De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

Toespraak ds. B. J. van Vreeswijk op Jaarvergadering G.B.

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Toespraak ds. B. J. van Vreeswijk op Jaarvergadering G.B.

4 minuten leestijd

Twee zaken zijn volop aan de orde in onze kerk. En dat al meerdere jaren. Ik doel op de zogenaamde kerkvoogdijkwestie en op de perforatie van gemeentegrenzen.
Wat daarin overeenkomst vertoont, is ons geestelijk en kerkelijk staan en verstaan. In de historie van ons land is de grondslag van ons kerkelijk denken het belijden van Gods trouw en de oprichting van Zijn genadeverbond. Eerst met Israël, maar dan ook verbreed tot de volken. Daarin zien we al in het Oude Testament een kerkelijke breedte, die soms spanningen en tegenstellingen oproept. De roep tot bekering klinkt uit elke profetenmond.
Nieuwtestamentisch staat Jezus tegenover de stromingen van Farizeeën en Sadduceeën. Toch gaat keer op keer hel appèl uit tot het gehele verbondsvolk, ook al veracht Judea het noordelijk gelegen Galilea. In dat licht is de kerkelijke verscheidenheid meer nood dan weelde. Uit onze kerkgeschiedenis weten we hoe orthodoxe voorgeslachten daaronder soms hebben geleden. Zij stonden midden in de kerk, worstelden met de nood voor gods aangezicht en zochten de gemeente, die samenkomt rondom Woord en sacrament.
Ook gold dat men droeg en verdroeg. Dat denken en leven dreigen we meer en meer kwijt te raken in de kerk. Ook aan de rechterzijde, of moet ik zeggen, juist aan de rechterzijde, is een bredere blik dan alleen het smalle eigen gevoelen en verstaan steeds meer aan het verdwijnen. Individualisme en kerkelijk consumeren bedreigen de gemeente. Steeds gemakkelijker neemt men afscheid van de eigen woongemeente en vraagt men perforatie naar een voorkeurgemeente aan. Wat bedoeld was als een regeling om knelsituaties op te lossen wordt in de beleving van velen een fundamenteel kerkelijk recht. Lijden aan de kerk dreigt te verworden tot strijden in de kerk. Allerlei beroepszaken dienen bij de kerkelijke rechter. Die lijkt onder deze druk te bezwijken. Dat heeft het moderamen doen besluiten om opnieuw aan de synode een wijziging van de formuleringen van de perforatieregeling voor te stellen. Met zorg en pijn zoekt hij een dam tegen de blijvende perforatiestroom op te werpen om het bijbels uitgangspunt van het verbond niet te laten overstromen.
Lijden aan de kerk dreigt te verworden tot strijden in de kerk, zei ik. Zo ervaren we ook meer en meer de kerkvoogdijkwestie. In gesprekken die een delegatie van het moderamen de laatste tijd met meerdere kerkvoogdijen en kerkenraden heeft gevoerd, blijkt een grote angst voor Samen op Weg en een, zo typeer ik het, vleselijk veiligstellen van de bezittingen. Mensen, die in het dagelijks leven zelfs moeite hebben met verzekeren sluiten bij de notaris via de oprichting van een stichting een verzekering af en volharden in verzet tegen een wettig tot stand gekomen kerkordewijziging in de synode.
Kerkenraden stellen zich aan ons voor met ouderlingen en diakenen, die tegelijkertijd ook kerkvoogd zijn onder betuiging dat zij tegen de ouderiing-kerkvoogd zijn. Wij hebben moeite om dat te begrijpen.
Ik wil benadrukken dat gemeenten binnen het verband van hun kerk rechtspersoon zijn en eigenaar van hun goederen. Kerkelijk toezicht is technische ondersteuning en betrokken meedenken, maar geen beheer en bemoeizucht.
Nu niet en in de toekomst niet.
Zou het niet goed zijn als aanwezige kerkenraadsleden, kerkvoogden en gemeenteleden zich breder lieten informeren dan vanuit massief verzet en angstdenken. Het moderamen is in voor gesprek. Besef hoeveel geld en energie gestoken wordt in procedures en onttrokken aan het doel waarvoor gemeenteleden het gaven.

Voorzitter, ik besef dat ik moet afsluiten. De inzet was een groet, een welgemeende groet. De erkenning van liefde tot de kerk. Dat is niet weg met mijn kritische kanttekeningen. Nogmaals, ze gelden ook niet alleen de gereformeerde bondsmodaliteit. De bijbel kan bij woorden van verbondenheid spreken over 'sommigen' in de gemeente. Ook al ligt er dan leer- of meningsverschil, zij worden als broeders aangesproken. Als 'sommigen', die ondertussen wel opvallen. Daarom geef ik er aandacht aan. Het doet niets af aan mijn wens dat u samen van harte in de kerk staat, levend vanuit het Woord, met voorbede, ook voor het moderamen van de synode en het geheel van de kerk.

Ds. B. J. van Vreeswijk

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 3 juni 1999

De Waarheidsvriend | 20 Pagina's

Toespraak ds. B. J. van Vreeswijk op Jaarvergadering G.B.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 3 juni 1999

De Waarheidsvriend | 20 Pagina's