De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

Globaal bekeken

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Globaal bekeken

4 minuten leestijd

'Een kater van Kuitert' luidde het opschrift van een artikel in Trouw, dit n.a.v. het feit, dat prof. dr. H. M. Kuitert de Opzoomerprijs van de Nederlandse Protestanten Bond ontving. Hier volgt het begin:

'Een paar weken geleden kreeg de gereformeerde theoloog prof. H. M. Kuitert de Opzoomerprijs van de vrijzinnige NPB; het was de vierde keer dat deze prijs, genoemd naar de oprichter van de Nederlandse protestantenbond, werd uitgereikt. Maar Foekje Dijk, in het vrijzinnige maandblad Vrijzicht, verzucht: "Wat een gemiste kans, wat een armoe".
Foekje's kater is niet dat zij Kuitert de prijs misgunt. De vrijzinnige predikante uit Dalfsen erkent volmondig dat Kuitert opzienbarende boeken heeft geschreven die eerbetoon verdienen. Maar zijn werk is baanbrekend voor de gereformeerden, niet voor de vrijzinnigen. Kuitert beweert met zijn "zoekontwerp" en zijn "alle spreken van boven komt van beneden" immers hetzelfde als Opzoomers vrijzinnigen al honderd jaar doen. Misschien bewerkt hij in orthodoxe kring dat daar het vrijzinnige gelijk doordringt, maar voor de vrijzinnigheid als zodanig heeft hij geen impact, schrijft Dijk. Kennelijk, zo stelt zij treurig vast, heeft de commissie niemand anders weten te vinden, alsof er sinds Opzoomer (1892) niets nieuws onder de zon is geschied; er is voorbijgegaan 'aan wat gerenommeerde vrijzinnige theologen of aanverwante baanbrekers zelf in huis hebben. Eigen kandidaten noemt zij niet.'


Bij uitgeverij Balans te Meppel verscheen een boek van de hand van Lucas Ligtenberg, correspondent van NRC/Handelsblad in New York, getiteld 'De nieuwe wereld van Peter Stuyvesant' ('Nederlandse voetsporen in de Verenigde Staten'. Uit dit boek een passage over 'een ondernemende dominee – Fries schrijver en fietser':

'Een opmerkelijke schrijver en redacteur onder de tienduizenden immigranten was de Fries Broer Doekele Dykstra. Hij woonde in lowa en South Dakota, beheerste zo'n elf talen en schreef en publiceerde in het Nederlands, Fries en Engels. Hij was ook dominee, pacifist en op latere leeftijd hoofdredacteur van De Volksvriend. Dykstra was op z'n zachtst gezegd een bijzonder opmerkelijk man.
Dykstra, geboren in 1871 in Pingjum, was de vijfde uit een gezin van zeven kinderen. Zijn vader Doekeles was van 1815, zijn moeder vijftien jaar jonger Dykstra vertelde aan zijn kinderen dat zijn vader nog een oom had gehad die onder Napoleon bij Moskou was gestorven. Het gezin kwam in 1882 met zijn ouders en zes broers en zusjes op de Schiedam naar de Verenigde Staten. Dykstra meende altijd van zichzelf dat hij "bijzonder was, iemand met een missie". (…)
Hij schreef zijn eigen begrafenispreek en schreef daarbij ook een afscheidsgedicht van zes coupletten. Het slot van het gedicht luidt als volgt:

Mijn dierbare Sioux Centenaren
Mijn wensch dien gij vervuld ziet nu,
Was steeds dat aan het eind der jaren
Mijn stof mocht rusten onder U.
Als teedre knaap kwam ik hier wonen
Als vreemdeling in uw vriendlijk oord.
Gij bleeft mij liefd' en achting toonen
De liefdeband werd nooit verstoord.

Hier rusten vader's stof en moeder's
Van Clemens, vroeg gestorven kind;
Ook van twee zusters en twee broeders,
Van vrienden, sinds mijn jeugd bemind.
Die allen mocht ik mee beweenen;
Zij zijn bij 's Hemels Vader thuis.
Ik ging tot hen; ik ging nu henen –
DE LAATSTE VAN MIJNS VADER'S HUIS.'


In een boek dat enkele jaren geleden verscheen over Hans Wiegel (Wiegel en het spel om de macht, uitgave Scheffers, Utrecht) komen allerlei personen aan het woord, die nauw met Wiegel samenwerkten. De voormalige premier Lubbers merkt in zijn bijdrage op, dat hij dicht bij de vroegere minister W(il) Albeda woonde. Daar ging hij 's zondagsmiddags vaak op bezoek, om wat te praten, koffie te drinken en… 'een beetje orgel te spelen'. Oud-ministers bij het orgel, dat is dunkt me niet zo algemeen.

v. d. G.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 22 juli 1999

De Waarheidsvriend | 12 Pagina's

Globaal bekeken

Bekijk de hele uitgave van donderdag 22 juli 1999

De Waarheidsvriend | 12 Pagina's