De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

Pleidooi voor innerlijkheid

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Pleidooi voor innerlijkheid

Bij de negentigste verjaardag van dr. W. Aalders

8 minuten leestijd

'Ik heb erg veel aan mijn moeder te danken en aan een tante van mijn moeder, tante IJda. Tante IJda woonde in een hofje aan de Vijzelgracht en ik ging op zaterdagavond vaak bij haar op bezoek. In een kast had ze zowat alle werken van Kohlbrugge staan. Zij sprak daar veel over en ze verbond die lectuur met haar persoonlijke levenservaringen. Dat maakte veel indruk op mij, vooral ook omdat haar verhalen door mijn moeder beaamd werden. Vaak, voor het slapen gaan, kwam zij naar boven om met mij daarover te spreken. Van haar heb ik het persoonlijk geloof geleerd, als een eigen verhouding met God de Vader en het Evangelie van Jezus Christus. Dat is bepalend geweest, en daarvoor zou ik later telkens ruimte zoeken in de Hervormde Kerk.'

Dit staat te lezen in een geschriftje, dat is uitgegeven ter gelegenheid van de negentigste verjaardag van dr. W. Aalders op 5 mei ll. Het verscheen eerder als interview in het blad Wapenveld. Omdat dit geschrift slechts een kleine lezerskring bereikte, geven we er hier een en ander uit door. We doen dit uit respect voor deze theoloog, met wie we in de loop der jaren veel hebben gedeeld van het wel en wee in het kerkelijke leven. We realiseren ons bij het lezen van dit geschrift temeer hoe de jaren doorgaan, waarbij we ons ook realiseren welk een diepe worsteling om het kerkzijn in de jaren na de Tweede Wereldoorlog achter ons ligt. Aalders vat één en ander samen in een stukje eigentijdse geschiedenis, op een wijze zoals we dat van hem gewend zijn: scherp, visionair en bewogen.

Groen

Dr. Aalders weet zich gegrepen, zegt hij zelf door Groen van Prinsterer, de grote man van het Reveil in de vorige eeuw. In het begin van dit geschrift grijpt hij terug op wat Groen zei over de belijdenis:
'De belijdenis waartoe men wordt geroepen, staat telkens met den aard der tijden waarin men leeft, in verband. Het belijden waarin de kracht des christelijken geloofs zich openbaart, ligt niet altijd in het getrouwelijk opzeggen van al de artikelen des geloofs; niet altijd in een onvoorwaardelijk onderschrijven van de Schrift; zelfs niet in een prediking waarin geen enkel woord wordt aangetroffen, dat de meest regtzinnigen keurmeester ergeren zou. Het belijden is het uitkomen voor de waarheid op het punt waar de verdediging het meest bezwaarlijk is, waar het belijden met lijden vergezeld is.'
Hij vertolkte zijn affiniteit met Groen in een boek, getiteld Theocratie of ideologie ('s-Gravenhage, 1977). Theocratie achtte hij geen ideologie te zijn 'maar het persoonlijk geloof, dat de heiligmaking ook in deze wereld ernstig neemt en zich daarom ook niet wil onttrekken aan de maatschappelijke, politieke en economische verantwoordelijkheid'. Persoonlijk geloof staat hier voorop.
Enerzijds noemt hij als het kritieke punt van deze tijd, 'waar thans het belijden in gevaar is', de vervreemding van de mens van het innerlijke leven, 'van het geloof als schat des harten'. Innerlijkheid hebben we nodig om 'een venster op de eeuwigheid' te houden. Maar de nadruk op de innerlijkheid kwam anderzijds bij hem niet in mindering op zijn aandacht voor maatschappij en politiek en cultuur. Zo schreef hij, in verband met de Europese integratie, een boek over 'De overlevingskansen van een protestantse natie'. Maar ook zijn laatste boek 'De kerk, het hart van de wereldgeschiedenis' (1996) – een boek, dat nooit die aandacht kreeg, die het verdiende – legt van die twee accenten nog eens getuigenis af.

Horizontaal
Dr. Aalders heeft zich in de na-oorlogse jaren vooral hartstochtelijk gekeerd tegen 'de versociologisering van het theologische denken in de kerken'. Hij deelde aanvankelijk het theologisch optimisme van de tijd direct na de Tweede Wereldoorlog. Hij zag in Karl Barth de theoloog, die nieuwe wegen voor geloof en theologie zou wijzen. Het is hier niet in enkele zinnen uit te leggen waarom hij uiteindelijk met Barth brak. Hij brak, wat de Hervormde Kerk betreft, uiteindelijk echter vooral met 'de triomfalistische apostolaatsleer'. De kerk trok in het naoorlogse denken de wereld in maar in feite verwereldlijkten de kerk en de theologie zelve. 'Wat Barthiaans was werd ook rood', zegt dr. Aalders daarbij.


Zo werd dr. Aalders de auteur van de Open Brief (1968), die zich keerde tegen de zogeheten messiaanse theologie. Het apostolaat was ten koste van de belijdenis gegaan. Het instituut Kerk en Wereld was van die theologie het apostolaire hart. De brief werd mede ondertekend door personen uit oud-ethische, confessionele en hervormd gereformeerde kring (uit laatstgenoemde kring o.a. ds. G. Boer en ds. L. Kievit).
Na de Open Brief volgde in 1971 Het Getuigenis, opgesteld door prof. dr. G. C. van Niftrik, die in 1968 nog niet bereid was de Open Brief te tekenen, maar toen zei: 'Aalders, ik geloof dat je gelijk hebt. Het gaat niet goed, de hele kerk verlinkst'.
Wanneer dr. Aalders de herinneringen aan die tijd ophaalt, komt ook mij alles weer helder voor de geest. Samen met dr. Aalders, prof. dr. H. Jonker, prof. dr. G. P. van Itterzon en mevr. J. A van Ruler-Hamelink (in de plaats van haar overleden echtgenoot prof. dr. A. A. van Ruler) nam ook ondergetekende deel aan deze pró-testbeweging (een getuigenis-vóór het Evangelie, tegen de marxistisch bepaalde maatschappij-kritische theologie). Het Getuigenis bracht de scheiding der geesten aan het licht. Aalders zelf zegt ervan, dat het de bedoeling was 'het progressief gekleurde politieke apostolaat' terug te roepen tot 'de persoonlijke gods verhouding'. Het Getuigenis werd breed gedragen (ondertekend). Het Getuigenis werd ook breed ontvangen (70.000 adhesiebetuigingen). De hervormde synode heeft er een dag lang over gesproken.

Pleidooi
In de lijn van deze twee geschriften ziet dr. Aalders ook het door hem opgestelde 'Hervormd pleidooi', dat in 1998 verscheen vanwege de ontwikkelingen in Samen op Weg. Het was, wat dr. Aalders zelf noemt 'een pleitrede voor de Volkskerk als Planting Gods in de Lage Landen: de Nederlandse Hervormde Kerk.' Aalders ziet daarom dit pleidooi in één lijn met de Open Brief en Het Getuigenis, omdat naar zijn oordeel het SoW-proces ook enorm is vergemakkelijkt 'doordat alle kerken, die daarbij betrokken waren, gestempeld waren door de sociologische benadering van het Evangelie, alsof het Evangelie vooral naastenliefde is'. Hoewel ik zelf dit pleidooi ook van harte heb ondertekend en er in de woorden, die dr. Aalders erover spreekt, zeker een diepe kern van waarheid schuilt, wil ik zelf toch het Pleidooi wel onderscheiden van de Open Brief en Het Getuigenis. De laatste twee geschriften hebben de theologie, die in de zestiger en zeventiger jaren opgeld maakte – en nu intussen passé is – tot in het hart willen treffen en ook metterdaad getroffen. Het Pleidooi heeft toch veel meer de concrete Hervormde Kerk op het oog gehad. Daarin is inderdaad sprake van versociologisering. Maar in het Pleidooi ging het toch vooral ook om waardering van de geschiedenis, met name van de Hervormde Kerk. Feit is intussen, dat in de drie genoemde geschriften de grondnoties gelijk waren en de accolade breed werd geslagen.

Eeuw
De bedoeling van dit artikel kan niet zijn een beoordeling te geven van alles wat dr. Aalders in dit kleine geschrift aandraagt. Ik wil slechts op dit geschrift te attenderen, omdat niet alleen een heel mensenleven langs trekt maar ook een hele episode in de historie van de kerk in Nederland de revue passeert.
We mogen de redactie van het blad Wapenveld dankbaar zijn, dat aan dr. Aalders de gelegenheid werd geboden om een korte levensschets, met een theologische verantwoording van zijn weg door de kerk, in dit blad te bieden.
Van de generatie, die met dr. Aalders samen is opgetrokken en die mede betrokken is geweest in de theologische protesten Van de zestiger en zeventiger jaren, zijn nog maar enkelen in leven. Het is dr. Aalders nog gegeven om op hoge leeftijd nog zeer betrokken te zijn in de theologische en kerkelijke ontwikkelingen, die gaande zijn. Het onderhavige geschriftje wil een soort verantwoording zijn van een bewogen leven in Gods Koninkrijk


Dr. Aalders pleegt zelf te zeggen, dat hij meer een negentiende-eeuwer dan een zestiende eeuwer is. Wie zijn geschriften kent weet, dat hij ook heeft geademd in de zestiende eeuw, met name in de werken van Luther. Hij schreef ook een boek, getiteld 'Luther en de angst van het Westen'. Maar het is toch vooral de kring van het negentiende-eeuwse Reveil geweest, die hem heeft geboeid, gestempeld en bewogen. Genoemd moet hier uiteraard ook worden de grote negentiende-eeuwer dr. Herman Friedrich Kohlbrugge. Jarenlang is dr. Aalders de stuwende kracht geweest achter de Stichting Vrienden van dr. H. F. Kohlbrugge. Hoe vaak heeft hij niet inspirerend voor velen gesproken op de jaarlijkse ontmoetingsdagen.

Strijd
Dr. Aalders heeft in zijn leven de strijd niet geschuwd. Hij is zelf ook vaak bestreden. In zijn strijd heeft hij vertegenwoordigers van verschillende modaliteiten in de Hervormde Kerk in haar volle breedte naast zich maar soms ook tegenover zich geweten. Zijn geschriften zijn in brede kring gelezen. Zelf herinner ik me nog hoe geboeid ik als eerste geschriften van hem las 'In verzet tegen de tijd' en 'Burger van twee werelden'. Uit onze hervormd gereformeerde kring noemt hij zelf immer met respect ds. G. Boer, ds. W. L. Tukker en ds. L. Kievit, die zijn geestelijke vrienden werden. Zelf hebben we ook op verschillende cruciale momenten, tot op vandaag in hartelijke verbondenheid de zorg om wat in kerk en theologie omging met elkaar gedeeld.


Dr. W. Aalders: een vaak tegendraads, maar vooral hartstochtelijk theoloog en prediker, gegrepen door het Evangelie van het Koninkrijk, altijd puttend uit de schat van de 'Kerk der eeuwen'. In dit geschrift legde hij nog een keer zijn hart bloot: vanuit een doorleefd persoonlijk geloof, met de vensters open naar kerk, maatschappij en cultuur.

J. van der Graaf

N.a.v.: Dr. W. Aalders, 'We hebben een venster op de eeuwigheid nodig', interview in Wapenveld, april 1999; uitgegeven als brochure bij boekhandel J. P. van den Tol te Dordrecht.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 10 juni 1999

De Waarheidsvriend | 16 Pagina's

Pleidooi voor innerlijkheid

Bekijk de hele uitgave van donderdag 10 juni 1999

De Waarheidsvriend | 16 Pagina's