervers te helpen. Deze gastheren werden op hun beurt vanwege deze rampzalige liefdadigheid op eenzelfde gruwelijke manier onderzocht. Wie het bloedstollende relaas leest van de martelingen die de commissarissen die het onderzoek leidden, hen aan lieten doen, kan begrijpen dat men is gaan spreken van de 'bloedraad' van Sonoy. Ook de boeren kwamen er niet levend af. Nadat hen verdere bekentenissen waren afgedwongen, waarbij nu enkele burgers werden genoemd, lieten ook zij het leven. Uiteindelijk eindigde het grote onrecht door het heldhaftige verzet van een van de beschuldigde burgers. Jan Jeroenz, een rooms-katholieke advocaat en zakenman uit Hoorn, die ondanks de martelingen ongebroken bleef en met behulp van de bescherming die hem vanwege de stadsoverheid van Hoorn geboden werd, terugvocht tot hij de juridische strijd tot aan het Hof van Holland gewonnen had. Zo gaat in het kort het verhaal dat Van Nierop vertelt, waarbij laatstgenoemde Jan zo ongeveer de hoofdpersoon en held is – tegenover kwade geesten als de strenge calvinist Sonoy en vooral de helpers van zijn 'terreur' – die het recht doet zegevieren.

Gewoon een burgeroorlog?
De schrijver heeft zijn onderzoek zeer grondig verricht en geeft een m.i. historisch juist beeld, zonder dat er sprake is van karikaturen. Als hij in dit boek al een missie heeft, dan vermoed ik dat het deze is, dat elke gebruikmaking van grote idealen om de geschiedenis een zin te geven, achterwege moet blijven. De Tachtigjarige Oorlog – wat er gebeurde op het platteland van Noord-Holland is daarbij exemplarisch – is gewoon een van de vele 'smerige' burgeroorlogen in de geschiedenis van de mensheid geweest. Dat het Noorderkwartier voor de Prins koos, was eigenlijk alleen maar te danken aan het feit dat men de Spaanse gruwelen nog meer vreesde dan de ruwheid van de Geuzen. Maar of je nu door de hond of de kat gebeten werd, het resultaat was hetzelfde: onrust, gevaar, bedreiging voor de economische welvaart van de steden. Eigenlijk waren de steden, met hun rechtssystemen de enige eilanden van beschaving, in een zee van oorlog en terreur. Dat is het beeld dat blijft hangen na het lezen van dit boek, dat zo boeiend geschreven is, dat je het in één adem uitleest. Want wie weten wil hoe spannend en aangrijpend geschiedschrijving kan zijn, moet dit boek ter hand nemen. Men hoeft er geen vakhistoricus voor te zijn.
En toch blijven er ook grote vragen. Laat een studie als deze nu eens en voor altijd zien dat 'grote verhalen' niet passen in de kleine mensengeschiedenis? Is de geschiedenis ten diepste niet meer dan wat er gewoon gebeurt, en waarbij het redeloze noodlot telkens weer met ongemene felheid toeslaat? Het is waar, de gebeurtenissen die in dit boek worden beschreven zijn te verklaren vanuit allerlei historische processen van politieke, economische en sociale aard. Van Nierop ziet de geschiedenis alleen als een geseculariseerd mensenverhaal, dat hij zo eerlijk mogelijk wil vertellen. Maar valt er wel meer te zeggen? Boven deze recensie staat een confronterende titel, voorzien van een vraagteken. Is dit 'paarse geschiedschrijving? Wordt hier het definitieve bewijs geleverd dat een verzuilde, erger nog, calvinistische geschiedschrijving absoluut onmogelijk is?

God regeert 'nochtans'
Ik geloof dat we ons niet te makkelijk van dit verhaal af kunnen maken met als argument dat de vrijheidsstrijd zou worden ontwijd. Wie dit boek uit protest tegen de ontheiliging van de Tachtigjarige Oorlog terzijde legt, heeft toch niet begrepen wat 'calvinistische geschiedschrijving' ten diepste is. Het is zeker geen kritiekloze verheerlijking van de eigen geloofstraditie. Overigens wisten de calvinisten al veel langer dat de Geuzen geen lieverdjes waren. Wat heeft de nobele Willem van Oranje (ook de schrijver bevestigt door wat hij over hem schrijft zijn edele karakter) in zijn dagen al last met hen gehad. Het waren soms vreselijke rabauwen. Dat hoeft niet te worden verhuld. En we wisten, o.a. sinds Van Deursen, ook al lang dat de ware gereformeerde gelovigen onder de Nederlanders maar weinigen waren.
Het wonder van de Tachtigjarige Oorlog was nu juist dat we geloven mogen dat God niet dankzij, maar vaak ondanks de mensen die hun rol speelden in de strijd, de Nederlanden een vrijheid heeft geschonken die als wonder werd en nog steeds (wellicht helaas door weinigen) wordt ervaren. Voor Van Nierop lijkt een geloofsmatige interpretatie van de geschiedenis niet relevant meer. Maar wie, anders dan hij, overtuigd is dat de geschiedenis toch niet bestaat uit een willekeurige aaneenrijging van gebeurtenissen, maar dat er ook sprake is van de leiding Gods, die ziet ook in dit boek nog vele voorbeelden om zich te verwonderen. Om er een te noemen: de schrijver vertelt dat een totale uitroeiing van het Noorderkwartier door een overmachtige Spaanse vloot niet doorging, omdat er vlak voor het uitzeilen een pestepidemie uitbrak op de vloot. Is dat een totaal toevallig gebeuren geweest? Wie gelooft in een God, Die de Heere is van de geschiedenis, die zal in hetzelfde feit toch een wonder zien. En geen historicus, met welke feiten dan ook, praat dat uit het hart! Ik wil met de kwalificatie 'paarse geschiedschrijving' zeker niet suggereren dat de historicus niet eerlijk zou zijn, al krijg ik bij de manier waarop hij Jan Jeroenz toch wel wat tot held maakt, soms wel een beetje het gevoel dat hij ook zo zijn (moderne democratische) voorkeur heeft. Helemaal neutraal is niemand. Dat hoeft ook niet, als we bij de duiding van de geschiedenis maar eerlijk blijven naar de feiten. Die laten ons naar het beeld van de Tachtigjarige Oorlog in dit boek wel schrikken, en geven calvinisten zelfs een gevoel van schaamte. Maar de verwondering overheerst toch, dat God dwars door dit vreselijke gedoe er toch voor gezorgd heeft dat ons land de vrijheid kreeg. En dat blijft 'nochtans' een wonder!

P.S. Ten slotte nog een paar opmerkingen over de uitvoering van dit boek. Het is zowel gebonden alsook als luxe paperback uitgegeven, op een zeer verzorgde wijze met mooie illustraties verlucht. Een kritische opmerking: bij alle nauwgezette onderzoek en weergave van de feiten ontsnappen er altijd wel zaken die gecorrigeerd zouden moeten worden. Ik las in één alinea (blz. 177/178) een vreemde slordigheid die aan de correctie is ontsnapt: de burgerij van het 'stadje Schoonhoven' (dat in het register van aardrijkskundige namen trouwens ontbreekt) was onwillig om zich te verdedigen en gaf zich zomaar aan de Spanjaarden over. Tien regels verder wordt verteld dat alleen Schoonhoven bereid was zich tot het uiterste te verdedigen, met als treurig resultaat dat het helemaal werd uitgemoord. Waarschijnlijk bedoelde de schrijver met de laatste stad Oudewater.

M. A. van den Berg, Groot-Ammers

* Recensie van Henk van Nierop: Het verraad van het Noorderkwartier. Oorlog, terreur en recht in de Nederlandse Opstand, 1999, Uitgeverij Bert Bakker, Amsterdam, 344 pag. ƒ 45,– paperback en ƒ 59,50 gebonden.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 15 april 1999

De Waarheidsvriend | 16 Pagina's

Paarse geschiedschrijving?

Bekijk de hele uitgave van donderdag 15 april 1999

De Waarheidsvriend | 16 Pagina's