De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

Zending: daar en hier

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Zending: daar en hier

4 minuten leestijd

Slapende honden wakker maken?
In mijn eerste bijdrage in deze rubriek, nu ruim een jaar geleden, stelde ik voor met groepen predikanten aan het werk te gaan, samen te gaan studeren op de vragen van de boodschap en de kloof. Intussen draaien er twee groepen. Eén groep studeert grondig, onder andere met het oog op een publicatie in het jaar 2000, een jubileumjaar voor de IZB. Een andere groep bezint zich met het oog op de dagelijkse praktijk. Maar wat blijkt het voor predikanten moeilijk zich vrij te maken en enigszins geordend zich voor te bereiden. Dit is een punt van grote zorg. De meeste predikanten worden zo door de dagelijkse dingen in beslag genomen, dat ze aan grondige bezinning niet toekomen, laat staan dat ze aan een veranderingsproces in henzelf zouden kunnen werken. Dit laatste kost namelijk heel veel rust, tijd en energie. De kans dat predikanten alleen al vanwege tijdgebrek in hetzelfde stramien blijven doorpreken, werken en catechiseren is zeer groot. Is dat dan erg?
Dat is natuurlijk een voorvraag, waarvan de beantwoording met ja of nee heel belangrijk is. Ik heb niet de indruk, dat ieder deze voorvraag met 'ja' beantwoordt. Er zijn collega's die vinden, dat er geen fundamentele nieuwe bezinning nodig is. Toch bleek mij op de conferentie van de Gereformeerde Bond in november over de prediking, dat hun aantal kleiner wordt. Steeds meer collega's doen de ervaring op, dat de manier waarop ze de boodschap twintig jaar geleden vertolkten, niet meer landt, althans bij grote groepen in de gemeente niet meer landt. Wanneer je dit merkt, kun je verschillende wegen inslaan. Je kunt een beroep aannemen naar een gemeente, die een meer besloten karakter heeft. Maar dit aantal gemeenten wordt schaarser. Het lijkt ook een vluchtweg. Je kunt je ook bij het feit neerleggen, met de gedachte dat in het laatste der dagen de afval zal toenemen en de weerstand tegen het zuivere woord zal groeien. Maar is die analyse niet te snel gemaakt? Zijn alle mensen, die moeite krijgen met onze preken en onze aanpak, ook vijanden van het evangelie of is er sprake van een verstaanskloof vanwege de veranderende cultuur?
Wie deze laatste vraag echt tot zichzelf toelaat, gaat al snel merken, dat hij tijd nodig heeft om met deze vraag verder te komen. Want in deze ene vraag zitten al zoveel vragen opgesloten: In welke opzichten is de cultuur dan ingrijpend veranderd? Hoe kunnen we vormen veranderen zonder de inhoud te wijzigen of kan dit helemaal niet? Krijgt de boodschap nieuwe spitsen in een nieuwe tijd en welke dan? Hebben we de bijbel tot nu toe gelezen met de beperkte bril van een cultuur, die nu aan het afbrokkelen is? Moeten we daarom nog weer helemaal opnieuw bijbelstudie gaan doen, om nieuwe lagen in het bijbels getuigenis te gaan ontdekken, die nu pas goed ontgonnen kunnen worden? Op welke manier kan het nieuwere bijbelonderzoek ons daarbij helpen? Wat kunnen we leren van anderen, die in onze twintigste eeuw al diepgaand met deze vragen zijn bezig geweest en waar liggen de gestrande schepen?
Wie maar enigszins een vermoeden krijgt van het huiswerk dat hier ligt, zal beseffen dat het heel veel tijd en energie kost. Willen gemeenten en kerkenraden de predikanten ook tijd geven het huiswerk te maken? Dan moeten zij natuurlijk eerst ook zelf iets gaan proeven van de grote vragen, die hier liggen.
Zo is mijn taak bij de IZB voor een groot deel: proberen slapende honden wakker te maken. Soms vind ik dat helemaal niet leuk. Mensen kunnen denken: wat verbeeldt hij zich wel? Denkt hij soms, dat hij het weet? Soms is er ook bij mijzelf de aanvechting. Wat levert het op? De trend richting onkerkelijkheid is toch onomkeerbaar. De mensen voor wie je je inspant, worden steeds moderner en anderen, die trouw meelevend zijn, kunnen je soms niet volgen. Nochtans! Ik geloof in de Heilige Geest, die wil dat ieder in zijn eigen taal, dat is ook in zijn eigen belevingswereld, de grote werken Gods hoort verkondigen. Ik geloof in de Heilige Geest, die mij daarom niet lui, maar ijverig en creatief maakt.

W. Dekker,
IZB-predikant voor
vorming en toerusting

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 20 mei 1999

De Waarheidsvriend | 20 Pagina's

Zending: daar en hier

Bekijk de hele uitgave van donderdag 20 mei 1999

De Waarheidsvriend | 20 Pagina's